Aanhef
De raad van de gemeente Midden-Drenthe;
gelet op artikel 82, eerste lid, van de Gemeentewet;
besluit
vast te stellen de
Verordening op de raadscommissies 2018 eerste wijziging 2025.
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Artikel 1 Begripsbepalingen
In deze verordening wordt verstaan onder:
lid: lid van een raadscommissie;
voorzitter: voorzitter van een raadscommissie of diens vervanger;
commissiegriffier: secretaris van een commissie of diens vervanger;
griffier: griffier van de raad of diens vervanger;
vergadering: vergadering van een raadscommissie.
Artikel 2 Instelling raadscommissies
Er is een:
a.Commissie Zorg en Welzijn;
b.Commissie Ruimte en Groen;
c.Commissie Algemeen Bestuur.
Artikel 3 Taken
Een raadscommissie:
a.brengt advies uit aan de raad over die onderwerpen, waarop haar werkzaamheden betrekking hebben;
b.kan advies uitbrengen aan de raad over andere onderwerpen dan bedoeld onder a;
c.voert overleg met het college of de burgemeester over in ieder geval de door hen verstrekte inlichtingen en het gevoerde bestuur ten aanzien van onderwerpen bedoeld onder a.
Artikel 4 Samenstelling
1Een raadscommissie bestaat uit maximaal twee leden per fractie met drie of meer raadszetels en één lid per fractie met minder dan drie raadszetels.
2De commissieleden worden door de raad op voordracht van de fracties benoemd.
3Fracties met twee raadszetels of meer kunnen één niet- raadslid voordragen voor benoeming in een commissie.
4Fracties met één raadszetel kunnen twee niet- raadsleden voordragen voor benoeming in een commissie.
5Fracties waarvan een lid voorzitter is van een commissie kunnen een extra niet raadslid voordragen voor benoeming in een commissie.
6Een door een fractie voorgedragen commissielid moet:
a.Een verklaring tekenen dat hij/zij lid is van de partij door wie hij/zij wordt voorgedragen als commissielid en die partij vertegenwoordigt en
b.Indien een commissielid niet staat vermeld op de kandidatenlijst voor de gemeenteraadsverkiezingen voor een fractie die is vertegenwoordigd in de gemeenteraad, dient hij/zij een verklaring omtrent het gedrag te overleggen die onderdeel uitmaakt van de geloofsbrieven.
7Bij de vergadering van een commissie waarvan meerdere leden van een fractie deel uitmaken, is altijd één raadslid uit die fractie aanwezig.
8De artikelen 10, 11, 12, 13, 14 en 15 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing op commissieleden die geen raadslid zijn.
9Bij verhindering van een commissielid kan dit lid door een raadslid uit de fractie worden vervangen.
10Onverminderd het bepaalde in het zevende lid kunnen niet-raadsleden, die als commissielid zijn benoemd, als plaatsvervanger optreden bij verhindering van een commissielid in een andere commissie dan waarin hij is benoemd.
11De leden van een commissie die geen raadslid zijn, ontvangen voor het bijwonen van een raadscommissie een vergoeding.
Artikel 5 Benoeming commissievoorzitter
1De voorzitter en zijn plaatsvervanger worden op voordracht van de fracties door de raad uit zijn midden benoemd.
2De voorzitter is geen lid van de commissie.
3De voorzitter is belast met:
a.het leiden van de vergadering;
b.het handhaven van de orde;
c.het doen naleven van deze verordening;
d.hetgeen deze verordening hem verder opdraagt.
Artikel 6 Zittingsduur en vacatures
1De zittingsperiode van een commissielid en –voorzitter eindigt in ieder geval met het einde van de zittingsperiode van de raad.
2Een commissielid respectievelijk een voorzitter houden op lid respectievelijk voorzitter te zijn als niet meer voldaan wordt aan de in artikel 4, achtste lid gestelde eisen.
3De raad kan een commissielid respectievelijk voorzitter ontslaan op voorstel van de fractie die de voordracht heeft gedaan.
4Een commissielid respectievelijk een voorzitter kunnen te allen tijde ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan de raad. Het ontslag gaat een maand na de schriftelijke mededeling in of zoveel eerder als hun opvolger benoemd is.
