Gemeentelijke regelgeving

Verordening op de raadscommissie 2021

Gemeente Maasgouw · geldt sinds 30 december 2022

Aanhef

De raad van de gemeente Maasgouw,

Gelet op artikel 82 gemeentewet,

Gelezen het voorstel van het presidium,

B E S L U I T :

1Vast te stellen de volgende:

Verordening op de raadscommissie 2021

Hoofdstuk 1 Begripsbepalingen

Artikel 1 Begripsbepalingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

a.lid: raadslid of burgerlid

b.burgerlid: lid van de commissie niet zijnde een raadslid

c.voorzitter: voorzitter van de raadscommissie of diens vervanger (de voorzitter – in zijn rol als voorzitter - is geen lid van de commissie);

d.griffier: griffier van de raad of diens vervanger;

e.vergadering: vergadering van de raadscommissie

f.presidium: het presidium zoals bedoeld in art. 5 van het reglement van orde van de raad

g.wet: de gemeentewet

h.portefeuillehouder: de burgemeester of de wethouder in wiens portefeuille een bepaald onderwerp valt.

Hoofdstuk 2 Instelling, taken en samenstelling

Artikel 2 Instelling raadscommissie;

1Er is één raadscommissie;

2De raadscommissie bereidt de besluitvorming van de raad voor.

Het staat de raad vrij om in voorkomende gevallen te kiezen voor andere vormen van voorbereiding.

Artikel 3 Taken

Een raadscommissie heeft de volgende taken:

a.Beeldvorming (informatie inwinnen) over een voorstel of onderwerp dat voor de commissievergadering is geagendeerd;

b.Oordeelsvorming (mening vormen) over een voorstel of onderwerp dat voor de commissievergadering is geagendeerd;

c.Aangeven welke voor de raad geagendeerde voorstellen als hamerstuk of als bespreekstuk op de concept-raadsagenda komen te staan.

d.voeren van overleg met het college of de burgemeester over in ieder geval door het college of de burgemeester verstrekte inlichtingen en het gevoerde bestuur ten aanzien van de onderwerpen die ter voorbereiding van de besluitvorming door de raad aan de commissie zijn of worden voorgelegd.

Artikel 4 Samenstelling

1Een fractie heeft in de raadscommissie net zoveel zetels als in de raad. Voor fracties met 1 raadszetel wordt 1 extra commissiezetel toegevoegd.

2De fractie mag tijdens de commissievergadering de bezetting van de commissiezetels per agendapunt wijzigen.

3Burgerleden worden op voordracht van de fracties benoemd door de raad.

4De raad benoemt maximaal 7 burgerleden per fractie.

5De artikelen 10, 11, 12, 13, 14 en 15 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing op een burgerlid.

Artikel 5 Geldelijke vergoedingen aan burgerleden.

1De burgerleden ontvangen voor het bijwonen (aanschuiven bij een agendapunt) van de vergaderingen van de commissie een vergoeding gebaseerd op het rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. De daarin genoemde bedragen worden per 1 januari van elk jaar bij ministeriële regeling gewijzigd.

2Het bijwonen van een agendapunt blijkt uit de presentielijst die door de griffier wordt bijgehouden.

Artikel 6 Voorzitter

1De voorzitter en zijn plaatsvervanger worden door de raad uit zijn midden benoemd.

2De voorzitter is belast met:

a.het leiden van de vergadering;

b.het handhaven van de orde;

c.het doen naleven van deze verordening;

d.hetgeen deze verordening hem verder opdraagt.

Artikel 7 Zittingsduur en vacatures

1De zittingsperiode van een lid en de voorzitter en hun plaatsvervangers eindigt in ieder geval aan het einde van de zittingsperiode van de raad.

2Een lid houdt op lid te zijn van een raadscommissie indien hij niet meer voldoet aan de in artikel 4, vierde lid, gestelde eisen.

3De raad kan een lid ontslaan op voorstel van de fractie op wiens voordracht het lid is benoemd.

4De raad kan de voorzitter en een burgerlid ontslaan.

5Een lid en de voorzitter kunnen te allen tijde ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan de raad. Het ontslag gaat een maand na de schriftelijke mededeling in of zoveel eerder als hun opvolger is benoemd.

