Aanhef
[Deze regeling is op 14 juli 2020 van toepassing verklaard voor het gehele grondgebied van de gemeente Hoeksche Waard. Dit besluit is bekend gemaakt op 30 juli 2020 in Gemeenteblad 2020, 195954.]
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Korendijk,
Overwegende dat:
de raad van de gemeente Korendijk in zijn besluitvorming van 15 maart 2016 ter vaststelling van de Algemene subsidieverordening gemeente Korendijk 2017 aan het college van burgemeester en wethouders de opdracht heeft verstrekt tot het bij nadere regeling vaststellen welke activiteiten in aanmerking kunnen komen voor subsidie;
het college van burgemeester en wethouders van mening is dat het gewenst is nadere regels vast te stellen in het kader van de volgende maatschappelijke opgaven:
•het bevorderen van zelfredzaamheid;
•het stimuleren van preventieve voorzieningen; het bevorderen van participatie van inwoners;
•het bevorderen van leefbaarheid in de dorpen.
Besluit:
vast te stellen de Subsidieregeling samenleving gemeente Korendijk 2017.
Algemene bepalingen
Artikel 1 Begripsomschrijvingen
In deze subsidieregeling wordt verstaan onder:
prestatiesubsidie: een subsidie die aan een aanvrager wordt verleend voor een periode van ten hoogste 12 maanden over welke periode rekening en verantwoording wordt afgelegd aan de subsidieverlener; college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Korendijk;
projectsubsidie: een subsidie die aan een aanvrager wordt verleend voor een activiteit met een vooraf vastgestelde looptijd en resultaat, en die extra wordt georganiseerd of bovenop de reguliere activiteiten komt en waarvoor geen prestatiesubsidie wordt verleend.
projectplan: de omschrijving van het geheel van activiteiten waarvoor een projectsubsidie wordt aangevraagd; subsidieregeling: de Subsidieregeling samenleving gemeente Korendijk 2017;
activiteitenplan: de omschrijving van het geheel van activiteiten waarvoor een prestatiesubsidie wordt aangevraagd.
Artikel 2 Toepassingsbereik
1Deze subsidieregeling is van toepassing op verstrekking van subsidie door burgemeester en wethouders voor de activiteiten die vallen binnen de hierna benoemde en uitgewerkte Deelregelingen.
2Subsidie kan worden aangevraagd voor activiteiten op het gebied van:
•sport;
•kunst en cultuur;
•volksgezondheid;
•jeugd- en jongerenwerk;
•ouderenwerk;
•vrijwilligerswerk;
•educatie;
•algemene maatschappelijke voorzieningen.
3Deze subsidieregeling is niet van toepassing op geldelijke bijdragen aan gemeenschappelijke regelingen waaraan de gemeente deelneemt.
Artikel 3 Soorten subsidies en tot subsidie gerechtige organisaties
1In het kader van deze subsidieregeling kunnen twee soorten subsidie worden verleend: prestatiesubsidies; projectsubsidies.
2Natuurlijke personen en informele verenigingen kunnen in het kader van deze subsidieregeling niet voor een subsidie in aanmerking komen, behoudens de dorps- en meedenkgroepen waarmee de gemeente een convenant heeft gesloten.
Artikel 4 Subsidieplafond
1Het subsidieplafond voor Deelregeling 1 t/m 4 wordt voorlopig vastgesteld op € 747.886,00.
2Het subsidieplafond voor Deelregeling 5 wordt voorlopig vastgesteld op € 25.000,00.
Artikel 5 Verdeelsleutels
1Prestatiesubsidies en projectsubsidies worden beoordeeld en gewaardeerd op basis van onderstaande criteria en puntentoedeling.
Aansluiting bij Kadernota par. 4.1
aansluiten bij maatschappelijke opgaven: 5 punten per opgave met een maximum van 10 pnt.
10
maatschappelijk effecten benoemd (4) - evaluatiemethode bekend (6)
10
Aansluiting bij Kadernota par. 4.2
samenwerking tussen meerdere partijen: 5 punten per partij met een maximum van 15 pnt.
15
bereik van de activiteit (verschillende doelgroepen, spreiding over dorpen en aantal deelnemers, nieuwe deelnemers etc.)
