Gemeentelijke regelgeving

Privacy protocol Bestuurlijke aanpak ondermijnende criminaliteit gemeente Midden-Delfland 2025

Gemeente Midden-Delfland · geldt sinds 28 februari 2025

Aanhef

Het college van burgemeester en wethouders van gemeente Midden-Delfland en de burgemeester van gemeente Midden-Delfland, ieder voor zover het zijn bevoegdheden betreft;

Overwegende dat:

•Van de gemeente een gedegen aanpak van georganiseerde ondermijnende criminaliteit wordt verwacht in het kader van de eigen taakuitvoering (niet-faciliteren van criminaliteit en handhaven openbare orde & veiligheid), alsmede in het kader van de RIEC-samenwerking, is dit protocol, als zijnde een afgesproken werkproces, ondersteunend in de aanpak van de georganiseerde criminaliteit;

•Voor een effectieve aanpak van ondermijnende activiteiten (en mogelijk georganiseerde criminaliteit) een integrale en geïntegreerde bestuurlijke aanpak binnen de gemeente een noodzakelijk vereiste is;

•De aanpak van ondermijning dient te gebeuren met inachtneming van wet- en regelgeving aangaande bescherming van de persoonlijke levenssfeer (privacy), conform de AVG en UAVG en van toepassing zijnde sectorale wetgeving waaraan het bestuursorgaan zijn bevoegdheden ontleent. Dit protocol bevat de benodigde waarborgen om dit te realiseren.

Gelet op:

•Het bepaalde in de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) en de Uitvoeringswet Algemene Verordening Gegevensbescherming (UAVG);

•Het Voorlichtingsrapport Raad van State: “De rol van gemeenten in de bestuurlijke en integrale aanpak van ondermijning” (20-03-2019):

“Het mag duidelijk zijn dat ook de bestuurlijke aanpak van ondermijning tot de taak van de gemeente behoort. Vaak nestelt georganiseerde criminaliteit zich in lokale gemeenschappen. In de taak van gemeentelijke organen ligt besloten om georganiseerde criminaliteit niet ongemerkt en onbedoeld te faciliteren met subsidies, vergunningen en overheidsopdrachten. Daarnaast bestaat een samenhang met de taak van handhaving van de openbare orde in bredere zin en bevorderen van de leefbaarheid van (kwetsbare) wijken. De strafrechtelijke aanpak van ondermijning is een taak van politie en OM. De bestuurlijke aanpak is een taak van gemeenten, waarbij zowel het college van B&W als de burgemeester beschikken over bevoegdheden die uiterst effectief kunnen zijn bij het tegengaan van ondermijnende criminaliteit.”

Besluiten vast te stellen:

“Privacy protocol Bestuurlijke aanpak ondermijnende criminaliteit gemeente Midden-Delfland 2025”

2. Algemeen

Artikel 1. Doel aanpak ondermijnende criminaliteit

Het doel van deze aanpak is om binnen het grondgebied van gemeente Midden-Delfland door middel van samenwerking:

a.Ondermijnende criminaliteit te signaleren en te analyseren.

b.Voorkomen dat de overheid ondermijnende criminaliteit (onbewust) faciliteert.

c.Vroegtijdig gesignaleerd en geïntervenieerd kan worden middels een bestuurlijke aanpak.

d.Onrechtmatigheden en maatschappelijke bedreigingen veroorzaakt door criminele activiteiten voorkomen worden. Het gaat bij deze aanpak om personen/netwerken die binnen gemeente Midden-Delfland actief zijn in illegale en of onrechtmatige activiteiten waarbij:

•De overheid mogelijkheden heeft om de rechtmatige situatie te herstellen, te verstoren dan wel onrust weg te nemen en/of;

•Criminaliteit waarbij de overheid (onbewust) mogelijk faciliteert.

•Een goede informatiepositie van de gemeente bijdraagt aan de voorfase van de RIEC-samenwerking en is een volgende stap in onze bestuurlijke aanpak.

