Gemeentelijke regelgeving

Regeling rechtspositie burgemeester en wethouder gemeente Meppel

Gemeente Meppel · geldt sinds 17 mei 2024

Aanhef

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Meppel,

gelezen het voorstel van 7 mei 2024 met nummer 1896158;

gelet op de artikelen 44 en 66 van de Gemeentewet en de artikelen 3.2.10, 3.3.2, 3.3.3, tweede lid en 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers en artikel 3.8 van de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers;

besluit vast te stellen de volgende regeling: Regeling rechtspositie burgemeester en wethouders gemeente Meppel.

Artikel 1. Definitiebepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

a.college: college van burgemeester en wethouders.

b.burgemeester: voorzitter van het college van burgemeester en wethouders.

c.secretaris: de secretaris bedoeld in artikel 107 van de Gemeentewet.

d.wethouder: lid van het college van burgemeester en wethouders.

Artikel 2. Ter beschikking gestelde auto burgemeester

1Het college stelt ten laste van de gemeente een auto op afroep ter beschikking aan de burgemeester zoals bedoeld in artikel 3.2.10 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers en artikel 3.8 van de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers.

2De op afroep beschikbare auto wordt uitsluitend gebruikt voor zakelijke doeleinden.

3Onder gebruik voor zakelijke doeleinden wordt in dit artikel verstaan gebruik dat voor de toepassing van artikel 13bis van de Wet op de loonbelasting 1964 en de daarop berustende bepalingen niet als gebruik voor privédoeleinden wordt aangemerkt.

4Voor zover de burgemeester gebruik maakt van een auto op afroep als bedoeld in het eerste lid, heeft hij geen aanspraak op vergoedingen, bedoeld in artikel 3.2.7, tweede lid, onder b, en artikel 3.2.9, eerste lid van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.

Artikel 3. Nadere regels niet-partijpolitiek georiënteerde scholing burgemeester en wethouders

1De burgemeester of de wethouder die willen deelnemen aan niet-partijpolitiek georiënteerde scholing bedoeld in artikel 3.3.3 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers in verband met de vervulling van hun functie dienen daartoe vooraf een gemotiveerd verzoek in bij de secretaris.

2Het verzoek gaat vergezeld van stukken met inhoudelijke informatie en een kostenspecificatie.

3De burgemeester en de secretaris beslissen samen op het verzoek op basis van de overlegde stukken.

Artikel 4. Informatie- en communicatievoorzieningen

1De burgemeester of de wethouder tekent een bruikleenovereenkomst wanneer hem ten laste van de gemeente voor de duur van de uitoefening van zijn functie informatie- en communicatievoorzieningen ter beschikking worden gesteld als bedoeld in artikel 3.3.2 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.

2De burgemeester of de wethouder levert na beëindiging van zijn functie de ter beschikking gestelde informatie- en communicatievoorzieningen in bij de gemeente. Overname van de informatie- en communicatievoorzieningen na opschoning is mogelijk tegen vergoeding van de resterende waarde van de voorzieningen in het economisch verkeer.

Artikel 5. Aanwijzing als eindheffingsbestanddeel

1Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in artikel 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.

2Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden verder aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in deze regeling, voor zover deze worden gerekend tot een vergoeding, tegemoetkoming of verstrekking als bedoeld in artikel 31a, tweede lid, onderdelen a tot en met h, van de Wet op de Loonbelasting 1964.

Artikel 6. Betaling en declaratie van onkosten

1Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van kosten die op grond van deze regeling voor vergoeding of tegemoetkoming in aanmerking komen plaats door:

a) betaling uit gemeentelijke middelen, op basis van een rechtstreeks aan de gemeente toegezonden factuur,

b) betaling vooruit uit eigen middelen of

c) betaling ten laste van de gemeentelijke creditcard.

2Een aanvraag om een vergoeding van de onkosten als bedoeld in dit artikel gaat middels een digitale aanvraag vergezeld van bewijsstukken.

3Een aanvraag en de bewijsstukken worden binnen zes maanden na factuurdatum of betaling door de burgemeester of wethouder ingediend bij de secretaris.

4Voor zover van toepassing draagt de gemeente er zorg voor dat de betaling aan burgemeester of wethouders binnen één maand na het indienen van de aanvraag wordt overgemaakt.

Artikel 7. Inwerkingtreding en intrekking oude regelingen

1Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van publicatie van het Gemeenteblad waarin deze regeling wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2024.

2Alle eerder genomen besluiten over de vaststelling van een Rechtspositieregeling Burgemeester en Wethouders worden ingetrokken met ingang van 1 januari 2024.

Artikel 8. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling rechtspositie burgemeester en wethouders gemeente Meppel.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.