15
Aansluiting bij Kadernota par. 4.4
deskundigheidsbevordering - opleiding - training
10
netwerkontwikkeling - bundelen kennis - informatieoverdracht
10
ondernemerschap - fondsenwerving - bundelen geldstromen
10
TOTAAL
80
2Als bij het verlenen van een prestatiesubsidie of een projectsubsidie het subsidieplafond wordt overschreden bij toekenning van alle aanvragen dan wordt bij een gelijk aantal punten zoveel mogelijk prioriteit gegeven aan de aanvraag waarvan de subsidiabele kosten het laagst zijn.
Deelregeling 1 Het bevorderen van zelfredzaamheid.
Artikel 6 Doel
Deze deelregeling heeft tot doel:
•het stimuleren van algemene voorzieningen die de zelfredzaamheid van mensen in de samenleving bevorderen.
Artikel 7 Beoogde maatschappelijke effecten
Met het stimuleren van algemene voorzieningen die de zelfredzaamheid van mensen in de samenleving bevorderen, worden in het bijzonder de volgende maatschappelijke effecten beoogd:
•verhogen van zelfredzaamheid of compenseren van afnemende zelfredzaamheid;
•er zijn initiatieven en buurtnetwerken van inwoners die sociale contacten bevorderen en vereenzaming doorbreken;
•de eigen kracht van inwoners is behouden of versterkt;
•de mantelzorgers ervaren een verlichting in hun mantelzorgtaak.
Artikel 8 Te subsidiëren activiteiten
Voor een subsidie kunnen in aanmerking komen activiteiten die een bijdrage leveren aan de in het vorige artikel benoemde maatschappelijke effecten, in het bijzonder activiteiten die gericht zijn op:
•het bevorderen van zelfredzaamheid;
•het opzetten en versterken van sociale of buurtnetwerken (sociale infrastructuur);
•het ondersteunen van vrijwilligers (o.a. ten behoeve van het signaleren van teruglopende zelfredzaamheid).
Artikel 9 Soort subsidie
In het kader van deze deelregeling kan een prestatiesubsidie worden verleend.
Artikel 10 Verdeelsleutel
Als in het kader van deze deelregeling een prestatiesubsidie wordt verleend dan vindt verdeling plaats overeenkomstig het bepaalde in artikel 5 van deze subsidieregeling.
Deelregeling 2 Het stimuleren van preventieve voorzieningen.
Artikel 11 Doel
Deze deelregeling heeft tot doel:
•het stimuleren van voldoende preventieve basisvoorzieningen.
Artikel 12 Beoogde maatschappelijke effecten
Met het bieden van preventieve voorzieningen worden in het bijzonder de volgende maatschappelijke effecten beoogd:
•voor meer ondersteuningsvragen zijn preventieve basisvoorzieningen beschikbaar;
•minder inwoners doen een beroep op curatieve en maatwerkvoorzieningen Wmo;
•inwoners zijn langer zelfstandig en mobiel;
•inwoners leven gezonder;
•de uitgaven voor curatieve en maatwerkvoorzieningen Wmo stijgen niet verder of dalen; inwoners zijn sociaaleconomisch weerbaar.
Artikel 13 Te subsidiëren activiteiten
Voor een subsidie kunnen in aanmerking komen activiteiten die een bijdrage leveren aan de in het vorige artikel benoemde maatschappelijke effecten, in het bijzonder activiteiten die gericht zijn op:
•het in stand houden en vergroten van de mobiliteit;
•het bevorderen van een gezonde leefstijl;
•het voorkomen en tegengaan van eenzaamheid;
•het voorkomen van opgroei- en opvoedproblemen bij jeugdigen;
•de vroegtijdige signalering van en interventie bij opgroei- en opvoedproblemen;
•het versterken van opvoedvaardigheden van ouders;
•het versterken van het opvoedkundig klimaat in gezinnen, wijken, voorschoolse en schoolse voorzieningen.
Artikel 14 Soort subsidie
In het kader van deze deelregeling kan een prestatiesubsidie worden verleend.
Artikel 15 Verdeelsleutel
Als in het kader van deze deelregeling een prestatiesubsidie wordt verleend dan vindt verdeling plaats overeenkomstig het bepaalde in artikel 5 van deze subsidieregeling.
Deelregeling 3 Het bevorderen van participatie van inwoners.
Artikel 16 Doel
Deze deelregeling heeft tot doel:
•inwoners te stimuleren om actief deel te nemen aan de samenleving.
