Gemeentelijke regelgeving

Evenementenbeleid gemeente Landsmeer 2020

Gemeente Landsmeer · geldt sinds 30 januari 2025

5. B en C-evenementen

5.2. Voorbereiding

5.2.2. Aanvraagformulier

Het aanvraagformulier vormt de basis van de vergunningsverleningsproces. Het is de officiële aanvraag voor een evenementenvergunning en bevat de algemene omschrijving van het evenement. De details van het evenement worden verwerkt in de verdere planvorming (processtap 1).

Indien een aanvraagformulier minder dan drie weken voorafgaand aan het evenement is ingediend kan de burgermeester de vergunning weigeren als een behoorlijke behandeling van de aanvraag niet meer mogelijk is (artikel 1:8, tweede lid, van de APV).

Als de aanvraag is ingediend vindt de intake, de beoordeling van de aanvraag, plaats. Indien een aanvraag niet compleet is, wordt de aanvrager verzocht binnen een gestelde termijn de aanvraag aan te vullen (artikel 4:5, eerste lid, van de Awb) en wordt de behandeltermijn opgeschort (artikel 4:15, eerste lid, aanhef, onder a, van de Awb). Normaliter wordt hier een termijn van twee weken voor gehanteerd, maar indien een organisator meer tijd nodig heeft kan hier van afgeweken worden.

Indien de aanvraag niet in de daarvoor gestelde termijn (volledig) wordt aangevuld kan de burgemeester besluiten de aanvraag niet in behandeling te nemen (artikel 4:5, eerste lid, aanhef, onder c, van de Awb). Dit moet binnen vier weken nadat de aanvraag is aangevuld of nadat de daarvoor gestelde termijn ongebruik is verstreken aan de aanvrager bekend gemaakt worden (artikel 4:5, vierde lid, van de Awb) (processtap 2).

5.2.3. Planvorming

Om een evenement goed te kunnen voorbereiden moeten alle partijen voorzien van de juiste informatie. Door middel van de onderstaande planvorming kan een organisator de gewenste informatie op een gestructureerde wijze aanbieden aan alle adviseurs.

Risicoanalyse:

In de risicoanalyse worden verschillende scenario’s besproken. Voor elk scenario wordt de kans van plaatsvinden (groot, gemiddeld, laag) gewogen en welk effect dit heeft op het evenement (groot, gemiddeld, laag).

Voor de scenario’s waarvan de kans en het effect gemiddeld of laag is worden de te nemen maatregelen opgenomen in de onderliggende planvorming.

Voor de scenario’s waarvan de kans en/of het effect groot is, of waarvoor geen maatregelen te nemen zijn (de zogenaamde restrisico’s) worden speciale handelingsperspectieven voor die specifieke scenario’s geschreven, de zogenaamde maatscenario’s.

Calamiteitenplan:

In het calamiteitenplan worden de maatscenario’s voor de restrisico’s besproken.

Organisatieplan:

In het organisatieplan wordt het evenement uiteengezet. Hierbij gaat het om de organisatiestructuur, communicatieschema, omschrijving van de activiteiten.

Indelingstekening:

Op een indelingstekening van het evenemententerrein zijn alle objecten op schaal ingetekend (voorkeur voor 1:100 of 1:150). Indien het evenemententerrein afgehekt is dienen de nooduitgangen en de reguliere in- en uitgangen ingetekend te zijn.

Beveiligingsplan:

In een beveiligingsplan wordt aangegeven hoe de veiligheid tijdens het evenement gewaarborgd wordt. Er wordt aangegeven welk beveiligingsbedrijf wordt ingehuurd en de inzet van beveiligers wordt uiteengezet. Daarnaast worden diverse scenario’s waar de beveiliging tegen aan kan lopen besproken en hoe hier op geacteerd wordt.

