Aanhef
Voorwoord
Met trots presenteer ik jullie de nieuwe beleidsnota voor het accommodatiebeleid van onze gemeente. In deze nota geven we aan hoe we onze maatschappelijke gebouwen en faciliteiten - zoals sporthallen, culturele centra en buurthuizen - willen beheren en ontwikkelen. Deze plekken zijn belangrijk voor onze gemeenschap. Ze bieden ruimte om elkaar te ontmoeten, samen te sporten, cultuur te beleven en allerlei activiteiten te organiseren. We zien onze accommodaties niet alleen als gebouwen, maar vooral als plekken die bijdragen aan een fijne en leefbare gemeente voor iedereen.
Ons doel is om ervoor te zorgen dat deze voorzieningen voor iedereen laagdrempelig toegankelijk zijn en blijven inspelen op wat onze inwoners nodig hebben. We willen dat onze accommodaties goed gebruikt worden en bijdragen aan samenredzaamheid en saamhorigheid in onze gemeenschap. Dit beleid is vooral gericht op de inhoudelijke doelen, zoals het bevorderen van sociale interactie en gemeenschapsvorming. Hierbij is er aandacht voor de specifieke situatie en behoeften in de verschillende wijken en kernen binnen onze gemeente. Dit vraagt soms om oplossingen op maat. Hiernaast is het beleid er ook op gericht dat deze voorzieningen op de lange termijn betaalbaar blijven, zodat ze nog jarenlang een belangrijke rol kunnen spelen in onze gemeente.
Bij het opstellen van deze beleidsnota hebben we goed geluisterd naar de wensen en behoeften van onze beheerders en gebruikers van onze accommodaties. We hebben samengewerkt met verschillende groepen en organisaties om een beleid te maken dat aansluit op ons sociale beleid, breed gedragen wordt en goed uitvoerbaar is.
Ik ben ervan overtuigd dat we met dit beleid een belangrijke stap zetten naar een sterker en hechter Maashorst.
Harold van den Broek
Wethouder Participatie & Dienstverlening, Vastgoed & Accommodaties, Mobiliteit, Sport en Cultuur & Erfgoed
Gemeente Maashorst
2 Kaders en uitgangspunten
2.1 Beleidsmatige kaders
2.1.1 Bestuursakkoord
Het Bestuursakkoord van de gemeente Maashorst bevat een aantal punten die van belang zijn voor het accommodatiebeleid. Het akkoord accentueert het belang van het creëren van een levendige en betrokken gemeenschap, met een sterke nadruk op het stimuleren van lokale initiatieven, het bevorderen van sociale samenhang en het ondersteunen van het sociale en culturele leven.
Het bestuursakkoord geeft de volgende richtlijnen mee om tot een nieuw accommodatiebeleid te komen:
•Het faciliteren van ontmoetingsplekken ter bevordering van sociale interactie en gemeenschapsvorming.
•Het ondersteunen van lokale initiatieven en activiteiten door geschikte ruimtes te bieden.
•Het versterken van culturele en recreatieve mogelijkheden door behoud en ontwikkeling van passende accommodaties.
•Het aanmoedigen van de betrokkenheid van inwoners bij het gebruik en beheer van gemeentelijke faciliteiten.
•Het waarborgen van passende en toegankelijke accommodaties voor alle inwoners.
2.1.2 Beleid Sterke sociale basis
Het beleid 'Sterke Sociale Basis' van de gemeente Maashorst richt zich op het creëren van een veerkrachtige gemeenschap door de inzet op preventie en het versterken van de lokale netwerken. Het gaat over het geven en ontvangen van ondersteuning aan elkaar (‘samenredzaamheid'), in de eigen omgeving van inwoners. Het gaat over samenleven in verscheidenheid, en omzien naar elkaar waardoor ondersteuningsvragen (vroeg) opgepakt worden en erger wordt voorkomen.
Het beleid 'Sterke Sociale Basis' geeft de volgende richtlijnen mee om tot een nieuw accommodatiebeleid te komen:
•Actieve vrijwilligers en inwoners: Dit richt zich op het activeren van inwoners in Maashorst. Het stimuleert hen om deel te nemen aan vrijwilligersactiviteiten en gemeenschapsprojecten, waardoor een levendige en betrokken gemeenschap wordt gecreëerd.
