Aanhef
De raad van de gemeente Montferland;
BESLUIT:
Instemmen met:
1Beleidskader Onderwijsachterstandenbeleid en voorschoolse voorzieningen Montferland 2023-2027
2Publiceren van Beleidskader Onderwijsachterstandenbeleid en voorschoolse voorzieningen Montferland 2023-2027
Inleiding
De gemeente Montferland investeert in een goede start voor alle kinderen via het onderwijsachterstandenbeleid. Met dit beleid richten wij ons op het verminderen en voorkomen van onderwijsachterstanden bij kinderen tussen de leeftijd 2 (landelijk 2,5 jaar) tot en met 13 jaar. Een onderwijsachterstand zien wij als een breed begrip van bijvoorbeeld sociaal-emotionele achterstanden tot cognitieve achterstanden, beiden als gevolg van taalachterstand. Investeren in het voorkomen van achterstanden loont, blijkt uit onderzoek (Pre-Cool cohortonderzoek. Rapport 947. Amsterdam. Kohnstamm Instituut). Daarom blijft de gemeente, samen met haar partners, ondersteuning bieden aan de ontwikkeling van kinderen die het juist het meest nodig hebben.
Het doel van OAB is om kinderen te ondersteunen die op basis van hun omgevingskenmerken (dat wil zeggen: het gezin of de wijk waarin zij opgroeien; kansongelijkheid) een vergroot risico lopen op een onderwijsachterstand. Het gemeentelijke OAB bestaat uit twee delen:
•Beleid voor de voorschoolse periode (VE): gemeente ontvangt de middelen vanuit het Rijk
•Beleid voor de basisschoolperiode: schoolbestuur ontvangt de middelen vanuit het Rijk
Deze beleidsnota beschrijft wat wij met onze partners doen om passende ondersteuning te bieden. In hoofdstuk 1 geven wij een uitleg over het OAB in de gemeente Montferland, de wettelijke kaders en de verschillende rollen. In hoofdstuk 2 blikken wij terug op de afgelopen OAB periode. In hoofdstuk 3 staat een omschrijving van de Montferlands visie, doelen en ambitie voor de periode 2023-2027. Hoofdstuk 4 geeft weer hoe de gestelde doelen behaald kunnen worden. De raakvlakken van dit OAB met andere beleidsterreinen staan beschreven in hoofdstuk 5. In hoofdstuk 6 wordt omschreven wat we concreet de volgende periode doen. In hoofdstuk 7 wordt verteld hoe we de effecten van dit beleid meten en hoe de kwaliteit cyclus is geregeld. De financiële paragraaf is opgenomen in hoofdstuk 8. Hoofdstuk 9 is het slotwoord.
Lijst met afkortingen:
VE: voorschoolse educatie
VVE: voorschoolse en vroegschoolse educatie
OAB: onderwijsachterstandenbeleid
GOAB: gemeentelijke onderwijsachterstandenbeleid
ST: sociaal team Jeugd
CB: consultatiebureau
JGZ: jeugdgezondheidszorg
SMI: sociaal medische indicatie
SiSa: singel information, singel audit
SPUK: specifieke uitkering
PO: peuteropvang, voorheen peuterspelzaal
LEA: Lokaal Educatief Agenda
Pmr: pedagogisch medewerker kinderopvang
1. Onderwijsachterstandenbeleid in de gemeente Montferland
1.2 Hoe zijn de rollen verdeeld?
1.2.1 Rol gemeente
De gemeente heeft op grond van de WPO (artikel 166, 167) en de wet OKE een verplichting tot het aanbieden van voldoende voorschools aanbod in volume, spreiding en kwaliteit voor de doelgroepkinderen binnen de gemeente. Doelgroepkinderen zijn peuters/kleuters met een mogelijke (taal)achterstand. Het Rijk stelt voor het onderwijsachterstandenbeleid een specifieke uitkering beschikbaar aan gemeenten. Dit geld is bestemd voor het aanbod van voorschoolse educatie, schakelklassen, zomerscholen en andere taal bevorderende activiteiten. De hoogte van de Rijksbijdrage is gebaseerd op de nieuwe rekenmethode die vanaf 2019 wordt gebruikt. Deze regeling bepaalt hoeveel financiële middelen het rijk toekent aan de gemeente. De gemeente en basisscholen zijn verplicht om samen afspraken te maken over het verbeteren van de leerprestaties van leerlingen met een achterstand. De gemeenten moeten afspraken maken op basis van gelijkwaardigheid met schoolbesturen en houders van kinderopvangorganisaties. Onder deze afspraken vallen tenminste het definiëren en de werving van de doelgroep, de toeleiding naar de voor- en vroegschoolse voorzieningen, het zorgdragen voor een doorlopende leerlijn van voorschoolse naar vroegschoolse educatie en het behalen van resultaten bij de vroegschoolse educatie. Deze afspraken worden gecontroleerd door de onderwijsinspectie. Vanuit maatschappelijk betrokkenheid hecht de gemeente Montferland waarde aan goede basisvoorzieningen voor de jeugd. Met kinderopvang/peuteropvang versterken we diverse maatschappelijke ontwikkelingen die van belang zijn voor gezinnen en individuen. Het onderwijsachterstandenbeleid heeft raakvlakken met het jeugdbeleid. Daarom hebben we als gemeente aandacht voor de doorgaande lijnen tussen de voor- en vroegschoolse educatie en de samenwerking hierin met passend onderwijs en de lokale partners die een rol spelen in het kader van jeugdhulp en veiligheid.
1.2.2 Rol schoolbesturen primair onderwijs
De schoolbesturen primair onderwijs zijn verantwoordelijk voor het bestrijden/verminderen van onderwijsachterstanden bij hun leerlingen. Het primair onderwijs is specifiek verantwoordelijk voor de vroegschoolse educatie. Daarnaast kunnen in groepen 3 tot en met 8 programma’s ingezet worden om onderwijsachterstanden te verminderen. Het speciaal onderwijs valt buiten dit beleidskader. Afhankelijk van het aantal doelgroepkinderen krijgen scholen extra geld van de rijksoverheid om onderwijsachterstanden te bestrijden.
1.2.3 Rol jeugdgezondheidszorg
Yunio en GGD voeren de jeugdgezondheidszorg (JGZ) uit. Zij onderzoeken kinderen op het consultatiebureau en op school. De JGZ heeft een wettelijke taak als het gaat om systematisch volgen en signaleren van de ontwikkeling van jeugdigen. De JGZ ziet bijna alle kinderen. Ze zijn dan ook een belangrijke samenwerkingspartner op het gebied van signaleren en verwijzen naar voorschoolse voorzieningen. De JGZ verzorgt na het constateren van een taalachterstand de verwijzing/indicatie naar een VE-plek.
1.2.4 Rol Sociaal team Jeugd
Het sociaal team Jeugd is betrokken bij veel gezinnen met jonge kinderen in de gemeente. Zij hoeven zich niet vast te houden aan vaste bezoekmomenten en daarom kunnen ze de dreiging van achterstanden eerder dan het consultatiebureau signaleren. Voor alle houders en scholen is er ook mogelijkheid om gebruik te maken van de expertise van het Sociaal team Jeugd. Het Sociaal team Jeugd verwijst ouders naar het consultatiebureau voor een indicatie VE. Ook ondersteunen ze het primair onderwijs via de schoolmaatschappelijke werkers die taal en sociaal-emotionele achterstanden signaleren.
