Aanhef
De raad van de gemeente Naarden;
gezien het voorstel van burgemeester en wethouders met nummer FRV15.20;
gelet op artikel 229 van de Gemeentewet;
b e s l u i t:
vast te stellen de volgende verordening:
Verordening op de heffing en invordering van marktgeld 2016.
Artikel 1 Begripsomschrijvingen
In deze verordening wordt verstaan onder:
a.markt: de warenmarkt, welke wordt gehouden op het Adriaan Dortsmanplein of op een andere door het college van burgemeester en wethouders aangewezen locatie;
b.marktterrein: de gehele oppervlakte openbare of voor het publiek toegankelijke grond, welke bij besluit van het college van burgemeester en wethouders of de raad voor het uitoefenen van de markthandel is of wordt aangewezen;
c.standplaats: de op en voor de duur van de markt door het bevoegd gezag aan een standplaatshouder aangewezen ruimte voor het uitoefenen van de markthandel;
d.vaste plaats: een standplaats, die tot wederopzegging beschikbaar wordt gesteld;
e.dagplaats: een standplaats, die per marktdag beschikbaar wordt gesteld.
f.kwartaal: een kalenderkwartaal;
g.jaar: een kalenderjaar.
Artikel 2 Belastbaar feit
Onder de naam 'marktgeld' wordt een recht geheven voor het tijdens de markt innemen van een standplaats op het marktterrein.
Artikel 3 Belastingplicht
Belastingplichtig is degene aan wie een standplaats is toegewezen.
Artikel 4 Maatstaf van heffing
Het marktgeld wordt geheven naar de ingenomen oppervlakte van de standplaats.
Artikel 5 Berekening van het marktgeld
1De oppervlakte wordt berekend door het aantal meters over de grootste lengte te vermenigvuldigen met het aantal meters over de grootste breedte van de standplaats.
2Voor de berekening van de ingenomen oppervlakte (in vierkante meters) wordt in aanmerking genomen de oppervlakte, die in gebruik is:
a) voor het uitstallen van goederen;
b) als loopgang/-ruimte;
c) als opslagplaats voor goederen, materialen, emballage en anderszins;
d) voor voertuigen (waaronder begrepen aanhangwagens e.d.) waaruit al dan niet rechtstreeks goederen ten verkoop worden aangeboden;
3Voor de berekening van het marktgeld worden gedeelten van een vierkante meter voor een gehele vierkante meter gerekend.
Artikel 6 Belastingtarieven
Het marktgeld bedraagt:
1.
voor een dagplaats per vierkante meter (m2)
€
0,85;
met een minimum van
€
13,50.
2.
voor een vaste plaats bij wijze van abonnement:
a.per kwartaal per vierkante meter (m2)
€
6,30;
met een minimum van
€
63,00;
b.per jaar per vierkante meter (m2)
€
23,50;
met een minimum van
€
235,00;
daar gelaten of daarvan al dan niet gebruik wordt gemaakt.
Artikel 7 Wijze van heffing
1Het marktgeld wordt door middel van een aanslag geheven.
2In afwijking van het eerste lid wordt het voor een dagplaats verschuldigde marktgeld geheven door middel van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld. Het gevorderde bedrag wordt door uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt.
Artikel 8 Tijdstip van betaling
1In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet het marktgeld voor een dagplaats worden betaald op het tijdstip, waarop de dagplaats is toegewezen.
2In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet het marktgeld voor een vaste plaats worden betaald binnen een maand na de dagtekening van de kennisgeving.
3De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.
Artikel 9 Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsbeslag
1Indien de belastingplicht voor een vaste plaats in de loop van het belastingtijdvak, als bedoeld in artikel 6, tweede lid, aanvangt wordt het marktgeld naar evenredigheid geheven.
2Indien de belastingplicht voor een vaste plaats in de loop van het belastingtijdvak eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing over het aantal marktdagen van het ingevolge artikel 6, tweede lid, berekende bedrag als na het einde van de belastingplicht nog marktdagen in het belastingtijdvak overblijven.
Artikel 10 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders
Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en invordering van het marktgeld.
Artikel 11 Overgangsrecht
1De ‘Verordening marktgeld 2015’ vastgesteld door de raad der gemeente Naarden op 10 december 2014, wordt ingetrokken met ingang van 31 december 2015, met dien verstande dat zij van toepassing blijven op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.
Artikel 12 Inwerkingtreding
1Deze verordening treedt in werking met ingang van 31 december 2015.
2De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2016.
Artikel 13 Citeertitel
Deze verordening kan worden aangehaald: ‘Verordening marktgeld 2016’.