•Een breed laagdrempelig vrij toegankelijk aanbod van activiteiten en voorzieningen: Hier ligt de focus op diensten en activiteiten die problemen in een vroeg stadium aanpakken. Deze voorzieningen zijn toegankelijk en gericht op het voorkomen van zwaardere zorg en ondersteuning.
•Gastvrije ontmoetingsplek: Dit benadrukt het belang van laagdrempelig toegankelijke en uitnodigende ruimtes waar inwoners elkaar kunnen ontmoeten. Deze plekken zijn essentieel voor sociale interactie en ondersteuning.
•Samenwerken en netwerken in de wijk/kern: Deze bouwsteen bevordert de samenwerking tussen professionals uit verschillende sectoren. Het doel is om een samenhangende aanpak te realiseren voor sociale vraagstukken.
•Verbinder in de wijk: Binnen het lokale team in een wijk/kern is één van de professionals, naast de reguliere taken, de ‘verbinder in de wijk’. Vanuit deze rol is deze professional de verbindende schakel die coördineert dat de samenwerking lokaal op een goede manier vorm krijgt, netwerken onderhouden blijven en initiatieven worden verbonden.
2.1.3 Cultuurbeleid 2024-2030
Het cultuurbeleid wil de lokale culturele sector sterker maken en culturele activiteiten stimuleren. Het doel is dat cultuur toegankelijk is voor iedereen, ongeacht achtergrond. Cultuur speelt namelijk een belangrijke rol in het verbinden van mensen, persoonlijke groei en het versterken van gemeenschappen.
De gemeente helpt door cultuur te stimuleren, subsidies te geven en cultuurprojecten mogelijk te maken. Ook moedigt de gemeente inwoners aan om mee te doen aan cultuur en cultuureducatie
Het cultuurbeleid geeft de volgende richtlijnen mee om tot een nieuw accommodatiebeleid te komen:
•Het bieden van geschikte ruimtes voor culturele activiteiten.
•Het ondersteunen van lokale initiatieven en talenten.
•Het verbinden van cultuur met bredere maatschappelijke doelstellingen en activiteiten.
2.1.4 Sport- en beweegvisie
De Sport- en Beweegvisie richt zich op het stimuleren van sport en beweging onder de inwoners. De visie benadrukt het belang van toegankelijke en veelzijdige sport- en beweegmogelijkheden voor alle leeftijdsgroepen en zet vooral in op het stimuleren van breedtesport (in plaats van topsport).
Het beleid gaat uit van integratie van sport en bewegen in de dagelijkse leefomgeving, het stimuleren van een actieve leefstijl en het bevorderen van de gezondheid en het welzijn van de gemeenschap.
Specifiek voor het accommodatiebeleid zijn de volgende zaken van belang:
•Het streven naar voldoende, kwalitatief goede en toegankelijke sportfaciliteiten die bijdragen aan de algehele gezondheid en welzijn.
•Accommodaties die aansluiten op de behoeften van de lokale gemeenschap.
•Een goede samenwerking met lokale sportverenigingen en andere maatschappelijke partners om deze doelen te bereiken.
2.1.5 Vastgoedbeleid
Het vastgoedbeleid van de gemeente Maashorst geeft richtlijnen gericht op het efficiënt en doelmatig beheren van het maatschappelijk vastgoed. Dit beleid vormt de basis voor de beslissingen over de gemeentelijke vastgoedportefeuille, waaronder het aantrekken of afstoten van vastgoed, het beheer en de exploitatie van vastgoed.
Voor het accommodatiebeleid betekent dit:
•We hanteren de systematiek verdeling eigenaars- en gebruikersverplichtingen uit het vastgoedbeleid. Deze systematiek bepaalt de verdeling van verantwoordelijkheden en kosten tussen de gemeente als eigenaar en de gebruikers/huurders van de accommodaties.
•We gebruiken de systematiek van een kostprijs dekkende huur. Deze methodiek gebruiken we enkel om de huurprijs van onze accommodaties te bepalen voor de vrijwilligersbesturen.
2.2 Algemene kaders
2.2.1 Financieel
In de basis dient actualisatie van beleid plaats te vinden binnen de huidige budgetten. Daarnaast geldt als kader voor het accommodatiebeleid dat de accommodaties en het gebruik ervan ook in de toekomst duurzaam betaalbaar moeten zijn.