Artikel 17 Beoogde maatschappelijke effecten
Met het bevorderen van de participatie van inwoners worden in het bijzonder de volgende maatschappelijke effecten beoogd:
•inwoners nemen actief deel aan de samenleving;
•het sociaal isolement is teruggedrongen;
•inwoners ervaren door hun actieve deelname een verhoging van de kwaliteit van leven.
Artikel 18 Te subsidiëren activiteiten
Voor een subsidie kunnen in aanmerking komen activiteiten die een bijdrage leveren aan de in het vorige artikel benoemde maatschappelijke effecten, in het bijzonder activiteiten die gericht zijn op:
•het verbeteren van de samenwerking tussen bewoners in dorpen, wijken en buurten;
•maatschappelijke participatie in de educatieve- en recreatieve sfeer; sociale activering.
Artikel 19 Soort subsidie
In het kader van deze deelregeling kan een prestatiesubsidie worden verleend.
Artikel 20 Verdeelsleutel
Als in het kader van deze deelregeling een prestatiesubsidie wordt verleend dan vindt verdeling plaats overeenkomstig het bepaalde in artikel 5 van deze subsidieregeling.
Deelregeling 4 Het bevorderen van leefbaarheid in de dorpen.
Artikel 21 Doel
Deze deelregeling heeft tot doel:
•inwoners actief te betrekken bij de ontwikkeling van hun eigen woonomgeving.
Artikel 22 Beoogde maatschappelijke effecten
Met het bevorderen van de leefbaarheid in de dorpen worden in het bijzonder de volgende maatschappelijke effecten beoogd:
•de saamhorigheid in de dorpen is vergroot;
•de leefbaarheid is bevorderd;
•de sociale veiligheid is vergroot;
•overlast is terug gedrongen;
•inwoners voelen zich thuis en zijn actief betrokken bij de eigen woonomgeving; er zijn samenbindende (kleinschalige) activiteiten in de directe leef- en woonomgeving; de kwaliteit van de leefomgeving wordt als positief ervaren.
Artikel 23 Te subsidiëren activiteiten
Voor een subsidie kunnen in aanmerking komen activiteiten die een bijdrage leveren aan de in het vorige artikel benoemde maatschappelijke effecten, in het bijzonder activiteiten die gericht zijn op:
•het verhogen van leefbaarheid en veiligheid;
•kleinschalige samenbindende activiteiten van buurt- en dorpsgenoten; het in stand houden van voorzieningen in de dorpen.
Artikel 24 Soort subsidie
In het kader van deze deelregeling kan een prestatiesubsidie worden verleend.
Artikel 25 Verdeelsleutel
Als in het kader van deze deelregeling een prestatiesubsidie wordt verleend dan vindt verdeling plaats overeenkomstig het bepaalde in artikel 5 van deze subsidieregeling.
Deelregeling 5 Projectsubsidie
Artikel 26 Doel
De Deelregeling projectsubsidie heeft tot doel het ondersteunen van activiteiten die vallen binnen het toepassingsbereik van Deelregeling 1, 2, 3 en 4 van de Subsidieregeling samenleving van de gemeente Korendijk 2017, die met een vooraf vastgestelde looptijd en resultaat extra worden georganiseerd of bovenop de reguliere activiteiten komen en waarvoor geen prestatiesubsidie wordt verleend.
Artikel 27 Te subsidiëren activiteiten
Alleen activiteiten die vallen binnen de omschrijving van doelen, beoogde maatschappelijke effecten en activiteiten in de onderscheiden deelregelingen van de Subsidieregeling samenleving van de gemeente Korendijk 2017 kunnen voor een subsidie in het kader van deze deelregeling in aanmerking komen.
Artikel 28 Tranches
1Het voor projecten beschikbare budget wordt in twee gelijke tranches beschikbaar gesteld, te weten per 1 januari en 1 juli van een kalenderjaar.
2Als niet alle beschikbare middelen uit de eerste tranche zijn toegewezen, dan wordt het restant toegevoegd aan de tweede tranche.
3Als niet alle beschikbare middelen uit de tweede tranche zijn toegewezen, dan vervallen deze middelen.
Artikel 29 Aanvraag- en beslistermijn
1Een aanvraag voor een projectsubsidie kan op twee momenten worden ingediend, te weten vóór 1 oktober voorafgaand aan het kalenderjaar waarvoor de eerste tranche van het budget beschikbaar is gesteld per 1 januari, en vóór 1 april van het kalenderjaar waarvoor de tweede tranche van het budget beschikbaar is gesteld per 1 juli.
