Aanhef
Samenvatting
Voor u ligt het Vergunningverlening Uitvoering Programma (VUP) Lisse 2026. Het VUP is een nadere periodieke uitwerking van het VTH-beleidsplan gemeente Lisse 2024-2027. (VTH = Vergunningverlening Toezicht en Handhaving). Onder andere de beleidsmatige keuzes uit het VTH-beleidsplan worden hierin vertaald naar uitvoeringsniveau. Het VTH-beleidsplan is tot stand gekomen in samenspraak tussen de teams Vergunningen en Bouw- en Woningtoezicht en afgestemd met interne en externe betrokkenen.
Waarom dit Vergunningverlening Uitvoering Programma (VUP) Lisse 2026?
De gemeente Lisse is verplicht om periodiek een uitvoeringsprogramma op te stellen met betrekking tot de vergunningverlenende, toezichthoudende en handhavende activiteiten in het kader van de Omgevingswet. De Omgevingswet gerelateerde vergunningverleningstaken en de vergunningverleningstaken volgend uit de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) en de Bijzondere Wetten (BW) hebben echter veel raakvlakken. Ook worden de vergunningstaken als geheel door hetzelfde team van HLTsamen uitgevoerd. Om deze redenen zijn zowel in het VTH-beleidsplan als in het VUP ook de taken volgend uit de APV/BW meegenomen. De Omgevingsdienst West-Holland (ODWH) voert op mandaatbasis de milieu gerelateerde vergunning- en handhavingstaken voor de gemeente Lisse uit.
De taken op het gebied van vergunningverlening en toezicht/handhaving zijn organisatorisch gescheiden. De toezicht en handhavingstaken maken daarom geen onderdeel uit van dit uitvoeringsprogramma. Deze taken zijn ondergebracht in het Handhaving Uitvoering Programma (HUP), dat wordt opgesteld door het team Bouw- en Woningtoezicht.
Het uitvoeringsprogramma vloeit dus voort uit het VTH-beleidsplan 2024-2027 en dient de daarin opgenomen beleidsdoelstellingen. Het uitvoeringsprogramma wordt door B&W vastgesteld en bekend gemaakt aan de gemeenteraad.
Kaders
Voor de behandeling van een aanvraag om een omgevingsvergunning enerzijds en de handhavende taken anderzijds zijn diverse wettelijke regelingen van belang die de procesgang bepalen en de rechtsmiddelen beschrijven. De betreffende wettelijke regelingen en beleidskaders zijn in dit uitvoeringsprogramma op hoofdlijnen beschreven.
Transitie Omgevingsrecht
In dit VUP worden belangrijke ontwikkelingen genoemd die van invloed zijn (geweest) op het opstellen van het VTH-beleidsplan, deze zijn daarmee ook op de uitvoering van de vergunningverlening van invloed.
Dit zijn:
•Omgevingswet.
De Omgevingswet is op 1 januari 2024 in werking getreden.
•Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb).
De Wkb is op 1 januari 2024 deels en gefaseerd in werking getreden. De werking heeft alleen betrekking op nieuwbouw en geldt alleen voor gevolgklasse 1.
Uitvoering
In dit hoofdstuk worden de kernactiviteiten weergegeven. Het gaat hierbij met name om vergunningverlening t.a.v. de taakvelden Omgevingswet en APV/Bijzondere Wetten. Het grootse deel van de werkzaamheden bestaat uit reguliere werkzaamheden. Aandacht wordt gegeven aan de verwachte werkvoorraad en de komende ontwikkelingen. Verder zijn er activiteiten welke voortvloeien uit de beleidsdoelstellingen van het VTH-beleidsplan. Omdat de Omgevingswet en de Wkb nu daadwerkelijk in werking zijn getreden zullen wij ons in 2026 vooral naast de reguliere werkzaamheden richten op het verder verfijnen van de uitvoeringsprocessen en het verder opdoen van werkervaring met de nieuwe regels.