5Als door overlijden of ontslag een vacature ontstaat, beslist de raad zo spoedig mogelijk over de vervulling daarvan.
6Als een fractie niet langer vertegenwoordigd is in de raad, vervalt het lidmaatschap van commissieleden respectievelijk voorzitter, die op voordracht van die fractie zijn benoemd, van rechtswege.
Artikel 7 Griffier en commissiegriffier
1De griffier van de raad benoemt ter ondersteuning van iedere raadscommissie een op de griffie werkzame ambtenaar of, in samenspraak met de secretaris, een niet op de griffie werkzame ambtenaar tot commissiegriffier.
2Een commissiegriffier is aanwezig in de vergaderingen of wordt vervangen door een daartoe door de griffier van de raad aangewezen op de griffie werkzame ambtenaar of, in samenspraak met de secretaris, een niet op de griffie werkzame ambtenaar.
3Een commissiegriffier kan op uitnodiging van de commissievoorzitter aan beraadslagingen in vergaderingen deelnemen.
4De griffier kan in iedere vergadering aanwezig zijn.
Hoofdstuk 2 Vergaderingen
Paragraaf 1 Voorbereidingen
Artikel 8 Oproep en voorlopige agenda
1De voorzitter zendt ten minste zeven dagen voor een vergadering de commissie een digitale oproep en de voorlopige agenda met de daarbij behorende stukken, met uitzondering van de in artikel 87, 88 en 89 van de Gemeentewet bedoelde stukken.
2Als een aanvullende agenda als bedoeld in artikel 9, eerste lid, wordt vastgesteld, wordt deze met de daarbij behorende stukken zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 48 uur voor aanvang van de vergadering digitaal aan de leden gezonden.
Artikel 9 Aanvullende agenda: vaststellen agenda
1In spoedeisende gevallen kan de commissievoorzitter na het verzenden van een digitale oproep een aanvullende voorlopige agenda opstellen. De daarbij behorende stukken worden openbaar gemaakt op de website via het raadsinformatiesysteem.
2Als omtrent de inhoud van stukken op grond van artikel 87, 88 of 89 van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, blijven deze stukken in afwijking van het eerste lid onder berusting van de griffier en verleent deze de commissieleden op verzoek inzage.
3Een agenda wordt bij aanvang van een vergadering door de raadscommissie vastgesteld.
Artikel 10 Ter inzage leggen van stukken
1Stukken die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op een voorlopige agenda dienen, worden gelijktijdig met het verzenden van de digitale oproep op de website gepubliceerd. Als na het verzenden van de digitale oproep stukken worden gepubliceerd, wordt hiervan mededeling gedaan aan de leden van de raadscommissie en via de website.
2Als omtrent stukken op grond van artikel 87, 88 en 89 van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, blijven deze stukken in afwijking van het eerste en tweede lid onder berusting van de griffier en verleent deze de commissieleden op verzoek inzage.
Artikel 11 Openbare kennisgeving
Commissievergaderingen worden ten openbare kennis gebracht door aankondiging op de website en de gemeentelijke pagina in het huis-aan-huis-blad “De Krant van Midden-Drenthe”.
Paragraaf 2 Ter vergadering
Artikel 12 Presentielijst
1De commissiegriffier draagt zorg voor het bijhouden van presentielijsten van vergaderingen.
2Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekenen commissieleden de presentielijst. Aan het einde van de vergadering wordt die lijst door de commissievoorzitter en de commissiegriffier door ondertekening vastgesteld.
Artikel 13 Opening vergadering en quorum
1Een vergadering wordt niet geopend voordat blijkens de presentielist meer dan de helft van het aantal zitting hebbende commissieleden aanwezig is.
2Als ingevolge het eerste lid de vergadering niet kan worden geopend, belegt de commissievoorzitter opnieuw een vergadering tegen een tijdstip dat ten minste vierentwintig uur na het bezorgen van de oproeping is gelegen.