Artikel 2. Doel van het protocol

De bestuurlijke aanpak ondermijnende criminaliteit dient met inachtneming van wet- en regelgeving op het gebied van bescherming van de persoonlijke levenssfeer (privacy) plaats te vinden. Dit protocol biedt de benodigde waarborgen en legt verantwoording hiervoor af. Dit protocol is daarom gefaseerd ingericht, zodat de gegevensverwerking beperkt wordt tot hetgeen noodzakelijk is voor het doel waarvoor ze worden verwerkt. Het biedt een betrokkene inzicht in de wijze waarop de gemeente Midden-Delfland bij deze aanpak zijn/haar persoonsgegevens verwerkt en met welk doel dat gebeurt. Op deze wijze wordt invulling gegeven aan de belangrijkste privacy-beginselen als genoemd in artikel 5 van de AVG.

Artikel 3. (Verwerkings-)verantwoordelijke

Het college van burgemeester en wethouders en/of de burgemeester van de gemeente Midden-Delfland is verwerkingsverantwoordelijke voor de verwerking van persoonsgegevens in het kader van de bestuurlijke aanpak ondermijnende criminaliteit en de in verband daarmee aan te leggen bestanden. Betrokkenen kunnen zich tot het college richten voor de uitoefening van hun rechten die voortvloeien uit de AVG.

Artikel 4. Grondslag voor de verwerking

De grondslag voor de gegevensverwerking in het kader van de bestuurlijke aanpak ondermijnende criminaliteit is vooralsnog niet gelegen in een specifieke wettelijke taak in sectorale wetgeving, maar in de bestuurlijke opdracht van het kabinet om tot een versterking van de aanpak van de ondermijnde criminaliteit te komen. De gemeentelijke bestuursorganen hebben bevoegdheden, die mede hierop zien. Onder andere de wettelijke taak van de burgemeester tot handhaving van de openbare orde met als grondslag artikel 172 Gemeentewet en aanverwante wet- en regelgeving, waaronder de bestuurlijke aanpak van ondermijning kan hier worden geschaard. De grondslag voor de gegevensverwerking berust dus op artikel 6 lid 1 AVG: “de verwerking is noodzakelijk voor de vervulling van een taak van algemeen belang of van een taak in het kader van de uitoefening van het openbaar gezag dat aan de verwerkingsverantwoordelijke is opgedragen”.

Voor haar activiteiten is de georganiseerde criminaliteit aangewezen op lokale infrastructuren en faciliteiten. De aanpak van ondermijning biedt een belangrijk instrument om op lokaal niveau in te grijpen, om de veiligheid, leefbaarheid en het behoud van de democratische rechtsstaat te waarborgen.

Artikel 5. De verwerkte persoonsgegevens

1Van de melders worden uitsluitend de in het signaal opgenomen persoonsgegevens verwerkt ten behoeve van communicatie met de melder.

2Van de personen over wie wordt gemeld, worden gegevens verwerkt zoals benoemd in bijlage 1 behorend bij dit protocol. De verwerking van de gegevens wordt uitgevoerd via een niet geautomatiseerd proces. De gegevens worden in een beschermd bestand verwerkt of bewaard.

3De in het tweede lid bedoelde persoonsgegevens worden gebruikt voor:

•Afhandeling van het signaal;

•Het (mono- of multidisciplinair) oppakken van het signaal binnen de eigen kaders door de gemeentelijke onderdelen of;

•De verdere aanpak van ondermijning onder regie van de OOV’er of;

•Het verstrekken van het signaal aan het RIEC.

Artikel 6. Categorieën van ontvangers

1Voor zover noodzakelijk voor de in dit protocol genoemde doelen, kunnen gegevens (signaal en aanvullingen uit open en gesloten bronnen) worden:

a.Verstrekt aan gemeentelijke onderdelen ten behoeve van een plan van aanpak, voor zover zij die behoeven voor de uitvoering van hun wettelijke taak, of;

b.Verstrekt aan het RIEC.