Borging uitvoering
Om de vergunning-taken adequaat te kunnen uitvoeren moet aan een aantal aspecten worden voldaan. Het gaat hierbij om de borging van de financiën, de borging van de kritieke massa (personeelsformatie), het maken van procesafspraken en de samenwerking met externe partijen. In dit uitvoeringprogramma wordt hieraan aandacht besteed.
VTH-beleidscyclus
Een VUP van een betreffend jaar moet vóór 1 februari van dat jaar (tijdelijk als pilot verruimd naar 1 april) door het college zijn vastgesteld. Achtereenvolgens wordt dit vóór 1 juli van dat jaar aan de raad ter kennisname aangeboden en voor 15 juli naar de Provincie gestuurd.
Voor evaluaties van het voorgaande VUP geldt dat deze vóór 15 juli door het college zijn vastgesteld en dat vóór 1 oktober de raad en de Provincie over de evaluatie zijn geïnformeerd. Dit betekent dat in het voorliggende VUP van 2026 conform de Bestuursovereenkomst de evaluatie van 2024 is verwerkt.
In het eerste kwartaal van 2027 wordt geëvalueerd hoe de uitvoering, zoals in dit uitvoeringsplan beschreven, gerealiseerd is. In het opvolgende VUP wordt rekening gehouden met deze evaluatie en waar nodig worden zaken bijgestuurd.
4. Uitvoering
4.1 Kernactiviteiten, reguliere werkzaamheden
4.1.1 Taakveld Omgevingswet
De werkvoorraad, dat wil zeggen het aantal aanvragen dat wordt ingediend, is gezien het bovenstaande slechts alleen door beleidsmatige keuzes beperkt stuurbaar. Als een aanvrager de noodzaak ziet een vergunningaanvraag in te dienen of een melding te doen, moeten wij deze behandelen conform de geldende wetten/regels en termijnen. Daarbij zijn er factoren die het aantal aanvragen beïnvloeden, zoals conjunctuur en maatschappelijke ontwikkelingen. Maar daar heeft een gemeente geen invloed op. Voor een prognose van de werkvoorraad zijn wij aangewezen op gegevens en tendensen uit het verleden. Deze gegevens zijn uiteraard bekend:
De aantallen in de tabel betreffen zowel aanvragen om een omgevingsvergunning als principeverzoeken. (Van de overige werkzaamheden onder 4.1 worden de aantallen niet bijgehouden.)
Het aantal Omgevingswet aanvragen lag in 2024 gemiddeld op het niveau van 2023.
Aktie voor 2026 uit de evaluatie van het VUP 2024:
Rekening houden met aanbod van aanvragen als in 2023/2024, behalve de aantallen van december 2023, dat was een uitschieter naar aanleiding van de aankomende invoering van de Omgevingswet.
Het is aannemelijk er van uit te gaan dat voor 2025 het aantal aanvragen ongeveer in de lijn van de voorgaande jaren zal liggen. Met name omdat de huidige bestemmingsplannen van rechtswege zijn overgegaan in het Omgevingsplan. Voor bepaalde aanvragen (nieuwe bouwwerken gevolgklasse 1) zal een onafhankelijke kwaliteitsborger de bouwplannen toetsen. De invloed hiervan op het werkaanbod zal vooralsnog zeer beperkt zijn, omdat dit alleen (nieuwbouw)aanvragen betreft welke vallen onder gevolgklasse 1.
Voorbeelden van deze bouwwerken in gevolgklasse 1 zijn grondgebonden eengezinswoningen, bedrijfsbebouwing niet hoger dan 2 lagen en eenvoudige fiets- en voetgangersbruggen. Deze bouwwerken worden (alleen bouwtechnisch) getoetst door een gecertificeerde onafhankelijke kwaliteitsborger. Het bevoegd gezag (het college) wordt door de kwaliteitsborger geïnformeerd over het resultaat van de toetsing via een bouwmelding. Na de bouw wordt de gerealiseerde toestand via een gereedmelding aan het bevoegd gezag kenbaar gemaakt. Het bevoegd gezag controleert of de kwaliteitsborging is uitgevoerd volgens de regels en of het bouwwerk naar het oordeel van de kwaliteitsborger voldoet aan de technische regels van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Als dit in orde is, stemt het bevoegd gezag ermee in dat het bouwwerk in gebruik kan worden genomen.
