Aanhef
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Midden-Delfland,
gelet op:
•de Tijdelijke wet opvang ontheemden Oekraïne;
•de Regeling opvang ontheemden Oekraïne;
•artikel 160, eerste lid, onderdeel a, van de Gemeentewet;
•titel 4.3 van de Algemene wet bestuursrecht;
overwegende dat:
•het wenselijk is om een beleidsregel vast te stellen om op een eenduidige wijze uitvoering te geven aan de Regeling opvang ontheemden Oekraïne;
besluit:
in zijn vergadering van 17 december 2024 vast te stellen de ‘Beleidsregel Opvang ontheemden Oekraïne 2025’.
De Beleidsregel Opvang ontheemden Oekraïne 2025
Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
Artikel 1.1. Begrippen
1Alle begrippen die in deze beleidsregel worden gebruikt en niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Regeling opvang ontheemden Oekraïne, de Algemene wet bestuursrecht en de Gemeentewet.
2In deze beleidsregel wordt verstaan onder:
a.RooO: de Regeling opvang ontheemden Oekraïne;
b.leefgeld: de financiële toelage zoals bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel b, en artikel 12, eerste lid, van de RooO;
c.inkomen: inkomsten uit arbeid, zelfstandig bedrijf of beroep, een loondervingsuitkering of andere uitkering en/of een toeslag op grond van de Toeslagenwet;
d.eigen bijdrage: de vergoeding zoals bedoeld in artikel 8 van de RooO;
e.consulent inburgering: de consulent werkzaam bij de afdeling Samenleving en Dienstverlening gemeente Midden-Delfland
f.ontheemde: de ontheemde als bedoeld in artikel 1, onderdeel c, van de RooO en diens meerderjarige gezinsleden als bedoeld in artikel 1, onderdeel g, van de RooO.
g.Drempelbedrag: Het drempelbedrag is 115% van het normbedrag leefgeld plus het bedragen eigen bijdrage (drempelbedrag = normleefgeld + eigen bijdrage x 1.15).
Artikel 1.2. Informatievoorziening en taal
1De consulent inburgering verstrekt aan de ontheemde informatie over het leefgeld, buitengewone kosten en de eigen bijdrage en over de verplichtingen die de ontheemde daarbij heeft.
2De consulent inkomen stelt deze informatie beschikbaar in de Nederlandse, Oekraïense en Russische taal.
Hoofdstuk 2. Leefgeld
Artikel 2.1. Leefgeld aanvragen
1Melden kan telefonisch, per e-mail te melden bij de consulent inburgering.
2Binnen 7 dagen na de melding vindt een intakegesprek plaats met een consulent inburgering. Dit enkel bij Ontheemde die zich voor het eerst een leefgeld aanvraag indienen.
3Nadat de ontheemde een burgerservicenummer van de gemeente heeft gekregen, kan de ontheemde een aanvraag indienen bij de afdeling inkomen voor leefgeld.
4De consulent inburgering stelt de identiteit van de ontheemde vast aan de hand van een document als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder 1º tot en met 3º, van de Wet op de identificatieplicht.
5De ontheemde overlegt bij de aanvraag een bewijs van rechtmatig verblijf en bescherming op grond van de Richtlijn tijdelijke Bescherming (Richtlijn EU 2001/55/EG) als bedoeld in het Uitvoeringsbesluit EU 2022/382.
6Als er twijfel is over rechtmatig verblijf en het recht op bescherming of over de vraag of de aanvrager als ontheemde aangemerkt kan worden als bedoeld in artikel 1, eerste lid c, van de RooO, dan vraagt de consulent inburgering de gemeente om advies en instructies over het recht op leefgeld.
Artikel 2.2. Uitbetalen leefgeld
1Het leefgeld wordt op of rond de eerste van de maand uitbetaald.
2De uitbetaling vindt plaats via een bankoverschrijving op een Nederlandse betaalrekening van de ontheemde. Het leefgeld van een minderjarige ontheemde wordt uitbetaald op de Nederlandse betaalrekening van een voogd of meerderjarige begeleider van de minderjarige ontheemde.
3De ontheemde moet bij de aanvraag voor leefgeld ter verificatie van de betaalrekening een bankpas kunnen tonen van de Nederlandse betaalrekening waarop het leefgeld moet worden uitbetaald.
4De uitbetaling van het leefgeld wordt opgeschort zolang de verificatie van de betaalrekening niet heeft plaatsgevonden.