Verkeersplan:

In een verkeersplan wordt omschreven hoe de verkeersstromen gereguleerd worden en waar de parkeergelegenheden zijn. Er wordt aangegeven welk verkeersbedrijf wordt ingehuurd, en de inzet van verkeersregelaars en de plaatsing van borden wordt uiteengezet. Daarnaast wordt er aangegeven welke personen welke verantwoordelijkheden dragen tijdens het evenement met betrekking tot verkeer. Tot slot worden de calamiteitenroutes voor de hulpdiensten en de vluchtroutes voor het publiek aangegeven. Bij een verkeersplan zijn altijd plattegronden bijgevoegd waarop het verkeersplan ingetekend is.

Gezondheidsplan:

In een gezondheidsplan wordt omschreven op welke wijze er voorzien is in een medische organisatie en welk bedrijf dit gaat doen. De inzet van het aantal personen, de taken die de medische organisatie heeft, of er gewerkt wordt met een statische medische post of een dynamische inzet met mobiele teams en de locatie(s) van de medische organisatie worden uiteengezet. Daarnaast wordt er aangegeven welke personen welke verantwoordelijkheden dragen tijdens het evenement met betrekking tot de gezondheidzorg.

Daarnaast wordt omschreven waar en welke toiletvoorzieningen worden geplaatst en welke maatregelen worden genomen ten behoeve van het voorkomen van infectieziektes.

Geluidsplan:

In het geluidsplan wordt omschreven op welke wijze het muziek ten gehore wordt gebracht en hoe het volume (dB(A)) gedurende de dag opgebouwd wordt. Daarnaast wordt beschreven welke maatregelen de organisator neemt om de geluidsuitstraling naar de omgeving te beperken.

Afvalplan:

In het afvalplan wordt omschreven op welke wijze de organisatie omgaat met afval gedurende het evenement, de wijze van gescheiden afval inzamelen en het afvoeren van het afval na afloop van het evenement.

Overige planvorming:

In het kader van maatwerk kan het voorkomen dat voor zaken die niet besproken worden in de bovenstaande planvorming een apart plan wordt opgevraagd.

Advisering evenementencommissie

Bij B- en C-evenementen wordt de risico-aanpak gehanteerd. Het evenement wordt integraal voorbereid in de evenementencommissie. De evenementencommissie bestaat uit de beleidsmedewerker APV & bijzondere wetten, de beleidsmedewerker Openbare Orde en Veiligheid, de beleidsmedewerker Verkeer, de evenementencoördinator van de politie, de adviseur van de GHOR, de adviseur van de ODijmond. Daarnaast kunnen indien gewenst andere partners, zoals de VrZW, Recreatieschap Twiske-Waterland, de buurgemeenten aanschuiven tijdens bijeenkomsten van de evenementencommissie.

Gedurende een bijeenkomst wordt de planvorming gezamenlijk met de organisator en de adviseurs besproken en indien nodig aangescherpt. Voor dit proces kunnen er meerdere bijeenkomsten nodig zijn. (processtap 4).

Na de laatste bijeenkomst word de officiële aanvraag en planvorming ingediend door de organisator. Dit wordt ter advies voorgelegd aan de adviseurs. De adviestermijn voor de adviseurs is vier weken.

6. Juridisch kader

6.6. Overige wet- en regelgeving

6.6.1. Algemene wet bestuursrecht (Awb)

Deze wet bevat bepalingen over de wijze waarop een verzoek tot een besluit moet worden ingediend en hoe besluiten van bestuursorganen worden voorbereid. Van sommige bepalingen in de Awb kan bij gemeentelijke verordening worden afgeweken.

6.6.2. Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Landsmeer 2019 (APV)

Evenementenvergunning

In artikel 2:25, eerste lid van de APV is bepaald dat het verboden is zonder vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren. De vergunning kan worden geweigerd in het belang van de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid en/of de bescherming van het milieu (artikel 1:8 van de APV).

Vechtsportwedstrijden en –gala’s

De praktijk heeft geleerd dat er rond en tijdens bepaalde categorieën vechtsportwedstrijden en –gala’s een verhoogde kans bestaat op ongewenste situaties. Om grip te houden op deze aangelegenheden heeft de burgemeester op grond van artikel 2:24, tweede lid, onder f van de APV de mogelijkheid bepaalde categorieën vechtsportwedstrijden en –gala’s aan te wijzen als evenement. Hierdoor worden deze vechtsportwedstrijden en –gala’s vergunningsplichtig.

