Aanhef
Het college van burgemeester en wethouders van Leidschendam-Voorburg;
gelet op Titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht, artikel 3 van de Algemene subsidieverordening Leidschendam-Voorburg; en de Regeling van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 25 juni 2024, nr. 2024-0000076771 houdende regels met betrekking tot de verstrekking van een specifieke uitkering aan gemeenten ten behoeve van de verduurzaming van slecht geïsoleerde woningen van eigenaar-bewoners en woningen van Verenigingen van Eigenaars, woonverenigingen en wooncoöperaties in het kader van het Nationaal Isolatieprogramma;
overwegende dat het college het nemen van energiebesparende isolatiemaatregelen in slecht geïsoleerde grondgebonden woningen van eigenaar-bewoners wil stimuleren door het verstrekken van subsidies voor activiteiten die daaraan bijdragen;
overwegende dat het college de raad in de gelegenheid heeft gesteld om wensen en bedenkingen kenbaar te maken en de raad hier geen gebruik van heeft gemaakt;
BESLUIT:
vast te stellen de volgende specifieke nadere regels:
‘Specifieke nadere regels subsidieverstrekking Specifieke uitkering Doe-het-zelf Leidschendam-Voorburg 2025’
Artikel 1 Definities
In deze regeling wordt verstaan onder:
a.Aangesloten bouwmarkt: bouwmarkt die deelneemt aan deze regeling waar de kadokaart kan worden verzilverd zoals vermeldt op de website van de aanbieder van de kadokaart.
b.ASV: Algemene subsidieverordening Leidschendam-Voorburg.
c.Biobased materialen: natuurlijke isolatiematerialen die gemaakt zijn van biobased hernieuwbare grondstoffen en die vermeld staan op de meldcodelijst isolatiematerialen op RVO.nl.
d.College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Leidschendam-Voorburg.
e.Eigenaar-bewoner: natuurlijk persoon die volgens de kadastrale gegevens eigenaar is van een bestaande grondgebonden woning in gemeente Leidschendam-Voorburg én volgens de gemeentelijke basisregistratie staat ingeschreven op het adres van deze bestaande woning.
f.Energielabel van de woning: een energielabel is een maatstaf om te zien hoe energiezuinig de woning is.
g.Grondgebonden woning: een woning die rechtstreeks toegankelijk is op het straatniveau en waarvan één van de woonlagen aansluit op het maaiveld.
h.Isolatiemaatregelen: isolatiemaatregelen als bedoeld in de ISDE meldcode lijst.
i.Kadokaart: een financiële bijdrage voor de aanschaf van, in dit geval, een isolatiemaatregel in de vorm van een persoonsgebonden tegoedbon.
j.Meldcode: een uniek kenmerk voor goedgekeurd isolatiemateriaal, bestaande uit een letter- en cijfercombinatie, te vinden op de Meldcodelijsten van RVO.
k.Monument: een grondgebonden woning die op de monumentenlijst van de gemeente Leidschendam-Voorburg staat of is ingeschreven in het Rijksmonumentenregister, zijnde een gemeentelijk monument of rijksmonument.
l.Noodzakelijke plaatsingsmaterialen: materialen die noodzakelijk zijn voor de plaatsing van isolatiematerialen en die vermeld staan op de website van de aanbieder van de kadokaart.
m.Rd-waarde: isolatiewaarde, warmteweerstand van dichte constructies uitgedrukt in m²K/W.
n.Uitvoerende organisatie: organisatie die namens het college de subsidieaanvragen ontvangt, beoordeelt en hierop besluit.
o.Slecht geïsoleerde woning: een woning met een geldig energielabel D, E, F, G of een woning met een aan die labelklassen vergelijkbare energetische staat, waaronder wordt verstaan een woning waarin ten minste 2 bestaande bouwdelen niet of slecht geïsoleerd zijn. Bouwdelen zijn slecht geïsoleerd wanneer ze niet voldoen aan de isolatie-eisen zoals beschreven in bijlage 1.
p.Thermische schil: het gedeelte van de bestaande woning, welke het verwarmbare gedeelte scheidt van de buitenomgeving of aangrenzende onverwarmde gedeelten.
q.WOZ- waarde: de waarde die een woning op grond van de Wet waardering onroerende zaken toegekend heeft gekregen van de gemeente.
Artikel 2 Doel van de subsidie
Deze subsidieregeling heeft het doel om eigenaar-bewoners van bestaande slecht geïsoleerde woningen te stimuleren het energieverbruik te verlagen door het zelf aanbrengen van energiebesparende isolatiemaatregelen.
Artikel 3 Toepassingsbereik
1Het bepaalde in deze subsidieregeling is enkel van toepassing op de verstrekking van subsidies door het college voor de in artikel 4 beschreven subsidiabele activiteiten.