2. Terugblik OAB periode 2019 tot en met 2022
2.1 Welke gegevens zijn gebruikt als uitgangspunt voor het OAB?
2.1.1 Voorschoolse voorzieningen en voorschoolse educatie
In de gemeente Montferland zijn 12 peuteropvang locaties waarvan 10 met een VVE-aanbod. Kinderen met een VVE-indicatie kunnen gebruik maken van 16 uur per week gesubsidieerde voorschoolse educatie. Kinderen die geen VVE-indicatie hebben, kunnen gebruik maken van 8 uur per week gesubsidieerde peuteropvang. Alle ouders betalen een inkomensafhankelijke bijdrage. Peuters met VVE-indicatie en zonder VVE-indicatie spelen en leren samen in dezelfde groep. Dit is belangrijk om segregatie tegen te gaan. Dit blijft een belangrijk aandachtspunt in relatie met de toenemende kansen op ongelijkheid. Om te voorkomen dat ouders hun peuter niet laten deelnemen aan het VVE programma in verband met de hogere eigen bijdrage is vanaf 2022 voor de peuters met een VVE indicatie een 3e en 4e dagdeel “gratis” voor de ouders voor deze doelgroep.
Volgens de Peutermonitor wonen in Montferland 839 peuters van de leeftijd 2 tot 4 jaar.
Een groot deel van deze peuters bezoeken een voorschoolse voorziening zoals (medisch) kinderopvang (binnen en buiten de gemeente) of een gastouder. Hiervan zijn er 92 peuters met een VVE indicatie. Voor deze peuters ontvangt de gemeente van het Rijk een SPUK subsidie. Ook zijn er in Montferland gemiddeld 80 peuters van ouders zonder recht op kinderopvang. Voor deze peuters verstrekt de gemeente subsidie voor de peuteropvang via de middelen uit het Gemeentefonds en de zogenaamde Asscher peuter middelen.
Vanaf januari 2023 ontvangt de gemeente ook een specifieke subsidie voor ontheemde peuters. Voor deze peuters koopt de gemeente peuteropvang en VVE plekken bij de aanbieders van VVE en PO.
2.1.2 Vroegschoolse educatie
Uit de OAB scan blijkt dat de mate van achterstand op de 13 basisscholen als volgt is verdeeld:
•4 scholen met grote achterstand (1107 leerlingen per 1 februari 2023; 49,75%)
•4 scholen met gemiddelde achterstand (708 leerlingen per 1 februari 2023; 31,82%)
•5 scholen met klein achterstand (410 leerlingen per 1 februari 2023; 18,43%)
Dit betekent dat meer dan de helft van de scholen in Montferland te kampen heeft met veel kinderen met een risico op een ontwikkelingsachterstand.
2.1.3 Financiële gegevens
Jaarlijks ontvangt de gemeente van het Rijk een toekenningbeschikking voor het onderwijsachterstandenbeleid. Voor 2022 was deze subsidie € 842.000,-. Het betreft een specifieke uitkering die jaarlijks via de SiSa aan het Rijk verantwoord moet worden. Bij deze subsidie is een bestedingskader omschreven doeluitkering en mag dus niet gebuikt worden voor andere doeleinden.
In 2022 was voor peuteropvang en VVE een totaalbedrag van € 500.324,- nodig voor:
•6.257 uren regulier PO ad € 56.525,-
•44.390 uren geïndiceerd VVE ad € 443.799,-.
De gemeente heeft in 2022 ook subsidies toegekend voor inkoop van opleidingen, materialen, VE programma’s, VoorleesExpres, zomerschool en zomerspelen en inzet van schoolmaatschappelijke werker op 5 VVE scholen en coördinatie OAB € 76.000,-.
In 2019 is samen met onze partners het onderwijsachterstandenbeleid ontwikkeld. Het beleidskader Onderwijsachterstanden en voorschoolse voorzieningen gemeente Montferland 2020-2022 is in november 2022 geëvalueerd en de conclusie is dat deze nog steeds voldoet. Echter is er vanuit de gemeente de wens om met lokale partners de verdieping te zoeken op drie speerpunten. Het gaat om:
•Gelijke kansen voor alle kinderen;
•Educatieve doorgaande leerlijn;
•Ouderbetrokkenheid.