Op grond van artikel 2:25, zevende lid, van de APV mag een organisator en/of aanvrager van deze vechtsportwedstrijden en -gala’s niet van slecht levensgedrag zijn. Dit wordt getoetst door middel van een BIBOB onderzoek. Indien de organisator van slecht levensgedrag is weigert de burgemeester de vergunning.

6.6.3. Handreiking Evenementenveiligheid 2018 (HEV 2018)

De Handreiking Evenementenveiligheid 2018 (HEV 2018) is een procesmodel dat een landelijk kader biedt dat gebruikt kan worden door veiligheidsregio’s, politie, gemeenten en samenwerkingspartners bij de vergunningverlening, voorbereiding, uitvoering en evaluatie van evenementen.

De HEV 2018 is ontwikkeld in opdracht van het Veiligheidsberaad en is de opvolger van de HEV 2011. Het procesmodel/stroommodel is opgenomen in dit beleid (zie bijlage 2).

6.6.4. Natura 2000

Natura 2000 richt zich op het behoud en de ontwikkeling van natuurgebieden in heel Europa. Natura 2000 is de overkoepelende naam voor gebieden die worden beschermd vanuit de Vogel- en Habitatrichtlijn. Volgens deze Europese richtlijnen moeten lidstaten specifieke diersoorten en hun natuurlijke leefomgeving (habitat) beschermen om de biodiversiteit te behouden.

In de gemeente Landsmeer bevindt zich het recreatiegebied het Twiske dat is aangewezen als onderdeel van het Natura 2000-gebied Ilperveld, Varkensland, Oostzanerveld & Twiske. Dit gebied is onderdeel van het brakke laagveengebied, dat zich in Noord-Holland heeft gevormd door verlanding onder invloed van brak water in petgaten, Rietlandbeheer en begrazing hebben bij die ontwikkeling de vegetatiestructuur en de vestiging van vegetatie en fauna nader gestuurd. In het Vogelrichtlijngebied komt een groot areaal weide- en hooiland voor, dat een belangrijke bijdrage levert aan de betekenis als vogelgebied. Het is een zeer belangrijk broedgebied voor broedvogels van natte graslanden (kemphaan) en belangrijk broedgebied voor broedvogels van rietmoerassen (roerdomp, rietzanger).

Voor nieuwe activiteiten/evenementen is het vanzelfsprekend dat de verantwoordelijkheid bij de organisator ligt om aan te tonen dat een activiteit geen negatief effect zal hebben op het gebied wat onder de Natura 2000 valt. Het bevoegd gezag in deze zake is de provincie Noord-Holland.

6.6.5. Drank- en Horecawet (DHW)

Op grond van artikel 3 van de DHW is het verboden zonder vergunning van de burgemeester een horecabedrijf uit te oefenen (het bedrijfsmatig of anders dan om niet verstrekken van alcoholhoudende drank voor gebruik ter plaatse).

Artikel 35 van de DHW biedt de burgemeester de mogelijkheid om, voor bijzondere gelegenheden van zeer tijdelijke aard, een ontheffing van dit verbod te verlenen voor het verstrekken van zwakalcoholhoudende dranken. Deze ontheffing kan voor maximaal twaalf aaneengesloten dagen worden afgegeven.

Indien een organisator gebruik maakt van zijn terras (genoemd op de Drank- en Horecavergunning), mag hij daarop een tap plaatsen tijdens het evenement.

Indien het evenement toegankelijk is voor personen die de leeftijd van 18 jaar nog niet hebben bereikt is de organisatie verplicht gebruik te maken van een bandjessysteem waarbij de meerderjarigen een bandje ontvangen ter identificatie bij de bar.

Indien er bij een terugkerend evenement veel alcohol gerelateerd incidenten hebben plaatsgevonden, kan de burgemeester bepalen dat er bij een volgende editie gebruik gemaakt moet worden van evenementenbier.