2Een aanvraag voor een projectsubsidie kan door meerdere aanvragers gezamenlijk worden ingediend, waarbij één van de aanvragers optreedt als hoofdaanvrager.
3Een aanvraag die door meerdere partijen wordt ingediend, wordt door alle aanvragers ondertekend.
4Het college beslist binnen acht weken op een aanvraag voor een projectsubsidie. Deze termijn kan éénmalig worden verlengd met vier weken.
5Een op inhoudelijke gronden afgewezen aanvraag kan niet nogmaals in dezelfde vorm en met dezelfde inhoud worden ingediend.
6Een op vormverzuim afgewezen aanvraag kan in dezelfde vorm en met dezelfde inhoud voor de volgende tranche worden ingediend.
Artikel 30 Kosten die voor subsidie in aanmerking komen
1De subsidie heeft uitsluitend betrekking op kosten die resteren na aftrek van bijdragen van derden en die naar het oordeel van het college noodzakelijk zijn voor het uitvoeren van de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd.
2Kosten van activiteiten die zijn gemaakt voordat een subsidie wordt of is verleend en / of zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van het college worden uitgevoerd of zijn gestart, komen niet voor een subsidie in aanmerking.
Artikel 31 Verdeelsleutel
Als in het kader van deze deelregeling een projectsubsidie wordt verleend dan vindt verdeling plaats overeenkomstig het bepaalde in artikel 5 van deze subsidieregeling.
Artikel 32 Bijzondere verplichting
1Een subsidieontvanger vermeldt in alle projectuitingen dat het project mede mogelijk is gemaakt met financiële ondersteuning door de gemeente Korendijk.
2Een subsidieontvanger meldt de activiteit waarvoor een subsidie is verleend aan bij de VVV Hoeksche Waard voor opname in de activiteitenkalender en voor opname in gemeentelijke activiteitenkalender op de website van de gemeente Korendijk.
3Aan een subsidieontvanger kunnen aanvullende verplichtingen worden opgelegd in het kader van de (tussen)evaluatie van de met de inzet van de verleende subsidie gerealiseerde maatschappelijke effecten en de bereikte beleidsdoelen.
Deelregeling 6 Reserveringen en voorzieningen
6.1 Algemene bepalingen
Artikel 33 Soorten reserves
Er worden twee vormen van reserves onderscheiden:
•Algemene reserves
•Bestemmingsreserves
Artikel 34 Beperking recht op reservering en voorzieningen bij projectsubsidies
Het vormen van reserves of het aanleggen van voorzieningen ten laste van een subsidie die is verleend in het kader van de Deelregeling projectsubsidie is niet toegestaan.
6.2 Bepalingen inzake het vormen van een algemene reserve
Artikel 35 Begripsbepaling
Onder algemene reserves worden verstaan bestandsdelen van het vermogen van een subsidieontvanger die door hem vrij besteedbaar zijn.
Artikel 36 Verrekening overschotten of tekorten algemene reserve
Overschotten of tekorten komen ten gunste c.q. ten laste van de subsidieontvanger en worden verrekend met de algemene reserve van de subsidieontvanger.
Artikel 37 Maximum algemene reserve
1De maximaal toegestane stand van de algemene reserve wordt gesteld op 10% van het totaal van de jaarexploitatie van de subsidieontvanger.
2Bij overschrijding van deze grens vindt terugbetaling plaats aan de gemeente in verhouding tot de gemiddelde door de gemeente verleende subsidie aan de subsidieontvanger over het afgelopen jaar.
3Het college kan afwijken van het genoemde percentage in het eerste lid.
4Dit artikel is alleen van toepassing op subsidies vanaf € 5.000,00.
6.3 Bepalingen inzake het vormen van een bestemmingsreserve
Artikel 38 Begripsbepaling
1Onder bestemmingsreserve worden verstaan bestanddelen van het vermogen van een subsidieontvanger die door hem worden of zijn gevormd voor een of meer specifieke doeleinden.
2Een bestemmingsreserve kan alleen worden aangehouden wanneer het doel nauwkeurig is omschreven
3Een bestemmingsreserve kan alleen worden gevormd uit een positief exploitatiesaldo.
