Gemeentelijke regelgeving

Verordening commissie bezwaarschriften Medemblik 2024

Gemeente Medemblik · geldt sinds 1 januari 2024

Aanhef

De raad, het college van burgemeester en wethouders en de burgemeester van de gemeente Medemblik, ieder voor zover het hun bevoegdheden betreft;

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders;

gelet op artikel 7:13 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en artikel 149 van de Gemeentewet;

B E S L U I T E N:

de volgende verordening vast te stellen:

Verordening commissie bezwaarschriften Medemblik 2024

Artikel 1. Definities

In deze verordening wordt verstaan onder:

a.ambtelijk hoorder: door het bestuursorgaan aangewezen persoon die bevoegd is om bezwaarschriften te behandelen;

b.ambtelijk horen: horen door een ambtenaar of meerdere ambtenaren namens het bestuursorgaan, bedoeld in artikel 7:5 van de Algemene wet bestuursrecht;

c.Awb: Algemene wet bestuursrecht;

d.bestuursorgaan: gemeentelijk orgaan dat het bestreden besluit heeft genomen: de raad, -burgemeester en wethouders, de burgemeester;

e.bezwaarmaker: indiener van een bezwaarschrift;

f.commissie: adviescommissie als bedoeld in artikel 7:13 van de Awb;

g.voorzitter: voorzitter van de commissie.

Artikel 2. Ingediend bezwaarschrift

1Het bestuursorgaan registreert het ingediende bezwaarschrift met de datum van ontvangst.

2Daarna wordt zo spoedig mogelijk contact opgenomen met de bezwaarmaker en eventuele andere belanghebbenden. Hierbij geeft het bestuursorgaan een uitleg over het vervolg van de procedure en de duur van de behandeling van het bezwaarschrift.

Artikel 3. Vooronderzoek en informele behandeling

1Het bestuursorgaan onderzoekt of het bezwaarschrift informeel kan worden afgehandeld alvorens het verder in behandeling te nemen.

2De informele aanpak start door kort na binnenkomst van het bezwaarschrift hierover contact op te nemen met de bezwaarmaker en de voorbereider van het primaire besluit.

3Als het bezwaar in der minne wordt geschikt, legt het bestuursorgaan de gemaakte afspraken schriftelijk vast en neemt het zo nodig een nieuw besluit.

Artikel 4. Ambtelijk horen

1Het bestuursorgaan kan categorieën van bezwaarschriften aanwijzen waarbij het horen ambtelijk plaatsvindt.

2De ambtelijk hoorder wordt door het bestuursorgaan aangewezen.

3Het bestuursorgaan bepaalt de wijze en het tijdstip van het horen.

4Als de bezwaarmaker of het bestuursorgaan het bezwaarschrift aan de commissie wil voorleggen, kan het bestuursorgaan besluiten dat het horen door de commissie plaatsvindt.

Artikel 5. Horen en adviseren door de commissie

1Er is een commissie ter voorbereiding van de beslissing op bezwaarschriften.

2De commissie is belast met het horen en adviseren over de volledige heroverweging van bestreden besluiten.

3De commissie is niet belast met de behandeling van bezwaarschriften waarvan is bepaald dat de voorbereiding van de beslissing op bezwaar ambtelijk wordt afgedaan.

4Als de bezwaarmaker of het bestuursorgaan het niet nodig vindt dat het bezwaarschrift aan de commissie wordt voorgelegd, kan het bestuursorgaan besluiten dat het horen ambtelijk plaatsvindt.

Artikel 6. Samenstelling van de commissie

1De commissie bestaat uit een voorzitter en tenminste twee leden.

2De voorzitter, leden en plaatsvervangende leden worden door burgemeester en wethouders benoemd, geschorst en ontslagen.

3De commissie regelt de vervanging van de voorzitter.

Artikel 7 Secretariaat

1Het college zorgt voor een ambtelijk secretariaat voor de commissie, bestaande uit twee secretarissen.

2De secretarissen regelen hun vervanging.

Artikel 8. Zittingsduur

1De voorzitter, leden en plaatsvervangende leden worden benoemd voor een termijn van vier jaar . Het is mogelijk één keer herbenoemd te worden.

2De voorzitter en de leden kunnen op elk moment ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan burgemeester en wethouders.

