Gemeentelijke regelgeving

BELEIDSREGELS OEKRAÏENSE ONTHEEMDEN GEMEENTE LEIDSCHENDAM-VOORBURG 2025

Gemeente Leidschendam-Voorburg · geldt sinds 28 maart 2025

Aanhef

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Leidschendam-Voorburg,

gelet op de Tijdelijke wet opvang ontheemden Oekraïne, de Regeling opvang ontheemden Oekraïne en artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht;

besluit vast te stellen de volgende beleidsregels:

BELEIDSREGELS OEKRAÏENSE ONTHEEMDEN GEMEENTE LEIDSCHENDAM-VOORBURG 2025

Artikel 1 - Definities

1Alle begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Tijdelijke wet opvang ontheemden Oekraïne, de Regeling opvang ontheemden Oekraïne en de Algemene wet bestuursrecht.

2In deze beleidsregels wordt verstaan onder:

•college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Leidschendam-Voorburg;

•eigen bijdrage: de vergoeding zoals bedoeld in artikel 8 van de regeling;

•leefgeld: de maandelijkse financiële toelage zoals bedoeld in artikel 6, eerste lid, sub b en artikel 12 van de regeling;

•regeling: Regeling opvang ontheemden Oekraïne.

Artikel 2 Toelating tot de opvang

1Het college stelt een tijdelijke alternatieve opvang beschikbaar als sprake is van de in artikel 3 van de regeling genoemde omstandigheden.

2Het college sluit een ontheemde uit van de opvang als sprake is van de in artikel 4, eerste lid van de regeling genoemde omstandigheden.

Artikel 3 Doelgroep en voorwaarden leefgeld

1Het leefgeld is bedoeld voor ontheemden uit Oekraïne waarop de richtlijn 2001/55/EG van toepassing is.

2De ontheemde uit Oekraïne moet zich bevinden in een gemeentelijke of particuliere opvangvoorziening op grondgebied van de gemeente Leidschendam-Voorburg.

3De ontheemde uit Oekraïne moet zich officieel hebben ingeschreven bij de gemeente Leidschendam-Voorburg en in het bezit zijn van een Burgerservicenummer (BSN).

Artikel 4 Beëindiging leefgeld

1Op basis van artikel 7 van de regeling wordt gebruikt gemaakt van de mogelijkheid het leefgeld voor ontheemden in de gemeentelijke opvang te beperken of in te trekken voor de in dat artikel beschreven situaties.

2Op basis van artikel 13 van de regeling wordt gebruikt gemaakt van de mogelijkheid het leefgeld voor ontheemden in de particuliere opvang te beperken of in te trekken voor de in dat artikel beschreven situaties.

3De beëindiging gaat in vanaf de eerste dag van de maand volgend op de maand waarin van één of meer van de bovengenoemde omstandigheden is gebleken.

4Bij terugkeer in de gemeente na een verblijf langer dan 28 dagen kan de belanghebbende een nieuwe aanvraag indienen. Het leefgeld gaat dan in vanaf de maand volgend op de maand van terugkeer.

Artikel 5 Beëindiging en beperking leefgeld bij inkomsten uit arbeid

1Indien de ontheemde inkomsten uit arbeid heeft, worden de verstrekkingen beëindigd met ingang van de eerste dag van de maand die volgt op de datum waarop de arbeid is begonnen.

2In afwijking van het eerste lid kunnen de verstrekkingen beperkt worden tot het verschil tussen het bedrag dat verstrekt moet worden en de inkomsten uit arbeid, als deze inkomsten lager zijn dat bedrag.

3De beoordeling van de hoogte van het leefgeld wordt achteraf gewijzigd naar aanleiding van een melding van de belanghebbende of wanneer dit via een andere bron bij de gemeente bekend raakt

4Bij beëindiging van het werk of de uitkering kan de belanghebbende een nieuwe aanvraag indienen voor leefgeld. Het leefgeld gaat dan in vanaf de maand volgend op de maand waarover voor het laatst inkomen of uitkering wordt ontvangen.

Artikel 6 Terugvordering

1Op basis van artikel 7, zesde lid van de regeling wordt gebruik gemaakt van de bevoegdheid om bij ontheemden in de gemeentelijke opvang ten onrechte of tot een te hoog bedrag betaald leefgeld terug te vorderen.

2Op basis van artikel 13, derde lid van de regeling wordt gebruik gemaakt van de bevoegdheid om bij ontheemden in de particuliere opvang ten onrechte betaald leefgeld terug te vorderen.

3De terugvordering wordt in gang gezet bij die ontheemden die ingeschreven staan in Nederland.

4Er kan worden afgezien van terugvorderen wanneer:

a.er sprake is van dringende redenen: als (volledige of gedeeltelijke) terugvordering voor de ontheemde gelet op bijzondere omstandigheden in het individuele geval leidt tot onaanvaardbare gevolgen op financieel en sociaal-maatschappelijk gebied.

b.Bij kruimelbedragen, wanneer het terug te vorderen bedrag maximaal € 125,00 is.

Artikel 7 Toetsing onevenredige schade

1Het college onderzoekt of er sprake is van onevenredige schade in de zin van artikel 2b van de regeling na ontvangst van een door een ontheemde ingediend schriftelijk signaal. Dit onderzoek kan onder andere als gevolg hebben dat afgezien wordt van het opleggen van de eigen bijdrage ex artikel 8 van de regeling.

2Bij het in het eerste lid bedoelde onderzoek neemt het college met betrekking tot de eigen bijdrage in aanmerking:

a.de hoogte van de eigen bijdrage ten opzichte van het (gezins)inkomen;

b.het beschikbare (gezins)budget na betaling van de eigen bijdrage;

c.schulden of andere aantoonbare financiële verplichtingen;

d.uitgaven als gevolg van aantoonbare of aannemelijke bijzondere persoonlijke verplichtingen.

Artikel 8 Hardheidsclausule

Het college kan met toepassing van artikel 4:84 van de Awb in bijzondere gevallen afwijken van de bepalingen van deze beleidsregels, als toepassing gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zou zijn in verhouding tot de met de beleidsregel te dienen doelen.

Artikel 9 Inwerkingtreding en citeertitel

1Deze beleidsregels treden in werking op de dag na bekendmaking.

2Deze beleidsregels worden aangehaald als: Beleidsregels Oekraïense ontheemden gemeente Leidschendam-Voorburg 2025.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.