Hoofdstuk 2 Privaatrechtelijke geldschulden
2.2. Bekendmaking factuur
2.2.1. Verzending of uitreiking van de factuur in bijzondere situaties
De toezending of uitreiking van de factuur gebeurt aan de debiteur of aan zijn wettelijke vertegenwoordiger, met dien verstande dat:
-facturen ten name van een onder curatele gestelde aan de curator worden gezonden;
-ingeval van faillissement de factuur aan de curator wordt gezonden als de factuur in het faillissement valt dan wel een boedelschuld vormt;
-als de debiteur minderjarig is, de factuur aan de wettelijke vertegenwoordiger wordt gezonden als bekend is dat verzending aan de debiteur zelf al eerder problemen heeft opgeleverd;
-facturen ten name van een debiteur van wie bekend is dat hij is overleden, worden gezonden aan de executeur, de bewindvoerder over de nalatenschap of de erfgenamen.
2.2.2. Gehoudenheid tot betalen factuur
De gehoudenheid tot betalen wordt niet ongedaan gemaakt door de omstandigheid dat de schuld vermeld op de factuur afwijkt van hetgeen materieel is verschuldigd, noch door de omstandigheid dat de factuur ten name staat van een ander dan degene die de factuur materieel is verschuldigd.
2.2.3. Vooraf uitnodigen erfgenamen tot betalen factuur.
Als voor een factuur ten name van een overledene tegen de erfgenamen afzonderlijk moet worden opgetreden, worden zij zoveel mogelijk vooraf schriftelijk uitgenodigd het verschuldigde binnen een redelijk termijn te voldoen.
2.3. Betalingstermijnen
2.3.1. Algemeen
Op iedere factuur wordt de betalingstermijn aangegeven. Uiterlijk op die datum moet de debiteur de factuur hebben betaald.
2.3.2. Dagtekening factuur
De dagtekening van de factuur is de dag dat deze wordt verzonden.
2.4. De gevolgen van niet tijdige betaling
2.4.1. Betalingsherinnering
Na het verstrijken van de betalingstermijn wordt een schriftelijke kosteloze betalingsherinnering verzonden met het verzoek de openstaande vordering binnen 14 dagen na dagtekening te voldoen.
2.4.2. Laatste waarschuwing
Als er geen betalingsherinnering wordt verzonden of als deze niet of niet tijdig tot algehele voldoening van de schuld leidt, verzendt de gemeente een aanmaning met een betaaltermijn van veertien dagen. Hierin wordt, overeenkomstig artikel 6:96 lid 6 BW (14 dagenbrief), vermeld dat het totaal te betalen bedrag wordt verhoogd met buitengerechtelijke incassokosten op de voet van de Wet normering en buitengerechtelijke incassokosten en het bijbehorende Besluit Vergoeding voor Buitengerechtelijke Incassokosten (Wet incassokosten; WIK). De debiteur wordt medegedeeld dat de schuld, indien niet aan de betalingsverplichting wordt voldaan, langs gerechtelijke weg zal worden ingevorderd. Tevens wordt aangegeven dat wettelijke rente in rekening kan worden gebracht.
2.4.3. Contact
Als de laatste waarschuwing niet of niet tijdig tot algehele voldoening van de schuld leidt kan de gemeente proberen om in contact (telefonisch of per e-mail) met de debiteur te komen, om een gerechtelijke procedure te voorkomen.
2.4.4. Betalingsregelingen
De debiteur kan voor de factuur een betalingsregeling aanvragen. Betalingsregelingen worden altijd schriftelijk afgesproken/bevestigd.
De betalingsregeling kan maximaal 12 maandelijkse termijnen bestrijken. In uitzonderlijke gevallen kan hiervan worden afgeweken. Een betalingsregeling kan slechts 1 keer worden afgesproken, als de afgesproken betalingsregeling niet wordt nagekomen of om een andere reden wordt beëindigd wordt er geen nieuwe betalingsregeling meer afgesproken.
2.4.5. Bijzonderheden inschakelen van de gerechtsdeurwaarder
Voor de vorderingen geldt dat, indien na het verstrijken van de betaaltermijn van de laatste waarschuwing niet is betaald de vordering in handen wordt gegeven van de gerechtsdeurwaarder.
De gerechtsdeurwaarder is onafhankelijk en ook al wordt hij door de gemeente ingeschakeld, hij heeft oog voor de belangen van zowel debiteur als de gemeente. De gerechtsdeurwaarder probeert zelf de vordering te incasseren.
Hij benadert de debiteur met zachte hand, maar wel indringend. Hij doet dit op een persoonlijke manier. Door zijn vakinhoudelijke kennis kan de gerechtsdeurwaarder de debiteur inlichten over zijn verplichtingen en rechten. Door de gerichte benadering van de gerechtsdeurwaarder zijn verdere juridische stappen vaak niet nodig. De status van de gerechtsdeurwaarder als openbaar ambtenaar draagt daar zeker aan bij.
2.4.6. Gerechtelijke procedure
Wordt in de minnelijke fase niet betaald dan kan de gemeente ervoor kiezen het gerechtelijke traject te starten.
Het gerechtelijke traject bestaat uit onder andere dagvaarden, beslaglegging, executoriale verkoop en kan alleen door de gerechtsdeurwaarder worden uitgevoerd. De gerechtelijke fase begint met het uitbrengen van een dagvaarding door de gerechtsdeurwaarder. Dit kan (tot een bedrag van € 25.000, - en huurzaken) bij de Sector Kanton of bij (voor bedragen boven de € 25.000, -) de Sector Civiel van de Rechtbank.
Wordt door de rechter een vonnis gewezen dan zal de gerechtsdeurwaarder dit vonnis aan de debiteur afgeven (betekenen). In het vonnis staat precies wat de debiteur moet betalen en wanneer. Als de debiteur niet betaalt, kan de gerechtsdeurwaarder met dat vonnis beslag leggen op onder andere loon, uitkering, auto, inboedel of andere vermogensbestanddelen van de debiteur.
2.4.7. Verhaal van invorderingskosten en rente
Bij vorderingen geldt dat de kosten van invordering zoveel mogelijk worden verhaald op de nalatige debiteur. De hoogte hiervan wordt bepaald aan de hand van het Besluit tarieven ambtshandelingen gerechtsdeurwaarders.
De gemeente maakt geen gebruik van de bevoegdheid om wettelijke rente te innen als de debiteur zijn betalingsverplichtingen niet nakomt.
Dit geldt niet voor de gevallen die aan de gerechtsdeurwaarder worden overgedragen, omdat de gerechtsdeurwaarder wel rente in rekening brengt bij de debiteur.
2.4.8. Kwijtschelding
De privaatrechtelijke vorderingen zijn uitgesloten van kwijtschelding.