6Indien een fractie blijkens een schriftelijke verklaring aan de voorzitter van de raad niet langer vertegenwoordigd is in de raad, vervalt het lidmaatschap van het lid dat op voordracht van die fractie is benoemd, van rechtswege.

Artikel 8 Griffier

1De griffier ondersteunt de raadscommissie

2De griffier is in iedere vergadering aanwezig.

3De griffier kan op uitnodiging van de voorzitter aan de beraadslaging deelnemen.

Hoofdstuk 3 Aanwezigheid college, burgemeester, secretaris en ambtenaren

Artikel 9 Aanwezigheid college, burgemeester, secretaris en ambtenaren

De voorzitter nodigt de burgemeester, de wethouders, de gemeentesecretaris en ambtenaren uit in de vergadering aanwezig te zijn en aan de beraadslagingen deel te nemen.

Hoofdstuk 4 Vergaderingen

Paragraaf 1 Tijdstip van vergaderen en voorbereiding

Artikel 10 Vergaderfrequentie

1De vergadering van de raadscommissie vindt plaats op basis van een door het presidium vastgesteld schema.

2De raadscommissie vergadert voorts indien het presidium het nodig oordeelt.

3Het presidium kan in bijzondere gevallen een andere dag of aanvangsuur bepalen of een andere vergaderplaats aanwijzen.

Artikel 11 Oproep

1De voorzitter zendt ten minste zeven dagen voor een vergadering de leden een digitale oproep onder vermelding van de dag, het tijdstip en de plaats van de vergadering.

2De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met uitzondering van de in artikel 86, eerste en tweede lid, van de Gemeentewet bedoelde stukken (Stukken waar geheimhouding op rust), worden tegelijkertijd met de digitale oproep in het raadinsformatiesysteem geplaatst.

3Indien een aanvullende agenda wordt vastgesteld als bedoeld in artikel 12, eerste lid, worden deze agenda en de daarop vermelde voorstellen of onderwerpen zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 48 uur voor aanvang van de vergadering in het raadsinformatiesysteem geplaatst.

Artikel 12 De agenda

1Het presidium stelt de voorlopige agenda van de raadscommissie vast

2In spoedeisende gevallen kan het presidium na het verzenden van de digitale oproep tot uiterlijk 48 uur voor de aanvang van een vergadering een aanvullende agenda opstellen.

3Bij aanvang van de vergadering stelt de raadscommissie de agenda vast. Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de raadscommissie bij de vaststelling van de agenda onderwerpen aan de agenda toevoegen of van de agenda afvoeren.

4Wanneer de raadscommissie een onderwerp of voorstel onvoldoende voor de beraadslaging voorbereid acht, kan hij aan het college of de burgemeester nadere inlichtingen of advies vragen. Het presidium bepaalt in welke vergadering het onderwerp of voorstel opnieuw geagendeerd wordt.

5Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de raadscommissie de volgorde van behandeling van de agendapunten wijzigen.

Artikel 13 Ter inzage leggen van stukken

1Stukken, die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op de agenda dienen, worden in het raadsinformatiesysteem geplaatst (achter een slotje) gelijktijdig met het verzenden van de digitale oproep. Indien na het verzenden van de schriftelijke oproep stukken ter inzage worden gelegd, wordt hiervan mededeling gedaan aan de leden en zo mogelijk in een openbare kennisgeving.

2Indien voor stukken op grond van artikel 86, eerste en tweede lid, van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, blijven deze stukken in afwijking van het eerste lid, onder berusting van de griffier en verleent de griffier een lid inzage.

Artikel 14 Openbare kennisgeving

1De vergadering wordt tegelijkertijd met de digitale oproep door aankondiging in, in het gemeentelijk informatieblad of op de voor afkondigingen in de gemeente gebruikelijke wijze en door plaatsing op de gemeentelijke website openbaar gemaakt.

2De openbare kennisgeving vermeldt:

a.de datum, aanvangstijd en plaats, alsmede de voorlopige agenda van de vergadering;

b.de wijze waarop en de plaats waar een ieder de agenda en de daarbij behorende stukken kan inzien;

c.de mogelijkheid tot het uitoefenen van het spreekrecht als bedoeld in artikel 16.