2.2.2 Overheid
Vanuit de Overheid zijn er diverse kaders en richtlijnen bepaald, die aangeven hoe een gemeente om moet gaan met het verhuren (of verkopen) van vastgoed. Het gaat hier om de volgende relevante kaders en richtlijnen:
•Didam-arrest: De Hoge Raad heeft in het Didam-arrest bepaald dat de overheid bij de verkoop of verhuur van vastgoed iedereen een gelijke kans moet geven. Dit betekent dat vastgoed niet zomaar aan één partij mag worden verhuurd (of verkocht) zonder een open en eerlijke procedure. Dit is belangrijk voor het accommodatiebeleid, omdat het zorgt voor gelijke kansen en transparantie bij de uitgifte van gemeentelijk vastgoed.
•Beleidsregel uitgifte grond en vastgoed gemeente Maashorst: De gemeente Maashorst heeft regels opgesteld om vastgoed op een eerlijke manier te verhuren of verkopen (Beleidsregel uitgifte grond en vastgoed gemeente Maashorst
1Vastgesteld in de vergadering van het College van B&W d.d. 23-11-2023
). Dit gebeurt via een openbare procedure waarbij iedereen gelijke kansen krijgt. Er zijn ook uitzonderingen, bijvoorbeeld voor unieke aanbieders die maatschappelijke diensten leveren
2Eén van de uitzonderingen (nr. 9) betreft ‘Maatschappelijke voorzieningen: zorg, welzijn, sport, cultuur, recreatie en natuur’. Deze uitzondering maakt het mogelijk om maatschappelijk vastgoed direct aan één partij uit te geven zonder een openbare selectieprocedure
. Een uitzondering geldt voor voorzieningen zoals buurthuizen, sportlocaties en musea. Deze mogen direct aan één partij worden verhuurd, bijvoorbeeld aan niet-commerciële professionele organisaties, zoals verenigingen of stichtingen of waarmee de gemeente vaak al een langdurige rechtsrelatie en/of een subsidierelatie heeft.
•Besluit Algemeen Belang Mededingingswet: De Mededingingswet geeft regels voor eerlijke concurrentie. De Mededingingswet geeft de gemeenteraad de bevoegd om te kunnen besluiten dat sommige activiteiten in het algemeen belang vallen, zodat deze regels niet gelden
3Dit is nader uitgewerkt in het Besluit algemeen belang mededingingswet zoals vastgesteld door de gemeenteraad op 14 december 2023.
.
•Paracommercie en regels in de Algemene Plaatselijke Verordening (APV): Paracommercie betekent dat niet-commerciële organisaties, zoals sportclubs of buurthuizen, soms kunnen concurreren met horeca. Om dit te voorkomen, staan er regels in de APV betreffende het schenken van alcohol en het organiseren van evenementen. De hoofregels zijn:
•Sluitingstijden: Paracommerciële instellingen mogen maar tot een bepaald tijdstip alcohol schenken. En alcohol mag alleen geschonken worden tijdens activiteiten die bij de doelen van de organisatie passen.
•Persoonlijke bijeenkomsten: Feesten zoals bruiloften en partijen mogen meestal niet, daar ze niet vallen onder statutaire doelstelling en om concurrentie met de lokale horeca te vermijden.
Uitzonderingen m.b.t. bijeenkomsten van persoonlijke aard voor enkele kernen
In enkele kernen van de gemeente Maashorst (Reek, Volkel, Schaijk en Zeeland) mogen paracommerciële instellingen maximaal zes keer per jaar persoonlijke bijeenkomsten organiseren. De voorwaarde is dat deze bijeenkomsten door en voor de inwoners van het dorp moeten zijn. Dit mag omdat er weinig tot geen commerciële horeca is in deze kernen, waardoor er geen sprake is van oneerlijke concurrentie .
Carnaval
Tijdens carnaval mogen dorpshuizen en wijkgebouwen alcohol schenken voor activiteiten van carnavalsverenigingen. In Uden, Schaijk, Zeeland en Reek gelden tijdens carnaval ruimere openingstijden.
Het accommodatiebeleid betreffende wijkaccommodaties is opgedeeld in drie pijlers:
Het accommodatiebeleid betreffende binnensport is opgedeeld in drie pijlers:
6 Accommodatiebeleid betreffende overige accommodaties
6.1 Cultuur- en jeugdaccommodaties (waaronder bibliotheken)
6.1.1 Voorzieningenniveau
Voor de cultuur- en jeugdaccommodaties zijn er geen algemene richtlijnen als het gaat om het niveau van voorzieningen dat de gemeente in stand houdt. Per situatie en per wijk/kern wordt afgewogen welke huisvesting passend is bij de inhoudelijke beleidsdoelstellingen en (financieel) verantwoord is.