2De ASV is van toepassing, tenzij daarvan in deze regeling uitdrukkelijk wordt afgeweken.
Artikel 4 Subsidiabele activiteiten
1Het college verstrekt subsidie voor de kosten inclusief btw van één of meer van de volgende typen energiebesparende isolatiemaatregelen en de bijbehorende noodzakelijke plaatsingsmaterialen:
a.Gevelisolatie aan de binnenkant;
b.Vloer- of bodemisolatie;
c.Dakisolatie aan de binnenkant of zolder/vlieringvloerisolatie.
2De in lid 1 genoemde isolatiemaatregelen moeten voldoen aan de voorwaarden die het Rijk stelt, zoals beschreven in artikel 4.5.2, derde lid, van de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies en ze moeten staan op de meldcodelijst van het RVO.
3De isolatiemaatregelen worden door de eigenaar-bewoner in de grondgebonden woning zelf aangebracht in de bestaande thermische schil.
4De isolatiemaatregelen betreffen geen (HR++) glas of spouwmuurisolatie.
Artikel 5 Doelgroep
De subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan de eigenaar-bewoner van een grondgebonden woning die:
1slecht geïsoleerd is, zoals beschreven in artikel 1 sub o;
2een WOZ-waarde heeft gebaseerd op hetgeen is vermeld in Bijlage A. Behorend bij artikel I, onderdeel E, van regeling nr. 2025-0000052054. en;
3kadastraal gelegen is in de gemeente Leidschendam-Voorburg.
Artikel 6 Hoogte en vorm van de subsidie
1De subsidie wordt in de vorm van een kadokaart verstrekt.
a.De hoogte van de subsidie bedraagt per woning € 750,- voor niet biobased materialen.
b.De hoogte van de subsidie bedraagt per woning € 1.250,- voor biobased materialen.
2De eigenaar-bewoner is verplicht de ontvangen kadokaart te besteden binnen de op de kadokaart genoemde geldigheidsduur. Niet tijdige besteding leidt tot het definitief vervallen van de kadokaart.
3De ontvangen kadokaart heeft een waarde van € 750,- of € 1.250,-. Indien de subsidieaanvrager voor een lager bedrag isolatiemateriaal aanschaft dan vervalt het resterende subsidiebedrag op het moment dat de geldigheidsduur van de kadokaart is verstreken. Zolang de kadokaart geldig is kan er gebruik van gemaakt worden door de eigenaar-bewoner.
Artikel 7 Subsidievoorwaarden
Om in aanmerking te komen voor subsidie moet aan de volgende voorwaarden worden voldaan:
1De energiebesparende isolatiematerialen mogen niet zijn aangeschaft voordat de subsidieaanvraag wordt gedaan;
2De energiebesparende isolatiemaatregel(en), wordt/worden in bestaande bouw geplaatst, dit betreft geen uitbreiding, nieuwbouw e.d.;
3De eigenaar-bewoner voert de subsidiabele activiteiten zelfstandig uit. Dit betekent dat de eigenaar-bewoner geen opdracht verleent aan derden voor de uitvoering van de maatregelen;
4De eigenaar-bewoner voert de maatregelen uit binnen 4 maanden na besteding van de kadokaart bij een aangesloten bouwmarkt;
5De eigenaar-bewoner is verplicht er zelf zorg voor te dragen dat de energiebesparende isolatiemaatregel technisch uitvoerbaar is;
6De ontvangen kadokaart mag niet worden overgedragen aan een derde;
7Er wordt maximaal 1 subsidieaanvraag per woning toegekend op basis van de ‘Specifieke nadere regels subsidieverstrekking Doe-het-zelf Leidschendam-Voorburg 2025 of de ‘Specifieke nadere regels subsidieverstrekking Specifieke Uitkering Doe-het-zelf Leidschendam-Voorburg 2025;
8De woning waarvoor de subsidie wordt aangevraagd heeft niet de status van een monument.
Artikel 8 Subsidieplafond en wijze van verdelen
1Voor subsidietoekenning op grond van deze regeling geldt voor de periode vanaf de inwerkingtreding tot en met 31 december 2029 een subsidieplafond van € 300.000.
2Het college verdeelt het maximale subsidiebedrag genoemd in het eerste lid op volgorde van binnenkomst van geregistreerde volledige aanvragen.
3Binnen de in lid 1 genoemde periode kan het college het subsidieplafond wijzigen.
Artikel 9 Subsidieverlening en uitbetaling
1Een eigenaar-bewoner die in aanmerking komt voor de subsidie wordt door de gemeente actief benaderd middels een brief, waar een unieke code in staat.
2Een subsidieaanvraag wordt ingediend bij de aanbieder van de kadokaart middels de unieke code in de brief door een eigenaar-bewoner.
