Gemeentelijke regelgeving

Beleidsregels voor oplaadlocaties elektrische auto’s in de openbare ruimte

Gemeente Katwijk · geldt sinds 13 december 2013

Algemene toelichting

Artikel 1. Locaties voor publieke laadpalen

De volgende locaties zijn door het college aangewezen als mogelijk geschikt voor openbare oplaadlocaties:

-Laan van Nieuw Zuid (parkeerterrein Quick Boys)

-Sportlaan

-Andreasplein

-Baljuwplein

-E.A. Borgerstraat (tussen Te Brittenstraat / Jan Tooropstraat)

-Parkeerterrein Visserijkade

-Haringkade (thv. Rabobank)

-Cleijn Duinplein

-Cleijn Duinpark (sporthal)

-Van Houtenstraat (Hoornesplein)

-Piet Heinlaan (parkeerterrein Aquamar)

-Parkeerterrein Melkweg

-Parkeerterrein vv Katwijk

-Jacob Catsstraat (Sporthal Rijnsoever)

-Turfmarkt (Roskam)

-Parkeerterrein Ranonkelstraat / Violierstraat

-Bedrijventerrein ’t Heen

-Bedrijventerrein Katwijkerbroek

-Hoftuinplein

-Graaf Florislaan (de Burcht)

-Remiseplein

-Kamerlingh Onnesstraat

-Noordwijkerweg (parkeerterrein Rijnsburgse Boys)

-Bedrijventerrein Klei Oost

-Parkeerterrein de Terp

-Duyfraklaan

Voorwaarden

Artikel 2. Parkeergelegenheid op eigen terrein

Voor zover er een mogelijkheid is om te parkeren op eigen terrein wordt er geen medewerking verleend aan het plaatsen van een laadpaal in de openbare ruimte.

Artikel 3. Parkeerplaats in (parkeer)garage / particuliere appartementencomplexen / binnenterreinen

Voor zover redelijkerwijs een aanvrager de beschikking heeft of kan hebben over een parkeerplaats, behorende bij bedrijf of woning, in een parkeergarage onder of nabij bedrijf of woning of een binnenterrein e.d., wordt geen medewerking verleend aan het inrichten van een oplaadlocatie in de openbare ruimte.

Aanvraagprocedure

Artikel 4 Aanvraag

De aanvrager dient een aanvraag in bij de gemeente voor het realiseren van de gewenste laadpaal.

Artikel 5 Locatiebepaling

Een ingediende aanvraag wordt bij de ambtelijke verkeersdeskundigen ter advisering over de gewenste locatie voorgelegd. Er zal getoetst worden op de voorwaarden zoals gesteld in artikel 2 en 3. Tevens zal beoordeeld worden of voldaan kan worden aan de benodigde technische randvoorwaarden. Deze randvoorwaarden staan vermeld in bijlage I behorende bij deze beleidsregels. De gemeente bepaalt aan de hand van dit advies de definitieve locatie van de laadpaal of wijst de aanvraag af.

Artikel 6 Besluit

Aan de hand van het in het vorige artikel genoemde advies neemt de gemeente een verkeersbesluit over het reserveren van een parkeerplaats voor de laadpaal. Voor dit besluit worden de normaal geldende procedurevoorschriften gehanteerd.

Artikel 7 Technische realisatie

Nadat het verkeersbesluit is genomen vind er een technisch afstemmingsoverleg plaats tussen de gemeente en de aanvrager. De aanvrager dient zorg te dragen voor een KLIC-melding.

Artikel 8 Samenwerkingsovereenkomst

Alvorens een laadpaal geplaatst kan worden dient er een overeenkomst te zijn tussen de gemeente en de betreffende aanvrager. In deze overeenkomst worden afspraken vastgelegd ten aanzien van onder andere aansprakelijkheid en het beheer van de laadpaal. Er wordt voor de laadpalen geen opstalrecht gevestigd.

Gebruik

Artikel 9 Toegankelijkheid

Het oplaadpunt is te allen tijde openbaar toegankelijk voor alle bezitters van elektrische auto’s.

Artikel 10 Oplaadlocatie

Bij het gebruik van de oplaadlocatie is de algemene plaatselijke verordening van de gemeente van toepassing, waarin regels zijn opgenomen over de bruikbaarheid en aanzien van de openbare weg.

Slotbepalingen

Artikel 11 Hardheidsclausule

Het college kan in bijzondere gevallen afwijken van de beschreven beleidsregels, indien toepassing hiervan leidt tot onredelijkheid en onbillijkheid.

Artikel 12 Inwerkingtreding

Deze beleidsregels treden in werking de dag na de bekendmaking.

Bijlage I: Eisen aan oplaadpunt / laadpaal en toebehoren

Algemeen

1Het oplaadpunt moet functioneel zijn en aan de eisen van veiligheid en robuustheid voldoen om ongelukken, schades, misbruik, vandalisme en defecten aan het object zelf, weggebruikers en/of de omgeving zoveel mogelijk te voorkomen.

2Het oplaadpunt dient te communiceren via de marktstandaard “OCCP”.

3De laadpaal mag geen hinder geven aan de omgeving.

4De laadpaal bevat een bescherming tegen aardfouten in het elektriciteitsnet, waardoor de aanraakspanning nooit meer dan 50V kan bedragen.

5Bij het oplaadpunt mag geen aparte straatkast geplaatst worden.

6De laadpaal is voorzien van een geijkte kWh meter.

Elektrische veiligheid

De laadpaal:

1voldoet blijkens een keurmerk van KEMA of gelijkwaardige instantie aan de normen NEN 10101, IEC 61851-1 (editie 2.0) en IEC 61851-22;

2heeft een aanvullende bescherming omhulsel elektrische componenten van minimale dichtheidsklasse IP 54;

3heeft een CE markering.

Constructieve kwaliteit

De laadpaal is:

1inclusief behuizing uitgevoerd in corrosiebestendig materiaal;

2voorzien van een hoogwaardige beschermende coating of van hoogwaardig roestvaststaal;

3ontworpen en geschikt voor onderhoudsarme plaatsing in de buitenruimte gedurende 10 jaar.

Servicekwaliteit

1Er is een bemand hulpnummer beschikbaar dat 24 uur per dag en 365 dagen per jaar bereikt kan worden door de aanvrager in geval van storing, beschadiging of van de laadpaal.

2Er is een storingsdienst met 2-uurs servicelevel voor problemen met het loskoppelen van voertuigen.

3Hetzelfde geldt voor veiligheidsproblemen; situaties die een gevaar kunnen opleveren voor de openbare veiligheid, gebruikers, passanten of op andere afwijkingen die een gevaar kunnen vormen voor de veiligheid worden zo spoedig mogelijk doch uiterlijk binnen 2 uur na melding/detectie verholpen

4In overige gevallen wordt de storing uiterlijk de volgende werkdag na detectie/melding verholpen.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.