Aanhef
Het college van burgemeester en wethouders van Midden-Drenthe
gelet op:
•artikel 53 lid 1, lid 2, aanhef en onder c, d en e, en lid 5, aanhef en onder d AGVV (Verordening EU 651/2014, gewijzigd door Verordening EU 2017/1084);
•artikel 4:23 lid 1 en 4:25 Algemene wet bestuursrecht;
•artikel 3 lid 1 en lid 6, artikel 4 lid 2 en artikel 20 lid 2 van de Algemene subsidieverordening Midden-Drenthe;
overwegende:
•dat kunstenaars en organisaties in de culturele sector in de gemeente Midden-Drenthe door de maatregelen tijdens de coronacrisis, over het algemeen een sterk verminderd aantal optredens en exposities heeft kunnen organiseren;
•dat dit een van de oorzaken is dat het sociaal- en cultureel leven in de gemeente sterk in intensiteit is afgenomen, ten gevolge waarvan ook kwaliteitsverlies is ontstaan;
•dat het college via de VDG is geïnformeerd over een onderzoek van het Landelijk Kennisinstituut Cultuureducatie en Amateurkunst e.a. van oktober 2021 (“Kunstenaars stoppen niet” door Dr. J. de Jong (MU), Dr. J. Kolsteeg en N. Schram (RUG)) waaruit blijkt dat zzp’ers en organisaties die actief zijn in de culturele sector in veel gevallen niet goed een beroep kunnen doen op de reguliere corona steunmaatregelen die vanwege de Rijksoverheid worden verstrekt, en dat ook overigens de verhouding van opbrengsten en kosten bij zzp-ers als scheef wordt ervaren;
•Voor dat laatste in het onderzoek wordt aanbevolen dat de overheid bij het verlenen van subsidies aandringt op een faire betaling, volgens de “Fair Practice Code” van de kunstensector (van de vereniging Kunsten ’92 - https://fairpracticecode.nl/nl/aan-de-slag/honorariumrichtlijnen-en-rekentools-voor-werkenden) en deze ook zelf hanteert;
•dat ondernemers in bepaalde gevallen genoodzaakt zijn ander werk te vinden, en dat daardoor verschraling van het culturele aanbod plaatsvindt;
•dat het college het in het belang van het voortbestaan van het culturele leven in de gemeente en de diversiteit daarvan nodig acht een subsidieregeling vast te stellen met een subsidieplafond en dat daarvoor in de begroting ruimte is;
•dat deze regeling moet voorzien in een snelle en laagdrempelige manier van ondersteuning van kunstenaars en organisaties die kleinschalige live projecten voor publiek willen uitvoeren, door kleinschalige live-uitvoeringen en exposities tegen een redelijke vergoeding te faciliteren;
•dat het steun verlenen aan een ondernemer is te beschouwen als staatssteun in de zin van artikel 107 van het VWEU (Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie), maar dat voor deze steun een algemene groepsvrijstelling geldt (artikel 53 AGVV), ervan kan worden uitgegaan dat de steun die de doelgroep (voornamelijk zzp-ers) krijgt niet de gestelde normen overschrijdt, en de steun voor wat betreft de Europese markt nauwelijks of geen relevantie heeft;
besluit
vast te stellen de
Tijdelijke subsidieregeling cultuur Midden-Drenthe 2022
Artikel 1 Doelgroep
1De subsidie A kan worden verleend aan in de gemeente gevestigde individuele professionele kunstenaars die ondernemer zijn ingevolge de Omzetbelasting.
2De subsidie B kan worden verleend aan in de gemeente gevestigde rechtspersonen die podiumkunsten organiseren.
3De aanvrager van subsidie A dient aantoonbaar tenminste drie jaar professioneel in de cultuursector werkzaam te zijn en gevestigd te zijn in de gemeente Midden-Drenthe.
4De aanvrager van subsidie B dient aantoonbaar tenminste drie jaar culturele activiteiten te organiseren in de gemeente Midden-Drenthe.
Artikel 2 Subsidiabele Activiteit
1Subsidie kan verleend worden in de redelijke kosten van activiteiten die leiden tot een of meer live uitvoeringen voor publiek binnen de eventueel geldende coronamaatregelen, en de kosten van die uitvoering.