Artikel 7. Beheer

1De teamleider Openbare Orde en veiligheid van de gemeente Midden-Delfland is beheerder. Hij draagt zorg voor het dagelijks beheer van de verwerking, waaronder de beveiliging van de persoonsgegevens, de informatieverstrekking aan betrokkene en de afhandeling van de door betrokkene uitgeoefende rechten.

2Het feitelijk beheer van de verwerking van persoonsgegevens en feitelijke naleving van de informatieplicht is opgedragen aan een door beheerder daartoe aangewezen OOV’er, behorende tot zijn organisatie. Slechts de OOV’er en diens vervanger(s) hebben toegang tot het bestand.

Artikel 8. Beveiliging van persoonsgegevens

1De beheerder draagt zorg voor passende technische en organisatorische maatregelen om persoonsgegevens te beveiligen tegen verlies of tegen enige vorm van onrechtmatige verwerking. Hiertoe behoren in ieder geval:

•Vastgesteld beveiligingsbeleid dat ook is geïmplementeerd;

•Fysieke maatregelen voor toegangsbeveiliging inclusief organisatorische controle;

•Logische toegangscontrole (wachtwoord of pincode).

Artikel 9. Bewaartermijn

1De gegevens worden:

a.Gedurende een jaar in een niet-actieve omgeving versleuteld bewaard indien fase 1 tot en met 3 van het protocol niet tot verdere aanpak van het signaal leidt;

b.Gedurende vijf jaar in een actieve omgeving versleuteld bewaard en vervolgens een jaar in een niet-actieve omgeving bewaard indien een signaal in een gemeentelijke casus resulteert na de laatste verwerking (fase 5);

2Op basis van een nieuw signaal kunnen de bewaarde persoonsgegevens ten behoeve van het nieuwe signaal worden geraadpleegd dan wel verwerkt en is het protocol van toepassing op de nieuwe verwerking.

3De opgenomen gegevens kunnen voor evaluatie dan wel fenomeen onderzoek in niet tot individuele personen herleidbare vorm bewaard blijven.

Artikel 10. Rechten van betrokkenen

1Een betrokkene heeft het recht om inzage te verzoeken in zijn/haar gegevens en het gebruik daarvan door de gemeente.

2De betrokkene kan de gemeente verzoeken de gegevens te verbeteren, aan te vullen, te verwijderen of af te schermen, indien de gegevens feitelijk onjuist, onvolledig of niet ter zake dienend zijn voor het doel van de verwerking.

3Een betrokkene heeft het recht verzet aan te tekenen in verband met zijn bijzondere persoonlijke omstandigheden.

4De verzoeken als bedoeld in de leden 1 en 2 van dit artikel, alsmede het verzet als bedoeld onder 3 kunnen worden ingediend bij de beheerder. Deze reageert binnen 4 weken op de verzoeken of het verzet genoemd in dit artikel.

5Tegen een afwijzing van de verzoeken of het verzet kan het betrokkene bezwaar aantekenen.

6De gemeente zal betrokkene op eerste verzoek nadere informatie toezenden over zijn rechten en de mogelijkheden deze uit te oefenen.

7Het bovenvermelde kan buiten toepassing worden gelaten voor zover dit noodzakelijk is in het belang van:

a.De veiligheid van de staat;

b.De voorkoming, opsporing en vervolging van strafbare feiten;

c.Gewichtige economische en financiële belangen van de staat en andere openbare lichamen;

d.Het toezicht op de naleving van wettelijke voorschriften die zijn gesteld ten behoeve van de belangen, bedoeld onder b en c, of

e.De bescherming van de betrokkene of van de rechten en vrijheden van anderen.

