Gemeentelijke regelgeving

VERORDENING tot regeling van de procedure bij toepassing van artikel 49 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening

Gemeente Krimpen aan den IJssel · geldt sinds 1 oktober 2000

Artikel 1

Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:

artikel 49: artikel 49 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening ;

commissie: de schadebeoordelingscommissie, bedoeld in artikel 4 van deze verordening;

verzoeker: de belanghebbende als bedoeld in artikel 49 die een verzoek om schadevergoeding heeft ingediend.

Artikel 2

1Indien een belanghebbende meent, dat het in artikel 49 bepaalde op hem van toepassing is, kan hij zich voor het bepalen van de in genoemd artikel bedoelde schade en van de vergoeding daarvan bij gemotiveerd verzoekschrift tot de gemeenteraad wenden.

2Indien het verzoek namens belanghebbende wordt ingediend, dient, tenzij de indiener hier te lande staat ingeschreven als advocaat of procureur, bij het verzoekschrift een schriftelijk en door verzoeker ondertekende machtiging te worden gevoegd, waarin hij de indiener machtigt om hem te vertegenwoordigen in deze procedure.

Artikel 3

1In geval het verzoekschrift kennelijk niet-ontvankelijk of kennelijk ongegrond is kan de gemeenteraad binnen drie maanden na ontvangst van het verzoekschrift besluiten dit af te doen zonder inschakeling van de commissie.

2Indien het eerste lid niet van toepassing is stelt de gemeenteraad het verzoekschrift binnen de in dat lid genoemde termijn in handen van de commissie om advies.

3Het college van burgemeester en wethouders draagt er zorg voor dat de commissie de beschikking krijgt over alle, voor de behandeling van het verzoekschrift, relevante stukken en/of gegevens.

Artikel 4

1Als schadebeoordelingscommissie treedt op de “Stichting Adviesbureau Onroerende Zaken” te Rotterdam.

2De leden van de commissie zijn tot geheimhouding verplicht.

3Alle kosten voor het uitbrengen van het advies komen voor rekening van de gemeente.

Artikel 5

1De commissie stelt zich ter plaatse van de situatie op de hoogte.

2Deze verplichting geldt slechts dan niet, indien uit de inhoud van het verzoek blijkt dat er geen sprake is van schade in de zin van artikel 49.

3Van dit onderzoek ter plaatse, dan wel van de omstandigheden, bedoeld in het vorige lid, wordt melding gedaan in het advies.

Artikel 6

1De commissie stelt zowel verzoeker of zijn gemachtigde, als een of meer vertegenwoordigers van de gemeente in de gelegenheid hun standpunten uiteen te zetten.

2De commissie is bevoegd om van partijen overlegging van nadere stukken of gegevens te gelasten. Tevens is zij bevoegd om personen in dienst van de gemeente voor het geven van inlichtingen op te roepen.

3Op grond van bijzondere omstandigheden en na overleg met burgemeester en wethouders, is de commissie bevoegd om het advies van andere deskundigen in te winnen.

4Van de gehouden hoorzitting wordt een verslag opgemaakt, waarin de door partijen gemaakte opmerkingen worden verwoord.

5Van het niet verschijnen van een of beide partijen wordt eveneens in het verslag melding gemaakt.

Artikel 7

1De commissie gaat na of de verzoeker als gevolg van een planologische maatregel als bedoeld in artikel 49 in een nadelige positie is komen te verkeren waardoor hij schade lijdt, welke redelijkerwijze niet of niet geheel te zijnen laste behoort te blijven en waarvan de vergoeding niet of niet voldoende door aankoop, onteigening of anderszins is verzekerd. Zij vermeldt het resultaat van dit onderzoek met de beweegredenen in haar advies.

2Indien de commissie van oordeel is dat een gedeelte van de schade in redelijkheid niet aan de gemeente kan worden toegerekend, geeft zij gemotiveerd aan welk gedeelte dit betreft. Voorts geeft zij aan welk bedrag naar haar oordeel moet worden aangemerkt als een billijke schadevergoeding. Zij vermeldt de berekeningen in haar advies.

Artikel 8

1Uiterlijk binnen vier maanden na de beslissing van de gemeenteraad, als bedoeld in artikel 3, tweede lid, brengt de commissie een schriftelijk en een gemotiveerd advies uit aan de gemeenteraad.

2Een afschrift van het advies wordt onverwijld door of vanwege burgemeester en wethouders aan verzoeker en zijn gemachtigde toegezonden.

3Het vorige lid vindt overeenkomstige toepassing met betrekking tot het ontwerp-voorstel aan de raad, indien de burgemeester en wethouders van oordeel zijn, dat niet overeenkomstig het advies van de commissie moet worden besloten.

Artikel 9

1Binnen vier weken nadat uitvoering is gegeven aan het bepaalde in de leden 3 en 4 van het vorige artikel kan verzoeker of zijn gemachtigde zijn mening omtrent het advies en/of het standpunt van burgemeester en wethouders schriftelijk kenbaar maken.

2Indien verzoeker of gemachtigde van deze gelegenheid gebruik maakt, wordt hij tevens in de gelegenheid gesteld zijn standpunt nader mondeling toe te lichten in de vergadering van de raadscommissie waarin het advies van de commissie wordt behandeld.

3Van deze mondelinge toelichting wordt een verslag gemaakt dat als bijlage bij het voorstel aan de raad wordt gevoegd.

4Indien de opmerkingen daartoe aanleiding geven dan wel om andere redenen een toelichting op het advies gewenst is, kunnen burgemeester en wethouders de commissie verzoeken een nader advies uit te brengen.

5De commissie brengt dit nadere advies binnen twee maanden na ontvangst van het daartoe strekkende verzoek uit.

6Op dit nadere advies is artikel 8, derde lid, van overeenkomstige toepassing.

Artikel 10

1Binnen drie maanden nadat de commissie haar advies heeft uitgebracht neemt de raad een gemotiveerde beslissing op het verzoek.

2Indien toepassing wordt gegeven aan het vierde lid van het vorige artikel, wordt deze termijn met twee maanden verlengd.

3Indien het besluit van de raad inhoudt een toekenning van een schadevergoeding, wordt dit bedrag binnen vier weken, te rekenen vanaf de datum van het raadsbesluit aan verzoeker uitbetaald.

4Afschrift van het besluit, als bedoeld in het eerste lid, wordt verzoeker en zijn gemachtigde zo spoedig mogelijk toegezonden, waarbij tevens wordt gewezen op de mogelijkheid van het indienen van beroep.

Artikel 11

De behandeling van verzoeken om schadevergoeding waarop door de raad nog geen beslissing is genomen geschiedt overeenkomstig de bepalingen van deze verordening.

Artikel 12

1Deze verordening kan worden aangehaald als “Procedureverordening planschadevergoeding 2000”.

2Zij treedt in werking met ingang van 1 oktober 2000.

Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Krimpen aan den IJssel in zijn openbare vergadering van 28 september 2000.

De secretaris, De voorzitter,

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.