Er is een grote diversiteit aan aanvragen mogelijk. Dit varieert tussen beperkt van omvang en invloed (bijvoorbeeld dakkapel) tot complex (bijvoorbeeld groot woongebouw met aanverwante bijeenkomst- en zorgfuncties). Daarnaast zijn er binnen het proces ook grote verschillen mogelijk. Volgt de juridische procedure de kortst mogelijke weg, of wordt er via bezwaar en beroep tot en met de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State doorgeprocedeerd? Dit is in principe voor zowel eenvoudige als complexe plannen mogelijk.
Alle mogelijke aanvraagtypen zijn daarom niet uitgesplist en achtereenvolgens voorzien van een urenprognose, omdat de (combinatie van) aantallen, de aanvraagtypologie en het verloop van de procedure niet plan-baar zijn.
4.1.2. Taakveld APV/BW
Evenals bij de Omgevingswet werkvoorraad is ook hier het aantal aanvragen slechts alleen door beleidsmatige keuzes beperkt stuurbaar. Hiervoor gelden verder dezelfde redenen als genoemd bij de Omgevingswet paragraaf.
Opvallend is dat er in 2024 gemiddeld meer aanvragen en meldingen zijn gedaan dan de jaren daarvoor. Het betreft hier met name de aanvragen voor gebruik openbare grond en aanverwante zaken. Daarnaast is er veel tijd besteed aan voorlichting.
Ook bij APV/Bijzondere Wetten geldt dat er een grote diversiteit aan aanvragen mogelijk is, waarbij het proces volgens verschillende juridische scenario’s kan verlopen.
Ook hier zijn alle mogelijke aanvraagtypen niet uitgesplist en achtereenvolgens voorzien van een urenprognose.
Aktie voor 2026 uit de evaluatie van het VUP 2024:
Het werkaanbod wordt sterk beïnvloed door externe factoren, zoals wij bijvoorbeeld ervaren hebben tijdens de Coronapandemie en (in mindere mate) door de prijsstijgingen als gevolg van de oorlog in Oekraïne en de inflatie. De pandemie is inmiddels voorbij, naar verwachting zal het aantal aanvragen APV/Bijzondere Wetten vergelijkbaar zijn met 2024.
4.1.3. Toepassen beleidslijn Bibob 2021 Lisse
Criminele personen en organisaties kunnen met geld infiltreren in het economische leven door gebruik te maken van bestuurlijke faciliteiten zoals vergunningen, subsidies en opdrachten. Om die reden heeft de wetgever de Wet Bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Bibob) in het leven geroepen. De wet Bibob is een facultatieve wet, waarbij het college zelf de bevoegdheid heeft om te bepalen in welke door de wet geboden mogelijkheden zij dit instrument daadwerkelijk zal toepassen. De beleidslijn Bibob 2021 Lisse geeft structuur aan de toepassing en biedt rechtszekerheid aan de inwoners en ondernemers.
Uitvoering van de Bibob toets vindt in beginsel plaats bij elke aanvraag om een beschikking als bedoeld in:
•Artikel 3 Alcoholwet (Alcoholvergunning, voorheen vallend onder Drank- en Horecawet) indien er sprake is van vestiging van een nieuw bedrijf, de overname van een bestaand bedrijf, de overname van (de meerderheid van) de aandelen van een bestaand bedrijf of wijziging van de rechtsvorm, tenzij sprake is van een slijterij of para-commerciële inrichting;
•artikel 30b van de Wet op de kansspelen (Speelautomatenvergunning);
•artikel 2:25 van de APV (Evenementenvergunning), indien er sprake is van een aanvraag voor een evenementenvergunning voor een Vechtsportgala;
•artikel 2.28 van de APV (Exploitatievergunning) indien er sprake is van vestiging van een nieuw bedrijf, de overname van een bestaand bedrijf, de overname van (de meerderheid van) de aandelen van een bestaand bedrijf, wijziging van financier of van de rechtsvorm of het wijzigen en/of bijschrijven van leidinggevende(n);
•artikel 2:34 van de APV (Met name genoemde risicovolle branches/gebieden/gebouwen);
•artikel 2:39 van de APV (Speelgelegenheid);
•artikel 3:3 van de APV (Seksinrichting & Escortbedrijven).
