Aanhef
De raad van de gemeente Losser;
gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders;
gelet op artikel 149 van de Gemeentewet, titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht en de Algemene subsidieverordening gemeente Losser;
BESLUIT:
vast te stellen de Subsidieverordening peuter- en VVE arrangementen en inzet HBO medewerker gemeente Losser.
Hoofdstuk 1 Inleidende bepalingen
Artikel 1 Begripsomschrijvingen
In deze verordening wordt verstaan onder:
1College: het College van burgemeester en wethouders van Losser;
2Wet: Algemene wet bestuursrecht;
3Asv: de op het moment van de subsidieaanvraag geldende algemene subsidieverordening van de gemeente Losser;
4Een peuterarrangement : Een peuterarrangement bestaat uit minimaal 2 dagdelen van 3 uur per week en maximaal 2 dagdelen van 4 uur per week, gedurende tenminste 40 weken per jaar.
5VVE (voor- en vroegschoolse educatie) arrangement: de opvang van 2,5 en 3 jarigen waarbij op gestructureerde en samenhangende wijze activiteiten worden aangeboden die gericht zijn op het stimuleren van de ontwikkeling van kinderen op het gebied van rekenen, taal, motoriek en de sociaal-emotionele ontwikkeling. Kinderen tot 4 jaar en 6 weken kunnen gebruik blijven maken van een VVE arrangement indien het kind is ingeschreven op een school voor primair onderwijs. Een VVE-arrangement is minimaal 16 uur per week, verdeeld over minimaal 4 verschillende weekdagen, gedurende tenminste 40 weken per jaar.
6houder: degene aan wie een onderneming als bedoeld in de Handelsregisterwet toebehoort
7Ouders of verzorgers: degenen die het ouderlijk gezag of de voogdij uitoefenen.
Artikel 2 Bevoegdheid college
Het college besluit met inachtneming van deze verordening op subsidieaanvragen voor Peuter en VVE- arrangementen.
Hoofdstuk 2: peuter- en VVE arrangementen en inzet HBO medewerker.
Artikel 3 Doel
Doel van subsidieverstrekking op grond van dit hoofdstuk is het voor ouders of verzorgers financieel toegankelijk maken van peuter- en VVE-arrangementen voor kinderen in de leeftijd van 2,5 tot 4 jaar in de gemeente Losser en daarmee het voorkomen van taal- en ontwikkelachterstanden.
Artikel 4 Vereisten subsidieaanvrager
Om voor subsidie in aanmerking te kunnen komen dient een aanvrager aan de volgende criteria te voldoen:
a.staat ingeschreven in het Landelijk Register Kinderopvang en Peuterspeelzalen (LRKP);
b.voldoet aan de vereisten uit de Wet Innovatie en kwaliteitseisen Kinderopvang (IKK) en de hier uit voortvloeiende regelgeving;
c.voldoet aan de aanvullende kwaliteitseisen die het college stelt inzake de uitvoering van VVE-arrangementen.
Artikel 5 Subsidiabele activiteiten
Subsidie wordt verstrekt voor het uitvoeren van een peuter- en/of VVE-arrangement in de gemeente Losser en het inzetten van een HBO medewerker op de VVE groep.
Artikel 6 Subsidiecriteria
1Peuter- en/of VVE-arrangementen vallend onder deze subsidieverordening zijn bedoeld voor:
a.peuters die in de gemeente Losser wonen;
b.peuters uit Enschede, Oldenzaal of Dinkelland indien de kinderopvang waar deze peuters van het aanbod van de peuter- en VVE- arrangementen gebruik maken, de meest nabij gelegen kinderopvang is ten opzichte van het woonadres van de ouder(s)/verzorger(s) van de peuter;
2De uitvoering van een VVE-arrangement is alleen subsidiabel voor zover het arrangement betrekking heeft op een peuter waarvoor een VVE indicatie is afgegeven door het Consultatiebureau JGZ (Jeugdgezondheidszorg) van de GGD Twente.
