Aanhef
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Koggenland;
gelet op artikel 78gg Participatiewet;
het noodzakelijk is om aan te geven in welke situaties en onder welke voorwaarden huishoudens in
aanmerking kunnen komen voor een bijdrage in het kader van de alleenverdienersproblematiek;
gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van Koggenland d.d. 21 april 2026.
B E S L U I T:
Vast te stellen de Beleidsregel bijdrage alleenverdienersproblematiek gemeente Koggenland 2026 – 2028.
Artikel 1. Doelstelling
Al onze inwoners moeten een inkomen hebben waarmee ze kunnen rondkomen. Mensen met lage inkomens krijgen extra steun door middel van toeslagen via de Belastingdienst. Door een ongunstige samenloop van regelingen valt het besteedbaar inkomen voor sommige huishoudens te laag uit. Het betreft een groep huishoudens voor wie de uitkering van het UWV van één van beide partners de enige of belangrijkste inkomensbron is. De doelstelling van deze regeling is om deze groep inwoners een bijdrage toe te kennen om het verschil in besteedbaar inkomen weg te nemen.
Artikel 2. Begrippen
1In deze beleidsregel wordt verstaan onder:
a.Aanvragers: het huishouden dat de bijdrage alleenverdieners aanvragen.
b.Bijstandsnorm: de norm zoals genoemd in paragraaf 3.2 van de Participatiewet.
c.College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Koggenland.
d.Huishouden: twee personen die fiscaal partner en toeslagpartner van elkaar zijn voor het jaar waarop de bijdrage betrekking heeft.
e.Inkomen: totaal van het netto-inkomen van aanvragers. Onder inkomen wordt verstaan de inkomsten uit werk, uitkering, pensioen, partneralimentatie, vergoedingen, verhuur.
f.Inkomensgrens: 100% van de bijstandsnorm.
g.Kalenderjaar: het jaar waarover de bijdrage wordt aangevraagd.
h.Meestverdienende partner: de persoon in het huishouden die de UWV-uitkering ontvangt dat tevens het hoofdinkomen van het huishouden is.
i.Ministeriële regeling: De Regeling Participatiewet, IOAW en IOAZ.
j.Peildatum: de dag waarop de aanvraag is gedaan.
2Voor zover niet anders bepaald worden de begrippen in deze verordening gebruikt in dezelfde betekenis als in de Beleidsregels bijzondere bijstand gemeente Koggenland 2022, de Participatiewet, de Algemene wet bestuursrecht of de Gemeentewet.
Artikel 3. Doelgroep regeling
1Om in aanmerking te komen voor een bijdrage vanuit deze minimaregeling moeten beide aanvragers op peildatum:
a.18 jaar of ouder zijn;
b.voldoen aan de voorwaarden van artikel 78gg Participatiewet;
c.voldoen aan de voorwaarden zoals gesteld in deze beleidsregel.
2De meestverdienende partner dient daarnaast inwoner te zijn van de gemeente Koggenland en als zodanig ingeschreven staan in de Basisregistratie Personen en daadwerkelijk het hoofdverblijf te hebben in de gemeente Koggenland.
Artikel 4. Inkomen en vermogen
1Aanvragers dienen een inkomen te hebben niet hoger dan de inkomensgrens.
2Om het inkomen te berekenen wordt een referteperiode van drie maanden voorafgaand aan de peildatum gehanteerd.
3Voor deze regeling wordt geen vermogensgrens gehanteerd.
Artikel 5. Aanvraag
1Een aanvraag wordt ingediend via het papieren aanvraagformulier die door het college ter beschikking is gesteld.
2Op het aanvraagformulier staan de gegevens die overgelegd moeten worden. Zonder deze gegevens kan het recht op de bijdrage niet worden vastgesteld.
3De aanvraag wordt ingediend bij de gemeente. Dit kan bij de balie, via de post of via de mail.
Artikel 6. Ambtshalve toekenning
1Het college kent aan ieder huishouden waarvan voor het betreffende kalenderjaar het Burgerservicenummer van de meestverdienende partner is verstrekt aan het college op grond van artikel 78gg, vijfde lid, Participatiewet, ambtshalve de vaste tegemoetkoming voor dat kalenderjaar toe.
2Voor de ambtshalve toekenningen wordt niet gecontroleerd of de huishoudens zoals genoemd onder lid 1 van dit artikel voldoen aan de overige voorwaarden van deze beleidsregel.
Artikel 7. Hoogte en termijn van de bijdrage
1De bijdrage kan over kalenderjaar 2026 en 2027 worden verstrekt.
2De hoogte van de bijdrage is het bedrag zoals genoemd voor het betreffende kalenderjaar in artikel 15ba van de ministeriële regeling.
3De bijdrage kan eenmaal per kalenderjaar worden toegekend.
Artikel 8. Toekennen met terugwerkende kracht
De bijdrage wordt in principe aangevraagd en toegekend in het kalenderjaar waarop de bijdrage betrekking heeft. Toekenning met terugwerkende kracht is mogelijk onder de volgende voorwaarden:
1De bijdrage over kalenderjaren 2026 en 2027 wordt uiterlijk 31 december 2028 aangevraagd.
2Wanneer er met terugwerkende kracht wordt aangevraagd is de peildatum 1 januari van het kalenderjaar waarover de toeslag wordt aangevraagd.
Artikel 9. Uitbetaling bijdrage
1De bijdrage wordt in zijn geheel in een keer overgemaakt.
2De bijdrage wordt overgemaakt op het rekeningnummer van aanvragers zoals opgegeven door aanvragers.
3Indien aanvrager onder bewind staat wordt de bijdrage overgemaakt op het rekeningnummer zoals opgegeven door de bewindvoerder.
Artikel 10. Terugvordering
De bijdrage wordt niet teruggevorderd.
Artikel 11. Hardheidsclausule
Als de aanvragers niet in aanmerking komen voor deze regeling kan het college, gelet op alle omstandigheden, in het individuele geval beoordelen of de aanvragers in afwijking van deze beleidsregel alsnog in aanmerking komen voor deze regeling, indien dringende redenen hiertoe noodzaken.
Artikel 12. Citeertitel en inwerkingtreding
1De beleidsregel kan worden aangehaald als “Beleidsregel bijdrage alleenverdienersproblematiek gemeente Koggenland 2026-2028“.
2De beleidsregel treedt in werking met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2026.
3De beleidsregel vervalt per 1 mei 2029.