Aanhef
De raad van de gemeente Land van Cuijk;
gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 3 december 2024;
gelet op artikel 149 van de Gemeentewet;
besluit:
1in te trekken de Verordening commissie bezwaarschriften Land van Cuijk 2022;
2vast te stellen de navolgende verordening overeenkomstig de volgende bepalingen:
Verordening voor de behandeling van bezwaarschriften Land van Cuijk 2025
Artikel 1. Definities
In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
-ambtelijk horen: horen door meerdere ambtenaren namens het bestuursorgaan, bedoeld in artikel 7:5 van de Algemene wet bestuursrecht;
-Awb: Algemene wet bestuursrecht;
-behandelaar: de ambtenaar die het bestuursorgaan vertegenwoordigt in de bezwaarprocedure;
-bestuursorgaan: gemeentelijk orgaan dat het bestreden besluit heeft genomen;
-bezwaarmaker: indiener van een bezwaarschrift;
-commissie: adviescommissie als bedoeld in artikel 7:13 van de Awb;
-secretaris: ambtelijk secretaris van de commissie;
-voorzitter: voorzitter van de commissie.
Artikel 2. Ingediend bezwaarschrift
Het bestuursorgaan registreert het ingediende bezwaarschrift met de datum van ontvangst.
Artikel 3. Vooronderzoek en informele behandeling
1Het bestuursorgaan onderzoekt of het bezwaarschrift informeel kan worden afgehandeld, alvorens het verder in behandeling te nemen. De secretaris verricht daartoe de nodige handelingen.
2Als het bezwaar in der minne wordt geschikt, legt het bestuursorgaan de gemaakte afspraken schriftelijk vast en neemt het zo nodig een nieuw besluit.
Artikel 4. Ambtelijk horen
1Het bestuursorgaan kan categorieën van bezwaarschriften binnen het sociaal domein aanwijzen waarbij het horen ambtelijk kan plaatsvinden.
2Het ambtelijk horen wordt uitgevoerd door ten minste twee ambtenaren, die niet betrokken zijn geweest bij de voorbereiden van het bestreden besluit.
3Het bestuursorgaan bepaalt de wijze en het tijdstip van het horen.
4Als de bezwaarmaker of het bestuursorgaan het bezwaarschrift aan de commissie wil voorleggen, kan het bestuursorgaan besluiten dat het horen door de commissie plaatsvindt.
Artikel 5. Inleidende bepaling commissie
1Er is een commissie ter voorbereiding van de beslissing op bezwaren tegen besluiten van de raad, het college en de burgemeester.
2De commissie is belast met het horen en adviseren over de volledige heroverweging van bestreden besluiten.
3De commissie is niet bevoegd ten aanzien van bezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten:
a.op grond van een wettelijk voorschrift inzake belastingen of de Wet waardering onroerende zaken;
b.van de leerplichtambtenaar.
Artikel 6. Samenstelling van de commissie
1De commissie bestaat uit een voorzitter en ten minste vijf leden.
2De voorzitter en de leden worden door burgemeester en wethouders benoemd, geschorst en ontslagen.
3De commissie regelt de vervanging van de voorzitter.
4Tot voorzitter, respectievelijk lid van de commissie zijn niet benoembaar zij die deel uitmaken van of werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van een bestuursorgaan van de gemeente Land van Cuijk.
5Evenmin tot lid kunnen worden benoemd personen die minder dan drie jaren voorafgaand aan hun voorgenomen benoeming:
a.lid zijn geweest van een bestuursorgaan als bedoeld in het vierde lid of één van haar rechtsvoorgangers;
b.ambtenaar of medewerker van de gemeente Land van Cuijk of één van haar rechtsvoorgangers zijn geweest.
Artikel 7. Instelling kamers
De commissie kan kamers instellen, die belast worden met de behandeling van bezwaarschriften.
De commissie bepaalt het aantal kamers en stelt voor elke kamer vast welke categorie of categorieën bezwaarschriften door haar zullen worden behandeld.
