Gemeentelijke regelgeving

Beleidskader zon-op-land gemeente Land van Cuijk

Gemeente Land van Cuijk · geldt sinds 15 december 2023

Aanhef

De raad van de gemeente Land van Cuijk;

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 5 september 2023;

gelet op de RES-NOB, Wet arhi, de omgevingsverordening van de provincie Noord-Brabant en het Klimaatakkoord;

besluit:

1vervallen te verklaren de bestaande beleidsstukken zonne-energie van de voormalige gemeenten, te weten:

-Energieverkenning gemeente Boxmeer;

-Beleids- en afwegingskader zonneparken gemeente Boxmeer;

-Energieverkenning en -visie gemeente Cuijk;

-Energieverkenning en -visie gemeente Grave;

-Energieverkenning en -visie gemeente Mill en St Hubert;

-Hoofdlijnen kader Grondgebonden zonneparken gemeente Sint Anthonis;

-Verkenning zonnepanelen samenwerkende gemeenten Land van Cuijk;

2vast te stellen het Beleidskader zon-op-land gemeente Land van Cuijk, met inachtneming van de volgende wijzigingen:

a.bij de opsomming onder 5.1 Beginsel 1: Respecteer het landschap op pagina 23 van het beleidskader wordt een bulletpoint toegevoegd met de tekst: ‘een omschrijving van hoe een initiatief aansluit bij het principe om zoveel mogelijk te komen tot clustering van zonneparken, zoals beschreven in de Handreiking afwegingskader landschap onderdeel van de RES-NOB 1.0.’;

b.de zin ‘Ze zijn richtinggevend.’ op pagina 25 van het beleidskader wordt vervangen door: ‘Wel is een initiatiefnemer verplicht een uitgebreide motivering van de keuzes met betrekking op de landschappelijke inpassing te overhandigen waarbij ten minste ingegaan wordt op alle acht ontwerpprincipes.’;

c.de tekst bij de tweede bulletpoint op pagina 26 van het beleidskader wordt vervangen door: ‘Pas wanneer aangetoond kan worden dat het gebruik van landschapselementen onvoldoende afscherming van het zonnepark teweeg kan brengen, kan een hekwerk worden geplaatst. Een initiatiefnemer is verplicht een hekwerk met opgaande gebiedseigen beplanting te onttrekken aan het zicht en rekening te houden met openingen zodat kleine zoogdieren, amfibieën en reptielen erdoorheen kunnen.’;

d.de zin ‘Hieronder volgen een aantal voorbeelden.’ op pagina 28 wordt voorafgegaan door de zin: ‘Bij zonneparken op landbouwgronden en natuurgronden (trede 4) is een initiatiefnemer verplicht om meervoudig ruimtegebruik toe te passen.’;

e.de zin ‘Netcongestie is een groot knelpunt voor de realisatie van meer zonne- en windenergie.’ op pagina 33 wordt evenals in het beleidskader windenergie voorafgegaan door de zin: ‘De gemeente Land van Cuijk neemt geen initiatieven in behandeling als er geen zicht is op een realistische haalbare manier van de afzet van elektriciteit.’.

Bijlage 1: Totstandkomingsproces Beleidskader zon-op-land

Inleiding

Bij het tot stand komen van dit windbeleid is met vele partijen informatie gedeeld en zijn ideeën en zorgen bij die partijen opgehaald. Dit traject startte met de thema-avond voor de raad op 13 april 2023. Daarna is tijdens het participatietraject op verschillende momenten gesproken met diverse betrokken stakeholders, andere overheden en is een digitale poll onder de inwoners gehouden. In dit hoofdstuk wordt beschreven hoe bij de verschillende partijen informatie is gedeeld en opgehaald, wat de resultaten van hun inbreng was. De inbreng van de betrokkenen tijdens het participatietraject was richtinggevend voor dit beleidskader. De raad is eindverantwoordelijk voor de vastgestelde beleidskeuzes.

Thema-avond duurzame energie – openbare raadsavond

Op de thema-avond duurzame energie is met de raad gesproken over het opwekken van duurzame energie binnen Land van Cuijk. Uitganspunt is dat Land van Cuijk zijn doelstellingen voor het opwekken van duurzame energie wil halen en dat zonne- en windenergie daar een belangrijke bijdrage aan leveren.

