2.Juridisch kader en actualisatie
2.1 Visie & Beleidsuitgangspunten
Op 21 september 2010 is de Handhavingsnota Bouwregelgeving & Ruimtelijke Ordening vastgesteld. In deze nota staat beschreven dat burgers, bedrijven, maar ook de gemeente zelf primair verantwoordelijk zijn voor de naleving van wettelijke voorschriften. Hierbij is een doelmatige, eenduidige en transparante handhaving noodzakelijk. De uitvoering staat als volgt omschreven:
In beginsel wordt tegen alle overtredingen opgetreden
Geen overtreding wordt uitgesloten van handhaving. De beperkte ambtelijke capaciteit maakthet echter noodzakelijk om prioriteiten te stellen, waardoor het kan lijken alsof sommige overtredingen worden gelaten voor wat ze zijn.
Een eenmaal ingezet traject wordt afgemaakt
Wanneer een handhavingstraject wordt opgestart, eindigt dit pas hetzij bij legalisering van de overtreding, hetzij beëindiging van de overtreding.
Gedogen vindt plaats op beperkte schaal
Vanwege de “beginselplicht tot handhaving” mag gedogen geen beleid zijn. Alleen in zeer uitzonderlijke gevallen, is het onder voorwaarden (tijdelijk) gedogen van een overtreding een alternatief voor handhavend optreden.
De wijze van reageren is uniform
De overtreden wettelijke bepaling of het beleidsveld waarbinnen de overtreding plaatsvindt, bepaalt niet op welke wijze wordt gehandhaafd. In beginsel wordt op elke overtreding op dezelfde wijze gereageerd, maar voor een effectieve aanpak is een op maat gesneden reactie wel mogelijk.
Er worden prioriteiten gesteld
Uitgangspunt is dat tegen elke overtreding wordt opgetreden. Dit zegt echter niets over de volgorde waarin wordt opgetreden. De ernst, locatie en de bestaansduur van de overtreding zijn ook bepalend.
Strijdigheden kunnen bij de herziening van de bestemmingsplannen worden betrokken
Het is vrijwel onmogelijk om alle in het (verre) verleden ontstane illegale situaties te handhaven. Sommige overtredingen komen in aanmerking voor legalisatie via opneming in de herziening van het bestemmingsplan.