Artikel 8. Secretaris
1De commissie wordt ambtelijk bijgestaan door minstens twee secretarissen.
2De secretarissen van de commissie zijn door burgemeester en wethouders aangewezen ambtenaren.
3Burgemeester en wethouders wijzen ook één of meer plaatsvervangers van de secretarissen aan.
4De secretarissen zijn in de uitvoering van die functie uitsluitend verantwoording verschuldigd aan de commissie.
Artikel 9. Zittingsduur
1De voorzitter en de leden van de commissie worden benoemd voor een termijn van vier jaar. Het is mogelijk één keer herbenoemd te worden.
2De voorzitter en de leden van de commissie kunnen op elk moment ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan burgemeester en wethouders.
3De aftredende of ontslagnemende voorzitter of leden van de commissie blijven hun functie vervullen totdat in de opvolging is voorzien.
Artikel 10. Uitoefening bevoegdheden
1De voorzitter oefent de bevoegdheden van de hierna genoemde artikelen van de Awb zelfstandig uit:
a.verzoeken om een schriftelijke machtiging aan een gemachtigde (artikel 2:1, tweede lid);
b.stellen van een termijn aan de bezwaarmaker (artikel 6:6);
c.verzenden van stukken tijdens de behandeling door de commissie (artikel 6:17);
d.ter inzage leggen van het bezwaarschrift en de op de zaak betrekking hebbende stukken, dan wel toezenden daarvan aan een belanghebbende (artikel 7:4, tweede lid);
e.al dan niet op verzoek van een belanghebbende afzien van het op de hoogte stellen van het verhandelde tijdens een hoorzitting van een andere belanghebbende, voor zover geheimhouding om gewichtige reden is geboden (artikel 7:6, vierde lid).
2De voorzitter kan deze bevoegdheden mandateren aan de secretaris.
Artikel 11. Voorbereiding onderzoek
1De voorzitter bepaalt plaats en tijdstip van de hoorzitting waarin de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te laten horen.
2De voorzitter nodigt de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan ten minste twee weken voor de hoorzitting schriftelijk uit.
3Binnen drie werkdagen na de uitnodiging kunnen de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden of het bestuursorgaan onder opgaaf van redenen de voorzitter verzoeken het tijdstip van de hoorzitting te wijzigen.
4De beslissing van de voorzitter op dit verzoek wordt binnen drie werkdagen na ontvangst van dit verzoek aan de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan meegedeeld.
5De voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken of afwijking toe te staan van de termijnen, genoemd in het tweede tot en met vierde lid.
6De voorzitter kan uit eigen beweging of op verlangen van de commissie bij deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en hen zo nodig uitnodigen daartoe op de hoorzitting te verschijnen. Indien daaraan kosten zijn verbonden, is vooraf machtiging van burgemeester en wethouders vereist.
Artikel 12. Hoorzitting
1De voorzitter en de leden nemen niet deel aan de behandeling van een bezwaarschrift als daarbij hun onpartijdigheid in het geding kan zijn. Zij laten zich zo nodig vervangen.
2Als de commissie op grond van artikel 7:3 van de Awb besluit af te zien van het horen, doet zij daarvan mededeling aan de belanghebbenden en het verwerend orgaan.
Artikel 13. Quorum
Voor het houden van een zitting is vereist dat de meerderheid van het aantal leden, onder wie in elk geval de voorzitter of zijn/haar/hen plaatsvervanger, aanwezig is.
Artikel 14. Openbaarheid zitting
1De zitting van de commissie is openbaar.
2De deuren kunnen worden gesloten als de voorzitter van de commissie of één van de aanwezige leden het nodig oordeelt of als een belanghebbende daartoe een verzoek doet
3Als de commissie vervolgens beslist dat gewichtige redenen aanwezig zijn die zich tegen openbaarheid van de zitting verzetten, vindt de zitting plaats achter gesloten deuren.