6.6.6. Wet milieubeheer

De Wet milieubeheer regelt de zorg voor het milieu. Doel van de wet is om het zogeheten grijze milieu te regelen. Het gaat hierbij om de leefomgeving (lucht, water en bodem) en niet om de natuur (bomen, planten en dieren). In het kader van deze wetgeving kunnen bijvoorbeeld voorschriften gegeven worden over afval en geluidsnormen. Zo moet de organisator van een evenement ervoor zorgen dat het evenemententerrein en de openbare weg schoon wordt achtergelaten, dat er geen lozingen aan het oppervlaktewater plaatsvinden en dat er voldoende toiletvoorzieningen zijn.

6.6.7. Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen (BGBOP)

Per 1 januari 2018 is het BGBOP van kracht. Dit besluit geeft regels over het brandveilig gebruik van voor mensen toegankelijke plaatsen, voor zover dit niet in andere wetgeving is geregeld. Daarnaast bevat dit besluit regels over de zogenoemde basishulpverlening op die plaatsen. Veel van de regels in dit besluit gaan over plaatsen waar groepen mensen in georganiseerd verband bij elkaar zijn (zoals evenementen) omdat daar immers risico’s ontstaan, onder meer wat betreft de brandveiligheid.

6.6.8. Wet op de kansspelen (Wok)

In artikel 1 van de Wok is bepaald dat het verboden is om een bijeenkomst te organiseren waar gelegenheid is tot het deelnemen aan een kansspel, bijvoorbeeld een loterij. Op grond van artikel 7c van de Wok is het verboden een bijeenkomst, waar gelegenheid tot het deelnemen aan het kleine kansspel wordt gegeven, te organiseren indien niet ten minste veertien dagen voorafgaand aan de bijeenkomst melding hiervan is gedaan aan het college en het college niet heeft besloten de bijeenkomst te verbieden.

6.6.9. Wet dieren

In artikel 1.3. van de Wet dieren is de intrinsieke waarde van het dier bepaald. Daarmee wordt tot uitdrukking gebracht dat dieren, zijnde wezens met gevoel, een eigen, zelfstandige waarde hebben, los van de gebruikswaarde die de mens aan het dier toekent. Het kabinet is van mening dat de intrinsieke waarde van niet-gedomesticeerde dieren die optreden in en meereizen met circussen in het geding is. Er is sprake van een welzijnsprobleem en de integriteit van dieren die optreden in circussen is aangetast. Daarom heeft het Kabinet besloten dat vanaf 15 september 2015 geen wilde zoogdieren meer mogen optreden in circussen.

6.6.10. Vuurwerkbesluit

Voor het afsteken van vuurwerk tijdens evenementen is een vergunning of een melding vereist op grond van het Vuurwerkbesluit. Meldingen en vergunningaanvragen kunnen ingediend worden bij het bevoegd gezag, de Provincie Noord-Holland.

6.6.11. Zondagswet

Op grond van artikel 4 van de Zondagswet, is het verboden op zondag voor 13.00 uur openlijke vermakelijkheden te houden, daartoe gelegenheid te geven of aan die vermakelijkheden deel te nemen. De burgemeester is bevoegd ontheffing van dit verbod te verlenen.

6.6.12. Opiumwet

De Opiumwet maakt sinds 1976 onderscheid in harddrugs (lijst I) en softdrugs (lijst II). In beide gevallen is het in beginsel, onder andere, verboden om de middelen die op de lijst staan te verkopen, te verstrekken of te vervoeren.

Daarnaast is het om volksgezondheidsredenen onwenselijk dat de middelen genoemd in lijst I en lijst II gebruikt worden gedurende evenementen. Het is de verantwoordelijkheid van de organisator om aan te geven wat de kans is dat deze middelen gedurende het evenement verkocht/gebruikt worden en welke maatregelen worden genomen om verkoop/gebruik tegen te gaan.

6.6.13. Bibob beleidslijn gemeente Landsmeer 2019

Op grond van het Bibob beleidslijn gemeente Landsmeer 2019 wordt een Bibob toets uitgevoerd bij aanvragen voor een evenementenvergunning waarmee een investering gemoeid is van €10.000,- (excl. BTW) of hoger.

