Aanhef
DE RAAD DER GEMEENTE MAASTRICHT,
gezien het voorstel van Burgemeester en Wethouders d.d.27 juni 2022, organisatieonderdeel BCCP Bestuurszaken & Ex. Betrek., no 2022.12853;
gelet op het bepaalde in artikel 15, lid 3, 41c, lid 2 en 69, lid 2 van de Gemeentewet stelt de raad onder intrekking van de huidige gedragscode de nieuwe gedragscodes alsmede het protocol voor zowel de raad, het college als de burgemeester vast.
BESLUIT:
1De raad stelt de "Gedragscode gemeenteraad gemeente Maastricht 2022" vast met dien verstande dat:
a) De meldingsplicht zoals geformuleerd in artikel 2.5 van de gedragscode vanaf de zin ‘Uitnodigingen die men, naast raadslid, ook ontvangt uit hoofde van een andere functie..’ wordt geschrapt en
b) Bij de toelichting op artikel 3 van de gedragscode de woorden ‘voor privé- of’ worden geschrapt;
2De raad stelt de "Gedragscode college gemeente Maastricht 2022" vast;
3De raad stelt de "Gedragscode burgemeester gemeente Maastricht 2022" vast;
4De raad stelt het "Protocol (mogelijke) integriteitsschendingen gemeente Maastricht 2022" vast met dien verstande dat bij punt 3 van het protocol integriteitsmeldingen wordt toegevoegd dat wanneer er een integriteitsvraagstuk bij de griffier wordt voorgelegd deze de melder twee vragen voorlegt:
1Wilt u hier een melding van maken?
2Weet u welke procedure er nu in gang wordt gezet?
5De gedragscodes, zoals vastgesteld in 2008 en laatstelijk geëvalueerd in 2014 en in 2017 aangevuld met het document “Normen t.a.v. de omgangsvormen gemeenteraad Maastricht, een nadere invulling van de Gedragscode”, per datum inwerkingtreding nieuwe gedragscode, in te trekken.
Bijlage 1 Stappenplan (mogelijke) integriteitsschendingen door gekozen of benoemde politieke ambtsdragers
Situatie
Stap
Toelichting
Een politieke ambtsdrager die geconfronteerd wordt met een eigen integriteitsvraagstuk.
De betreffende persoon zoekt een klankbord op.
Het betreft een dilemma over eigen handelen.
Een klankbord kan gevonden worden bij de burgemeester, fractie, partij, griffier, etc.
Een politieke ambtsdrager die geconfronteerd wordt met eenintegriteitsvraagstuk over een ander raadslid of collegelid.
De betreffende persoon verzamelt zoveel mogelijk informatie over de casus en zoekt eerst vertrouwelijk een klankbord op.
Een klankbord kan gevonden worden bij de burgemeester, fractie, partij, griffier, etc.
Er is (mogelijk) sprake van een ambtsmisdrijf.
Politieke ambtsdragers kunnen bij een vermoeden advies inwinnen bij de burgemeester en of Rijksrecherche.
Iedereen (raadslid, B&W, ambtenaren, organisaties, bedrijven, burgers) kan signaleren dat er (mogelijk) sprake is
van een ambtsmisdrijf.
Er is sprake van een (vermoeden van) een integriteitschending.
De betreffende persoon kan melding doen bij de burgemeester al dan niet via het CMBI.
Iedereen (raadslid, B&W, ambtenaren, organisaties, bedrijven, burgers) kan melding doen.
Het vermoeden dient op redelijke gronden en op eigen kennis of waarneming gebaseerd te zijn en zich te richten tegen een individu.
Welke mogelijkheden zijn er nadat er een melding bij de burgemeester is gedaan?
Er zijn 7 mogelijke situaties:
1Het betreft geen integriteitskwestie.
Het CMBI neemt contact op met de melder en verwijst indien van toepassing naar de mogelijkheid om een klacht of bezwaarschrift in te dienen.
Wanneer het bijv. om houding en gedrag gaat kunnen andere methoden gebruikt worden om deze te bespreken.
Bij onenigheid in de onderlinge omgang of de gang van zaken tijdens vergaderingen gaat de burgemeester het gesprek aan met een raadslid of wethouder.
2Er is aanvullende informatie c.q. vooronderzoek nodig.
Het CMBI neemt contact met de melder en verzoekt binnen een redelijke termijn zijn melding nader te onderbouwen en bevraagt deze zonodig op de meest voor de hand liggende feiten.
3Er zijn onvoldoende aanwijzingen voor een integriteitschending.
Het CMBI meldt deze uitkomst aan de melder.
4Er dreigt een schending.
De burgemeester neemt contact op met het betreffende raad- of collegelid (vertrouwelijk) en informeert de melder hierover.
5Er zijn voldoende aanwijzingen voor een lichte schending.
Wanneer deze door betrokkene niet wordt betwist, volgt er geen nader onderzoek maar zal de burgemeester na beoordeling van de ernst van de schending de betrokkene hierop aanspreken en de melder informeren.
Wanneer de schending wordt betwist kan de burgemeester opdracht geven voor een onderzoek en wordt de procedure van punt 6 gevolgd.
6Er is een redelijk vermoeden van een integriteitschending waardoor een feitenonderzoek noodzakelijk is.
De burgemeester geeft opdracht voor het feitenonderzoek.
De burgemeester informeert het betreffende raadslid of wethouder dat opdracht is gegeven voor een onderzoek naar hem of haar.
De burgemeester bewaakt de voortgang van het proces.
De burgemeester rapporteert zonodig de bevindingen aan de raad.
De burgemeester plant na afloop een evaluatiegesprek in met het betreffende raadslid of wethouder, waarnaar onderzoek is verricht.
Het feitenonderzoek wordt uitgevoerd door een (extern) adviesbureau/ adviseur.
7Er is een redelijk vermoeden van een strafbaar feit zoals een ambtsmisdrijf.
De melder doet zelf aangifte bij het Openbaar Ministerie.
In bijzondere gevallen, bijvoorbeeld wanneer de melder niet zelf aangifte durft te doen, doet de burgemeester aangifte.