Tijdens deze avond is een presentatie gegeven over de opgave en het huidige beleid voor zonneparken zoals geldend per voormalige fusiegemeente. De raadsleden en het aanwezige publiek konden vragen stellen. Vervolgens zijn aan de hand van Mentimeter stellingen over opwek van zonne-energie voorgelegd aan de raadsleden en het aanwezige publiek. Hieronder volgt een samenvatting van de resultaten.

Energiemix

Allereerst is gekeken naar de invulling van de gemeentelijke doelstelling (klimaatneutraal 2045). Daaruit is naar voren gekomen dat een deel de voorkeur geeft aan een mix van alle technieken en een deel kiest voor zonneparken in plaats van windparken.

Maatwerk per voormalige gemeente

Elke voormalige gemeente had zijn eigen beleid voor zonne-energie. Aan de aanwezigen is gevraagd of er per voormalige gemeente maatwerk moet blijven bestaan of dat overal dezelfde systematiek moet gelden. Hieruit valt op te maken dat de meeste kiezen voor overal dezelfde systematiek. Het beleidskader sluit hier op aan.

Locatie

Aan de aanwezigen is gevraagd of er deelgebieden zijn die op voorhand moeten worden uitgesloten voor zonneparken. Daarbij is met name het rivierdal van de Maas genoemd. Ook de Maasterrasrug en de Maasterrasvlakte zijn aangehaald, maar dit waren veelal de tweede en derde optie. Het beleidskader sluit hier op aan. In het rivierdal zijn geen zonneparken toegestaan en op de Maasterrasrug- en vlakte is in principe geen ruimte voor grote zonneparken. Voor grote zonneparken wordt gekeken naar de Peelkern en -rand(zoom). Naast de deelgebieden is ook gevraagd om aan te geven waar zonneparken volgens de aanwezigen het beste kunnen. De voorkeur ging uit naar zonneparken langs hoofdinfrastructuur of er was geen voorkeur aangegeven, omdat het gaat om maatwerk.

Landbouwpercelen

Aan de aanwezigen is gevraagd of bij de aanwijzing van gebieden rekening moet worden gehouden met de toekomstpotentie van landbouwpercelen. Het overgrote deel heeft met een ‘ja’ geantwoord. Het beleidskader sluit hier op aan door de opname van het leidende beginsel ‘Zuinig met agrarische gronden’’.

Ruimtelijke voorwaarden

Aan de aanwezigen is gevraagd of een maximum moet gelden voor de omvang van een zonnepark, de hoogte van de panelen en de afstand tot een dorpskern. Door de meeste is aangegeven dat geen maximum moet gelden, maar dat sprake moet zijn van maatwerk afhankelijk van de locatie. Alleen bij de afstand tot een dorpskern wordt soms ook wel gekozen voor een concrete afstand van veelal 500 meter.

Proces voorwaarden

Aan de aanwezigen is gevraagd aan welke participatietrede een zonnepark minimaal moet voldoen. Er is veelal gekozen voor adviseren, (mee)beslissen en coproduceren. Alleen informeren en raadplegen was net voldoende. Het beleidskader sluit hier op aan. Voor omwonenden geldt minimaal trede 3 (adviseren).

Financiële voorwaarden

Aan de aanwezigen is gevraagd of ze 50% lokaal eigendom zien als vereiste of als een streven. Uit de antwoorden komt ongeveer een 50-50 verdeling naar voren. De helft ziet het als vereiste en de andere helft als streven. In het beleidskader is gekozen om het als streven op te nemen.

Beoordeling

Aan de aanwezigen is gevraagd welke aspecten bij de beoordeling van initiatieven belangrijk zijn. Dit betreft de landschappelijke waarden en kenmerken en de afstand tot woningen, maar ook de energieopbrengst wordt belangrijk geacht. Andere belangrijke beoordelingscriteria zijn meervoudig ruimtegebruik en de mate van financiële participatie. Bij de voorwaarden in het beleidskader is hier rekening mee gehouden.