3De aftredende of ontslagnemende voorzitter of leden blijven hun functie vervullen totdat in de opvolging is voorzien.

Artikel 9. Uitoefening bevoegdheden

1De voorzitter danwel de secretaris oefent de volgende bevoegdheden van de hierna genoemde artikelen van de Awb zelfstandig uit:

a.verzoeken om een schriftelijke machtiging aan een gemachtigde (artikel 2:1, tweede lid);

b.stellen van een termijn aan de bezwaarmaker (artikel 6:6);

c.verzenden van stukken tijdens de behandeling door de commissie (artikel 6:17);

d.ter inzage leggen van het bezwaarschrift en de op de zaak betrekking hebbende stukken, dan wel toezenden daarvan aan een belanghebbende (artikel 7:4, tweede lid);

e.al dan niet op verzoek van een belanghebbende afzien van het op de hoogte stellen van het verhandelde tijdens een hoorzitting van een andere belanghebbende, voor zover geheimhouding om gewichtige reden is geboden (artikel 7:6, vierde lid).

Artikel 10. Voorbereiding hoorzitting

1De voorzitter danwel de secretaris bepaalt plaats en tijdstip van de hoorzitting waarin de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te laten horen.

2De voorzitter beslist over de toepassing van artikel 7:3 van de Awb.

3Indien de voorzitter op grond van het tweede lid besluit af te zien van het horen, doet hij daarvan mededeling aan de belanghebbenden en het verwerend orgaan.

4De voorzitter dan wel secretaris nodigt de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan ten minste twee weken voor de hoorzitting schriftelijk uit.

5Binnen drie werkdagen na de uitnodiging kunnen de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden of het bestuursorgaan onder opgaaf van redenen de voorzitter verzoeken het tijdstip van de hoorzitting te wijzigen.

6De beslissing van de voorzitter op dit verzoek wordt binnen drie werkdagen na ontvangst van dit verzoek aan de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan meegedeeld.

7De voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken of afwijking toe te staan van de termijnen, genoemd in het tweede tot en met vierde lid.

8De voorzitter kan uit eigen beweging of op verlangen van de commissie bij deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en hen zo nodig uitnodigen daartoe op de hoorzitting te verschijnen. Als daaraan kosten zijn verbonden, is vooraf machtiging van burgemeester en wethouders vereist.

Artikel 11. Quorum

Voor het houden van een zitting is vereist dat de meerderheid van het aantal leden, onder wie in elk geval de voorzitter, of zijn plaatsvervanger, aanwezig is.

Artikel 12. Onpartijdigheid leden

De voorzitter en de leden nemen niet deel aan de behandeling van een bezwaarschrift als daarbij hun onpartijdigheid in het geding kan zijn. Zij laten zich zo nodig vervangen.

Artikel 13. Openbaarheid hoorzitting

1De hoorzitting van de commissie is openbaar.

2In afwijking van het eerste lid kan de hoorzitting achter gesloten deuren plaatsvinden als de voorzitter of een van de aanwezige leden het nodig oordeelt of indien een belanghebbende daartoe een verzoek doet.

Artikel 14. Verslag van de hoorzitting

1Er wordt een verslag van de hoorzitting gemaakt als bedoeld in artikel 7:7 van de Awb.

2Het verslag kan in de vorm van een geluidsopname zijn. De voorzitter meldt aan het begin van de hoorzitting dat een geluidsopname wordt gemaakt en dat belanghebbenden de geluidsopname op verzoek toegestuurd kunnen krijgen.

3Belanghebbenden kunnen aan het begin van de hoorzitting te kennen geven dat zij het niet eens zijn met het maken van een geluidsopname. In dat geval wordt de opname niet gestart, maar wordt in afwijking van het eerste lid een schriftelijk verslag gemaakt, dat wordt ondertekend door de secretaris en de voorzitter van de commissie.

4Indien een schriftelijk verslag wordt gemaakt dan wordt dat verslag samen met het advies van de commissie aan het college verstrekt.

5Indien een schriftelijk verslag wordt gemaakt dan wordt het verslag samen met het advies als bijlage bij de beslissing op bezwaar verstuurd aan alle belanghebbenden.