Paragraaf 2 Orde der vergadering

Artikel 15 Presentielijst

Bij aanvang van de vergadering houdt de griffier de presentielijst bij. Bij vaststelling van de actiepuntenlijst van de vergadering (in de volgende vergadering) wordt die lijst door de commissie vastgesteld.

Artikel 16 Opening en Quorum

1Een vergadering wordt niet geopend voordat tenminste 10 leden aanwezig zijn.

2Als op grond van het eerste lid de vergadering niet kan worden geopend, belegt het presidium opnieuw een vergadering op een tijdstip dat tenminste 24 uur na de kennisgeving van de oproep tot die vergadering ligt.

3Op een vergadering als bedoeld in het tweede lid is het eerste lid niet van toepassing. In deze vergadering kunnen geen agendapunten worden toegevoegd.

Artikel 17 Spreekrecht burgers

1Na de opening van de vergadering kunnen andere aanwezige burgers gezamenlijk gedurende maximaal dertig minuten het woord voeren over geagendeerde onderwerpen.

2Het woord kan niet gevoerd worden over:

a.een besluit van het gemeentebestuur waartegen bezwaar en beroep openstaat of heeft opengestaan;

b.benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen van personen;

c.een gedraging waarover een klacht ex artikel 9:1 van de Algemene wet bestuursrecht kan of kon worden ingediend.

3Degene, die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit vóór 12.00 uur op de dag voorafgaande aan de dag van de commissievergadering aan de griffier. Hij vermeldt daarbij zijn naam, adres en telefoonnummer en het onderwerp, waarover hij het woord wil voeren.

4De voorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding. De voorzitter kan van de volgorde afwijken, indien dit in het belang is van de orde van de vergadering.

5Elke spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord. De voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers als er meer dan zes sprekers zijn. De voorzitter kan tevens in bijzondere gevallen afwijken van de maximale lengte van de spreektijd.

6De spreker voert het woord, nadat de voorzitter hem dit heeft verleend. De voorzitter kan de deelnemers aan de commissievergadering toestaan aan insprekers korte verhelderende vragen te stellen. De voorzitter inventariseert de vragen en de inspreker beantwoordt de vragen kort. Er vindt geen discussie plaats tussen een inspreker en deelnemers van de vergadering.

7De voorzitter of een lid kan een voorstel doen voor de behandeling van de inbreng van de burger.

Artikel 17-A Verslag

1Van de vergadering wordt een actiepuntenlijst gemaakt. Deze actiepuntenlijst is na vaststelling openbaar en wordt in het openbare gedeelte van het raadsinformatiesysteem geplaatst.

2De actiepuntenlijst van de vergadering wordt zo spoedig mogelijk via het raadsinformatiesysteem beschikbaar gesteld (achter een slotje).

3Bij het betreffende agendapunt wordt de actiepuntenlijst van de vorige vergadering vastgesteld.

4De leden, de voorzitter, de burgemeester en de wethouders, hebben het recht, een voorstel tot wijziging van de actiepuntenlijst aan de raadscommissie te doen, indien deze onjuistheden bevat of niet duidelijk weergeeft hetgeen gezegd of besloten is. Een voorstel tot verandering dient voor de aanvang van de vergadering schriftelijk bij de griffier te worden ingediend.

5De actiepuntenlijst moet inhouden:

a.de namen van de voorzitter, de griffier, de ter vergadering aanwezige leden, de insprekers, de burgemeester en de wethouders en de secretaris allen voor zover aanwezig, alsmede van de overige personen die het woord gevoerd hebben

b.welke leden afwezig waren;

c.een vermelding van de zaken die aan de orde zijn geweest;

d.een overzicht van de toezeggingen die gedaan zijn;

e.een weergave van het advies aan de raad omtrent hamerstukken en bespreekstukken.

f.bij het desbetreffende agendapunt de naam en de hoedanigheid van die personen aan wie het op grond van het bepaalde in artikel 23 door de raadscommissie is toegestaan deel te nemen aan de beraadslagingen.

6De actiepuntenlijst wordt opgesteld onder de verantwoordelijkheid van de griffier.

7De vastgestelde actiepuntenlijst wordt door de voorzitter en de griffier ondertekend.

