Aanhef
De raad van de gemeente Krimpen aan den IJssel; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 9 mei 2017;
gelet op artikel 149 van de Gemeentewet en titel 9.2 van de Algemene wet bestuursrecht; b e s l u i t :
vast te stellen de verordening gemeentelijke ombudsman Krimpen aan den IJssel 2017.
Paragraaf 1. Algemene bepalingen
Artikel 1. Gemeentelijke ombudsman
1Er is een gemeentelijke ombudsman.
2De gemeentelijke ombudsman treedt tevens op als gemeentelijke kinderombudsman.
Artikel 2. Benoeming en herbenoeming ombudsman en plaatsvervangend ombudsman
1Benoeming vindt slechts plaats nadat ten aanzien van de kandidaat-ombudsman of kandidaat-plaatsvervangend ombudsman een verklaring omtrent goed gedrag is afgegeven als bedoeld in de Wet op de justitiële en strafvorderlijke gegevens en op de verklaringen omtrent het gedrag.
2De raad besluit ten minste zes maanden voor afloop van de benoemingsperiode over het al dan niet herbenoemen van de ombudsman en diens plaatsvervanger.
Paragraaf 2. Bekostiging
Artikel 3. Bekostiging van de ombudsman
1De financiering van de ombudsman vindt plaats door middel van een jaarlijkse bijdrage in de kosten.
2De hoogte van deze bijdrage wordt gerelateerd aan het aantal inwoners van de gemeente.
3Voor de vaststelling van het aantal inwoners, bedoeld in het tweede lid, geldt alspeildatum 1 januari van het betreffend jaar.
4De ombudsman verantwoordt de baten en lasten van het vorig begrotingsjaar in het ver- slag aan de raad, bedoeld in artikel 81 u, van de Gemeentewet.
Paragraaf 3. Taken en bevoegdheden
Artikel 4. Klachten
1De ombudsman kan mondelinge klachten in behandeling nemen.
2Indien de ombudsman dit nodig acht, kan hij klagers behulpzaam zijn bij het op schrift stellen van een klacht.
Artikel 5. Overige bevoegdheden
1De ombudsman kan het beschikkingsbevoegde orgaan verzoeken om de uitvoering van een bepaald besluit of regeling voor bepaalde tijd op te schorten. Het orgaan kan dat verzoek gemotiveerd afwijzen.
2De ombudsman heeft, indien het onderwerp van de beraadslagingen betrekking heeft op klachten, klachtrecht of klachtbehandeling in het algemeen, het recht in de vergadering van de raad of een raadscommissie het woord te voeren.
3De ombudsman kan, in overleg met het presidium, onderwerpen op de agenda plaatsen van de raad of een raadscommissie.
Paragraaf 4. Overgangs- en slotbepalingen
Artikel 6. Inwerkingtreding
Deze verordening treedt in werking op 1 juli 2017 onder gelijktijdige intrekking van de verordening gemeentelijke ombudsman Krimpen aan den IJssel welke wij op 22 september 2005 hebben vastgesteld en op 1 januari 2006 in werking trad.
Artikel 7. Citeertitel
Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening gemeentelijke ombudsman Krimpen aan den IJssel 2017.