Daarnaast wordt ongeacht de kosten, een Bibob toets uitgevoerd bij een aanvraag voor een evenementenvergunning die betrekking heeft op vechtsportgala’s of waarbij leden van zogenoemde Outlaw Motorcycle Gangs (OMG’s) betrokken zijn dan wel waar sprake is van nauwe verwevenheid daarmee.

Bijlage 1: Verantwoordelijkheden evenementen

Bij de voorbereiding en de uitvoering van een evenement zijn verschillende actoren betrokken met ieder hun eigen taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden. De gemeente Landsmeer hecht er waarde aan dat alle actoren tot hun volste recht komen gedurende de voorbereiding zodat de uitvoering van het evenement veilig en ordelijk verloopt.

B1.1 Organisator

Een organisator heeft vaak een commercieel belang bij een evenement. Op basis van de vergunningsvoorschriften heeft de organisator de plicht om te zorgen voor een veilig evenement. Hiermee is de organisator primair eindverantwoordelijk voor een ordelijk en veilig verloop van een evenement en het beperken en/of voorkomen van overlast en/of effecten in de omgeving. Dit geldt zowel voor openbare terreinen als voor binnenlocaties.

Daarnaast is de organisator verantwoordelijk voor het treffen van noodzakelijke facilitaire, beheersmatige en bijbehorende voorzieningen. Hij realiseert alles wat nodig is om het evenement veilig te laten verlopen, conform de bepalingen in de vergunning. Dit houdt in dat de organisator minimaal instaat voor:

•de communicatie naar bezoekers, omwonenden en andere belanghebbenden;

•een complete en correcte aanvraag van de vergunning(en);

•de veiligheid en gezondheid van de bezoekers;

•het regelen van de bezoekersstroom en de controle van de toegang;

•de draaiboeken en de organisatie bij calamiteiten binnen de risicoanalyse;

•de regeling van de parkeercapaciteit en verkeerscirculatie;

•de strikte toepassing van de vergunningsschriften en de wetgeving. In het bijzonder de bepalingen van de Drank- en Horecawetgeving, de wetgeving met betrekking tot verdovende middelen, gezondheid, hygiëne en de goede zeden;

•het zoveel mogelijk beperken van de overlast als gevolg van het evenement.

B1.2 Deelnemers/publiek

Hoewel het publiek erop mag vertrouwen dat het beschermd wordt tegen eventuele gevaren van het evenement, draagt het ook een eigen verantwoordelijkheid voor zijn of haar persoonlijke veiligheid. Deze eigen verantwoordelijkheid speelt een bijzondere rol bij “sensationele” evenementen. Dergelijke evenementen kennen veelal een grote aantrekkingskracht. Het publiek moet zich er van bewust zijn aan welke risico’s het zich vrijwillig blootstelt en er niet blind op vertrouwen dat de eigen veiligheid gegarandeerd is door de leverancier, organisator en/of gemeente.

B1.3 Gemeente

De gemeente vervult ten aanzien van evenementen de volgende rollen:

•vergunningverlener;

•regisseur en procesbewaker in de aanloop naar het evenement;

•medetoezichthouder en -handhaver;

•crisispartner bij een calamiteit;

•informatieverstrekker aan bezoekers, omwonenden en andere belanghebbenden inzake de vergunningverlening, de te nemen maatregelen in de openbare ruimte en de wijze van klachtenafhandeling.

De wetgeving aangaande de verordenende bevoegdheid met betrekking tot de vergunningsaanvraag en -verlening is vastgelegd in de Gemeentewet en de Algemene wet bestuursrecht (Awb). In de APV zijn de plaatselijke regels voor vergunningverlening vastgelegd. Het traject van vergunningverlening heeft als doel aantasting van openbare orde, veiligheid, zedelijkheid en gezondheid te voorkomen.

