Aanhef
Het Uitvoeringsprogramma voor vergunningverlening, toezicht en handhaving in 2026
Algemeen
Wettelijk en Bestuurlijk Kader
Wettelijke Verplichtingen
Volgens de Omgevingswet is de gemeente verantwoordelijk voor een goede uitvoering van de basistaken: ruimtelijke ordening, vergunningverlening, toezicht en handhaving (ROVTH). Artikel 13.8 van het Omgevingsbesluit verplicht ons om hiervoor jaarlijks een VTH-uitvoeringsprogramma op te stellen.
Dit programma moet voldoen aan de kaders die zijn vastgelegd in artikel 13.9 en 13.10 van het Omgevingsbesluit. Belangrijk is dat het inzicht biedt in de personeelsformatie en een duidelijke beschrijving van functies, taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden. Daarnaast geven we inzicht in de beschikbare financiële middelen (begroting) en de inzet van personeel voor de taken die in dat jaar worden uitgevoerd (urenraming). Met het opstellen van dit programma voldoen wij aan deze wettelijke verplichtingen. De provincie Noord-Holland houdt hierop interbestuurlijk toezicht.
Het uitvoeringsprogramma is onderdeel van het zogenaamde BIG-8 model. Dit model is een dubbele plan-do- check-act cyclus, waarbij beleid en uitvoering twee cirkels vormen die in elkaar grijpen en daardoor verbonden zijn.
De bovenste cirkel is de U&H-beleidscyclus die in 2025 door het college van burgemeester en wethouders is vastgesteld. De onderste is de uitvoeringscyclus die nu voor u ligt.
De wettelijke verplichte invulling van de U&H-beleids- en uitvoeringscyclus is onder andere bedoeld om transparant te zijn over wat wij hebben gedaan, wat wij doen, waarom we dit doen, welke keuzes we hierbij maken en hoe we dit hebben georganiseerd.
Ook willen we met deze werkwijze onze U&H-taken zo optimaal en professioneel mogelijk uitvoeren. De in het uitvoeringsprogramma gemaakte keuzes baseren wij op de door ons vastgestelde U&H-strategie. Hierdoor zetten wij onze uitvoeringsorganisatie zo efficiënt en effectief mogelijk in, op de activiteiten die het meest risicovol zijn (het zogenaamde risico-gestuurd werken). Deze activiteiten zijn geprioriteerd aan de hand van de volgende risico’s: veiligheid, gezondheid, leefbaarheid, duurzaamheid, financieel of economisch en bestuurlijk imago. Door hierbij ook cyclisch te werken wordt de kwaliteit van onze dienstverlening verhoogd. We hebben de capaciteit om invulling te geven aan de door ons in de U&H-strategie geformuleerde doelstellingen met hoge prioriteiten.
Ontwikkelingen
Omgevingsontwikkeling
De gemeente Medemblik werkt op dit moment aan de omgevingsvisie. Omdat deze nog niet is vastgesteld kunnen toekomstige omgevingsontwikkeling nog niet meteen duidelijk inzichtelijk gemaakt worden. De focus ligt nu op het vaststellen van deze visie en de onderstaande tekst is gebaseerd op de huidige versie van deze visie.
De gemeente kiest voor een toekomst waarin duurzaamheid, leefbaarheid en economische kracht centraal staan. In de omgevingsvisie worden daarom keuzes gemaakt over woningbouw, bedrijven en mobiliteit.
Naast de omgevingsvisie maakt de gemeente een gebiedsvisie voor alle dorpen. Deze gebiedsvisie gaat dieper in op de plannen per kern. Zo wordt duidelijk wat de belangrijkste ambities en doelen zijn voor elk dorp. De gebiedsvisie voor Wognum-Nibbixwoud wordt onderdeel van deze gemeentebrede gebiedsvisie. De volgende hoofdstukken gaan over andere kernen in de gemeente. Als de gebiedsvisie klaar is, stelt het college deze vast als een programma onder de Omgevingswet.