Inwonerspoll

Voorafgaand aan het nieuwe beleidskader voor zon-op-land is een poll uitgezet onder de inwoners van de gemeente. Het doel van de poll is om de mening en voorkeuren van de inwoners te verzamelen, zodat dit meegenomen kan worden in de uiteindelijke vaststelling van het beleid.

De poll bestond uit 37 vragen en is 794 keer ingevuld. De vragen waren een samenstelling van algemene vragen, vragen welke specifiek betrekking hebben op de realisatie van zonneparken en vragen welke specifiek betrekking hebben op de realisatie van windturbines. Hieronder volgt een samenvatting van de uitkomsten. Deze samenvatting ziet voornamelijk toe op de vragen welke specifiek betrekking hebben op de realisatie van zonneparken. Daarnaast wordt uitgelegd hoe deze uitkomsten zijn vertaald in het uiteindelijke beleid.

Klimaatverandering

Uit de poll blijkt dat een groot deel van de inwoners van de gemeente Land van Cuijk zich zorgen maakt over de klimaatverandering. Tevens blijkt dat veel inwoners zelf al bezig zijn met verduurzamen, dit is natuurlijk heel goed nieuws. Daartegenover staat wel dat inwoners minder enthousiast zijn over de realisatie van zonneparken en/of windturbines binnen hun gemeente.

Merendeel van de inwoners geeft aan zowel geen zonneparken als windturbines te willen. De rest van de inwoners heeft een lichte voorkeur voor een combinatie van zon- en windenergie of enkel zonne-energie.

Zon-op-land

Bij de vragen in de poll, welke betrekking hebben op de realisatie van zonneparken, wordt voornamelijk ingegaan op de locatie, geschikte grond, formaat en afstand tot dorpskernen. Inwoners zijn het erover eens dat afstand tot de woning en landschap de belangrijkste rol spelen bij het bepalen van een locatie voor zonneparken. De voorkeur gaat uit naar een minimale afstand van 400 meter tot een dorpskern. Tevens wordt het belangrijk geacht dat de grootte van de zonneparken moet aansluiten bij het type landschap en grondgebruik. Qua formaat is het merendeel van de inwoners van mening dat er geen maximaal aantal hectare moet worden vastgesteld. De voorkeur gaat uit naar grotere zonneparken, zodat er in totaal minder zonneparken hoeven te worden gerealiseerd. De gebieden die het meest geschikt worden gevonden zijn langs infrastructuur en bij bedrijventerreinen.

Vertaling in beleidskader

De gemeente Land van Cuijk hecht waarde aan de voorkeuren van hun inwoners. Echter, moet de klimaatdoelstelling wel gehaald worden en is de gemeente gebonden aan deze doelstelling. Er kan dan ook niet aan alle voorkeuren volledig gehoor worden gegeven. De mening en voorkeuren van de inwoners zijn wel zoveel mogelijk meegenomen in het uiteindelijke beleid.

In het beleid zijn voorwaarden opgenomen waaraan een initiatief moet voldoen. Zo wordt er bij ieder project een onderbouwing van de gekozen locatie vereist. Er dient gemotiveerd te worden aangegeven waarom juist deze locatie geschikt is en hoe er rekening wordt gehouden met landschappelijke waarden. Daarnaast is er geen maximale omvang vastgelegd. Op die manier kan er per project beoordeeld worden of het past bij de maat en schaal van het landschap. De voorkeur van de inwoners gaat uit naar een afstand van minimaal 400 meter tot een dorpskern. Dit is helaas niet realistisch. Wel zijn er randvoorwaarden opgenomen voor de afstand tot woonbebouwing. De minimale afstand tot woonbebouwing is vastgesteld op 100 meter tussen de rand van het zonnepark en de gevel van de woning. Tevens mag een woning niet worden ingesloten door een zonnepark. Dit betekent dat slechts aan één zijde van de woning een zonnepark zichtbaar mag zijn binnen 500 meter afstand.

De realisatie van een zonnepark vraagt altijd een nauwkeurige (landschappelijke) analyse en afweging. Gemeente Land van Cuijk zal ieder initiatief voor een zonne-energie project dan ook zorgvuldig behandelen.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.