Aanhef
De raad van de gemeente IJsselstein;
gelezen het voorstel van het college van 4 november 2025, zaaknummer 303244;
gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdeel a en b, van de Gemeentewet:
besluit de volgende verordening vast te stellen :
Verordening op de heffing en invordering van marktgelden gemeente IJsselstein 2026
Artikel 1 Algemene bepalingen
Voor de toepassing van deze verordening gelden, voor zover niet anders is vermeld, de volgende bepalingen:
a.De benodigde opmetingen gebeuren door de gemeente;
b.Een kwartaal is gelijk aan een kalenderkwartaal.
Artikel 2 Belastbaar feit
Onder de naam ‘marktgelden’ wordt een recht geheven voor het in gebruik nemen van een standplaats op de wekelijkse markt ten behoeve van de verkoop van gebruiks- , verbruiks- en genotsartikelen, als bedoeld in de Marktverordening IJsselstein 2009.
Artikel 3 Belastingplicht
Belastingplichtig is degene aan wie een standplaats, als bedoeld in artikel 2, is toegewezen.
Artikel 4 Maatstaf van heffing en belastingtarief
Voor het innemen van een standplaats per strekkende meter, met een minimum van 4 m1:
1met licht en pinautomaat: € 3,65;
2met licht, pinautomaat, plus kassa en weegschaal: € 4,00;
3met licht, pinautomaat, plus koeling en/of bakapparatuur (maximaal 2x 220 of 1x 380): € 4,60;
4toeslag per marktdag voor elke 3e en volgende 220 stekker en voor elke 2e en volgende 380 stekker: € 5,15 (excl. BTW) per stekker
Artikel 5 Wijze van heffing
1Het marktgeld bedoeld in artikel 4 wordt geheven door middel van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving, nota of andere schriftuur waarop het te vorderen bedrag is vermeld.
2Het marktgeld voor een vaste standplaats wordt geheven per kwartaal.
Artikel 6 Bepalingen omtrent het einde van de belastingplicht in de loop van een kwartaal
Indien de belastingplicht in de loop van een kwartaal eindigt wordt voor de in artikel 5, lid 2 bedoelde marktgelden ontheffing verleend over zoveel derde gedeelten als er in dat kwartaal na het tijdstip van het beëindigen van de belastingplicht nog volle kalendermaanden overblijven.
Artikel 7 Termijnen van betaling
1In afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990 moet het gevorderde bedrag op de kennisgeving, nota of andere schriftuur, als bedoeld in artikel 5, lid 1, worden betaald bij de toewijzing van de standplaats.
2In afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990 moet het marktgeld als bedoeld in artikel 5, lid 2 worden betaald vóór de aanvang van het kwartaal waarin de vaste standplaats wordt ingenomen.
3De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden vastgestelde termijnen.
Artikel 8 Kwijtschelding
Bij de invordering van marktgelden wordt geen kwijtschelding verleend.
Artikel 9 Inwerkingtreding, overgangsbepaling en citeerartikel
1De ‘Verordening marktgelden gemeente IJsselstein 2025’ wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.
2Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.
3De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2026.
4De verordening wordt aangehaald als ‘Verordening marktgelden gemeente IJsselstein 2026”.