3Op een vergadering als bedoeld in het tweede lid is het eerste lid niet van toepassing. Een raadscommissie kan echter over andere aangelegenheden dan die waarvoor de ingevolge het eerste lid niet geopende vergadering was belegd alleen beraadslagen of besluiten, als blijkens de presentielijst meer dan de helft van het aantal zitting hebbende commissieleden aanwezig is.
Artikel 14 Spreektermijnen
1Beraadslaging over onderwerpen of voorstellen geschiedt in ten hoogste twee termijnen, tenzij de commissie anders beslist.
2Spreektermijnen worden door de voorzitter afgesloten.
3Commissieleden mogen in een termijn niet meer dan één maal het woord voeren over hetzelfde onderwerp of voorstel.
4Bij de bepaling hoeveel malen een commissielid over hetzelfde onderwerp of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet meegerekend het spreken over een voorstel van orde.
Artikel 15 Besluitenlijst
1De commissiegriffier draagt zorg voor verslagen en besluitenlijsten van commissievergaderingen.
2De verslagen worden gedaan in de vorm van een video- en geluidsopname.
3De besluitenlijsten bevatten in ieder geval:
a.de namen van de voorzitter, de commissiegriffier, de burgemeester, de wethouders en de commissieleden, allen voor zover aanwezig, alsmede van de overige personen die het woord hebben gevoerd;
b.aantekening van welke commissieleden afwezig waren;
c.een vermelding van de agendapunten die aan de orde zijn geweest en welke fracties daarbij het woord hebben gevoerd;
d.een samenvatting van het advies aan de raad onder de vermelding van de namen van de commissieleden die mededeling hebben gedaan van hun goed-of afkeuring, en met de aantekening van de namen van de commissieleden die zich niet uitgelaten hebben en op het agendapunt terug willen komen in de raadsvergadering.
4Vastgestelde besluitenlijsten worden ondertekend door de voorzitter en de commissiegriffier.
Artikel 16 Advies; geen stemmingen
1Als een raadscommissie een advies aan de raad uitbrengt, beslissen de leden op het voorstel van de commissievoorzitter over de inhoud van het advies.
2In het advies worden opgenomen de standpunten van alle fracties en commissieleden die geen raadslid zijn.
3In een commissievergadering vinden geen stemmingen plaats, met uitzondering van over geheimhouding en met betrekking tot de orde.
Artikel 17 Deelname aan de beraadslagingen door derden
Een raadscommissie kan op enig moment besluiten dat derden mogen deelnemen aan de beraadslaging.
Artikel 18 Spreekrecht inwoners
1Burgers kunnen in een vergadering het woord voeren (spreekrecht). Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen onderwerpen die wel op de agenda staan en onderwerpen die niet op de agenda staan.
2Insprekers over onderwerpen die niet op de agenda staan mogen het woord voeren bij het begin van de agenda.
3Insprekers over onderwerpen die op de agenda staan krijgen het woord bij de behandeling van het betreffende agendapunt.
4De voor het spreekrecht beschikbare tijd bedraagt per vergadering maximaal 30 minuten, onafhankelijk van het aantal insprekers of agendapunten.
5Degene die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit binnen een redelijke termijn voor de aanvang van de vergadering aan de commissiegriffier onder vermelding van zijn naam, adres en telefoonnummer en het onderwerp waarover hij het woord wil voeren.
6De commissievoorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding. De commissievoorzitter kan van de volgorde afwijken, als dit in het belang is van de orde van de vergadering.
7De spreker voert het woord, nadat de commissievoorzitter hem dit heeft verleend. De commissievoorzitter kan de deelnemers aan de vergadering toestaan aan insprekers een korte, verhelderende vraag te stellen. Er vindt geen discussie plaats tussen een inspreker en deelnemers van de vergadering.
8De commissievoorzitter of een commissielid doet een voorstel voor de behandeling van de inbreng van de burger.
Artikel 19 Handhaving orde en schorsing
1De commissievoorzitter zorgt voor de handhaving van de orde in de vergadering.
2Hij kan de commissie voorstellen aan een commissielid dat door zijn gedragingen de geregelde gang van zaken belemmert, het verdere verblijf in de vergadering te ontzeggen. Over het voorstel wordt niet beraadslaagd. Na aanneming daarvan verlaat het commissielid de vergadering onmiddellijk. Zo nodig doet de commissievoorzitter hem verwijderen. Bij herhaling van zijn gedrag kan het commissielid bovendien ten hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering worden ontzegd.
