Gemeentelijke regelgeving

Beleidsregels zon- en windenergie gemeente Hulst

Gemeente Hulst · geldt sinds 22 november 2018

Aanhef

De raad van de gemeente Hulst;

Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. 09-10-2018;

Gehoord de commissie Ruimte in haar vergadering van 23 oktober 2018;

BESLUIT:

De beleidsregels ‘Zon- en windenergie gemeente Hulst’ conform bijgevoegd document ongewijzigd vast te stellen voor het gehele grondgebied van de gemeente Hulst;

3. Beleidsregels zon- en windenergie gemeente Hulst

Artikel 1. Begrippen

1.1 Kleine windturbines

Windmolens of windturbines met een tiphoogte van maximaal 20 meter;

1.2 Grote windturbines

Windmolens of windturbines met een tiphoogte van 20 meter of meer;

1.3 Nutsvoorzieningen

voorzieningen voor het openbare nut, zoals transformatorhuisjes, gasreduceerstations, schakelhuisjes, bemalingsinstallaties, gemaalgebouwtjes, telefooncellen, voorzieningen voor (ondergrondse) afvalinzameling en apparatuur voor telecommunicatie.

1.4 Tiphoogte

De som van de mast en een rotorblad van een windturbine of windmolen;

Artikel 2. Reikwijdte

Deze beleidsregels zijn van toepassing op:

2.1 Aanvragen voor collectoren voor warmteopwekking of panelen voor elektriciteitsopwekking op daken met een totale oppervlakte van 100 m² of meer;

2.2 Aanvragen voor parken met collectoren voor warmteopwekking of panelen voor elektriciteitsopwekking op land met een totale oppervlakte van 200m² of meer;

2.3 Aanvragen voor windmolens/windturbines op land;

Er wordt in dit beleidsstuk onderscheid gemaakt in:

2.4 Korte termijn: de ambitie van de gemeente Hulst om de huidige beschikbare netcapaciteit te benutten met zonne-energie projecten;

2.5 Lange termijn: de ambitie om meer grootschalige duurzaamheidsinitiatieven toe te staan wanneer de netcapaciteit van de gemeente Hulst is vergroot;

Artikel 3. Afbakening stedelijk gebied en buitengebied

3.1 De begrenzing stedelijk gebied en buitengebied is vastgelegd in de geldende Verordening Ruimte Provincie Zeeland (VRPZ);

Artikel 4. Randvoorwaarden collectoren voor warmteopwekking of panelen voor elektriciteitsopwekking op dak

4.1 Het plaatsen van zonnecollectoren of zonnepanelen op dak moet worden uitgevoerd conform de geldende wet- en regelgeving;

4.2 Omwonenden moeten kunnen participeren en investeren in het project, maar het is niet noodzakelijk voor de uitvoering;

Artikel 5. Randvoorwaarden voor parken met collectoren voor warmteopwekking en/of panelen voor elektriciteitsopwekking op land

5.1 Zonneparken dienen te worden aangelegd in het buitengebied en/of op een bedrijventerrein;

5.2 Zonneparken dienen in het buitengebied te worden aangelegd op of aangrenzend aan gronden die bestemd zijn voor infrastructuur, nutsvoorzieningen of bij stortplaatsen;

5.3 Zonneparken mogen enkel worden aangelegd op gronden met een agrarische bestemming wanneer is aangetoond dat de locaties op bedrijventerreinen of genoemd in lid 5.2 reeds zijn ingevuld of niet voldoen aan de vraag;

5.4 De verlening van de omgevingsvergunning voor het plaatsen van een zonnepark op land leidt niet tot onevenredige aantasting van de gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden van de naastgelegen percelen;

5.5 Zonneparken worden landschappelijk ingepast in de omgeving in samenspraak met een landschapsarchitect. De inpassing dient ter goedkeuring te worden voorgelegd aan de gemeente. De landschappelijke inpassing dient met opgaande streekeigen beplanting te worden aangelegd;

5.6 Zonneparken worden gecombineerd met andere functies, bijvoorbeeld het creëren van extra flora en fauna, het plaatsen van bijenkasten ten behoeve van de bijenpopulatie of het laten grazen van vee;

5.7 De omgeving dient vooraf te worden betrokken bij de plannen, zodat in samenspraak met de bewoners de locatie met het grootste draagvlak kan worden gekozen;

5.8 Inwoners van de gemeente Hulst moeten de mogelijkheid te hebben om te participeren en te investeren in het zonnepark. Dit moet duidelijk kenbaar worden gemaakt;

Artikel 6. Randvoorwaarden kleine windturbines op land

6.1 Een kleine windturbine dient op minimaal 50 meter afstand van een bouwvlak van een derde te staan;

6.2 Er is maximaal 1 kleine windturbine per perceel toegestaan;

6.3 Voor het oprichten van een kleine windturbine moet voldaan worden aan de geldende wet- en regelgeving;

Artikel 7. Randvoorwaarden grote windturbines op land

7.1 Initiatieven met grote windturbines zijn in de gemeente Hulst op korte termijn niet toegestaan. Pas op de lange termijn zal worden gekeken naar initiatieven met grote windturbines. Deze turbines dienen nabij een industrielandschap te worden geplaatst, waar ze gezien het landschap wegvallen tegen de reeds aanwezige turbines, koeltorens, schoorstenen of andere hoge onderdelen van fabrieken;

Artikel 8. Citeertitel

Deze beleidsregels worden aangehaald als ‘Beleidsregels zon- en windenergie gemeente Hulst’

Artikel 9. Inwerkingtreding

Deze beleidsregels treden in werking acht dagen na publicatie.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.