Verder als het een aanvraag om een vergunning betreft als bedoeld onder de Omgevingswet Afdeling 5.1 (omgevingsvergunning bouwactiviteit, gebruik i.r.t. omgevingsplan / beheersverordening / exploitatieplan) als de aanvraag betrekking heeft op de volgende branches:
•Hotels, Pensions, Kamerverhuurbedrijven, Woonruimte arbeidsmigranten.
•Coffeeshops, Horeca inrichtingen (art. 3 Alcoholwet), Cafetaria’s, Shishalounges, belwinkels.
•Welnessbranches, Kappers, Prostitutiebedrijven, Escortbedrijven, Darkrooms, Seksbioscopen.
•Casino’s, Gamecentra, Speelautomatenhallen.
•Vuurwerkbranche, Autohandel, Demontagebedrijven, Afvalverwerking en bewerking, Sloopbedrijven.
Verder zijn er nog een aantal specifieke gevallen welke conform de beleidslijn voor een Bibob toets in aanmerking kunnen komen.
Bovenstaande aanvragen zullen volgens het afgesproken werkproces voor advisering voorgelegd worden aan team Bibob. De inhoudelijke beoordeling vindt plaats binnen team Bibob en naar aanleiding daarvan worden de vervolgstappen bepaald. Indien nodig wordt het Regionale Informatie- en Expertise Centrum Haaglanden (RIEC) en/of het Landelijk Bureau Bibob hierbij betrokken. Vergunning aanvragers die hiermee te maken krijgen worden hierover geïnformeerd.
Aktie voor 2026 naar aanleiding van deze evaluatie:
Zolang de beleidslijn Bibob geldt, zullen aanvragen die in de beleidslijn zijn genoemd en daarvoor in aanmerking komen als zodanig behandeld worden.
4.1.4. Afstemming schaarse vergunningen
Van een schaarse vergunning is sprake als het vergunningstelsel de toegang tot de markt voor potentiële aanbieders getalsmatig beperkt. Dat kan zijn doordat het aantal plaatsen tot een bepaald aantal is beperkt (bijvoorbeeld evenementenvergunningen, kramenzet- en standplaatsvergunningen, marktplaatsvergunningen, exploitatievergunningen speelautomatenhal, aanwezigheidsvergunningen voor kansspelautomaten, terrasvergunningen). Dat kan ook zijn doordat uit de aard van de zaak duidelijk is dat het aantal plaatsen beperkt is, ook zonder dat er expliciet een getal is genoemd (bijvoorbeeld markten en standplaatsen).
Vuistregel zou kunnen zijn dat er sprake is van een schaarse vergunning als er een verdelingsvraag aan de orde is, of concreet: zou een vergunningsaanvraag kunnen worden afgewezen, niet vanwege de inhoud van de aanvraag, maar omdat het beschikbare aantal plaatsen al is gevuld?
Alle aanvragen welke onder de criteria van schaarse vergunningen vallen zullen worden afgestemd met de betreffende portefeuillehouder(s).
Aktie voor 2026 naar aanleiding van deze evaluatie:
Aanvragen welke onder de criteria van schaarse vergunningen vallen afstemmen met de betreffende portefeuillehouder.
4.2 Omgevingswet / Wkb
4.2.1 Inrichten RX-Mission
Voor het registreren en procesmatig afhandelen van de aanvragen om vergunningen werd tot 1 mei 2023 gebruik gemaakt van de applicatie SquitXo. Deze applicatie was niet geschikt voor de Omgevingswet. De opvolger van SquitXo is Rx.Mission. Door het herhaalde uitstellen van de omgevingswet, is er indertijd voor gekozen een deel van Rx.Mission in te richten voor het registreren van de Wabo aanvragen, vanaf 1 mei 2023. Aflopende contracten, onzekerheid over de definitieve invoering van de Omgevingswet en uitfasering van SquitXo lagen aan deze keuze ten grondslag.