3Hij kan ter handhaving van de orde de vergadering voor een door hem te bepalen tijd schorsen en, als na heropening de orde opnieuw wordt verstoord, de vergadering sluiten.
4Hij roept de sprekers tot de orde als deze zich in beledigende of onbetamelijke uitdrukkingen uitlaten, afwijken van het in behandeling zijnde onderwerp, andere sprekers herhaaldelijk interrumperen, dan wel anderszins de orde verstoren. Sprekers die hieraan geen gevolg geven, kunnen door hem het woord ontnomen worden over het aanhangige onderwerp.
Artikel 20 Voorstellen van orde
Commissieleden kunnen tijdens een vergadering mondeling een voorstel van orde betreffende de vergadering doen. De raadscommissie beslist hier terstond over.
Paragraaf 3 Besloten vergaderingen
Artikel 21 Toepassing verordening op besloten vergaderingen
Op besloten vergaderingen is deze verordening van overeenkomstige toepassing voor zover dat niet strijdig is met het besloten karakter van de vergadering.
Artikel 22 Verslag besloten vergadering
1Concept-verslagen van besloten vergaderingen worden niet verspreid, maar uitsluitend voor de commissieleden ter inzage gelegd bij de commissiegriffier.
2Deze verslagen worden zo spoedig mogelijk in een besloten vergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze vergadering neemt de raadscommissie een besluit over het al dan niet openbaar maken van het verslag.
3De vastgestelde verslagen worden door de commissievoorzitter en de commissiegriffier ondertekend.
Artikel 23 Opheffing geheimhouding
Als de raad op grond van artikel 89 lid 3 en 4 van de Gemeentewet voornemens is de geheimhouding op te heffen, wordt, als de raadscommissie die de geheimhouding heeft opgelegd daarom verzoekt, daarover in een besloten vergadering met de raadscommissie overleg gevoerd.
Paragraaf 4 Toehoorders en pers
Artikel 24 toehoorders en pers
1Toehoorders en vertegenwoordigers van de pers wonen openbare vergaderingen uitsluitend bij op de voor hen bestemde plaatsen.
2Het blijkgeven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere wijze verstoren van de orde is verboden.
3De commissievoorzitter is bevoegd, wanneer de orde in de vergadering op enigerlei wijze door toehoorders wordt verstoord, deze en zo nodig andere toehoorders te doen vertrekken.
4De commissievoorzitter is bevoegd toehoorders die bij herhaling de orde verstoren voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering te ontzeggen.
Artikel 25 Geluid- beeldregistraties
Degenen die van de openbare vergadering geluid- of beeldregistraties willen maken, doen hiervan mededeling aan de commissievoorzitter en gedragen zich naar diens aanwijzingen.
Hoofdstuk 3 Slotbepalingen
Artikel 26 Inwerkingtreding en citeertitel
1Deze verordening treedt in werking de dag na de bekendmaking.
2De Verordening op de raadscommissies 2018, zoals vastgesteld bij raadsbesluit van 25 juni 2018 en later gewijzigd, is ingetrokken.
3Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening op de raadscommissies 2018 eerste wijziging 2025”.
Toelichting
Bij deze eerste wijziging in 2025 is deze verordening niet volledig herzien.
Alleen de bepalingen t.a.v. het benoemen van commissieleden niet zijnde raadsleden is gewijzigd. Die staan in artikel 4. De eis dat hiervoor door een fractie alleen personen kunnen worden voorgedragen die op een kieslijst staan is losgelaten.
Om wel te zorgen voor een screening vooraf is opgenomen dat deze personen een verklaring omtrent het gedrag dienen te overleggen (VOG).
De overige artikelen zijn ongewijzigd t.o.v. de verordening uit 2018.
Een volledige herziening zal in combinatie met mogelijk wijzigingen in de vergaderstructuur in de nieuwe raadsperiode (2026 e.v.) worden gepland.
Bij de vaststelling in 2018 was geen toelichting gevoegd.