3. Fase 1 van het protocol (ontvangst en intake van het signaal)

Artikel 11. Doel van de verwerking van persoonsgegevens in deze fase

De verwerking in deze fase is ten behoeve van:

1Analyseren van signalen van inwoners en professionals op onrechtmatigheden en maatschappelijke bedreigingen die op ondermijnende activiteiten duiden, beoordelen of het signaal betrekking heeft op een gemeentelijke bevoegdheid/verantwoordelijkheid en of het gemeentelijk grondgebied betreft.

2Aan de hand van het signaal registratieformulier en de in het stappenplan onder fase 1 genoemde bronnen vaststellen of een signaal voldoende is voor verdere aanpak ondermijning. Indien er geen sprake is van ondermijnende activiteit en/of een gemeentelijke bevoegdheid/verantwoordelijkheid en/of gemeentelijk grondgebied wordt het signaal:

a.Versleuteld bewaard en na verloop van de bewaartermijn van 1 jaar vernietigd en;

b.Indien mogelijk doorgestuurd naar een gemeentelijk onderdeel (onderdelen), partner of andere gemeente, om op basis van de eigen wettelijke kaders signaal op te pakken;

3Indien er sprake is van ondermijnende activiteiten en het een gemeentelijke bevoegdheid/verantwoordelijkheid betreft en gemeentelijk grondgebied dan treedt fase 2 in werking.

Artikel 12. Wegingen signaal en vervolgstap

1De OOV’er kwalificeert het signaal aan de hand van de in het stappenplan onder fase 1 genoemde bronnen en indicatoren in het signaal registratieformulier.

2Indien er na deze weging geen sprake is van ondermijnende of criminele activiteiten dan wordt het signaal:

a.Versleuteld bewaard en na verloop van de bewaartermijn van 1 jaar vernietigd en;

b.Indien mogelijk doorgezet naar een (ander) gemeentelijk onderdeel (onderdelen);

3De OOV’er beoordeelt of het signaal een gemeentelijke taak en/of bevoegdheid betreft.

4Indien er na deze weging geen sprake van een gemeentelijke taak en/of bevoegdheid is dan wordt het signaal:

a.Versleuteld bewaard en na verloop van de bewaartermijn van 1 jaar vernietigd en;

b.Indien mogelijk doorgezet naar een andere (niet gemeentelijke) partner.

5De OOV’er beoordeelt of het signaal betrekking heeft op het grondgebied van de gemeente Midden-Delfland.

6Indien de uitkomst van deze weging is dat het signaal geen betrekking heeft op het grondgebied van de gemeente Midden-Delfland wordt het signaal:

a.Versleuteld bewaard en na verloop van de bewaartermijn van 1 jaar vernietigd en;

b.Indien mogelijk doorgezet naar de gemeente op wiens grondgebied het signaal betrekking heeft.

7Indien er na deze wegingen wel sprake is van vermoeden van ondermijnende of criminele activiteiten, sprake is van een gemeentelijke taak en/of bevoegdheid en het signaal betrekking heeft op het grondgebied van de gemeente Midden-Delfland, dan treedt fase 2 in werking.

Artikel 13. Informeren betrokkene in deze fase

1Indien een signaal, zoals in hierboven genoemd artikel 12, lid 2, sub b, mono- of multidisciplinair door een onderdeel (onderdelen) van de gemeente wordt opgepakt, dan informeert het desbetreffende onderdeel (onderdelen) betrokkene conform wet- en regelgeving die van toepassing is op basis van de bij die taak behorende wet- en regelgeving. Datzelfde geldt voor de partner die het signaal oppakt zoals genoemd in artikel 12, lid 4, sub b en de gemeente zoals bedoeld in artikel 12, lid 6, sub b.

4. Fase 2 van het protocol (zwaarte van het signaal)

Artikel 14. Het doel van de verwerking van persoonsgegevens in deze fase

Het doel van de verwerking in deze fase is het duurzaam terugdringen van ondermijnende criminaliteit door:

1Een vervolganalyse van de meldingen en signalen van organisaties, burgers en professionals op onrechtmatigheden en maatschappelijke bedreigingen van ondermijnende activiteiten door middel van een zwaarteweging.

