Aanhef
Het college van burgemeester en wethouders gemeente Midden-Groningen;
Gelet op: artikel 2.1 van de CAR-UWO, artikel 2 lid 3 onderdeel b van de Algemene wet inzake Rijksbelastingen juncto artikel 231 lid 2 onderdeel b van de Gemeentewet, artikel 2 lid 1 onderdeel i van de Invorderingswet 1990 juncto artikel 231 lid 2 onderdeel c van de Gemeentewet, artikel 231 lid 2 onderdeel d van de Gemeentewet, artikel 231 lid 2 onderdeel e van de Gemeentewet, artikel 246a van de Gemeentewet, artikel 1 lid 2 van de Wet waardering onroerende zaken, artikelen 30 en 31 van de Wet waardering onroerende zaken, artikel 56 van de Algemene Wet inzake Rijksbelastingen, artikel 63a van de Invorderingswet 1990;
besluit vast te stellen het volgende:
Aanwijzingsbesluit heffings-/invorderings-/WOZ-ambtenaar, medewerkers belastingen en inning en inlichtingenverplichtingen c.q. besluiten voor toedeling van belasting- en WOZ-bevoegdheden
Artikel 1 Aanwijzing
1Aan te wijzen per 1 januari 2018, als de gemeenteambtenaar, bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdeel b van de Gemeentewet (de "heffingsambtenaar"), de volgende gemeenteambtenaar:
•de heffings- en invorderingsambtenaar
2Aan te wijzen per 1 januari 2018, de gemeenteambtenaar, bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdeel c van de Gemeentewet (de "invorderingsambtenaar"), de volgende gemeenteambtenaar:
•de heffings- en invorderingsambtenaar
3Aan te wijzen per 1 januari 2018 de gemeenteambtenaar bedoeld in artikel 1, lid 2 van de Wet waardering onroerende zaken, de volgende ambtenaar:
•de heffings- en invorderingsambtenaar
4Aan te wijzen per 1 januari 2018, de gemeenteambtenaren belast met de heffing of de invordering van gemeentelijke belastingen bedoeld in artikel 231, lid 2, onderdeel d van de Gemeentewet, de volgende ambtenaren:
a.Taxateur
b.Belasting medewerker heffen
c.Medewerker belastingen
d.Belastingmedewerker innen
5Aan te wijzen per 1 januari 2018, de belastingdeurwaarder, bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdeel e van de Gemeentewet, de volgende (onbezoldigde) gemeenteambtenaren:
•de deurwaarders in dienst van Mandaat B.V., handelend onder de naam Cannock Chase Public en de deurwaarders in dienst van Invoned B.V., met dien verstande dat de in artikel 231, tweede lid, onderdeel c van de Gemeentewet bedoelde gemeenteambtenaar (de "invorderingsambtenaar") aanwijzingen of instructies kan geven met betrekking tot de uitvoering van de (dwang)invordering;
Artikel 2 Te bepalen dat:
1Jegens de hiervoor bedoelde gemeenteambtenaren onder a, b en c, mede gelden de verplichtingen bedoeld in de artikelen 47, 49, 50, 51 en 53a van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, dan wel bedoeld of van toepassing verklaard in de algemene maatregel van bestuur krachten artikel 31 van de wet waardering onroerende zaken, de artikelen 58 en 60 van de Invorderingswet 1990, dan wel bedoeld of van toepassing verklaard in de Algemene Maatregel van Bestuur krachtens artikel 246a van de Gemeentewet.
2Jegens de hiervoor bedoelde gemeenteambtenaren onder d, mede gelden de verplichtingen bedoeld in de artikelen 47, 49, en 50 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, de artikelen 58 en 60 van de Invorderingswet 1990, dan wel bedoeld of van toepassing verklaart in de Algemene Maatregel van Bestuur krachtens artikel 246a van de Gemeentewet.
Artikel 3 Inwerkingtreden in citeertitel
1Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na bekendmaking en werkt tot en met 1 januari 2018. Dit besluit geldt voor de duur van het dienstverband van deze personen bij de gemeente Midden-Groningen.
2Dit besluit wordt aangehaald als: Aanwijzingsbesluit heffings-/invorderings-/WOZ-ambtenaar, medewerkers belastingen en inning en inlichtingenverplichtingen c.q. besluiten voor toedeling van belasting- en WOZ-bevoegdheden.