Aanhef
Het Besluit Wmo Hollands Kroon is in Artikel 5 Pgb hulp bij het huishouden gewijzigd. De tarieven voor de Hulp bij het huishouden zijn aangepast conform de richtlijnen Verantwoord Marktgedrag in de thuiszorg. Voor de HH2 is nu ook een tarief opgenomen.
1Het Pgb voor Hulp bij het huishouden cat.1 (HH1) bedraagt ten hoogste € 19,36 per uur.
2Het Pgb voor Hulp bij het huishouden cat.2 (HH2) bedraagt ten hoogste € 21,01.
De inleidende tekst bij de Beleidsregels Wmo Hollands Kroon 2015 luidt:
In Hoofdstuk 5.1. Criteria maatwerkvoorziening Hulp bij het huishouden is de bepaling dat voor de HH2 geen Pgb verstrekt wordt vervallen.
Bijlage 2. Besluit maatschappelijke ondersteuning Hollands Kroon 2015
Artikel 1. Begripsbepalingen
1Alle begrippen die in dit besluit worden gebruikt en niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Wet maatschappelijke ondersteuning, de Verordening maatschappelijke ondersteuning Hollands Kroon 2015 en de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
2College: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hollands Kroon.
3Pgb: persoonsgebonden budget.
4Verordening: de Verordening maatschappelijke ondersteuning Hollands Kroon 2015.
Artikel 2. Bijdrage voor maatwerkvoorzieningen of pgb´s
De bedragen per vier weken, de inkomensbedragen en de percentages die gelden voor berekening van de eigen bijdrage zijn gelijk aan die genoemd in artikel 3.1, eerste lid, van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015.
Artikel 3. Kostprijs van een maatwerkvoorziening en pgb
De kostprijs van een maatwerkvoorziening en pgb wordt bepaald:
a) door een aanbesteding;
b) na een consultatie in de markt; of
c) in overleg met de marktaanbieders.
Artikel 4. Pgb voor personen uit sociaal netwerk
Onverminderd het bepaalde in artikel 5, kan een cliënt aan wie een pgb wordt verstrekt, diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen onder de volgende voorwaarden betreffende het tarief, betrekken van een persoon die behoort tot het sociaal netwerk:
a.dat deze persoon maximaal het op grond van de Wet langdurige zorg geldende pgb-uurtarief voor hulp van niet-professionele zorgverleners krijgt betaald voor zijn diensten, en
b.dat tussenpersonen of belangbehartigers niet uit het pgb worden betaald.
Artikel 5. Pgb hulp bij het huishouden
1Het Pgb voor Hulp bij het huishouden cat.1(HH1) bedraagt ten hoogste € 19,36 per uur.
2Het Pgb voor Hulp bij het huishouden cat.2 (HH2) bedraagt ten hoogste € 21.01.
Artikel 6. Pgb begeleiding
De hoogte van een pgb voor:
a.individuele begeleiding door een niet daartoe opgeleid persoon die mantelzorger is of afkomstig is uit het sociale netwerk van de cliënt, wordt bepaald per uur op basis van het tarief per uur voor mantelzorgers in de Wet langdurige zorg;
b.individuele begeleiding:
1°. door een daartoe opgeleid persoon; of
2°. waarvoor bijzondere deskundigheden zijn vereist;
wordt per uur of per resultaat voor individuele begeleiding bepaald op basis van het laagste tarief per uur of per resultaat voor individuele begeleiding in natura door een daartoe opgeleide beroepskracht werkzaam bij een door de gemeente gecontracteerde instelling;
c.begeleiding groep of dagbesteding met laag intensieve ondersteuning uitgevoerd door vrijwilligers met ondersteuning van een beroepskracht wordt per dagdeel of per groep bepaald op basis van het laagste tarief per dagdeel of per groep voor dergelijke begeleiding in natura door een daartoe opgeleide beroepskracht werkzaam bij een door de gemeente gecontracteerde instelling;
d.gespecialiseerde dagbesteding met hoog intensieve ondersteuning uitgevoerd door daartoe opgeleide personen wordt per dagdeel of per groep bepaald op basis van het laagste tarief per dagdeel of per groep voor dergelijke begeleiding in natura door daartoe opgeleide beroepskrachten werkzaam bij een door de gemeente gecontracteerde instelling.
Artikel 7. Pgb persoonlijke verzorging
De hoogte van een pgb voor:
a.persoonlijke verzorging door een niet daartoe opgeleid persoon die mantelzorger is of afkomstig is uit het sociale netwerk van de cliënt, wordt bepaald per uur op basis van het tarief per uur voor mantelzorgers in de Wet langdurige zorg;
b.persoonlijke verzorging:
1door een daartoe opgeleid persoon; of
2waarvoor bijzondere deskundigheden zijn vereist;
wordt per uur of per resultaat voor persoonlijke verzorging bepaald op basis van het laagste tarief per uur of per resultaat voor persoonlijke verzorging in natura door een daartoe opgeleide beroepskracht werkzaam bij een door de gemeente gecontracteerde instelling.
