Aanhef
Het college en de burgemeester van de gemeente Molenlanden, ieder voor zover het hun bevoegdheid betreft;
Gelet op artikel 5:11 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 6:2 lid 2 “toezichthouders” van de Algemene Plaatselijke Verordening Molenlanden 2019.
overwegende dat:
•het wenselijk is om de buitengewoon opsporingsambtenaren (boa) van Staatsbosbeheer aan te wijzen als toezichthouder voor de bepalingen in de APV die betrekking hebben op natuur en recreatie;
•het wenselijk is te voorzien in een formele aanwijzing van deze toezichthouders in de zin van artikel 5:11 van de Algemene wet bestuursrecht in samenhang met de onderscheidenlijke wettelijke voorschriften;
BESLUITEN
1de buitengewoon opsporingsambtenaren (boa) als bedoeld in artikel 142 Wetboek van Strafvordering die werkzaam zijn bij Staatsbosbeheer op grond van artikel 6:2 lid 2 van de Algemene Plaatselijke Verordening van de gemeente Molenlanden, voor de gebieden in beheer en/of eigendom van Staatsbosbeheer binnen het grondgebied van de gemeente Molenlanden aan te wijzen als toezichthouder;
Als de voornoemde verordening in de toekomst wijzigen, heeft dit aanwijzingsbesluit tevens betrekking op de opvolgende c.q. gewijzigde verordening;
2De toezichthoudende taken van de boa/boswachter van Staatsbosbeheer te beperken tot de binnen de gemeente Molenlanden gelegen natuur- en recreatiegebieden van Staatsbosbeheer en de bepalingen van de APV die betrekking hebben op natuur en recreatie.
3dit besluit in werking te laten treden op de dag na publicatie ervan.