Aanhef
De afdelingsdirecteur Beheer Openbare Ruimte, daartoe gemandateerd dor het college van burgemeester en wethouders van Midden-Delfland;
Handelend conform artikel 160 lid 1 van de Gemeentewet;
Gelet op:
–Artikel 10.26 Wet milieubeheer;
–Artikel 10 Afvalstoffenverordening Midden-Delfland 2021;
–Artikel 7 lid a t/m g Uitvoeringsbesluit Afvalstoffen Midden-Delfland 2021;
–De vastgestelde inrichtingscriteria inzamelvoorzieningen nr. 2017-02743 / 17Z.000415, d.d. 26 januari 2017;
–Afdeling 3.4 Algemene wet bestuursrecht.
Overwegende dat:
–de Wet milieubeheer gemeenten de mogelijkheid biedt om in het belang van de doelmatigheid huishoudelijke afvalstoffen in te zamelen nabij elk perceel;
–het college van burgemeester en wethouders de bevoegdheid heeft om hierover te besluiten;
–het college deze bevoegdheid gemandateerd heeft aan de directeur Beheer Openbare Ruimte;
–dat in Midden-Delfland in de laagbouw huishoudelijk afval wordt ingezameld door middel van minicontainers;
–de meest geschikte aanbiedplekken voor minicontainers zijn gekozen met inachtneming van de vastgestelde inrichtingscriteria;
–dit besluit van 21 februari tot 4 april 2025 ter inzage heeft gelegen
–er in die periode zes zienswijzen zijn ingekomen;
–de zienswijzen geen aanleiding geven tot wijziging van de voorgenomen locaties in het ontwerpbesluit;
–de zienswijzen zijn inhoudelijk behandeld in de Nota van beantwoording.
Besluit:
Tekst
I. De Nota van beantwoording vast te stellen;
II. De volgende locaties, zoals aangegeven op de bij dit besluit behorende overzichtstekening, aan te wijzen;
Niet van toepassing
III. De volgende locaties, zoals aangegeven op de bij dit besluit behorende overzichtstekening, op te heffen;
IV. De volgende locaties, zoals aangegeven op de bij dit besluit behorende overzichtstekening, te wijzigen;
V. Dit besluit in werking te laten treden op de dag na bekendmaking.