Bovenstaande onderwerpen zijn in de periode februari - juli 2023 in de werkgroep OAB, bestaande uit vertegenwoordigers van kinderopvang, onderwijs en bibliotheek, verder uitgewerkt. Daarbij is de volgende visie, doelen en ambitie geformuleerd.
3. Visie 2023-2026
3.3 Wat is de Montferlands ambitie als het gaat om OAB?
3.3.1 Doelgroep definitie
De doelgroep definitie is besproken met de voorschoolse en vroegschoolse partners. De huidige definitie is nog actueel.
Er is sprake van een risico op een taal- en/of ontwikkelingsachterstand op 4-jarige leeftijd als één of meer van de volgende criteria van toepassing zijn:
1Er is sprake van een vastgestelde spraak- en of taalachterstand in de Nederlandse taal.
2Er is sprake van een vastgestelde achterstand in de sociale/motorische/sociaal-emotionele ontwikkeling.
3Er is sprake van vastgestelde onvoldoende ontwikkelingsstimulering in de thuissituatie, leidend tot een direct risico op achterstand in de spraak-taal, sociale, motorische of sociaal-emotionele ontwikkeling.
4Er is sprake van een risico op achterstanden vanwege een zorgelijke thuissituatie.
3.3.2 SMI en VVE
Het laatste criterium van de doelgroepdefinitie (4) kan betrekking hebben op kinderen met een Sociaal Medische Indicatie. Voor deze kinderen is het soms goed als ze een aantal dagdelen uit de thuissituatie worden gehaald, vanwege sociaal medische problematiek bij (een van) de ouders. Voorschoolse Educatie heeft echter niet als primair doel om kinderen uit een problematische thuissituatie te halen, maar om te werken aan (taal)achterstanden, zodat kinderen goed voorbereidt op de basisschool komen. Voor kinderen met een SMI-indicatie zal daarom steeds onderzocht moeten worden of VE een geëigende oplossing is. Heeft het kind een risico op achterstanden dan is het VE de voorliggende voorziening. Is dan niet het geval dan zal naar een andere oplossing gezocht moet worden, zoals opvang in de reguliere dagopvang of peuteropvang. Dit is mede belangrijk om te voorkomen dat de VE-groepen te ‘zwaar’ worden waardoor de doelen niet meer behaald kunnen worden.
Als SMI-kinderen ook een VVE-indicatie hebben, hebben ze recht op maximaal 16 uur VVE per week, 40 weken per jaar. Als ze geen VVE-indicatie hebben, hebben ze enkel recht op maximaal 8 uur peuteropvang per week, 40 weken per jaar.
3.3.3 Behoud van voorschoolse voorzieningen in de kernen
De gemeente heeft een wettelijke taak in het aanbieden van een kwalitatief en dekkend aanbod van voorschoolse educatie voor kinderen met een risico op een achterstand in de Nederlandse taal. Met de huidige peuteropvanglocaties zijn er voldoende voorzieningen in aantal en spreiding waar kinderen deel kunnen nemen aan voorschoolse educatie. De gemeente Montferland vindt het van belang dat deze locaties blijven bestaan. De komende jaren is het een opgave voor de peuteropvanglocaties in kleine kernen om rendabel te blijven. De gemeente stimuleert initiatieven om deze locaties open te houden. Alternatieve initiatieven zoals PeuterFun in Braamt en Azewijn bevorderen de taalontwikkeling, vergroten de sociaal emotionele ontwikkeling van de peuters en zijn een goed instrument tegen segregatie. Ook inzet van gesubsidieerde vervoer voor peuters met een VVE indicatie is een mogelijk oplossing voor dit probleem. De komende jaren zal blijken in hoeverre de subsidiebedragen kunnen of moeten worden bijgesteld.