Artikel 2.3. Informatieplicht en wijzigingen doorgeven
1De ontheemde is verplicht om uit eigen beweging aan de consulent inburgering informatie te verstrekken over zijn inkomsten en gezinssamenstelling en over wijzigingen of veranderingen daarin.
2De informatie bedoeld in het eerste lid moet uiterlijk op de laatste dag van de maand worden doorgegeven waarop de wijziging betrekking heeft.
3De ontheemde kan informatie doorgeven per post, per e-mail of telefonisch. Hierbij kan de ontheemde gebruik maken van een wijzigings- /inlichtingenformulier.
4De consulent inburgering verstrekt na toekenning van leefgeld eenmalig een wijzigings-/inlichtingenformulier aan de ontheemde.
Artikel 2.4. Beperking, intrekking of beëindiging leefgeld
1Het leefgeld wordt beperkt, ingetrokken of beëindigd, al dan niet geheel of gedeeltelijk, in de gevallen genoemd in de RooO.
Artikel 2.5. Terugvordering leefgeld
1Consulent inburgering vordert het leefgeld terug voor zover het leefgeld ten onrechte of tot een te hoog bedrag is ontvangen als gevolg van:
a.het niet of niet behoorlijk nakomen van de informatieplicht als bedoeld in artikel 2a van de RooO en artikel 2.3 van deze beleidsregel; of
b.dat de ontheemde de opvang definitief heeft verlaten of langer dan 28 dagen per kalenderjaar niet in de opvang is verschenen zonder de consulent inburgering of de gemeente daarvan op de hoogte te stellen.
c.als de huisregels onderdeel ‘’vertrek’’ waar de betrokkene mee heeft ingestemd worden overtreden.
2Consulent inburgering kan het leefgeld ook terugvorderen voor zover het leefgeld:
a.anders dan in het eerste lid, ten onrechte of tot een te hoog bedrag is verleend; of
b.als anderszins onverschuldigd is betaald.
3De terugvordering als bedoeld in het tweede lid vindt plaats over maximaal zes maanden.
4In de overige gevallen vordert consulent terugvordering het leefgeld niet terug.
5Voor het treffen van een betalingsregeling is het uitgangspunt de beslagvrijevoet als bedoeld in artikel 475da, 475db en 475dc van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
6Als de ontheemde na het vervallen van de in het besluit tot terugvordering genoemde betaaltermijn en de daaropvolgende in de aanmaning genoemde betaaltermijn niet overgaat tot betaling, kan de consulent inburgering een deurwaarder inschakelen als het aannemelijk is dat er geen bijzondere persoonlijke omstandigheden zijn en dat het op basis van de bij de consulent terugvordering bekende gegevens aannemelijk is dat de ontheemde in staat is te betalen.
7De consulent inburgering ziet af van het nemen van een terugvorderingsbesluit als het terug te vorderen bedrag lager is dan € 100,-, tenzij:
a.er nog andere vorderingen op de ontheemde openstaan;
b.de terugvordering is ontstaan door het niet nakomen van de informatieplicht zoals bedoeld in artikel 2.3.
Hoofdstuk 3. Buitengewone kosten
Artikel 3.1. Vergoeding voor buitengewone kosten
1De ontheemde kan bij de gemeente een aanvraag indienen voor vergoeding van buitengewone kosten.
2Buitengewone kosten zijn in ieder geval:
a.reiskosten voor een verblijfsrechtelijke procedure;
b.kosten die de ontheemde moet maken wegens medische redenen;
c.reiskosten voor schoolvervoer van leerplichtige minderjarigen, waarbij de enkele reisafstand minimaal 10 kilometer is.
3De aanvraag voor buitengewone kosten moet vóór het maken van de kosten bij de gemeente worden ingediend.
4Kosten die voortvloeien uit noodsituaties waarin geen mogelijkheid bestond tot het verzoeken om toestemming, kunnen alsnog binnen een redelijke termijn worden aangevraagd. Wat een redelijke termijn is hangt af van de persoonlijke omstandigheden van het geval.
5De vergoeding van buitengewone kosten voorziet in de meest goedkope, duurzame en adequate vorm van de kosten.
6Kosten die al zijn betaald, of waarin op andere wijze kan worden voorzien, of waarvoor de ontheemde aanspraak kan maken of een beroep kan doen op een passende en toereikende voorliggende voorziening, komen niet voor vergoeding in aanmerking. Voor aanspraak op (medische) zorg is de Regeling Medische zorg Oekraïne in beginsel een passende en toereikende voorliggende voorziening.
Artikel 3.2. Inkomensgrens
1Voor vergoeding van buitengewone kosten geldt een inkomensgrens.