3De subsidie ten behoeve van de inzet van de HBO coach/pedagogisch beleidsmedewerker op de VVE groep wordt conform het wijzigingsbesluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie ingezet. De voor deze categorie geldende criteria en uitgangspunten worden in de “Beleidsregels voor inzet van en HBO-er in de voorschoolse educatie” nader uitgewerkt.
Artikel 7 Subsidieplafond; verdeling beschikbaar subsidiebedrag
Het college kan jaarlijks een subsidieplafond en de wijze van verdeling vaststellen.
Artikel 8 Subsidiehoogte
1De hoogte van de subsidie voor peuter- en VVE-arrangementen is afhankelijk van de soort opvang, de mate waarin ouder(s) recht hebben op een eventuele kinderopvangtoeslag en de hoogte van het gezamenlijke inkomen van de ouder(s)/verzorger(s).
2De hoogte van de subsidie van de HBO- medewerker op de groep is afhankelijk van het aantal aangeboden VVE-arrangementen op 1 januari van het betreffende kalenderjaar.
3Het college stelt jaarlijks de normtarieven voor peuter- en VVE-arrangementen en de inzet van de HBO medewerker vast, alsmede de subsidie per arrangement en de daaruit resulterende eigen bijdrage per kind per arrangement.
Artikel 9 Aanvraag subsidie
1Een aanvraag voor subsidie voor peuter- en VVE-arrangementen en de HBO medewerker kan door de houder schriftelijk worden ingediend tot uiterlijk 1 november voorafgaand aan het jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd;
2De subsidieaanvraag wordt ingediend middels een door het college vastgesteld aanvraagformulier dat volledig ingevuld en ondertekend is.
Artikel 10 Beslistermijn; subsidieverlening; voorschotten of subsidiebedrag
1Het college beslist binnen 13 weken na ontvangst van de aanvraag of, indien de aanvraag niet volledig is, na aanvulling van de aanvraag;
2Het college kan voornoemde termijn, met redenen omkleed, eenmalig met 4 weken verlengen. Hiervan wordt schriftelijk mededeling gedaan aan de aanvrager;
3Het college beslist in geval van toekenning tot subsidieverlening;
4De subsidieverleningsbeschikking vermeldt de eventuele voorschotverlening en de wijze van betaling ervan.
Artikel 11 Vaststelling van de subsidie
1De houder dient uiterlijk 15 maart na afloop van het kalenderjaar waarvoor subsidie is verleend een aanvraag tot vaststelling in bij het college met een door de gemeente beschikbaar gesteld verantwoordingsformulier.
2De vaststelling van de subsidie voor peuter- en/of VVE-arrangementen gebeurt op basis van het aantal gerealiseerde arrangementen en het gemiddelde gezamenlijke gezinsinkomen van de ouders;
3De vaststelling van de subsidie voor de HBO medewerker gebeurt op basis van het aantal daadwerkelijk uitgevoerde VVE-arrangementen en het voldoen aan de voorwaarden zoals gesteld in de Beleidsregels voor inzet van en HBO-er in de voorschoolse educatie
4Het college stelt de subsidie vast binnen dertien weken na ontvangst van de aanvraag tot vaststelling. Het college kan dit besluit met ten hoogste zes weken verdagen. Het college stelt de houder hiervan schriftelijk in kennis;
5De subsidievaststellingsbeschikking vermeldt het uiteindelijke subsidiebedrag en de wijze waarop verrekening van betaalde voorschotten plaatsvindt.
Artikel 12 Hardheidsclausule
Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van de aanvrager afwijken van de bepalingen in deze verordening, indien toepassing van deze verordening leidt tot onbillijkheden van overwegende aard.
Artikel 13 Inwerkingtreding en overgangsbepaling
1De verordening treedt in werking op de dag na de bekendmaking.
2de Subsidieverordening peuter- en VVE arrangementen vastgesteld door de raad op 23 juni 2020 wordt ingetrokken.
3In afwijking van het bepaalde in artikel 9, lid 1 kan een aanvraag voor subsidie voor de HBO medewerker voor het kalenderjaar 2022 tot 1 december 2021 worden ingediend.
Artikel 14 Citeertitel
De verordening wordt aangehaald als: Subsidieverordening peuter- en VVE arrangementen en inzet HBO medewerker.