2Subsidie kan tevens verleend worden in de redelijke kosten van activiteiten die leiden tot een expositie van kunst in een voor publiek toegankelijke ruimte die daarvoor is ingericht dan wel bestemd is, en de kosten van die expositie.
3De live-uitvoering of expositie dient plaats te vinden in de gemeente Midden-Drenthe.
4De live-uitvoering of expositie dient tussen 1 juni 2022 en 31 maart 2023 te worden gehouden.
5Indien de uitvoering dan wel expositie als bedoel in het vorige lid geen doorgang kan vinden wegens de dan geldende coronamaatregelen, dan wordt deze gehouden op een andere datum of in een andere periode, doch vóór 31 december 2023.
Artikel 3 Fair pay
In de kosten van de activiteit houdt aanvrager rekening met een billijke beloning van de kunstenaar, zoals bijvoorbeeld berekend via de “Fair Practice Code” voor de kunstensector zoals deze is uitgegeven door de vereniging Kunsten ’92, of op grond van andere in de sector geldende (CAO-) afspraken.
Artikel 4 Subsidieplafond
1Het subsidieplafond van subsidie A en subsidie B bedraagt gezamenlijk € 50.000,00.
2De verdeling van dit bedrag vindt plaats op basis van de volgorde van ontvangst van de aanvragen voor subsidie A of B.
3Indien een aanvraag niet volledig is, geldt het tijdstip waarop de onvolledige aanvraag is gecompleteerd als tijdstip van ontvangst in de zin van het vorige lid.
4Subsidie kan worden verleend tot het beschikbare budget als bedoeld in het eerste lid is uitgeput; latere aanvragen worden geweigerd.
5Een aanvrager kan meerdere keren een subsidie op grond van deze regeling ontvangen, mits en voor zover het totaal van de aan hem of ten behoeve van hem op grond van deze regeling verleende subsidies niet hoger is dan € 5.000,00 en het budgetplafond niet is overschreden.
6Voor een bepaalde uitvoering kan op grond van deze regeling slechts één keer een subsidie worden verleend, ongeacht het aantal uitvoeringen.
7Voor één bepaalde uitvoering of expositie kan niet zowel subsidie A en subsidie B worden verleend; de aanvraag die het eerst is ontvangen wordt alsdan beoordeeld; latere aanvragen worden geweigerd.
8De verlening is tevens de vaststelling van de subsidie.
Artikel 5 Hoogte van de subsidie A
De subsidie bedraagt 75% van de noodzakelijke kosten met een maximum van € 5.000,00.
Artikel 6 Hoogte van de subsidie B
1De subsidie bedraagt 75% van de kosten voor het inhuren van professionele kunstenaars die gevestigd zijn in de gemeente Midden-Drenthe, met een maximum van € 5.000,00 in totaal.
2Van de hoogte van de subsidie wordt het gedeelte van de kosten dat al op grond van een andere subsidieregeling van de gemeente Midden-Drenthe is gesubsidieerd of wordt gesubsidieerd, afgetrokken.
Artikel 7 Aanvraagprocedure
1De aanvraag dient schriftelijk (per post of per mail) te worden ingediend.
2Bij de aanvraag dient gebruik te worden gemaakt van het aanvraagformulier, zoals dat kan worden gedownload op de website van de gemeente Midden-Drenthe, of op aanvraag beschikbaar is.
3De aanvrager voegt de volgende bijlagen toe aan het aanvraagformulier:
a.een projectplan van de activiteit waarvoor subsidie wordt aangevraagd;
b.een toelichting op de inhoud van de activiteit;
c.een begroting van de activiteiten (subsidie A);
d.een begroting van de kosten van professionele inhuur of begeleiding van podiumkunstenaars, en de plaats van vestiging van deze kunstenaars (subsidie B).
Artikel 8 Besluitvorming en subsidiebeschikking
1De subsidieaanvraag wordt binnen 8 weken afgehandeld.
2De termijn voor afhandeling van een aanvraag kan één keer met 8 weken verlengd worden.
Artikel 9 Inwerkingtreding
Deze beleidsregel treedt in werking op de eerste dag na de bekendmaking.