2De inkomensgrens is gelijk aan het drempelbedrag.
3Het inkomen wordt vastgesteld over de maand voorafgaand aan het maken van de kosten.
Hoofdstuk 4. Eigen bijdrage gemeentelijke opvang
Artikel 4.1. Opleggen eigen bijdrage
1De ontheemde is vanaf 1 januari 2025 een eigen bijdrage verschuldigd als bedoeld in artikel 8 en artikel 7, vierde en vijfde lid, van de RooO als de volgende situatie van toepassing is:
a.de ontheemde ontvangt geen leefgeld; en
b.de ontheemde woont in de gemeentelijke opvang; en
c.de ontheemde heeft een inkomen ter hoogte van tenminste het drempelbedrag.
2De ontheemde geeft de consulent inburgering informatie over zijn inkomsten en gezinssamenstelling en kan dit doen op de manieren die vermeld staan in artikel 2.3, derde lid, van deze beleidsregel.
3De consulent inburgering kan de informatie zoals bedoeld in het tweede lid ook in Suwinet inzien.
4De consulent inburgering stelt de eigen bijdrage vast door middel van een beschikking.
5In afwijking van het eerste lid wordt ook een eigen bijdrage opgelegd als de ontheemde nalaat om de consulent inburgering informatie over zijn inkomen en gezinssamenstelling te verstrekken, of als hij verkeerde informatie verstrekt, als bedoeld in de artikelen 7, vierde lid, onderdeel c, en 8, eerste lid, onderdeel c, van de RooO.
6De eigen bijdrage als bedoeld in het zevende lid wordt opgelegd over de maanden waarin de ontheemde geen inlichtingen verstrekt en/of verkeerde informatie verstrekt.
Artikel 4.2. Betaling eigen bijdrage
1Als de verschuldigde eigen bijdrage niet binnen 21 dagen na het eind van de maand waarin de bijdrage is opgelegd van de ontheemde is ontvangen, stuurt de consulent inburgering een herinnering aan de ontheemde.
2In de beschikking en herinnering staan in ieder geval vermeld:
a.de hoogte van de eigen bijdrage;
b.de uiterlijke betaaldatum;
c.de wijze van betaling.
3Als de verschuldigde eigen bijdrage binnen 14 dagen na het versturen van de aanmaning nog steeds niet is ontvangen, wordt de ontheemde gebeld met het verzoek om te betalen.
4Als de ontheemde de eigen bijdrage over minimaal drie maanden niet heeft betaald, kan de consulent inburgering een deurwaarder inschakelen als het aannemelijk is dat de eigen bijdrage terecht is opgelegd, er geen bijzondere persoonlijke omstandigheden zijn en dat het op basis van de bij de consulent inburgering bekende gegevens aannemelijk is dat de ontheemde in staat is te betalen.
Artikel 4.3. Wijziging in eigen bijdrage of beëindiging eigen bijdrage
1De ontheemde geeft wijzigingen in zijn inkomen en leefsituatie aan de consulent inburgering op de in artikel 2.2, derde lid, vermelde manieren.
2De consulent inburgering kan de informatie zoals bedoeld in het eerste lid ook via Suwinet verkrijgen.
3De consulent inburgering stuurt de ontheemde een beschikking bij iedere wijziging of beëindiging van de eigen bijdrage.
Hoofdstuk 5. Slotbepalingen
Artikel 5.1. Hardheidsclausule en evenredigheidstoets
1De consulent inburgering kan een afwijkende beslissing nemen als toepassing van deze beleidsregel voor een of meer belanghebbenden gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met de beleidsregel te dienen doelen.
2De consulent inburgering kan hierbij - in ieder geval - de volgende factoren betrekken:
a.in het geval een eigen bijdrage wordt opgelegd, de hoogte van de eigen bijdrage ten opzichte van het gezinsinkomen;
b.in het geval een eigen bijdrage wordt opgelegd, het beschikbare gezinsbudget na betaling van de eigen bijdrage;
c.of de ontheemde over minimaal een besteedbaar inkomen beschikt wat gelijk is aan het bedrag dat anders aan leefgeld zou zijn ontvangen;
d.schulden of andere aantoonbare financiële verplichtingen;
e.uitgaven als gevolg van aantoonbare of aannemelijke bijzondere persoonlijke omstandigheden.
Artikel 5.2. Inwerkingtreding en citeertitel
1Deze beleidsregel treedt in werking per 1 januari 2025.
2Deze beleidsregel wordt aangehaald als ‘Beleidsregel Opvang ontheemden Oekraïne 2025’.