2Aan de hand van de in het stappenplan onder fase 1 en 2 genoemde bronnen in het signaal registratieformulier vaststellen of een signaal voldoende zwaar is voor verdere aanpak ondermijning. Indien het signaal onvoldoende zwaar is dan wordt het signaal:

a.Versleuteld bewaard verloop van de bewaartermijn van 1 jaar vernietigd en;

b.Indien mogelijk doorgestuurd naar een ander gemeentelijk onderdeel (onderdelen).

3Indien het signaal voldoende zwaar is dan treedt fase 3 in werking.

Artikel 15. Weging signaal en vervolgstap

1In het signaleringsoverleg wordt vastgesteld of het signaal voldoende zwaar is voor de verdere aanpak ondermijning.

2Indien het signaal onvoldoende zwaar is dan wordt het signaal:

a.Versleuteld bewaard en na verloop van de bewaartermijn van 1 jaar vernietigd en;

b.Indien mogelijk alsnog doorgezet naar een gemeentelijk onderdeel (onderdelen).

3Indien er na deze weging wel sprake is van voldoende zwaarte dan treedt fase 3 in werking.

Artikel 16. Informeren betrokkene

1Indien een signaal, zoals in hierboven genoemd artikel 15, lid 2, sub b, mono- of multidisciplinair door een onderdeel (onderdelen) van de gemeente wordt opgepakt, dan informeert het desbetreffende onderdeel (onderdelen) betrokkene conform wet- en regelgeving die van toepassing is op basis van de bij die taak behorende wet- en regelgeving.

2Indien, zoals hierboven genoemd in artikel 15, lid 3, er sprake is van voldoende zwaarte, bepaald de OOV’er samen met de privacy officer of de betrokkene wel of niet in deze fase kan worden geïnformeerd over de gegevensverwerking.

5. Fase 3 van het protocol (bronnenonderzoek)

Artikel 17. Het doel van deze verwerking van persoonsgegevens

Het doel van de verwerking in deze fase is het doen van een vervolganalyse van de meldingen en signalen van organisaties, inwoners en professionals op onrechtmatigheden en maatschappelijke bedreigingen van ondermijnende activiteiten door middel van ‘hit’- check bij de relevante gemeentelijke onderdelen (en) om vast te stellen of er sprake is van ondermijnende activiteiten.

Artikel 18. Privacy check 1 en weging signaal

1De OOV’er beoordeelt of en zo ja, welke gemeentelijk bronnen mogen worden geraadpleegd in het kader van een Hit/No Hit;

2De OOV’er voert een Hit/No Hit uit bij deze gemeentelijke bronnen en weegt of het signaal door de Hit(s) in voldoende mate wordt bevestigd.

a.Indien het signaal door de Hit(s) onvoldoende wordt bevestigd vindt versleuteling plaats en indien van toepassing wordt het signaal alsnog doorgeleid naar een (ander) gemeentelijk onderdeel.

a.Indien het signaal wel in voldoende mate wordt bevestigd, voert de OOV’er opnieuw een privacy check uit: “welke gegevens zijn relevant voor het signaal”? Vervolgens wordt in fase 4 getoetst of de gegevens kunnen worden gedeeld met de bij het signaal betrokken gemeentelijke sectoren en de politie.

5. Fase 4 van het protocol (plan van aanpak)

Artikel 19. Het doel van deze verwerking van persoonsgegevens

1Het doel van de verwerking in deze fase is het duurzaam terugdringen van ondermijnende criminaliteit in Midden-Delfland door:

a.Vaststellen van een verdere aanpak van het signaal;

b.Het ontwikkelen en vaststellen van een plan van aanpak bestuurlijke interventies ten behoeve van een casus (en);

c.Het monitoren van de (bestuurlijke) aanpak van de casus.

