Gemeentelijke regelgeving

Invulling Nadere subsidieregels gemeente Menterwolde

Gemeente Menterwolde · geldt sinds 11 april 2013

Paragraaf 2 Uitwerking van subsidie-criteria

Artikel 1 Gericht op breed publiek

Dit lijkt een helder criterium: een breed publiek. Wij hechten er aan om dit concreet en meetbaar te maken.

Iedere instelling die in aanmerking wil komen voor gemeentelijke subsidie zal minimaal 1 x per jaar een activiteit moeten organiseren voor een doelgroep die buiten de bestaande doelgroep valt. Deze activiteiten dienen bovendien een innovatief of experimenteel karakter te hebben.

Illustraties hiervan zijn een ouderenorganisatie die iets voor jongeren organiseert, of vice verca of een muziekvereniging die een activiteit organiseert voor een andere doelgroep die niet voor de hand ligt.

Artikel 2 Openbare activiteiten

Hiervoor geldt in principe hetzelfde als het eerste criterium breed publiek: het is niet de bedoeling dat er besloten activiteiten plaats vinden dankzij gemeentelijke subsidie.

Bij het openbare karakter gaat het concreet om een actieve bijdrage met vrijwilligers aan :

-Culturele activiteiten uit de gemeentebrede culturele programmering

-Open monumentendag

-NL doet

Omdat voor de Dorpsadviesraden aparte regels zijn opgesteld, zijn hierboven om die reden niet genoemd: erkende nationale feestdagen (inclusief Sinterklaas) en de culturele open dag.

Artikel 3 Bevordert de (cultuur) participatie en de educatie

Dit is een belangrijk subsidie-criterium: zoals in ons Wmo-beleid is beschreven: “Meedoen in de Wmo betekent: De Wmo wil bevorderen dat álle burgers kunnen meedoen en zich betrokken voelen bij hun gemeente, dorp, wijk en straat (Wmo-beleidsplan, 1.3).

Dit kan de gemeente erg graag willen, maar zal in de praktijk vooral in een goed samenspel met verenigingen en organisaties in de gemeente gestalte moeten krijgen.

In concreto verwacht de gemeente dat organisaties die een beroep doen op gemeentelijke subsidie daar ook in dit verband iets voor terug doen: aanboren van nieuwe doelgroepen, op wat voor manier dan ook. Sta je open voor iedereen, dat is een kernvraag in dit verband. Eigenlijk gaat het hierbij om het principe van “voor wat hoort wat”.

Wegnemen van drempels om mee te doen is dan ook van groot belang. Over de vorm waarin organisaties dit invullen zijn zij uiteraard vrij; proeflidmaatschap is een voorbeeld van de mogelijkheden om te voldoen aan dit subsidie-criterium.

Artikel 4 Samenwerking met verschillende organisaties is vereist

Samen sta je sterker, dat motto geldt uiteraard ook voor onze gemeente. De gemeente hecht er sterk aan dat meer dan tot nu toe samen wordt gewerkt tussen verenigingen. Samenwerking is geen doel op zich; het gaat dus om niet om samenwerking om de samenwerking. Het gaat bij samenwerking primair om 1 + 1 = 3: kennis wordt gedeeld en gebundeld wat efficiëntiewinst tot gevolg heeft.

De wijze van samenwerking is divers. Het kan gaan om samenwerking bij de uitvoering van activiteiten, waardoor een groter publiek wordt bereikt.

Een andere samenwerkingsvorm is bestuurlijk; indien op deze manier wordt samengewerkt zijn organisaties minder kwetsbaar en dus meer toekomstbestendig. Te denken valt dan bijvoorbeeld aan de ledenadministratie of een bestuursfunctie als penningmeester.

Ook in dit geval is het zaak dat verenigingen dit vooral zelf invullen.

Van belang is wel om aan te geven dat de samenwerking minimaal op bestuurlijk of activiteiten-niveau moet plaats vinden, wil men in aanmerking komen voor een gemeentelijke subsidie. Bovendien moet deze samenwerking nieuw zijn, dus deze samenwerking bestond nog niet.

Concreet valt bij dit criterium te denken aan:

-Programma’s op elkaar afstemmen (materialen en/ of lokatie)

-Van elkaar weten wie wat doet en waar, en vervolgens hiervan gebruik maken.

Artikel 5 Goed vrijwilligersbeleid

Gelet op de maatschappelijke ontwikkelingen in de komende jaren is een goed vrijwilligersbeleid cruciaal. De overheid trekt zich immers terug vanuit het sociale domein; in plaats hiervan zullen mensen meer eigen verantwoordelijkheid moeten nemen en zo nodig de eigen netwerken inschakelen. Dat hierbij meer vrijwillig zal moeten worden bijgesprongen staat buiten kijf. Als voorbeeld hiervan kunnen we wijzen op de Huishoudelijke Zorg in de Wmo; de financiering hiervan wordt naar verwachting voor 75% geschrapt.

