Aanhef
Het college van de gemeente Maasdriel;
overwegende dat het gemeentebestuur zoveel mogelijk mensen in Maasdriel in staat wil stellen om actief een vorm van amateurkunst te beoefenen en de lokale geschiedenis/ cultuur/ erfgoed in de gemeente levend wil houden, door het verstrekken van subsidies voor activiteiten die daaraan bijdragen;
gelet op de Algemene Subsidieverordening gemeente Maasdriel 2024;
besluit vast te stellen de Subsidieregeling Kunst en Cultuur gemeente Maasdriel 2024:
Artikel 1. Begripsomschrijvingen
Alle begrippen die in deze regeling worden gebruikt en niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Algemene Subsidieverordening gemeente Maasdriel 2024 (Asv) en de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
1Actieve leden: contributie betalende leden van de organisatie die actief deelnemen. De peildatum ligt tussen 1 augustus en 1 september, voorafgaand aan de datum van de aanvraag.
2Amateuristische basis: verenigingen / stichtingen met leden/deelnemers die zonder financiële beloning, of met een financiële beloning maximaal ter hoogte van een vrijwilligersvergoeding, de kunst- of cultuuractiviteiten beoefenen.
3Beperking: we onderscheiden de volgende beperkingen die inwoners kunnen hebben: een zintuigelijke (auditieve of visuele), lichamelijke of verstandelijke beperking of psychische problemen.
4Jeugdigen: in de gemeente Maasdriel wonende personen tot een leeftijd van 18 jaar.
5Openbare activiteiten: vooraf aangekondigde optredens, uitvoeringen en producties in de gemeente Maasdriel die voor iedereen vrij toegankelijk zijn of met een geldig toegangsbewijs.
6Subsidieplafond: het bedrag dat ten hoogste beschikbaar is voor de verstrekking van subsidies in deze subsidieregeling in het desbetreffende subsidiejaar.
7Wisseltentoonstelling: tijdelijke tentoonstelling met een minimale periode van 6 weken. De tentoonstelling kan in het museum zijn. Het kan ook een reizende tentoonstelling zijn of een tentoonstelling in een ander gebouw dan het eigen museum. Een wisseltentoonstelling is in één of meer ruimten te zien die daar speciaal voor ingericht worden.
Artikel 2. Toepassingsbereik
1Het bepaalde in deze subsidieregeling is van toepassing op de verstrekking van reguliere subsidies door het college voor de in artikel 4 bedoelde activiteiten en voor de in artikel 5 genoemde doelgroepen. De activiteiten dienen bij te dragen aan het in artikel 3 omschreven maatschappelijk effect.
2Voor een reguliere subsidie kan men slechts van één subsidieregeling gebruik maken.
Artikel 3. Maatschappelijk effect
Deze subsidieregeling heeft als doel zoveel mogelijk mensen in Maasdriel in staat te stellen om actief een vorm van amateurkunst te beoefenen. Dit gebeurt in verenigingsverband. De regeling heeft eveneens als doel het bijdragen aan het levend houden van de lokale geschiedenis/ cultuur/ erfgoed in de gemeente Maasdriel.
Artikel 4. Activiteiten
1Subsidie wordt verstrekt voor de volgende activiteiten:
a.Harmonie/ fanfare/ muziekvereniging en openbaar optreden;
b.Toneelgezelschappen, zangvereniging, dansvereniging en openbare producties;
c.Muziekopleiding voor jeugdigen;
d.Wisseltentoonstelling;
e.Deelname aan een educatieprogramma;
f.Het exploiteren van een museum.
Artikel 5. Doelgroep
1Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan aanvragers, die aan de volgende voorwaarde voldoen:
a.Aanvrager kan zijn een toneelvereniging, zangvereniging, dansvereniging, harmonieën, fanfare en muziekvereniging, die op amateuristische basis kunst- en cultuuractiviteiten beoefenen.
b.De activiteiten worden georganiseerd in het jaar waarvoor de subsidie wordt aangevraagd.
c.De aanvrager is ingeschreven als vereniging of stichting in de gemeente Maasdriel.
d.De aanvrager plaatst de activiteiten op www.onsmaasdriel.nl.
e.Activiteiten passen binnen de doelen die zijn vermeld in de statuten.
2Subsidie wordt eveneens verleend aan musea, gevestigd in de gemeente Maasdriel, die opgenomen zijn in het museumregister. De musea dienen een wekelijkse openstelling te hebben van minimaal 2 dagen, 3 uur per dag. Zij dienen zorg te dragen voor lokale zichtbaarheid, bekendheid en bereikbaarheid van het museum en de collectie.