Het uitgangspunt is dat de bestaande voorzieningenstructuur in stand blijft, waarbij wel (conform de uitgangspunten van het accommodatiebeleid) wordt gestreefd naar multifunctioneel en efficiënt gebruik van voorzieningen.
6.1.2 Bestuur en exploitatie
Bestuur door vrijwilligers
Voor de cultuur- en jeugdaccommodaties wordt aangesloten bij het voorstel voor de wijkaccommodaties, het bestuur en beheer van de accommodatie ligt bij de stichting/instelling omdat het bestuur hiermee goed geworteld is in de samenleving. Hierdoor weet het bestuur wat er speelt en op welke manier de accommodatie maximaal kan bijdragen aan de inhoudelijke beleidsdoelstellingen. Het bestuur kent verenigingen, inwoners, (professionele) partners en is goed in staat om verbanden te leggen, activiteiten aan te jagen en vrijwilligers te activeren.
Rolverdeling bestuur en gemeente
Voor het gemeentelijk maatschappelijk vastgoed, waaronder de cultuur- en jeugdaccommodaties, is de verdeling van rollen en verantwoordelijkheden op hoofdlijnen:
1De gemeente is verantwoordelijk de kwaliteit en de instandhouding van het maatschappelijk vastgoed in gemeentelijk eigendom (conform demarcatie eigenaars- en gebruikersverplichtingen, zie paragraaf 3.1.1).
2Het bestuur is verantwoordelijk voor het mogelijk maken van de activiteiten en het optimaliseren hiervan in relatie tot de voor de wijk/kern benoemde doelstellingen.
3Het bestuur is verantwoordelijk voor het dagelijks beheer en de exploitatie, gericht op de activiteiten.
Prestatieafspraken tussen gemeente en bestuur
Om ervoor te zorgen dat de doelen welke belangrijk zijn voor de cultuur- en jeugdaccommodaties, maken het bestuur en de gemeente samen (prestatie) afspraken.
Om deze afspraken goed te maken, werkt het bestuur in lijn met het beleid ‘sterke sociale basis’ samen met verenigingen, gebruikers en andere partners, zoals zorg- en maatschappelijke organisaties. Samen maken zij een plan (convenant) waarin staat hoe ze samenwerken en wat ieders rol is. Iedereen krijgt de kans om te doen waar ze goed in zijn.
De gemeente bepaalt de hoogte van de te verstrekken exploitatiesubsidie subsidie die het bestuur krijgt op basis van deze afspraken. Daarnaast hebben de gemeente en het bestuur regelmatig overleg. Ze bespreken daarbij ook afspraken die de stichting maakt met gebruikers van andere gebouwen, zodat de regels overal gelijk zijn.
Bij complexe zaken zoals juridische vraagstukken, personeelszaken en fondsenwerving kunnen vrijwilligersbesturen ondersteuning vragen aan de gemeente Maashorst.
6.1.3 Tarieven
Huurtarief accommodatie
De huurprijs die voor de accommodatie door de gemeente aan de stichting/instelling in rekening wordt gebracht, wordt bepaald op basis van de volgende systematiek:
1De kostprijs dekkende huur wordt bepaald.
2De (maatschappelijke) huur bedraagt 20% van de kostprijs dekkende huur.
De overgang naar een op de kostprijs gebaseerde huur is in dit voorstel budgettair neutraal. Het saldo van de huurinkomsten voor de gemeente wordt verrekend in de exploitatiesubsidie die aan de stichting of instelling wordt verstrekt.
Onderverhuur
Voor het onderverhuren van ruimten door de instelling gelden de tarieven voor zaalhuur zoals vastgesteld voor de wijkaccommodaties (zie paragraaf 4.3).
6.2 Dierenparken
6.2.1 Eigendomssituatie
Momenteel zijn de dierenparken eigendom van de gemeente en worden om niet in gebruik gegeven aan een vrijwilligersbestuur.
De enige uitzondering is de kinderboerderij in Uden. De grond is in eigendom van de gemeente en wordt verhuurd aan de stichting. De opstallen zijn in eigendom van de stichting. Het bestuur van de kinderboerderij ervaart de eigendom van de accommodatie niet als een last en het lukt het bestuur ook goed om met vrijwilligers, giften en sponsoring de accommodatie goed in stand te houden. Er is dan ook geen aanleiding om deze (eigendoms)situatie te veranderen. Vanuit het accommodatiebeleid is het geen doelstelling dat eigendom van maatschappelijk vastgoed bij de gemeente moet liggen.