3De subsidieaanvraag gaat vergezeld van:
•Voornaam + achternaam aanvrager;
•Adresgegevens aanvrager;
•Contactgegevens aanvrager;
•Inschatting van de oppervlakte van de aan te brengen isolatiemaatregel;
•Energielabel of beschrijving van minimaal 2 slecht geïsoleerde bouwdelen;
•Foto’s van de te isoleren bouwdelen van de woning.
4De subsidieaanvrager ontvangt uiterlijk na 2 weken de subsidie in de vorm van een kadokaart.
5De eigenaar-bewoner dient de kadokaart binnen 90 dagen na ontvangst, met de mogelijkheid om de geldigheid met 1 maand te verlengen, fysiek of online, te verzilveren bij een aangesloten bouwmarkt op voorwaarde dat de kadokaart is verzilverd voordat de regeling vervalt.
6De kadokaart kan binnen de genoemde geldigheidsduur worden besteed bij de aangesloten bouwmarkten.
7De subsidieaanvrager stuurt na plaatsing een foto van het geplaatste isolatiemateriaal naar de aanbieder van de kadokaart.
Artikel 10 Verantwoording
1Het college kan gedurende een jaar na afloop van het subsidiejaar of van de subsidieperiode aan de subsidieontvanger nadere gegevens vragen waaruit blijkt dat de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt, zijn verricht en dat is voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen.
2Het college kan steekproefsgewijs controleren of de energiebesparende maatregel in de woning is geplaatst.
3Het college voert jaarlijks standaard een onderzoek uit naar de rechtmatige besteding van de verleende subsidies bij tenminste 5 aanvragers.
Artikel 11 Weigeringsgronden, - intrekkings-, en terugvorderingsgronden
De subsidieaanvraag kan worden geweigerd, ingetrokken of worden teruggevorderd als sprake is van een of meerdere van de volgende gevallen:
1Er wordt niet voldaan aan het bepaalde in deze subsidieregeling.
2Het subsidieplafond is bereikt.
Artikel 14 Hardheidsclausule
Het college kan in bijzondere gevallen van het bepaalde in deze subsidieregeling afwijken of bepalingen buiten toepassing laten, voor zover toepassing ervan leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard.
Artikel 15 Citeertitel en inwerkingtreding
1Deze subsidieregeling wordt aangehaald als ‘Specifieke nadere regels subsidieverstrekking Specifieke Uitkering Doe-het-zelf Leidschendam-Voorburg 2025’.
2Deze subsidieregeling treedt in werking op de dag na bekendmaking.
3Deze subsidieregeling eindigt van rechtswege op 31 december 2029.
bijlage Slecht geïsoleerde bouwdelen van een woning
Een slecht geïsoleerde woning is gedefinieerd als woongelegenheid als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Woningwet met een energielabelklasse D, E, F of G.
In veel gevallen hebben woningen echter nog geen energielabel als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van het Besluit Energieprestatie Gebouwen. Om in die gevallen toch te kunnen kwalificeren als slecht geïsoleerde woning onder deze regeling, moet de energetische staat van de woning worden bepaald aan de hand van het aantal niet of slecht geïsoleerde bouwdelen. Het gaat daarbij om de volgende bestaande bouwdelen:
1De vloer/bodem;
2De gevel, waaronder de spouwmuur;
3Het dak/de zolder en de vlieringvloer;
4De ramen.
Er is sprake van een woning met een vergelijkbare energetische staat als ten minste twee van de genoemde bouwdelen niet of slecht geïsoleerd zijn. Bouwdelen zijn slecht geïsoleerd wanneer ze niet voldoen aan de huidige isolatie-eisen, zie hiervoor onderstaand schema.
Bouwdeel
Wanneer aanpakken?
Indicatie dikte of Rc of U-waarde
Dak, Hellend/plat dak
Geen, slechte en matige isolatie
Minder dan 9 cm aanwezig / een Rc ≤ 2,0
Dak, zolder-/vlieringvloerisolatie
Als er geen zolder-/vlieringvloerisolatie aanwezig is (als alternatief voor dakisolatie, alleen toe te passen bij een onverwarmde zolder en gesloten vlieringluik of gesloten toegangsdeur)
Rc ≤ 0,5
Gevel
Geen spouwmuurisolatie, voorzetwand of buitengevelisolatie aanwezig
Rc ≤ 1,1
Vloer-/bodemisolatie
Geen of slechte vloer- en bodemisolatie aanwezig, aanpakken bij matige vloerisolatie niet perse noodzakelijk
Minder dan 5cm aanwezig, Rc ≤ 1,3
Glas
Enkel glas, oud dubbelglas en HR glas
Ug waarde ≥ 1,6
Bron: Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO), Specifieke Uitkering ( SpUk ) Lokale Aanpak Isolatie