Meer vrijwillige inzet betekent ook dat verenigingen en organisatie de vrijwilligers die voor hen actief zijn meer zullen moeten koesteren. Soms worden vrijwilligers in dit verband dan ook het goud van de toekomst genoemd. Boeien en binden is dan ook dringend gewenst.

Met het oog op dit maatschappelijke belang vindt de gemeente dat verenigingen en organisaties moeten zorgen voor een goed vrijwilligersbeleid.

Hiervoor hanteert de gemeente een checklist. Deze bestaat uit de volgende elementen:

-Actief waarderingsbeleid (met concrete acties waaruit de waardering en erkenning blijkt voor de inzet van de vrijwilligers)

-Inzet ten behoeve van mantelzorgers

-Deskundigheidsbevordering, in de vorm van training en opleiding van vrijwilligers

Paragraaf 3 Nadere subsidieregels Sport

Artikel 1 Subsidiabele activiteiten

Voor subsidiëring komen in aanmerking sport- en bewegingsactiviteiten die van belang zijn voor de instandhouding en vergroting van sportparticipatie van de inwoners van de gemeente Menterwolde. Hieronder vallen niet alleen de activiteiten die erkend zijn door het NOC/NSF, maar ook activiteiten in het kader van vrijetijdsbesteding die leiden tot meer bewegen en een gezondere leefstijl en die passen binnen het kader van de Sportnota Menterwolde 2012.

Artikel 2 Doelgroep subsidie

-De sportsubsidies zijn bedoeld om zoveel mogelijk inwoners van de gemeente Menterwolde de kans te bieden aan sport/beweging deel te nemen; hierbij gaat het in het bijzonder om de jeugd, kwetsbare ouderen, mensen met een verstandelijke en/of lichamelijke beperking en mensen met een niet westerse culturele achtergrond.

-Sportverenigingen, geen bedrijfssportverenigingen, waarvan 70% van de leden woonachtig is in de gemeente Menterwolde en met minimaal 15 contributie betalende leden.

-Overige organisaties, gevestigd of werkzaam in de gemeente Menterwolde, die sport- en beweegactiviteiten aanbieden voor inwoners van de gemeente Menterwolde die passen binnen de doelen van de Sportnota Menterwolde 2012.

Artikel 3 Algemene criteria en berekeningsgrondslag

-Aan sportverenigingen kan per kalenderjaar een subsidie worden verleend te berekenen naar het aantal contributie betalende leden

-Als lid wordt aangemerkt een actief sportend lid van minimaal 3 jaar oud

-De vereniging dient minimaal 40 weken per kalenderjaar sport en/of bewegingsactiviteiten aan te bieden

-De vereniging organiseert minimaal één maal per kalenderjaar een activiteit die gericht is op bevordering van sportparticipatie van mensen die (nog) geen lid zijn van deze vereniging

-Het subsidiebedrag bedraagt € 7,50 per contributie betalend lid

-Ter vaststelling van het aantal leden per vereniging dat in aanmerking komt voor deze subsidieregeling vindt telling plaats op de peildatum. De peildatum is 1 oktober voorafgaande aan het kalenderjaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd.

Artikel 4 Criteria en berekeningsgrondslag subsidie ter bevordering van sportparticipatie

1De extra activiteiten hebben betrekking op open sport- en/of beweegactiviteiten in Menterwolde en dienen zich voor minimaal 70% te richten op de inwoners van Menterwolde

2De activiteiten dienen naast de reguliere activiteiten plaats te vinden en zijn dus op te vatten als extra activiteiten

3De extra activiteiten moeten minimaal twee maal per kalenderjaar plaats vinden

4De extra activiteiten mogen geen winstoogmerk hebben

5De subsidie bedraagt 75% van het geraamde tekort met een maximum van € 500,- per activiteit

6Indien er meer subsidie-aanvragen worden ingediend dan er subsidiebudget beschikbaar is, dan vindt de beoordeling plaats op basis van de mate van sportbevordering van de ingediende subsidieaanvragen

7Indien een sportvereniging een subsidieaanvraag indient conform deze regeling, dan vervalt automatisch de mogelijkheid om in aanmerking te komen voor andere gemeentelijke subsidieregelingen.

Artikel 5 Aanvragen subsidie

1De aanvraag om een sportsubsidie moet vóór 15 november voorafgaande aan het kalenderjaar waarop de aanvraag betrekking heeft worden ingediend.

2De aanvrager dient gebruik te maken van een door de gemeente voorgeschreven subsidieaanvraagformulier

3Een subsidieaanvraag die buiten de in het eerste lid genoemde aanvraagtermijn wordt ontvangen, zal buiten behandeling worden gelaten

Artikel 6 Hardheidsclausule

Het college kan in bijzondere gevallen van bovenstaande bepalingen afwijken.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.