6.2.2 Bestuur en exploitatie
Bestuur door vrijwilligers
Het bestuur van de dierenparken ligt, zoals nu ook het geval is, bij vrijwilligersbesturen. Dit werkt in de praktijk goed. Er zijn echter signalen dat het bestuur en beheer van de dierenparken door vrijwilligers (nu en in de nabije toekomst) kwetsbaar is. Er is of er dreigt een tekort aan vrijwilligers. In het geval het beheer van een dierenpark vanwege een gebrek aan vrijwilligers niet goed geborgd is, wordt afgewogen óf en in welke vorm het dierenpark in stand gehouden kan worden.
Voor de kinderboerderij Uden geldt dat de gemeente vanwege de educatieve functie én het feit dat de kinderboerderij een ‘uitje’ biedt voor inwoners die weinig te besteden hebben – en de activiteiten die in dat kader georganiseerd worden – het vangnet is als de continuïteit in gevaar komt.
Rolverdeling bestuur en gemeente
In lijn met de overige onderdelen van het accommodatiebeleid is de verdeling van rollen en verantwoordelijkheden op hoofdlijnen:
1De gemeente is verantwoordelijk de kwaliteit en de instandhouding van het maatschappelijk vastgoed in gemeentelijk eigendom.
2Het bestuur is verantwoordelijk voor het mogelijk maken van de activiteiten en het optimaliseren hiervan in relatie tot de voor de wijk/kern benoemde doelstellingen.
3Het bestuur is verantwoordelijk voor het dagelijks beheer en de exploitatie, gericht op de activiteiten.
De stichting kan een aantal eigenaarsverplichtingen overnemen in ruil voor een samenwerkzaamheidsvergoeding. Voor de hoogte van de vergoeding kan worden aangesloten bij de hoogte van de vergoeding per uur die wordt gehanteerd bij de buiten/binnensport.
Prestatieafspraken tussen gemeente en bestuur
Het bestuur maakt met de gemeente prestatieafspraken:
•Er worden meerjarige/structurele afspraken gemaakt, waarbij rekening wordt gehouden met de incidentele situatie
•De hoogte van de door de gemeente te verstekken exploitatiesubsidie wordt bepaald in samenhang met de prestatieafspraken.
•Er is periodiek overleg tussen gemeente en het bestuur waarin doelstellingen, actuele ontwikkelingen en financiën besproken worden. Hierdoor kan proactief en tijdig worden bijgestuurd.
•De gemeente biedt ondersteuning aan het bestuur op specifieke onderdelen zoals aanvragen subsidies, intervisie voor beheerders of financiële zaken. Per dierenpark wordt de behoefte aan ondersteuning besproken.
6.2.3 Tarieven
Huurtarief
De dierenparken worden om niet in gebruik gegeven. Er is geen sprake van huur.
Exploitatielasten
Op dit moment lopen eigenaars- en gebruikerslasten door elkaar. De gemeente (eigenaar) betaalt een aantal gebruikerslasten en de stichting betaalt een aantal eigenaarslasten. Als het accommodatiebeleid wordt geïmplementeerd, zal dit hervormd worden. Het uitgangspunt is dat verantwoordelijkheden verschuiven inclusief de bijbehorende kosten en budgetten. De implementatie op dit punt zal daarom budgettair neutraal verlopen.
Dit accommodatiebeleid, vastgesteld door de gemeenteraad op 3 april 2025, treedt in werking op 1 januari 2026.
Bijlage 1 Uitvoeringsagenda
Om het accommodatiebeleid in de praktijk te brengen, zullen de volgende acties worden uitgevoerd:
Algemene zaken betreffende het Accommodatiebeleid (hoofdstuk 3)
1Demarcatie eigenaars- en gebruikersverplichtingen
De volgende werkzaamheden moeten worden uitgevoerd:
•Opstellen demarcatielijsten
•Verschillenanalyse met huidige situatie
•Aanpassen overeenkomsten
Voorgesteld wordt om dit in de 2e helft van 2025 voor de wijkaccommodaties te doen en in 2026 voor de overige accommodaties.
2Berekenen van kostprijs dekkende huren en de hierop gebaseerde maatschappelijke huur.