Een complicerende factor is dat alle aanvragen die voor 1 januari 2024 zijn binnengekomen, volgens de oude regels (Wabo) behandeld moeten worden, deze oude processen lopen na 1 januari 2024 nog geruime tijd door. Alles dat op 1 januari 2024 en daarna is binnengekomen, moet volgens de regels van de Omgevingswet worden afgehandeld in Rx.Mission. De verwachting is dat de laatste Wabo aanvragen in 2026 kunnen worden afgehandeld. Alle oude zaken uit SquitXo welke nog openstaan, zijn overgeheveld naar Rx.Mission.
SquitXo was in de loop der jaren zo efficiënt ingericht en doorontwikkeld, dat we daar maximaal profijt uit konden halen. Rx.Mission was op 1 januari 2024 nog niet zo functioneel ingericht als SquitXo. Dat kon ook niet, omdat door de leverancier nog steeds aan de applicatie wordt gewerkt en er onderdelen ontwikkeld moeten worden. Dit loopt de komende jaren door.
In 2024 is een aanbestedingstraject gestart voor het vergunningenregistratiesysteem. Dit traject is in 2025 afgerond, met als resultaat dat Rx.Mission het vergunningenregistratiesysteem blijft.
Aktie voor 2026 uit de evaluatie van het VUP 2024:
De inrichting van Rx.Mission voor de Omgevingswet is gereed en in gebruik genomen. Door de leverancier wordt deze applicatie verder doorontwikkeld. In 2026 zal de nadruk vooral liggen op verdere inrichting van Rx.Mission.
4.2.2 Onderhoud sjablonen Rx.Mission
Om maximaal profijt te hebben en houden van Rx.Mission is het van belang dat we alle documentsjablonen welke we in Rx.Mission hebben, up-to-date houden. Dit is een continu proces. Naar aanleiding van praktijkervaringen zullen deze sjablonen ook in 2026 onderhouden en verder geoptimaliseerd worden.
Aktie voor 2026 uit de evaluatie van het VUP 2024:
In 2026 zal de nadruk liggen op onderhoud aan de sjablonen en inspelen op wets- en proceswijzigingen.
4.2.3 Vragenbomen toepasbare regels in het DSO
De organisatorische verantwoordelijkheid voor de inhoud van het DSO ligt inmiddels bij team Planvorming.
Aktie voor 2026 uit de evaluatie van het VUP 2024:
De inrichting van het DSO loopt verder door in 2026. Vanuit team Vergunningen zal regelmatig een vakinhoudelijke bijdrage verwacht worden om in het DSO op te nemen. Bij de toedeling van werk van de betrokken medewerkers moet hier rekening mee worden gehouden.
4.2.4. Proces intake aanvragen
Inmiddels wordt al geruime tijd gewerkt met de Intake- en Omgevingstafels. Alle initiatieven die daarvoor in aanmerking komen, lopen via de intake- en omgevingstafel. De Intake- en Omgevingstafel zijn in de lijn geborgd.
Aan de betrokken teams en medewerkers zijn specifieke rollen toebedeeld.
Aktie voor 2026 uit de evaluatie van het VUP 2024:
In 2026 zal het inzetten van de Intake- en omgevingstafel worden voortgezet.
4.2.5 Wkb proces inrichten
Met de invoering van de Omgevingswet is ook de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) ingevoerd. De Wkb heeft als doel de (borging van) bouwkwaliteit en het bouwtoezicht onder de verantwoordelijkheid van marktpartijen te plaatsen door het invoeren van een nieuw stelsel van kwaliteitsborging. De Wkb verplaatst de toetsing aan de bouwtechnische eisen van een bouwwerk van de gemeente naar een onafhankelijke kwaliteitsborger. Zoals eerder opgemerkt treedt de Wkb gefaseerd in werking. Er is gelijktijdig met de invoering van de Omgevingswet gestart met eenvoudige (nieuw)bouwwerken (gevolgklasse 1). Na 3 jaar volgt een evaluatie door het Rijk, daarna worden eventueel de complexere bouwwerken ook onder de Wkb gebracht. Dit zal dus niet eerder dan 2029 zijn.