Artikel 20. Privacy check 2A

De OOV’er voert in deze fase een privacy check uit ten aanzien van de vraag: “welke gegevens met welke bij het signaal betrokken gemeentelijke onderdelen (al dan niet aangesloten bij het signaleringsoverleg) en de politie mogen worden gedeeld ten behoeve van het vaststellen van het plan van aanpak”? In het kader van deze privacy check beoordeelt de OOV’er of de betrokkene wel of niet in deze fase kan worden geïnformeerd over de gegevensverwerking, voor zover dit nog niet heeft plaatsgevonden. De OOV’er kan de privacy officer om advies vragen.

Artikel 21. Bepaling aanpak signaal signaleringsoverleg

1In het LOT wordt bepaald of het signaal zich leent voor een integrale aanpak op lokaal niveau.

2Indien in het signaleringsoverleg volgt dat het signaal zich leent voor een integrale aanpak op lokaal niveau wordt:

a.Het signaal opgepakt door twee of meerdere partners van het signaleringsoverleg, mogelijk samen met (gemeentelijke) partners buiten het signaleringsoverleg.

b.Door een of meerdere partners van het signaleringsoverleg een intake opgesteld, die wordt aangeboden aan de RIEC Ondermijningstafel District E. Indien het signaal door de Ondermijningstafel wordt aangenomen volgt voor eventuele gemeentelijke/ bestuurlijke interventie. Indien het signaal niet door de Ondermijningstafel wordt aangenomen, volgt opnieuw een weging in het LOT.

3Indien uit het LOT volgt dat het signaal zich niet leent voor een integrale aanpak op lokaal niveau wordt, waar mogelijk, het signaal door een van de partners van het LOT monodisciplinair opgepakt.

Artikel 22. Vastleggen (bestuurlijke) interventies in plan van aanpak

De OOV’er stelt met de (gemeentelijke) leden van het signaleringsoverleg en indien van toepassing overige betrokken (gemeentelijke) partners een plan van aanpak (bestuurlijke) interventies op.

Artikel 23. Privacy check 2B

De OOV’er voert in deze fase een tweede privacy check uit en wel ten aanzien van de vraag welke gegevens met welke (gemeentelijke) onderdelen mogen worden gedeeld ten behoeve van de uitvoering van het plan van aanpak (bestuurlijke) interventies.

Artikel 24 Uitvoering en monitoring

De betrokken (gemeentelijke) onderdelen voeren het plan van aanpak (bestuurlijke) interventies uit. De OOV’er monitort de voortgang.

6. Fase 5 van het protocol (monitorings- en archiveringsfase)

Artikel 25. Afsluiten casus

Na uitvoering van het plan van aanpak bestuurlijke interventies wordt de casus afgesloten. De gegevens worden na sluiting van de casus gedurende vijf jaar vanaf de laatste verwerking versleuteld in een actieve omgeving bewaard. Daarna worden de gegevens een jaar versleuteld bewaard in een niet-actieve omgeving.

Artikel 26. Informeren betrokkene

1Aan de persoon of personen op wie het plan van aanpak bestuurlijke interventies als bedoeld in artikel 22, betrekking heeft ("subject(en)"), wordt door de verwerkingsverantwoordelijken de informatie als bedoeld in artikel 14 van de AVG verstrekt. Indien tot interventie wordt besloten, vindt de mededeling/verstrekking plaats tegelijk met de feitelijke uitvoering van de interventie.

2Indien de betrokkene wordt geïnformeerd, wordt de navolgende informatie verstrekt:

a.De identiteit van de verwerkingsverantwoordelijke en de doeleinden van de verwerking.

b.Nadere informatie die nodig is om tegenover de betrokkene een behoorlijke en zorgvuldige verwerking te waarborgen.