In 2025 worden de kostprijs dekkende huurprijzen voor de wijkaccommodaties berekend en in 2026 voor de overige accommodaties. Deze methodiek gebruiken we om de huurprijs van onze accommodaties te bepalen voor de vrijwilligersbesturen.
3Aanpassen subsidieregelingen
De Algemene SubsidieVerordening (ASV) hoeft niet gewijzigd te worden, dit is de algemene kapstok voor de subsidieverlening. Vanuit de ASV volgen individuele subsidie toekenningen. of subsidieregelingen volgen.
Op dit moment is de inschatting dat er geen subsidieregelingen gewijzigd moeten worden via een college besluit.
4Aanpassen exploitatiesubsidies
In aansluiting op het vorige punt zal dit ook gefaseerd gebeuren.
Het advies is om te inventariseren welke subsidies er naar soortgelijke accommodaties en stichtingen is gegaan de afgelopen jaren, met de bijbehorende voorwaarden, om te kijken of daar een gemeenschappelijke deler uit te halen is, zodat daar een subsidieregeling op geschreven kan worden.
Als er teveel uitzonderingen zijn, vinden de aanpassingen plaats middels individuele subsidietoekenningen. Deze kunnen jaarlijks in één collegebesluit worden gebundeld.
Accommodatiebeleid betreffende wijkaccommodaties (hoofdstuk 4)
1Invoeren tarievenstructuur zaalhuur
De verhoging van de tarieven naar de onderkant van de bandbreedte kent een ingroei gedurende 4 jaar. De eerste stap gaat in op 1 januari 2026.
2Invoeren tarievenstructuur consumpties
De verhoging van de tarieven kent een ingroei van drie jaar. De eerste stap gaat in op 1 januari 2026.
3Opzetten structuur ‘Sterke sociale basis’ in de wijken
De samenwerking tussen de besturen van wijkaccommodaties en de (zorg)partners in de wijken en de bijbehorende overlegstructuur, zal vorm krijgen in de 2e helft van 2025. In 2025 zal een begin worden gemaakt met het formuleren van de doelstellingen en acties in een wijk én afstemmen van de rol van alle partijen hierin (prestatieafspraken).
4Uitwerken ondersteuning besturen
Met de besturen wordt geïnventariseerd aan welke ondersteuning vanuit de gemeente behoefte is. In 2026 kan de ondersteuningsstructuur worden uitgewerkt en georganiseerd.
5Overgang naar zelfbestuur
De overgang naar bestuur door zelfbeheerstichtingen vergt een zorgvuldige voorbereiding en voldoende inzet en draagvlak vanuit de lokale gemeenschap. De doelstelling is om vanaf 2027 jaarlijks één accommodatie over te laten gaan naar zelfbestuur.
6Onderzoeken samenwerking en multifunctioneel gebruik van voorzieningen
Met name in de kernen Volkel, Odiliapeel en Schaijk liggen kansen of zijn al initiatieven om voorzieningen te combineren en meer multifunctioneel gebruik te maken van voorzieningen. In Schaijk, waar dit gesprek al loopt, kan dit worden voortgezet. In Volkel en Odiliapeel kan hiermee in 2025 worden gestart.
Accommodatiebeleid betreffende binnensport (hoofdstuk 5)
1Invoeren tarievenstructuur zaalhuur
De verhoging van de tarieven gaat in op 1 januari 2026 en kent een ingroeiregeling van 4 jaar voor bestaande binnensportverenigingen.
2Invoeren tarievenstructuur consumpties
De verhoging van de tarieven kent een ingroei van drie jaar. De eerste stap gaat in op 1 januari 2026.
3Invoeren samenwerkzaamheid horeca en schoonmaak
In de 2e helft van 2025 wordt het gesprek gestart met de verenigingen en geïnventariseerd hoeveel animo er is. In de 2ste helft van 2025 worden protocollen opgesteld en afspraken gemaakt en geformaliseerd.
Accommodatiebeleid betreffende Dierenparken (hoofdstuk 6.2)
Herschikken eigenaars- en gebruikersverplichtingen voor dierenparken
De inventarisatie van de huidige afspraken en bijbehorende vergoedingen wordt gestart in de 2e helft van 2025. Het maken van de financiële afspraken (aanpassen subsidie en budgetten op de gemeentelijke begroting) vindt plaats in 2025 zodat de nieuwe structuur per 2026 ingevoerd kan worden. Hiervoor zal een nieuwe subsidieregeling worden opgesteld.
