Gemeentelijke regelgeving

Verordening op de heffing en invordering van een vermakelijkhedenretributie 2023

Gemeente Loon op Zand · geldt sinds 1 januari 2023

Aanhef

De raad van de gemeente Loon op Zand;

gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. 8 november 2022,

nummer ZK22.05852;

gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdeel c, van de Gemeentewet;

besluit:

vast te stellen de navolgende verordening “Verordening op de heffing en de invordering van een Vermakelijkhedenretributie 2023”. (Verordening Vermakelijkhedenretributie 2023)

Artikel 1 Begripsomschrijving

Voor de toepassing van deze verordening wordt onder een vermakelijkheid verstaan: een activiteit, waarbij wordt beoogd of mede beoogd het publiek amusement, verstrooiing, ontspanning of vermaak te verschaffen, of waarbij het publiek dit amusement, deze verstrooiing, deze ontspanning of dit vermaak zoekt, ondergaat, vindt, pleegt te vinden of kan vinden, een en ander in of op daartoe bestemde of geschikte voor een ieder na betaling toegankelijke inrichtingen, terreinen, wateren, etc.

Artikel 2 Aard van de heffing en belastbaar feit

Onder de naam ‘vermakelijkhedenretributie’ worden geheven rechten ter zake van het geven van vermakelijkheden, waarbij gebruik wordt gemaakt van door of met medewerking van het gemeentebestuur tot stand gebrachte of in stand gehouden voorzieningen of waarbij een bijzondere voorziening in de vorm van toezicht of anderszins van de zijde van het gemeentebestuur wordt getroffen.

Artikel 3 Belastingplicht

Belastingplichtig is degene die de vermakelijkheid geeft, dan wel degene voor wiens rekening en risico de vermakelijkheid gegeven wordt.

Artikel 4 Maatstaf van heffing en belastingtarief

1De maatstaf voor de heffing van de vermakelijkhedenretributie is het aantal betalende bezoekers van de vermakelijkheid in peiljaar 2021 (is T-2) dat de 50.000 te boven gaat.

2Het tarief bedraagt € 0,19 per betalende bezoeker.

Artikel 5 Het belastingjaar

Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.

Artikel 6 Wijze van heffing

De rechten worden bij aanslag geheven.

Artikel 7 Termijnen van betaling

1De belastingaanslagen moeten worden betaald uiterlijk op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld.

2In afwijking van het eerste lid moeten voorlopige aanslagen worden betaald in zoveel gelijke termijnen als er na de maand van dagtekening van het aanslagbiljet nog maanden in het belastingtijdvak overblijven, met dien verstande dat het aantal termijnen ten minste twee bedraagt.

De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet / de kennisgeving en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.

3Een ingevolge artikel 2, tweede lid, onderdeel c, van de Invorderingswet 1990 met een belastingaanslag gelijkgestelde beschikking inzake een bestuurlijke boete is het eerste lid van overeenkomstige toepassing, voor zover deze gelijktijdig wordt opgelegd met de vaststelling van de belastingaanslag.

Artikel 8 Kwijtschelding

Bij de invordering van de vermakelijkhedenretributie wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 9 Overgangsrecht, inwerkingtreding en citeertitel

1De “Verordening Vermakelijkhedenretributie 2022” van 16 december 2021, wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

2Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2023.

3De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2023.

4Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening Vermakelijkhedenretributie 2023".

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.