3De verwerkingsverantwoordelijke laat op grond van artikel 23 AVG en artikel 41 UAVG de informatieverstrekking achterwege voor zover dit noodzakelijk is in het belang van;

a.de nationale veiligheid;

b.landsverdediging;

c.de openbare veiligheid;

d.de voorkoming, het onderzoek, de opsporing en de vervolging van strafbare feiten of de tenuitvoerlegging van straffen, met inbegrip van de bescherming tegen en de voorkoming van gevaren voor de openbare veiligheid;

e.andere belangrijke doelstellingen van algemeen belang van de Unie of van een lidstaat, met name een belangrijk economisch of financieel belang van de Unie of van een lidstaat, met inbegrip van monetaire, budgettaire en fiscale aangelegenheden, volksgezondheid en sociale zekerheid;

f.de bescherming van de onafhankelijkheid van de rechter en gerechtelijke procedures;

g.de voorkoming, het onderzoek, de opsporing en de vervolging van schendingen van de beroepscodes voor gereglementeerde beroepen;

h.een taak op het gebied van toezicht, inspectie of regelgeving die verband houdt, al is het incidenteel, met de uitoefening van het openbaar gezag in de in de punten a), tot en met e) en punt g) bedoelde gevallen;

i.de bescherming van de betrokkene of van de rechten en vrijheden van anderen;

j.de inning van civielrechtelijke vorderingen.

4Deze afweging wordt door de OOV’er in samenwerking met de privacy officer namens de verwerkingsverantwoordelijke gemaakt in het kader van de privacy check zoals omschreven in artikel 16 en 20.

5Zodra de belangen als genoemd in het tweede lid informatieverstrekking niet langer in de weg staan, draagt de verwerkingsverantwoordelijke zorg dat de vereiste informatie alsnog aan betrokkene wordt verstrekt.

Artikel 27. Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking de dag na publicatie.

Artikel 28. Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als ‘Privacyprotocol Bestuurlijke aanpak ondermijnende criminaliteit gemeente Midden-Delfland 2025’.

Bijlage 1: categorieën van verwerkte persoonsgegevens

Van de subjecten over wie wordt gemeld, kunnen onderstaande gegevens, afhankelijk van de inhoud van de melding/signaal worden verwerkt.

In fase 1 van het Privacy Protocol zijn dit de volgende gegevens:

•De melding en de daarin opgenomen persoonsgegevens: naam, adres, beroep;

•Eventuele aanwijzingen voor ondermijning uit het signaal;

•Informatie uit de Basis Registratie Personen (slechts ter verificatie van de persoonsgegevens uit het signaal);

•Open informatie uit het Handelsregister (de Kamer van Koophandel);

•Open informatie uit het Kadaster (geen gesloten informatie zoals akten);

•Informatie uit de basisregistratie Adressen en Gebouwen;

•Bestemmingsplannen;

•Open informatie over erfpacht;

•Open informatie m.b.t. WOZ.

In fase 2 kunnen in aanvulling op gegevens uit fase 1 onderstaande gegevens worden verwerkt, afhankelijk van de melding en/of relevante casusinformatie:

•Informatie afkomstig uit (aanvullende) open bronnen/ internet.

In fase 3 kunnen in aanvulling op gegevens uit fase 1 en 2 onderstaande gegevens worden verwerkt, afhankelijk van de melding en of relevante casusinformatie:

•Informatie uit systemen over vergunningen horeca, intrekkingsbesluiten (gesloten bron);

•Informatie uit systemen over uitkeringen (gesloten bron);

•Informatie uit systemen over subsidies (gesloten bron);

•Informatie uit systemen over andersoortige beschikkingen (bv parkeervergunning, bestuurlijke boetes Alcoholwet) (gesloten bron);

•Kadasterinformatie m.b.t. akten e.d. (gesloten bron);

•Informatie uit de Basis Registratie Personen, zoals familierelaties, voormalige adressen, bewoning adressen e.d. (gesloten bron).

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.