Artikel 6. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen
Ongeacht de kosten die de subsidieontvanger maakt, wordt per jeugdlid van een harmonie/ fanfare/ muziekvereniging, per categorie vereniging en per activiteit één normbedrag uitgekeerd.
Artikel 7. Hoogte van de subsidie
1De bedragen voor een basissubsidie zijn als volgt:
a.€ 7.000 voor harmonieën, fanfares en muziekverenigingen (bij minimaal 25 actieve leden);
b.€ 500 voor toneelverenigingen, zangverenigingen, dansverenigingen (bij minimaal 15 actieve leden);
c.€ 750 voor toneelverenigingen, zangverenigingen, dansverenigingen die zich uitsluitend richten op leden met een beperking;
d.€ 3.500 voor musea;
e.Een aanvullend bedrag van € 1.750 voor musea die een wekelijkse openstelling hebben van minimaal 3 dagen per week en in totaal minimaal 9 uur;
2De bedragen voor de subsidiabele activiteiten zijn als volgt:
a.€ 250,- per openbaar optreden van harmonieën, fanfares en muziekverenigingen, met een minimum van 2 en een maximum van 8;
b.€ 200,- per productie van een toneelvereniging, zangvereniging, dansvereniging die in het openbaar wordt vertoond, met een minimum van 2 en een maximum van 10 producties;
c.Muziekonderwijs voor jeugdigen: € 100,- per leerling;
d.Wisseltentoonstellingen van musea, binnen of buiten het eigen gebouw: € 500,-, met een maximum van 2; voor een expositie die toegankelijk is voor inwoners met een beperking is het bedrag € 750 per expositie;
e.Deelname van musea aan een educatieprogramma: € 500,-, met een maximum van 2.
3De bedragen per lid zijn als volgt:
a.€ 50 per jaar per actief jeugdlid van een harmonie, fanfare of muziekvereniging.
4De bedragen zoals vermeld onder 1, 2 en 3 worden overeenkomstig artikel 7, derde lid Asv, jaarlijks geïndexeerd op basis van het jaarlijks door het CBS vastgestelde prijsindexcijfer.
Artikel 8. Subsidieplafond en begrotingsvoorbehoud
1Overeenkomstig artikel 6 uit de Asv stelt het college een subsidieplafond vast voor deze subsidieregeling, onder voorwaarde dat voldoende middelen in de begroting beschikbaar worden gesteld.
2Er worden deelsubsidieplafonds vastgesteld. Eén voor harmonieën, fanfares en muziekverenigingen (artikel 7.1 sub a), één voor toneelverenigingen, zangverenigingen, dansverenigingen (artikel 7.1 sub b en c), één voor musea (artikel 7.1 sub d en e).
3Wanneer het aangevraagde bedrag voor het de ene categorie verenigingen lager uitvalt dan het gereserveerde budget, terwijl er voor de andere categorie juist meer dan het gereserveerde budget wordt aangevraagd, wordt er geschoven in de budgetten.
Artikel 9. Wijze van verdeling
1Als eerste worden de aanvragen gehonoreerd in het kader van de basissubsidie – artikel 7 lid 1 – die in aanmerking komen voor subsidie;
2Het subsidiebudget dat overblijft na aftrek van de in lid 1 genoemde activiteiten wordt vervolgens verdeeld over de toe te kennen subsidieaanvragen. Indien het totaal van de toe te kennen subsidie het deelsubsidieplafond overschrijdt, wordt het totale beschikbare bedrag evenredig over de voor subsidie in aanmerking komende activiteiten verdeeld. Dat wil zeggen dat elke subsidieverlening met een zelfde percentage wordt gekort.
3Nadat de hoogte van de subsidie op grond van lid 1 en 2 van dit artikel is bepaald, geldt voor de jaren 2025 en 2026 een overgangstermijn:
a.Als de hoogte van de subsidie in 2025 lager is dan in 2024, zal het verschil voor 100% worden gecompenseerd. Dit betekent dat de hoogte van de subsidie in 2025 nooit lager kan zijn dan in 2024.
b.Als de hoogte van de subsidie in 2026 lager is dan in 2024, zal het verschil voor 50% worden gecompenseerd.
c.Na het berekenen van de hoogte van de subsidie, op basis van a. of b., wordt de indexering over het gehele bedrag toegepast.