Artikel 8. Pgb kortdurend verblijf en respijtzorg
De hoogte van een pgb voor kortdurend verblijf- en respijtzorg:
1met laag intensieve ondersteuning uitgevoerd door vrijwilligers met ondersteuning van een beroepskracht, of
2met hoog intensieve ondersteuning uitgevoerd door daartoe opgeleide personen;
wordt per etmaal of per resultaat voor kortdurend verblijf- en respijtzorg bepaald op basis van het laagste tarief per etmaal of per resultaat voor kortdurend verblijf- en respijtzorg in natura door een daartoe opgeleide beroepskracht(en) werkzaam bij een door de gemeente gecontracteerde instelling.
Artikel 9. Pgb voor vervoer van en naar dagbesteding
De hoogte van een pgb voor vervoer van en naar de dagbesteding wordt bepaald op € 12,49 per etmaal voor rolstoelvervoer en € 5,10 per etmaal voor overig vervoer.
Artikel 10. Verhoging Pgb vervoersvoorziening over de korte afstand in verband met onderhoud en verzekering
Onverminderd het bepaalde in artikel 11, vijfde lid, van de Verordening, wordt jaarlijks gedurende een periode van 7 jaar het pgb voor een vervoersvoorziening over de korte afstand verhoogd met een bedrag voor onderhoud, reparatie en verzekering dat gelijk is aan 7% van het pgb.
Artikel 11. Verhoging Pgb voor een rolstoelvoorziening in verband met onderhoud en verzekering
Onverminderd het bepaalde in artikel 11, vijfde lid, van de Verordening, wordt jaarlijks gedurende een periode van 5 jaar het pgb voor een rolstoelvoorziening verhoogd met een bedrag voor onderhoud, reparatie en verzekering dat gelijk is aan 5% van het pgb.
Artikel 12. Tegemoetkoming verhuiskosten, sportrolstoel, bezoekbaar maken woning en huurderving
De tegemoetkoming voor:
a.verhuiskosten bedraagt: € 5.678,00;
b.aanschaf en onderhoud van een sportvoorziening bedraagt: maximaal € 3.000,00 voor een periode van drie jaar; onderhoud en verzekering van de voorziening is voor rekening van de belanghebbende. De nota van aanschaf dient aan het college te worden overlegd;
c.de maximale financiële tegemoetkoming die verstrekt wordt bij het bezoekbaar maken van een woning is gelijk aan de werkelijke kosten van die aanpassing, maar niet meer dan het (geïndexeerde) bedrag van artikel 11.a
d.de kosten van huurderving is gelijk aan de kale huur van de woning, met een maximum van het bedrag genoemd in artikel 13, eerste lid, onderdeel a, van de Wet op de huurtoeslag.
Artikel 13. Vervoersbudget
1Een vervoersbudget wordt uitsluitend toegekend indien alle andere vervoersmogelijkheden het door sociaal medische beperkingen voor belanghebbende niet mogelijk maken te kunnen participeren in de lokale samenleving. Een vervoersbudget wordt verstrekt in de vorm van een financiële tegemoetkoming in de kosten van vervoer op declaratiebasis.
2Voor participatie in de lokale samenleving wordt een vervoersbehoefte van 2000 km per jaar als gebruikelijke norm aangehouden. Deze norm wordt verlaagd tot 1500 km per jaar indien ook een andere vervoersvoorziening anders dan een rolstoel is verstrekt.
3De maximale bijdragen worden berekend op basis van de normbedragen:
-€ 1,10 per kilometer voor taxivervoer;
-€ 0,33 per kilometer voor ander dan taxivervoer.
4Geen vervoersbudget wordt toegekend indien:
a.gebruik gemaakt kan worden van openbaar vervoer of algemeen gebruikelijk vervoer zoals de Belbus;
b.door belanghebbende kan worden teruggevallen op een andere voorliggende voorzieningen;
c.de vervoersbehoefte is gewijzigd door een aan belanghebbende in persoon te verwijten oorzaak;
d.bij een eerder, aan de persoon van belanghebbende toe te schrijven, gebleken misbruik van een vervoersbudget;
5Een vervoersbehoefte boven de norm als bedoeld in het tweede lid moet door belanghebbende ter beoordeling aan het college overtuigend worden aangetoond.
6Voor vervoer per speciale taxi worden de werkelijke kosten betaald als bij indicatie is vastgesteld dat betrokkene gebruik moet maken van een speciale taxi, hierbij wordt ook het maximum gehanteerd van respectievelijk 2000 of 1500 km per jaar.
Artikel 14. Indexering
Jaarlijks kan het college de in dit Besluit genoemde bedragen aanpassen afhankelijk van de prijsindexvolgens het Centraal Bureau voor de Statistiek.
Artikel 15. Citeertitel
Dit besluit kan worden aangehaald als 'Besluit maatschappelijke ondersteuning Hollands Kroon 2015’.
Artikel 16. Inwerkingtreding
Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2015.
Artikel 17. Intrekking
Het Besluit maatschappelijke ondersteuning Hollands Kroon 2013 wordt ingetrokken.
Aldus besloten in de vergadering van 16 december 2014.
Burgemeester en wethouders van Hollands Kroon,
secretaris burgemeester
2ewijziging d.d. 1 juli 2016