Bestuurlijk

De burgemeester is op grond van de Gemeentewet bestuurlijk verantwoordelijk voor de rol van de gemeente op het gebied van veiligheid. De primaire rol van de burgemeester ten aanzien van evenementen komt voort uit zijn portefeuille: Openbare Orde en Veiligheid (OOV). Hij is tevens bestuurlijk verantwoordelijk voor de evenementenvergunning, de Drank- en Horecawet, het toezicht en handhaving van de OOV en heeft de bevoegdheid vergunningen te verlenen alsmede te weigeren.

Het college van burgemeester en wethouders is het bevoegd gezag voor het verlenen van een omgevingsvergunning strijdig gebruik als een evenement niet meer als functioneel en ruimtelijk onderschikt gezien kan worden en strijdig is met een vigerend bestemmingsplan.

Ambtelijk

Ambtelijk zijn bij evenementenveiligheid diverse gemeentelijke functionarissen betrokken:

•Beleidsmedewerker APV en bijzondere wetten is verantwoordelijk voor het begeleiden van de organisatoren in het gehele vergunningsproces met betrekking tot alle binnengekomen aanvragen voor B- en C-evenementen (van aanvraag tot evaluatie).

Deze beleidsmedewerker is verantwoordelijk voor de multidisciplinaire afstemming met hulpverleningsdiensten en organisator. Uit hoofde van zijn functie is hij voorzitter van de evenementencommissie en het afstemmingsoverleg

•Medewerker vergunningen is verantwoordelijk voor het begeleiden van de organisatoren in het gehele vergunning- en meldingsproces met betrekking tot alle binnengekomen aanvragen en meldingen voor 0- en A-evenementen (van aanvraag tot evaluatie).

Deze medewerker is verantwoordelijk voor de multidisciplinaire afstemming met hulpverleningsdiensten en organisator.

•Beleidsmedewerker Openbare Orde en Veiligheid is verantwoordelijk voor en de directe adviseur van de burgemeester op het thema Openbare Orde en Veiligheid. De beleidsmedewerker wordt bij de B- en C-evenementen betrokken in het voorbereidingsproces en de uitvoering van het evenement.

•Beleidsmedewerker verkeer is verantwoordelijk voor het adviseren op de verkeerskundige aspecten van een evenement. Dit kan het geval zijn bij alle vier categorieën evenementen.

•Overige medewerkers kunnen een inhoudelijke rol hebben op hun terrein wanneer het gaat om de beoordeling van de door de organisator aangevraagde vergunning. Daarom kunnen deze medewerkers een adviserende rol hebben in het kader van evenementenvergunningen;

•Medewerkers Team Handhaving hebben een signalerende en handhavende taak tijdens het evenement. Alle medewerkers houden contact met de medewerker vergunningen en/of de beleidsmedewerker APV en bijzondere wetten.

B1.4 Hulpdiensten

De hulpverleningsdiensten zijn verantwoordelijk voor het uitvoeren van de wettelijke taken en verantwoordelijkheden binnen hun deelterrein. Zij reserveren capaciteit op basis van de regionale evenementenkalender en adviseren de burgemeester, in deze het bevoegd gezag, over de veiligheid van een evenement. De burgemeester verleent of weigert uiteindelijk de evenementenvergunning.

Het adviseren gebeurt door de Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland (VrZW), politie en de Geneeskundige hulpverleningsorganisatie in de regio (GHOR)

1de GHOR adviseert als loket voor de GGD-afdelingen en stemt met de GGD af om tot één geïntegreerd advies te komen.

. Voor de politie is deze adviseringstaak gebaseerd op de Politiewet. Voor de VrZW en de GHOR is deze adviseringstaak gebaseerd op de Wet veiligheidsregio’s en het Regionaal Beleidsplan VrZW. Naast de advisering heeft een aantal hulpverleningsdiensten ook handhavende en toezichthoudende bevoegdheden. De voorbereiding op (risicovolle) evenementen ligt voor de hulpverleningsdiensten in de lijn met de voorbereiding op crisisbeheersing. Elke hulpdienst is bij calamiteiten een crisispartner.

Het advies van een hulpdienst richt zich tot specifieke aandachtsvelden. Hieronder zijn de aandachtsvelden per hulpdienst uiteengezet.

