Tekst
In deze notitie worden de mogelijkheden voor deze bijzondere (nieuwe) vormen van begraven in de gemeente Montferland verkend. Bij beide vormen van begraven geeft de gemeente de voorwaarden waaronder aan deze nieuwe vormen van begraven medewerking kan worden verleend.
In behandeling nemen en beoordeling van een verzoek tot begraven op eigen erf
Een begraafplaats op eigen erf is een element dat gedurende lange tijd een beslag op de ruimte legt en waar derhalve terughoudend mee moet worden omgegaan. In uitzonderingsgevallen kan aan een dergelijk verzoek toch medewerking worden verleend.
De gemeente Montferland is van oordeel dat minimaal aan de volgende voorwaarden moet worden voldaan voordat een verzoek tot ‘begraven op eigen erf’ voor verdere inhoudelijke behandeling door de gemeenteraad in aanmerking komt:
1de aanvrager moet de eigenaar van de grond zijn. De grond moet vrij zijn van alle rechten, zodat een ononderbroken gebruik van de grond mogelijk is zonder dat een andere partij aanspraak kan maken op de grond;
2aanvrager dient een aantoonbare historische, emotionele binding te hebben met het perceel. Die binding wordt in ieder geval aanwezig geacht indien de aanvrager (en/of zijn ouders/grootouders) minimaal 50 jaar woonachtig zijn (zijn geweest) op het perceel. Van de aanvrager zelf wordt verwacht dat hij/zij minimaal 20 jaar ononderbroken woonachtig is op het perceel (bijvoorbeeld een landgoed dat al meerdere generaties in familie eigendom is;
3Naast de historische binding heeft de aanvrager een meer dan simpel verlangen aangetoond om te begraven op de locatie, blijkende uit een al dan niet religieuze levensovertuiging, die ook kan bestaan uit een samenhang van waarden en normen van levensbeschouwelijke aard;
4er moet voldoende gewaarborgd zijn dat de nabestaanden de binding met de grond behouden, in ieder geval binnen de grafrusttermijn. Notarieel kan worden vastgelegd dat het perceel en de bijbehorende woning gedurende minimaal 10 jaar (grafrusttermijn) in familiebezit blijven.
Indien een aanvraag niet voldoet aan deze regels dan zal de aanvraag worden afgewezen.
Indien het verzoek hieraan voldoet, kan een verdere inhoudelijke beoordeling plaatsvinden. Een verzoek tot aanleg van een bijzondere begraafplaats op eigen erf wordt voorts getoetst aan de Wlb. De technische adviezen die de inspectierichtlijn geeft zijn zonder uitzondering ook van toepassing op de aanleg van een bijzondere begraafplaats op eigen erf. Daarnaast worden in de inspectierichtlijn een aantal adviezen gegeven ten aanzien van de situering van een begraafplaats. Ook deze adviezen zijn van toepassing op een bijzondere begraafplaats op eigen erf. De gemeente is van oordeel dat er voldaan moet (kunnen) worden aan de technische adviezen zoals gesteld in de inspectierichtlijn van de Wlb en Blb[1]. [1] Zie ‘Technische adviezen voor de inrichting van begraafplaatsen en graven’ uit bijlage 2 Inspectierichtlijn Lijkbezorging, Publicatie 99-01, 3e herziene druk
Deze zijn dan ook geïncorporeerd in de onder 3.4 genoemde toetsingscriteria.
Toetsingscriteria Montferland
Voor de beoordeling van een verzoek tot de aanleg van een bijzondere begraafplaats op eigen erf, acht de gemeente Montferland de onderstaande criteria van belang.
Eisen ten aanzien van de aanvrager en het perceel:
1De betreffende gronden zijn in eigendom van de aanvrager (aanvrager dient dit aan te tonen). De grond is vrij van rechten van derden zodat met het oog op de grafrust een ononderbroken gebruik van de grond mogelijk is;
2De aanvrager heeft een lange historische en/of emotionele binding met het perceel; Die binding wordt in ieder geval aanwezig geacht indien de aanvrager (en/of zijn ouders/grootouders) minimaal 50 jaar woonachtig zijn (zijn geweest) op het perceel. Van de aanvrager zelf wordt verwacht dat hij/zij minimaal 20 jaar ononderbroken woonachtig is op het perceel (bijvoorbeeld een landgoed dat al meerdere generaties in familie eigendom is);
3Naast de historische binding heeft de aanvrager een meer dan simpel verlangen aangetoond om te begraven op de locatie, blijkende uit een al dan niet religieuze levensovertuiging, die ook kan bestaan uit een samenhang van waarden en normen van levensbeschouwelijke aard;
4Voor de toekomst moet voldoende duidelijk zijn dat de nabestaanden de binding met de grond behouden, in ieder geval binnen de wettelijke grafrusttermijn. Notarieel wordt vastgelegd dat het perceel en de bijbehorende woning gedurende minimaal 10 jaar (grafrusttermijn) in familiebezit blijven;
5De locatie voor de bijzondere begraafplaats op eigen erf ligt buiten de bebouwde kom als bedoeld in artikel 20a van de Wegenverkeerswet;
6Niet gelegen in het grondwaterbeschermingsgebied;
Eisen ten aanzien van de bestemming van de grond:
7De aard, het feitelijk huidige gebruik of de bestemming van het perceel maken het gebruik als begraafplaats op eigen erf mogelijk en verzetten zich niet tegen de aanwijzing;
8Het aan te wijzen perceel ligt niet in een gebied waarvoor het aannemelijk is dat een wijziging van de huidige bestemming of het gebruik zal optreden die de grond daardoor voor het gebruik als begraafplaats op eigen erf blijvend ongeschikt maakt;