Artikel 18 Aantal spreektermijnen en beraadslaging

1De beraadslaging over een onderwerp of voorstel geschiedt in ten hoogste twee termijnen, tenzij de raadscommissie anders beslist.

2Elke spreektermijn wordt door aankondiging door de voorzitter afgesloten.

3Een lid mag in een termijn niet meer dan éénmaal het woord voeren over hetzelfde onderwerp of voorstel.

4Bij de bepaling hoeveel malen een lid over hetzelfde onderwerp of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet meegerekend het spreken over een voorstel van orde en het interrumperen van een andere spreker.

5De raadscommissie kan op voorstel van de voorzitter of een lid beslissen over één of meer onderdelen van een onderwerp of voorstel afzonderlijk te beraadslagen.

6Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de raadscommissie beslissen de beraadslaging voor een door hem te bepalen tijd te schorsen teneinde het college of de leden de gelegenheid te geven tot onderling nader beraad. De beraadslagingen worden hervat nadat de schorsingsperiode verstreken is.

Artikel 19 Spreektijd

De voorzitter of een lid kan een voorstel doen over de spreektijd van de leden.

Artikel 20 Voorstellen van orde

1De voorzitter en ieder lid kunnen tijdens de vergadering mondeling een voorstel van orde doen, dat kort kan worden toegelicht.

2Een voorstel van orde kan uitsluitend de orde van de vergadering betreffen.

3Over een voorstel van orde beslist de raadscommissie terstond.

Artikel 21 Handhaving orde; schorsing

1Een spreker mag in zijn betoog niet worden gestoord, tenzij:

a.de voorzitter het nodig oordeelt hem aan het opvolgen van deze verordening te herinneren;

b.een lid hem interrumpeert. De voorzitter kan bepalen dat de spreker zonder verdere interrupties zijn betoog zal afronden.

2Indien een spreker zich beledigende of onbetamelijke uitdrukkingen veroorlooft, afwijkt van het in behandeling zijnde onderwerp, een andere spreker herhaaldelijk interrumpeert, dan wel anderszins de orde verstoort, wordt hij door de voorzitter tot de orde geroepen. Indien de spreker hieraan geen gevolg geeft, kan de voorzitter hem gedurende de vergadering, waarin zulks plaats heeft, over het aanhangige onderwerp het woord ontzeggen.

3De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering voor een door hem te bepalen tijd schorsen en - indien na de heropening de orde opnieuw wordt verstoord - de vergadering sluiten.

4De voorzitter kan de raadscommissie voorstellen aan een lid dat door zijn gedragingen de geregelde gang van zaken belemmert, het verdere verblijf in de vergadering te ontzeggen.

5Over het voorstel wordt niet beraadslaagd. Na aanneming daarvan verlaat het lid de vergadering onmiddellijk. Zo nodig doet de voorzitter hem verwijderen. Bij herhaling van zijn gedrag kan het lid bovendien voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering worden ontzegd.

Artikel 22 Deelname aan de beraadslaging door anderen (bv. externe deskundigen niet zijnde insprekers)

1De raadscommissie kan bepalen dat anderen mogen deelnemen aan de beraadslaging.

2Een beslissing daartoe wordt op voorstel van de voorzitter of een lid genomen alvorens met de beraadslaging ten aanzien van het aan de orde zijnde agendapunt een aanvang wordt genomen.

Artikel 23 Afsluiten beraadslaging

1Wanneer de voorzitter vaststelt, dat een onderwerp of voorstel voldoende is toegelicht, sluit hij de beraadslaging, tenzij de raadscommissie anders beslist.

2De voorzitter vraagt aan de vergadering of een voorstel een Hamerstuk of Bespreekstuk is.

Het advies over een hamerstuk dient unaniem te zijn.

Artikel 24 Rondvraag

1Er is een rondvraag

2Bij aanvang van de vergadering inventariseert de voorzitter welk lid over welke onderwerpen van welke portefeuillehouder vragen heeft

3Bij de rondvraag krijgen alle leden die bij de inventarisatie (zie lid 2) hebben aangeven vragen te hebben van de voorzitter een voor een het woord om de vragen over de door hun aangekondigde onderwerpen te stellen.

4Daarna krijgt de portefeuillehouder het woord om de gestelde vragen te beantwoorden.