4De zitting van de sociale kamer vindt in ieder geval met gesloten deuren plaats.
Artikel 15. (Schriftelijke) verslaglegging
1Het verslag als bedoeld in artikel 7:7 Awb, maakt integraal onderdeel uit van het advies.
2Een separaat verslag wordt opgesteld:
a.op verzoek van één der partijen;
b.als het bestuursorgaan dit nodig acht voor zijn besluitvorming;
c.als een gerechtelijke instantie daarom verzoekt in geval van een (hoger) beroepsprocedure;
3Het verslag bevat in ieder geval:
a.namen van de aanwezigen en hun hoedanigheid;
b.zakelijke vermeldingen van wat over en weer is gezegd en wat verder op de hoorzitting is voorgevallen, voor zover van belang voor de advisering;
c.vermelding als de hoorzitting geheel of gedeeltelijk achter gesloten deuren plaatsvond, of als belanghebbenden of hun gemachtigden niet in elkaars tegenwoordigheid zijn gehoord.
d.verwijzing naar op de hoorzitting overgelegde bescheiden, die aan het verslag worden gehecht.
4Het verslag wordt door de voorzitter en de secretaris ondertekend.
Artikel 16. Nader onderzoek
1De commissie is bevoegd nader onderzoek te doen als zij dit na afloop van de hoorzitting wenselijk acht. Zij kan ten behoeve van het nader onderzoek advies of inlichtingen inwinnen bij deskundigen. Indien daaraan kosten zijn verbonden, is vooraf machtiging van burgemeester en wethouders vereist.
2De uit het nader onderzoek verkregen informatie wordt in afschrift aan de leden van de commissie, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan toegezonden.
3De leden van de commissie, de belanghebbenden en het bestuursorgaan kunnen binnen een per zaak af te spreken termijn na verzending van de nadere informatie aan de voorzitter van de commissie verzoeken een nieuwe hoorzitting te beleggen. De voorzitter beslist op dit verzoek.
4Op een nieuwe hoorzitting zijn de bepalingen in deze verordening die betrekking hebben op de hoorzitting, zo veel mogelijk van overeenkomstige toepassing.
Artikel 17. Raadkamer en advies
1De commissie beraadslaagt en beslist achter gesloten deuren over het door haar uit te brengen advies.
2De commissie beslist bij meerderheid van stemmen over het uit te brengen advies.
3Als bij een stemming de stemmen staken, beslist de stem van de voorzitter.
4Van een minderheidsstandpunt wordt bij het advies melding gemaakt als die minderheid dat verlangt.
5Het advies is gemotiveerd en omvat een voorstel voor de te nemen beslissing op het bezwaarschrift.
6Het advies wordt door de voorzitter en de secretaris van de commissie ondertekend.
Artikel 18. Uitbrengen advies en verdaging
1Het advies met geïntegreerd of separaat verslag wordt tijdig uitgebracht aan het bestuursorgaan dat op het bezwaarschrift dient te beslissen.
2Als naar het oordeel van de voorzitter van de commissie de termijn van 12 weken, genoemd in artikel 7:10, eerste lid, van de Awb, ontoereikend is voor achtereenvolgens het uitbrengen van een advies en het nemen van een beslissing, verzoekt hij het verwerend orgaan tijdig de beslissing te verdagen.
3Van een besluit tot verdaging ontvangen de commissie en belanghebbenden een afschrift.
Artikel 19. Jaarverslag
De commissie brengt jaarlijks vóór 1 juli aan de bestuursorganen van de gemeente verslag uit van haar werkzaamheden in het voorafgaande kalenderjaar.
Artikel 20 Inwerkingtreding en citeertitel
1Deze verordening treedt in werking op de dag na datum bekendmaking.
2Deze verordening wordt aangehaald als ‘Verordening voor de behandeling van bezwaarschriften Land van Cuijk 2025’.
3De Verordening commissie bezwaarschriften Land van Cuijk 2022 wordt ingetrokken.