Een voorbeeld van zo’n programma is ‘Toekomst stad Medemblik’. Dit programma is in 2024 gestart omdat projecten niet goed van de grond kwamen. Door te werken vanuit één visie en samenhang, kan meer worden bereikt. Het doel is om de centrumfunctie van de stad te versterken en de stad klaar te maken voor de toekomst. In 2024 is een Stadsplan opgesteld en in december 2024 vastgesteld door de gemeenteraad. In 2026 wordt verder gewerkt aan dit plan. Belangrijke acties zijn: herinrichting van het centrum (Damplein, Nieuwstraat, Gedempt Achterom), aanleggen buitendijks parkeerterrein en invoeren vergunningparkeren in Oosthoek, woningbouw op verschillende locaties (MAZ, Kool & Co, DEK, Molenblik), ontwikkeling van De Werven en verplaatsing van sportvelden bij Entree West, verkoop van de Bonifaciuskerk, vernieuwing van scholen en verbeteren van gastvrijheid (oplossing pannenkoekenhuis Emmapark, betere toeristische borden, openbaar toilet, camperplekken, nieuw terrassenbeleid).
Daarnaast werkt de gemeente aan thema’s zoals nieuw detailhandelsbeleid, evenementenbeleid, verduurzaming en beter gebruik van bedrijventerreinen. Ook worden initiatieven van inwoners ondersteund. Hiervoor is een Klankbordgroep die meedenkt.
Omgevingswet
Voor het jaar 2026 staan er twee wijzigingsbesluiten voor de transitiefase omgevingsplan op de planning. De eerste ziet toe op implementatie van een groot deel van de Verordening fysieke leefomgeving, enkele milieubelastende activiteiten en het vaststellen van de structuur. Daarnaast zijn wij al begonnen met de eerste gebiedsgerichte wijziging, namelijk die van de kern Wognum, waarvan de vaststelling voor 2026 gepland staat.
Aanpak illegale bewoning
In 2024 is een project gestart om illegale bewoning in de kernen in onze gemeente aan te pakken. In 2025 heeft de projectgroep intensief en succesvol controles uitgevoerd en handhavend opgetreden om de illegale bewoning terug te dringen. De resultaten en de nog openstaande handhavingsdossiers worden voor 2026 overgedragen aan de lijnorganisatie voor afhandeling. De werkprocessen voor de aanpak van illegale bewoning zijn vastgelegd binnen de organisatie.
Bewoning op vakantieparken
De instructieregel "bewoning recreatiewoningen" ligt ter behandeling in de 2de kamer. Deze regel is kaderstellende voor de verdere aanpak van de bewoning op vakantieparken. Deze instructieregel beslist mogelijk of bewoning van recreatiewoningen op vakantieparken onder voorwaarden voor de komende 10 jaar wordt gedoogd. Dit met als doel om het woningtekort te verminderen en mensen met een afstand tot de woningmarkt tegemoet te komen.
Tot er meer duidelijkheid is over deze instructieregel blijven wij op basis van meldingen en handhavingsverzoeken toezicht uitvoeren. Alle verdere beleidswijzigingen op dit onderwerp worden ook uitgesteld tot er meer duidelijkheid is over deze instructieregel.
Ondermijning
De bestrijding van ondermijning blijft een speerpunt voor de gemeente Medemblik. Om dit onderwerp aan te pakken wordt integraal samengewerkt door middel van het Bestuurlijke Interventieteam. Deze samenwerking wordt sinds kort uitgebreid met het Gemeentelijk signaleringsoverleg Ondermijning. Dit interne overleg koppelt meerdere afdelingen met elkaar om signalen van ondermijnende criminaliteit te beoordelen, analyseren en te verrijken. Dit met doel om criminaliteit te voorkomen, te verstoren en er zo grip op te krijgen door middel van bestuurlijke interventies. Team Omgevingszaken heeft een signalerende en toezichthoudende functie in het kader van ondermijning.
Kwaliteitscriteria 3.0
In artikel 21 van de Grondwet staat de zorgplicht van de overheid voor het milieu vermeld. De Omgevingswet is daarvoor een belangrijk instrument. Een van de doelstellingen voor het bundelen van omgevingsrechtregels in de Omgevingswet is om de dienstverlening door overheden te verbeteren. Het realiseren van de verbeter- en maatschappelijke doelen van de Omgevingswet is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van de overheden. Het vraagt om een goede en uniforme borging van de uitvoeringskwaliteit.
De landelijke kwaliteitscriteria 3.0 voor vergunningverlening, toezicht en handhaving zijn vernieuwd en ingegaan per 1 januari 2025. Gemeente Medemblik dient te voldoen aan de minimale eisen van deze criteria. Deze zijn voornamelijk gericht op het aantal bestede uren aan bepaalde taken en het opleidingsniveau van de werknemers. In 2026 onderzoeken we binnen onze regio de mogelijkheden om te kunnen voldoen aan deze kwaliteitscriteria.
