Beleidsregels
Artikel 1. Begripsbepalingen
1College: het college van burgemeester en wethouders.
2Ontheffing: een ontheffing op grond van de Wet milieubeheer samen met een ontheffing op grond van de APV.
3Paasvuur: vuur dat eerste paasdag wordt ontstoken om uiting te geven aan een oude traditie.
4Paasvuurbult: ophoping van snoeihout, ten behoeve van een paasvuur.
5Snoeihout: hout dat van bomen of struiken is gehaald in het kader van onderhoud, niet zijnde stronken.
Artikel 2. Algemeen
1Het college verleent ontheffing voor het ontsteken van een paasvuur.
2Het paasvuur moet een openbaar karakter hebben.
3Het paasvuur mag alleen met snoeihout worden opgebouwd.
4Aan een ontheffing voor het ontsteken van een paasvuur zijn voorschriften verbonden.
Artikel 3. Organisaties
1Alleen de in bijlage 1. vermelde organisaties komen in aanmerking voor een ontheffing.
2Indien een organisatie niet langer een paasvuur wenst te organiseren, kan een nieuwe organisatie in aanmerking komen voor een ontheffing.
3Deze nieuwe organisatie moet een aantoonbaar lokaal maatschappelijk doel vertegenwoordigen (bijvoorbeeld: buurtvereniging, speeltuinvereniging, Oranjevereniging).
Artikel 4. Grootte paasvuur en afstanden
1De paasvuurbult mag maximaal 7 x 7 meter zijn en maximaal 6 meter hoog en moet van bovenaf gezien rond zijn (maximaal 300 m3).
2De afstand van het paasvuur ten opzichte van gebouwen, opslagen van derden is minimaal 100 meter, de afstand tot de bebouwde kom en natuur (bos en heidevelden) bedraagt minimaal 150 meter.
3Afwijking van de maatvoering zoals genoemd onder 4.1 is mogelijk in overleg met het bevoegd gezag, er zullen grotere afstanden gelden ten opzichte van gebouwen, opslagen van derden, bebouwde kom en natuur.
Artikel 5. Aanvraagprocedure
1De ontheffing moet worden aangevraagd met behulp van het formulier voor het aanvragen van een evenementenvergunning. Bij de aanvraag dient een situatie tekening op schaal te worden aangeleverd, schaal 1:100 of 1:250.Indien er geen wijzigingen zijn ten opzichte van het voorgaande jaar, kan de organisatie dit melden en zullen wij het formulier en de situatietekening van het voorgaande jaar gebruiken voor de beoordeling. Dit is een uitzondering op de eerste regel.
2De aanvraag (of melding dat er geen wijzigingen zijn) moet uiterlijk 12 weken voor aanvang van het paasvuur worden ingediend.
Artikel 6. Inwerkingtreding
Deze beleidsregels treden in werking op 23 oktober 2012.