De GHOR adviseert ten behoeve van de vergunningverlening over:

•geneeskundige risico’s;

•technische hygiënezorg (zoals toiletten, drinkwatervoorzieningen, tijdelijke voorzieningen);

•aanwezigheid van basiszorg en medische zorg op het evenemententerrein;

•aanwezigheid van medische voorzieningen op het evenemententerrein;

•voorkomen van gezondheidsbedreigende situaties.

De planvorming wordt door de GHOR getoetst aan de Veldnorm Evenementenzorg.

De daadwerkelijke uitvoering van zorg ligt bij de organisator (inkoop en uitvoering van de Evenementen zorgorganisatie, zoals EHBO, verpleegkundige, ambulance). De Inspectie voor Gezondheidszorg en Jeugd ziet deze gelijk aan een zorgaanbieder en hierdoor is de Wet kwaliteit, klachten en geschillen van toepassing

De politie adviseert ten behoeve van de vergunningverlening over:

•maatregelen ter bevordering van verkeersveiligheid en –circulatie, bereikbaarheid en de calamiteitenroute hulpverleningsdiensten en voorkomen van (ernstig) verkeershinder;

•maatregelen ter voorkoming van openbare orde verstoringen;

•maatregelen ter voorkoming van strafbare feiten en gedragingen;

•maatregelen ten behoeve van Crowd Management en –control, bevordering van veiligheid in algemene zin.

De VrZW adviseert ten behoeve van de vergunningverlening over:

•de integraliteit van het te lopen proces;

•de aansluiting van de planvorming bij de crisisorganisatie.

B1.5 Overige actoren

De Omgevingsdienst IJmond (ODijmond)

DeODijmond voert namens vijftien gemeenten en de provincie Noord-Holland diverse milieutaken uit. Hierbij kan gedacht worden aan energie, duurzaamheid, luchtkwaliteit, kwaliteit van de bodem, geluid, veiligheid en flora en fauna.

Naast de bovengenoemde kerntaken voert de ODijmond voor de gemeente Landsmeer taken uit met betrekking tot brandveiligheid, Drank- en Horecawet, bouw- en woningtoezicht (voor evenementen).

De ODijmond adviseert ten behoeve van de vergunningverlening over:

•maatregelen ten behoeve van zelfredzaamheid en veilige ontvluchting;

•maatregelen ter voorkoming en beperking van brandgevaar, ongevallen en overige fysieke gevaren;

•maatregelen ter voorbereiding op een eventuele hulpverlening;

•te treffen voorzieningen ten behoeve van de operationele inzet hulpverleningsdiensten;

•voorkomen en beperken van gevaar voor mens en dier in algemene zin;

•geluidsnormen

Het recreatieschap Twiske-Waterland (recreatieschap)

Het recreatieschap is een gemeenschappelijke regeling van negen gemeenten, waaronder de gemeente Landsmeer en de provincie Noord-Holland, en is eigenaar en beheerder van het recreatiegebied Het Twiske. Bij evenementen die plaats vinden in het recreatiegebied dient apart toestemming te worden verkregen van het Algemeen Bestuur van het Recreatieschap Twiske-Waterland. In de voorbereiding adviseert het recreatieschap vanuit zijn rol als terreineigenaar en -beheerder.

Het recreatieschap adviseert ten behoeve van de vergunningverlening over:

•de terreinen die gebruikt kunnen worden ten behoeve van het evenement;

•de gesteldheid van het terrein en de aanwezig zijnde faciliteiten;

•de toegankelijkheid van het gebied voor de ondernemers (en bewoners) in het gebied en de recreant.

Andere gemeenten

Met name bij grote evenementen kan er een effectgebied buiten de gemeente Landsmeer ontstaan. Zo heeft de in- en uitstroom van het Welcome to the Future festival in meer of mindere mate effect op de gemeenten Oostzaan, Amsterdam, Purmerend en Zaanstad.

Per geval wordt bekeken wel effect een evenement heeft en wordt de desbetreffende gemeente gevraagd of en in welke mate, zij betrokken willen worden bij de voorbereiding.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.