Verbeteren dienstverlening
De gemeente Medemblik is gestart met een verbeterprogramma om de dienstverlening naar inwoners, ondernemers en instellingen verder te verbeteren. Dit is nodig omdat de Omgevingswet tot andere werkwijzen heeft geleid, die we nu evalueren en verbeteren. In 2026 verbeteren we onze werkprocessen in lijn met de omgevingswet en vervangen we het automatiseringssysteem. We gaan afhandeltermijnen waar mogelijk verkorten en de kwaliteit van besluiten verder verbeteren.
We richten ons daarbij op de in dit uitvoeringsprogramma benoemde doelstellingen. In het volgende hoofdstuk gaan we hier verder op in
Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen
Het is nog steeds niet duidelijk wanneer de Wet kwaliteitsborging voor gevolgklasse I verbouw in werking treedt. Daarom programmeren we in 2026 voor alle verbouwactiviteiten capaciteit voor zowel de bouwtechnische toetsing als voor het bouwtoezicht.
Ontwikkelingen team Omgevingszaken
In 2025 zijn de APV-taken van team Omgevingszaken naar team Openbare Orde en Veiligheid gegaan. We gaan in dit uitvoeringsplan dan ook niet in op de APV-taken. Om deze reden is het uitvoeringsplan VTH 2026 niet afgestemd met het Openbaar Ministerie.
In het volgende hoofdstuk gaan we in op de doelstellingen voor 2026.
Uitvoering
U&H uitvoeringsorganisatie
Capaciteit
In 2026 is voor de uitvoering van U&H-taken de volgende formatieve capaciteit beschikbaar:
Functie
Formatie-plaats (fte)
Beschikbaar voor U&H-taken (fte)
Beschikbaar voor U&H-taken (uren)
Casemanager Omgevingswet
6,9
6
9.900
Adviseur vergunningverlening Omgevingswet
1
0,8
1.400
Toezichthouder Omgevingswet
5,8
4,9
8.085
Juridisch specialisten
7,5
4,8
7.920
Beleidsondersteuner
2
2,0
3.500
Beleidsadviseur VTH
1
0
0
Teamleider
1
0
0
Totaal
25,1
18,5
30.364
Zoals eerder aangegeven kunnen we invulling geven aan de door ons in de U&H-strategie geformuleerde doelstellingen en hoge prioriteiten, mits de vacatureruimte ingevuld wordt.
Bij de beschikbare capaciteit worden de volgende kanttekeningen geplaatst:
1Per 1 januari 2026 wordt vanuit het project illegale bewoning een aantal lopende zaken overgedragen naar Omgevingszaken. Dit heeft consequenties voor handhaving en toezicht. Hiervoor is inhuur nodig om deze voorraad af te handelen, omdat we anders niet toekomen aan het uitvoeren van de hoog geprioriteerde zaken.
2De VTH-capaciteit voor erfgoed is momenteel beperkt voor zowel vergunningverlening als toezicht. Voor vergunningverlening en toezicht is nu 0,4fte beschikbaar, verenigd binnen 1 persoon (casemanager omgevingswet). Zoals eerder aangegeven brengen we de effecten van de nog vast te stellen erfgoedagenda en stolpenbeleid nader in beeld. Met de huidige capaciteit zijn we nu niet in staat om de doelstelling op het toezicht erfgoed uit te voeren. We gaan een toezichthouder met taakaccent erfgoed werven. Dit is echter een schaarse functie op de huidige arbeidsmarkt.
3Er staan vacatures open voor een handhavingsjurist en een vergunningverlener. In 2026 gaan we het risico-gestuurd en geprioriteerd werken verder doorvoeren, de werkprocessen optimaliseren en taken verder automatiseren met het nieuwe automatiseringssysteem. De verwachting is dat we daardoor efficiënter vergunningen kunnen afhandelen en minder tot geen laag geprioriteerde overtredingen handhaven. Medio 2026 hebben we inzichtelijk welke effecten dit heeft op de formatie en/of taken die we kunnen uitvoeren.
4De juridisch specialisten bestaan uit handhavingsjuristen en uit juridisch adviseurs Ruimtelijke Ordening. De laatsten voeren voor 75% adviestaken uit op ruimtelijke ontwikkeling. De overige 25% zetten zij in op kwaliteitstoetsing vergunningverlening en bezwaar en beroep.
5Vanuit projecten ontvangen we geld voor advisering tijdens de ontwikkel- en realisatiefase. We gaan deze incidentele middelen ook flexibel invullen.
6Er is momenteel extra capaciteit beschikbaar voor ondersteunende werkzaamheden.