Schematisch
Uitvoeringsagenda accommodatiebeleid
Bijlage 2 Blauwdruk taakomschrijving bestuur wijkaccommodaties
1Rol vanuit de gemeenschap: Het bevorderen van betrokkenheid van de wijkbewoners en de gemeenschap bij de accommodatie. De wijkaccommodatie is ván de wijk – vóór de wijk. Het bestuur signaleert welke behoefte aan activiteiten wijkbewoners hebben en faciliteert deze samen met vrijwilligers en verenigingen middels het verhuren van een ruimte of middels het organiseren van activiteiten (niet gericht op zorg- en hulpverlening).
2Samenwerking en partnerschappen: Ontwikkelen en onderhouden van relaties met betrokken verenigingen, professionele samenwerkingspartners, lokale organisaties gemeentelijke instanties en andere belanghebbenden om de doelen van de accommodatie te ondersteunen.
3Beleidsontwikkeling en strategie: Het (mede) ontwikkelen en uitvoeren van beleid met betrekking tot het realiseren van de met de gemeente overeengekomen prestatieafspraken en het (op de langere termijn) behalen termijn van de doelstellingen die met de accommodatie beoogd worden.
4Beheer en Onderhoud: Het bestuur is verantwoordelijk voor het beheer, klein-dagelijks gebruikersonderhoud (eigenaarsonderhoud wordt uitgevoerd door de gemeente) en veiligheid van de accommodatie, inclusief regelmatige inspecties en het coördineren van reparaties. Het bestuur stuurt de beheerder aan op dit punt. De demarcatielijst die gesloten is met de gemeente is leidend hierin.
5Financieel beheer: Beheer van de financiën van de accommodatie, inclusief het opstellen van jaarlijkse exploitatiebegroting, tussentijdse prognoses en jaarrekening. Het bestuur heeft hierover ieder kwartaal overleg met de gemeente.
6Regelgeving: Zorgen voor naleving van relevante wet- en regelgeving, waaronder exploitatie/alcoholvergunning, HACCP normen, BHV en andere relevante wetgeving.
7Rapportage en evaluatie: Ieder kwartaal vindt een ambtelijk overleg plaats waarin financiën, het jaarlijkse activiteitenplan en de voortgang met betrekking tot de prestatieafspraken besproken worden. Daarnaast vindt ieder half jaar een bestuurlijk overleg met de betrokken wethouder plaats.
8Vrijwilligersbeheer: Werven en onderhouden van de relaties met vrijwilligers die betrokken zijn bij de accommodatie en die volledig zelfstandig de nodige taken en activiteiten kunnen uitvoeren en/of het organiserend vermogen hebben om elkaar en zelfs anderen daarin aan te sturen. Andere vrijwilligers daarentegen hebben iets meer begeleiding nodig. Waar nodig gaan we in overleg met de lokale professionele en vrijwillige organisaties onderzoeken wat een gepaste oplossing is. Daarbij sluiten we aan bij het beleid Sterke sociale basis.
9Promotie: Het, binnen de grenzen van de regelgeving op het vlak paracommercie, promoten van de accommodatie en haar activiteiten om de zichtbaarheid en het gebruik ervan te vergroten binnen de wijk/kern (in het licht van de doelstellingen).
10Ondernemerschap: Het onderzoeken en implementeren van oplossingen om het gebruik (bezetting) en beheer/exploitatie van de accommodatie te verbeteren en (financieel) toekomstbestendig te houden.
11Aansturen van de bedrijfsleider en toezien op het uitvoeren van het afgesproken takenpakket door de bedrijfsleider.
Maatwerk
Deze taken zijn een blauwdruk en kunnen – binnen de geldende beleidskaders - worden aanpast aan de specifieke behoeften en omstandigheden van een specifieke accommodatie en de betreffende gemeenschap.
Bijlage 3 Blauwdruk taakomschrijving bedrijfsleider wijkaccommodaties
Doel van de functie:
De werkzaamheden bevatten een combinatie van activiteiten op de volgende werkgebieden:
•Verlenen van services aan de gebruikers van het gebouw in brede zin.
•Inspelen op situaties en verzoeken van klanten conform het vastgesteld accommodatiebeleid.
•Verrichten van uitvoerende, coördinerende en planmatige taken.
•Signaleren van problematiek/vragen en doorverwijzen naar/koppeling maken met (zorg)partners in de wijk/kern. De bedrijfsleider neemt deel in de overlegstructuur die hiervoor in een wijk/kern vanuit het beleid Sterke sociale basis wordt ingericht.
