Aanhef
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Kaag en Braassem;
gelezen het voorstel van de afdeling Ontwikkeling d.d. 23 januari 2024;
gelet op het bepaalde in artikel 2:25, 4:2, 4:3 en 4:6 van de Algemene plaatselijke verordening Kaag en Braassem;
overwegende dat het wenselijk is om een eenduidige wijze van meten geluid vast te stellen voor controles op naleving van het bepaalde in voornoemde artikelen;
b e s l u i t:
Tekst
I. De beleidsregel geluidmeten voor artikelen 2:25, 4:2, 4:3 en 4:6 van de APV Kaag en Braassem als volgt vast te stellen:
1Metingen en berekeningen ter controle geluidniveaus vinden plaats overeenkomstig de HMRI-99.
2In tegenstelling tot de HMRI-99 worden op het gemeten signaal in dB(A) of dB(C) geen correcties meer toegepast.
3In tegenstelling tot de HMRI-99 mogen metingen ook uitgevoerd worden met een, volgens de specificaties van IEC-publicatie 651: 1979, type 2 geluidsniveaumeter.
4Metingen in de buitenlucht vinden plaats op een hoogte van minimaal 1,5 m en maximaal 2 m boven plaatselijk maaiveld.
5In geval het geluidniveau op de gevel van een geluidsgevoelig gebouw wordt vastgesteld, wordt de gevel op de begane grond ook als gevel van het geluidsgevoelig gebouw gezien, als geluidsgevoelige ruimten slechts op de hoger gelegen etages aanwezig zijn.
6Bij het vaststellen van het geluidsniveau van versterkte muziek wordt ook een daarbij aanwezig aandeel van onversterkte muziek meegenomen.
II. Dit besluit treedt in werking op de dag na bekendmaking ervan.