De bewaartermijn van een geluidsopname bedrijft 5 jaar en is gebaseerd op de Selectielijst archiefbescheiden gemeenten en intergemeentelijke organen 2020.

Artikel 15. Nader onderzoek

1De commissie is bevoegd nader onderzoek te doen als zij dit na afloop van de hoorzitting wenselijk acht.

2De uit nader onderzoek verkregen informatie wordt in afschrift aan de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan toegezonden.

33 De bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan kunnen binnen een afgesproken redelijke termijn na verzending van de nadere informatie schriftelijk reageren en indien gewenst aan de voorzitter vragen om een nieuwe hoorzitting. De voorzitter beslist op dit verzoek.

4Op een nieuwe hoorzitting zijn de bepalingen in deze verordening die betrekking hebben op de hoorzitting, zo veel mogelijk van overeenkomstige toepassing.

Artikel 16. Raadkamer en advies

1De commissie beraadslaagt en beslist achter gesloten deuren over het uit te brengen advies.

2De commissie beslist bij meerderheid van stemmen over het uit te brengen advies.

3Als bij een stemming de stemmen staken, beslist de stem van de voorzitter.

4Van een minderheidsstandpunt wordt bij het advies melding gemaakt als die minderheid dat verlangt.

5Het advies is gemotiveerd en omvat een voorstel voor de te nemen beslissing op het bezwaarschrift.

6Het advies wordt door de voorzitter en de secretaris ondertekend.

Artikel 17. Uitbrengen advies en verdaging

1Het advies wordt eventueel met het verslag en door de commissie ontvangen nadere informatie en nader verslag, tijdig uitgebracht aan het bestuursorgaan dat op het bezwaarschrift dient te beslissen.

2De onder lid 1 genoemde stukken worden gelijktijdig aan bezwaarde(n) toegezonden.

3Als naar het oordeel van de voorzitter de termijn van twaalf weken, genoemd in artikel 7:10, eerste lid, van de Awb, ontoereikend is voor achtereenvolgens het uitbrengen van een advies en het nemen van een beslissing, verzoekt hij het bestuursorgaan tijdig de beslissing te verdagen.

4Van een besluit tot verdaging ontvangen de commissie en belanghebbenden een afschrift.

Artikel 18. Jaarverslag

De commissie brengt jaarlijks vóór 1 mei aan de bestuursorganen verslag uit van haar werkzaamheden in het voorafgaande kalenderjaar.

Artikel 19. Financiële vergoedingen

11. Aan een lid van de commissie wordt per bijgewoonde vergadering een vergoeding toegekend van 2x het bedrag overeenkomend met tabel IV, klasse 4, van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden, zoals dit jaarlijks door de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties wordt herzien.

2Aan de voorzitter van de commissie wordt per bijgewoonde vergadering een vergoeding toegekend van 3x het bedrag overeenkomend met tabel IV, klasse 4, van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden, zoals dit jaarlijks door de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties wordt herzien.

3De leden die verhinderd zijn voor het bijwonen van een vergadering, maar wel deelnemen aan de advisering ontvangen een vergoeding van 1/3e deel van de reguliere vergoeding.

4Aan elk lid van de commissie worden de reiskosten voor het bijwonen van de vergaderingen van de commissie vergoed. De vergoeding betreft:

a.Bij gebruik van openbare middelen van vervoer: een volledige vergoeding van de in redelijkheid gemaakte noodzakelijke reiskosten.

b.bij gebruik van een eigen vervoermiddel: een vergoeding van de in redelijkheid gemaakte noodzakelijke reiskosten overeenkomstig het bepaalde in artikel 3.1, onderdeel b van de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers. Voor het berekenen van de afstand in kilometers wordt gebruik gemaakt van een routeplanner googlemaps die de afstand in de snelste tijd berekent.

5De hiervoor genoemde vergoedingen worden per kwartaal ambtshalve toegekend op basis van de secretaris bijgehouden registraties op de presentielijst.

Artikel 20. Intrekking oude regeling

De Verordening commissie bezwaarschriften Medemblik’ wordt ingetrokken.

Artikel 21. Inwerkingtreding en citeertitel

1Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2024.

2Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening voor de behandeling van bezwaarschriften gemeente Medemblik 2024.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.