•In opdracht van het bestuur activiteiten initiëren die bijdragen aan de doelstellingen in een wijk/kern. Het gaat dan om laagdrempelige activiteiten gericht op ontmoeten.
•Communicatie over het activiteitenprogramma in de locatie en meedenken met inwoners, opbouwwerker, verbinder in de buurt en andere professionals en partners die in de wijk/kern actief zijn
Plaats in de organisatie en takenpakket:
De bedrijfsleider vertegenwoordigt de opdrachtgever en voert met grote mate van zelfstandigheid zijn/haar werkzaamheden uit in opdracht van de gemeente.
Kerntaken:
•Verricht administratieve handelingen, o.a. verwerken huuraanvragen en roosteren van ruimtes, opmaken (beheren) van de kas.
•Verricht operationele werkzaamheden, o.a. aanvullen koelingen, aanvullen koffie/thee, bedienen achter en voor de bar, klaar zetten en opruimen van ruimtes en audiovisuele middelen.
•Is aanspreekpunt / vraagbaak voor gebruikers, vrijwilligers, leveranciers, horeca medewerkers en directe collega’s op standaard informatie, producten en diensten.
•Ontvangt bezoekers, gebruikers , leveranciers e.d. en treedt dienstverlenend en indien nodig corrigerend op. Stimuleert goede onderlinge verhoudingen.
•Communiceert op de juiste wijze met alle bij de accommodatie betrokken partijen.
•Doet volgens planning en richtlijnen vanuit het bestuur de bestellingen..
•Signaleert en meldt defecten en storingen aan gebouw, installaties die vallen onder het eigenaarsonderhoud bij de gemeente.
•Signaleert knelpunten, problemen en onveilige situaties. Lost eenvoudige problemen op en/of bespreekt deze met het bestuur
•Ontvangt en is aanspreekpunt voor externe leveranciers
•Coördineert het gebruikersoverleg met als doel het bespreken van het dagelijks functioneren op de accommodatie.
•Coördineert werkzaamheden van, begeleidt en instrueert horecamedewerkers en vrijwilligers als het gaat om de uitoefening van hun taken.
•Begeleiding van horecamedewerkers en vrijwilligers bij problematiek is geen taak van de bedrijfsleider. De bedrijfsleider heeft een signaleringsfunctie en verwijst door.
•Ondersteunende wervingstaken t.b.v. vrijwilligers.
•Stelt zelfstandig, onder supervisie van de objectleider, het werkrooster op, draagt zorg voor een efficiënte planning en informeert de collega’s hierover.
•Neemt initiatief / het voortouw bij het uitvoeren van werkzaamheden die vallen onder de verantwoordelijkheid van het bestuur (huurder).
•Plant het activiteitenrooster en de verhuur van ruimten en onderhoudt contacten hierover.
•Verzorgt de aansturing en controle van de horeca schoonmaak van alle gebruikte ruimtes en keuken- en barapparatuur en voert deze incidenteel (noodgevallen) zelf uit.
•Beschikt over een geldig BHV diploma en is daardoor in staat om BHV werkzaamheden uit te voeren.
•Ziet toe op handhaving van orde, veiligheid en leefklimaat van de accommodatie en wijst zo nodig op de naleving van de (veiligheids)voorschriften en huisregels.
•Opent en sluit zelfstandig en volgens de vastgestelde bepalingen (tijdstippen, sluiten deuren en ramen, verwarming en verlichting) het pand en is verantwoordelijk voor het sleutelbeheer.
•Oog hebben voor bewonersinitiatieven en deze gastvrij faciliteren bij het opzetten en uitvoeren van activiteiten.
•In opdracht van het bestuur activiteiten initiëren die bijdragen aan de doelstellingen in een wijk/kern. Het gaat dan om laagdrempelige activiteiten gericht op ontmoeten.
Algemene vaardigheden:
•Plan- en organisatievermogen.
•In kunnen spelen op niet alledaagse situaties.
•Zelfstandigheid
•Goede communicatievaardigheden.
•Sociaal vaardig.
•Gastvrij / dienstverlenend.
•Pro actief.
•Flexibiliteit.
Maatwerk
Deze taken zijn een blauwdruk en kunnen – binnen de geldende beleidskaders - worden aanpast aan de specifieke behoeften en omstandigheden van een specifieke accommodatie en de betreffende gemeenschap.