Artikel 10. Aanvraag
De werkwijze van een aanvraag voor subsidie is geregeld in artikel 8 Asv. Aanvullend geldt het volgende:
1Een aanvraag voor subsidie wordt ingediend via subsidie@maasdriel.nl, afgegeven aan de balie van het gemeentehuis (Kerkstraat 45 te Kerkdriel) of per post (postbus 10000, 5330 GA Kerkdriel) met gebruikmaking van het aanvraagformulier ‘Kunst en Cultuur’.
2Niet volledig ingevulde aanvraagformulieren worden niet in behandeling genomen. Aanvragers worden in de gelegenheid gesteld de gegevens binnen 14 dagen aan te vullen. Aanvragers krijgen hierover bericht.
3Op het aanvraagformulier dient door subsidie-ontvangers, zoals bedoeld in artikel 5 lid 1, opgave te worden gedaan van het aantal actieve (jeugd)leden.
4Verplichte bijlagen zijn, in afwijking van artikel 8 lid 2 Asv:
a.een activiteitenplan van het jaar waarvoor subsidie wordt gevraagd: een beschrijving van de activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd, met de doelen, prestaties en resultaten welke met die activiteiten worden nagestreefd, en hoe de activiteiten daaraan bijdragen;
b.een begroting (inclusief dekkingsplan) van het jaar waarvoor subsidie wordt gevraagd.
Artikel 11. Aanvraagtermijn
Een aanvraag voor een subsidie wordt, in afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Asv, ingediend tussen 1 september en 30 september voorafgaand aan het jaar waarop de aanvraag betrekking heeft.
Artikel 12. Beslistermijn
Het college beslist uiterlijk op 31 december van het jaar waarin de aanvraag voor subsidie is ingediend.
Artikel 13. Aanvullende weigeringsgronden
Naast de weigeringsgronden in artikel 12, lid 1 tot en met 3 van de Asv gelden geen aanvullende weigeringsgronden.
Artikel 14. Algemene verplichtingen van de subsidie-ontvanger
1Het college kan bij de verleningsbeschikking aanvullende verplichtingen aan de subsidie-ontvanger opleggen.
2Het college kan steekproefsgewijs het door de vereniging opgegeven ledenaantal controleren door inzicht te vragen in de ledenadministratie van de vereniging. De vereniging dient hieraan haar medewerking te verlenen.
3Overeenkomstig artikel 14, vierde lid Asv, behoeft de subsidie-ontvanger toestemming van het college voor de volgende onderdelen van het bepaalde in artikel 4:71 van de wet:
a.het oprichten van dan wel deelnemen in een rechtspersoon;
b.het wijzigen van de statuten;
c.het aangaan van kredietovereenkomsten en van overeenkomsten van geldlening;
d.het aangaan van overeenkomsten waarbij de subsidie-ontvanger zich verbindt tot zekerheidsstelling met inbegrip van zekerheidsstelling voor schulden van derden of waarbij hij zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt of zich voor een derde sterk maakt;
e.het vormen van fondsen en reserveringen;
f.het ontbinden van de rechtspersoon;
g.het doen van aangifte tot zijn faillissement of het aanvragen van zijn surséance van betaling.
Artikel 15. Publicatie
1In afwijking van artikel 4:24 van de wet, publiceert het college jaarlijks een overzicht van alle verleende subsidies die op grond van deze regeling zijn toegekend.
2Over de doeltreffendheid en de effecten van de subsidies in de praktijk, doet het college verslag via de reguliere planning en control cyclus en (tussentijdse) evaluatie van beleid.
Artikel 16. Hardheidsclausule
Het college kan, in bijzondere gevallen, een artikel of artikelen van deze subsidieregeling buiten toepassing laten of daarvan afwijken, voor zover toepassing gelet op het belang van de aanvrager of subsidieontvanger leidt tot onbillijkheid van overwegende aard. Het van toepassing verklaren van dit artikel wordt gemotiveerd in het besluit.
Artikel 17. Slotbepalingen
1De Subsidieregeling Amateuristische kunst- en cultuurbeoefening gemeente Maasdriel 2023 wordt ingetrokken.
2Deze subsidieregeling treedt in werking op de dag na bekendmaking.
3Op subsidieaanvragen die zijn ingediend voor deze datum, zijn de bepalingen van de Subsidieregeling Amateuristische kunst- en cultuurbeoefening gemeente Maasdriel 2023 van toepassing.
4Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Kunst en Cultuur gemeente Maasdriel 2024.