Als gevolg van de Wkb zal de huidige omgevingsvergunning voor het bouwen in twee activiteiten worden opgesplitst, een bouwactiviteit en een omgevingsplanactiviteit. Zie het schema.
Bron afbeelding: VNG
Afhankelijk van de activiteit zal een initiatief een bepaald proces doorlopen. Deze processen zijn opnieuw ingericht en afgestemd.
Aktie voor 2026 uit de evaluatie van het VUP 2024:
In 2024 en 2025 zijn de werkprocessen verder afgestemd op de Omgevingswet en de Wkb. Werken met een private kwaliteitsborger was niet alleen nieuw voor onze organisatie maar ook voor de initiatiefnemers en de uitvoerende partijen. Dit proces zal gedurende 2026 in de praktijk verder getest worden. Zo nodig kan het werkproces worden bijgesteld.
4.2.6 Herinrichten adviseringsprocessen
Om een aanvraag te kunnen beoordelen moeten er afhankelijk van het initiatief interne en/of externe adviezen worden gevraagd. Hiervoor wordt de samenwerkingsruimte van Rx.Mission gebruikt. Het voordeel hiervan is dat alle partijen op basis van de toegekende autorisatie de aangeleverde stukken in kunnen zien.
Aktie voor 2026 naar aanleiding van deze evaluatie:
De adviseringprocessen vragen onderhoud en evaluatie.
4.3 Activiteiten vanuit beleidsdoelstellingen VTH-beleidsplan.
4.3.1 Het werken conform de Omgevingswet en de Wkb.
Het uitvoering geven aan de regelgeving uit de Omgevingswet en de Wkb zijn benoemd als beleidsdoelstelling in het VTH-beleidsplan gemeente Lisse 2024-2027. Dit zijn namelijk de speerpunten voor de komende jaren. In de voorgaande paragrafen is hieraan reeds aandacht besteed, m.n. hoe dit wordt vertaald naar de uitvoering.
5. Borging uitvoering
5.3 Kritieke massa
5.3.1 Personeelsformatie
Het organogram van de VTH-taakuitvoering is als bijlage 1 toegevoegd.
Hieronder wordt per functie de structurele Vergunningen formatie weergegeven. Wanneer er een aanleiding is, kan de formatie eventueel tijdelijk uitgebreid worden door inhuur. Externe medewerkers en inhuur zijn niet meegenomen in deze formatie, omdat dit door het jaar heen kan wijzigen afhankelijk van situatie en omstandigheden.
De uitvoering van de taken is ondergebracht bij HLTsamen. Onderstaande formatie werkt voor de 3 gemeenten gezamenlijk.
Functie
Bruto formatie in fte*
Juridisch medewerker omgevingsrecht
3,78
Vergunningverlening Wabo
10,7
Vergunningverlener APV/BW
3,45
Administratief medewerker Wabo/APV
1,78
* Voor 1 fte wordt gerekend met 1636 werkbare uren. Hiervan gaat 20% af voor teamoverleg, organisatiebijeenkomsten, studie, growing concern etc. Er is 1308 uur beschikbaar voor productie.
5.3.2 Vastgelegde werkwijzen
Binnen het team vergunningverlening zijn verschillende werkwijzen vastgelegd om de kwaliteit te waarborgen en de uitvoering sturing en uniformiteit te geven. Er is o.a. een procesbeschrijving vastgesteld voor:
-Vergunningverlening Omgevingswet (buitenplanse) omgevingsplanactiviteit (B)opa;
-vergunningverlening Omgevingswet reguliere procedure (Opa);
-afhandelen melding (bouwactiviteit, slopen en gebruik).
Genoemde procesbeschrijvingen zijn vastgelegd in het VTH-Beleidsplan Gemeente Lisse 2024-2027.
Daarnaast zijn de overige werkafspraken vastgelegd in het Handboek Wabo vergunningverlening.
Bijlage 1 organogram
Onderdelen welke (deels) betrokken zijn bij de uitvoering van de VTH taken zijn met geel gemarkeerd.