5Vervolgens kan de vragensteller verduidelijkende vragen stellen. Die mogelijkheid is er ook voor de andere leden.

Artikel 25 Ingekomen stukken

1De raadscommissie neemt kennis van de lijst van ingekomen stukken voor de raadsvergadering.

2De ingekomen stukken worden ter vergadering alleen procesmatig besproken.

3Een lid dat een ingekomen stuk wenst te bespreken conform lid 2 meldt dat voor 12:00 uur op de dag voorafgaande aan de dag van de commissievergadering bij de griffie.

4Afwijkend van lid 2 kan een lid inhoudelijke vragen over raadsinformatiebrieven stellen.

5Een lid dat inhoudelijke vragen over een raadsinformatiebrief wil stellen meldt dat voor 12:00 uur op de dag voorafgaande aan de dag van de commissievergadering bij de griffier en geeft daarbij de vragen aan.

Hoofdstuk 5 Besloten vergadering

Artikel 26 Algemeen

Op een besloten vergadering zijn de bepalingen van deze verordening van overeenkomstige toepassing voor zover deze bepalingen niet strijdig zijn met het besloten karakter van de vergadering.

Artikel 27 Verslag

1De actiepuntenlijst van een besloten vergadering worden niet rondgedeeld, maar is uitsluitend voor de leden ter inzage.

2Deze actiepuntenlijst wordt zo spoedig mogelijk in een besloten vergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze vergadering neemt de raadscommissie een beslissing over het al dan niet openbaar maken van de actiepuntenlijst. De vastgestelde actiepuntenlijst wordt door de voorzitter en de griffier ondertekend.

Artikel 28 Geheimhouding

Voor de afloop van de besloten vergadering beslist de raadscommissie overeenkomstig artikel 86, eerste lid, van de Gemeentewet of omtrent de inhoud van de stukken en het verhandelde geheimhouding zal gelden. De raadscommissie kan besluiten de geheimhouding op te heffen.

Artikel 29 Opheffing geheimhouding

Indien de raad op grond van artikel 25, derde en vierde lid, van de Gemeentewet voornemens is de geheimhouding op te heffen wordt daarover, indien de raadscommissie die geheimhouding heeft opgelegd daarom verzoekt, in een besloten vergadering met de raadscommissie overleg gevoerd.

Hoofdstuk 6 Toehoorders en pers

Artikel 30 Toehoorders en pers

1De toehoorders en vertegenwoordigers van de pers kunnen uitsluitend op de voor hen bestemde plaatsen openbare vergaderingen bijwonen.

2Het geven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere wijze verstoren van de orde is verboden.

3De voorzitter is bevoegd, toehoorders die op enigerlei wijze de orde van de vergadering verstoren, te doen vertrekken. Toehoorders die bij herhaling de orde in de vergadering verstoren kan hij voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering ontzeggen.

Artikel 31 Geluid- en beeldregistraties

De gemeente maakt van de commissievergaderingen beeld- en geluidsopnames. Deze worden rechtstreeks uitgezonden via de gemeentelijke website en daar ook opgeslagen.

Bij het betreden van de raadszaal worden de bezoekers hierop geattendeerd via een kennisgevingsbordje.

Degenen die in de vergaderzaal tijdens de vergadering geluid- dan wel beeldregistraties willen maken doen hiervan mededeling aan de voorzitter en gedragen zich naar zijn aanwijzingen. Deze aanwijzingen kunnen niet zover gaan dat zij de vrijheid van pers aantasten.

Artikel 32 Verbod gebruik mobiele telefoons

Tijdens de vergadering is het niet toegestaan om inbreuk te maken op de orde van de vergadering door storend gebruik te maken van mobiele telefoons of andere communicatiemiddelen.

Hoofdstuk 7 Slotbepalingen

Artikel 33 Uitleg verordening

In de gevallen waarin deze verordening niet voorziet of bij twijfel over de toepassing van het reglement van orde, beslist de raadscommissie op voorstel van de voorzitter.

Artikel 34 Inwerkingtreding

1Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2022.

2Op dat tijdstip vervalt het reglement van orde op de raadscommissies 2015, zoals vastgesteld op 11 februari 2015.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.