Artikel 39 Toestemming tot het aanleggen van een bestemmingsreserve
1Het vormen van, dan wel het doen van toevoegingen aan een bestemmingsreserve met gemeentelijke subsidie is uitsluitend mogelijk na voorafgaande schriftelijk verleende toestemming van het college.
2Een verzoek tot het vormen van een bestemmingsreserve moet vergezeld gaan van: een omschrijving van het doel van de bestemmingsreserve; een meerjarig investeringsplan of onderhoudsplan.
3Het college kan ter zake van de aanvraag om toestemming als bedoeld in het eerste lid nadere richtlijnen verstrekken, alsmede modellen vaststellen voor de te overleggen bescheiden.
4Indien toestemming door het college tot het vormen van een bestemmingsreserve is verkregen, mag een aanvrager die subsidie ontvangt niet afwijken van vastgestelde dotaties, ook al is er sprake van een negatief exploitatiesaldo.
5Het in dit artikel bepaalde laat onverlet de bevoegdheid van het college te beoordelen of de subsidieaanvrager de kosten van de activiteit of activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd niet geheel of gedeeltelijk uit eigen middelen of uit middelen van derden kan betalen.
6De aanvrager meldt een voornemen om uitgaven ten laste te brengen van een toegestane bestemmingsreserve zo spoedig mogelijk aan het college, tenzij dat voornemen reeds uit de begroting bij de subsidieaanvraag blijkt.
7Dit artikel is alleen van toepassing op subsidies vanaf € 5.000,00.
6.4 Bepalingen inzake het vormen van voorzieningen
Artikel 40 Begripsbepaling
1Onder voorzieningen worden verstaan bestanddelen van het vreemd vermogen van een subsidieontvanger die door hem zijn of worden gevormd met het oog op toekomstige verplichtingen of nog niet bestede, van derden verkregen, middelen waarop een specifieke betalingsverplichting rust of moet worden terugbetaald.
2Voorzieningen kunnen worden aangehouden voor:
•verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op de balansdatum onzeker is, doch redelijkerwijs is in te schatten;
•op de balansdatum bestaande risico's ter zake van bepaalde te verwachten verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs is te schatten;
•kosten die in een volgend begrotingsjaar zullen worden gemaakt, mits het maken van die kosten zijn oorsprong vindt in het begrotingsjaar of voorgaande begrotingsjaar en de voorziening strekt tot gelijkmatige verdeling van lasten over een aantal begrotingsjaren.
Slot- en overgangsbepalingen
Artikel 41 Toepassing Algemene subsidieverordening gemeente Korendijk 2017
Op subsidies die worden verleend in het kader van deze subsidieregeling is tevens van toepassing de Algemene subsidieverordening gemeente Korendijk 2017.
Artikel 42 Eenmalige verdaging van de aanvraagtermijn
In afwijking van het bepaalde in deze subsidieregeling en de Algemene subsidieverordening gemeente Korendijk 2017 kunnen aanvragen voor een prestatiesubsidie voor 2017 worden ingediend tot en met 31 augustus 2016.
Artikel 43 Aanvraagformulier
Een aanvraag voor een subsidie in het kader van deze subsidieregeling wordt ingediend met behulp van een door het college vastgesteld formulier.
Artikel 44 Bijzondere verplichtingen
Aan de subsidieontvanger kunnen in het kader van deze subsidieregeling bijzondere verplichtingen worden opgelegd, daaronder begrepen de verplichting zoals opgenomen in artikel 32.
Artikel 45 Verklaring omtrent het gedrag
Subsidieontvangers die activiteiten aanbieden voor personen beneden de leeftijdsgrens van 18 jaar dragen zorg voor een verklaring omtrent gedrag van hen die deze activiteiten begeleiden.
Artikel 46 Uitsluitingsclausule
Een subsidie die is verleend in het kader van deze subsidieregeling mag niet worden aangewend voor het ondersteunen van goede doelen of het ondersteunen van of hulp bieden aan vrienden- of steunstichtingen die direct of indirect aan de subsidieontvanger of derden zijn verbonden.
Artikel 47 Vermogen ondergebracht bij steunstichtingen
Subsidie of met subsidie gevormde vermogensbestanddelen die in strijd met het bepaalde in het vorige artikel is of zijn aangewend voor het ondersteunen van goede doelen of het ondersteunen van of hulp bieden aan vrienden- of steunstichtingen die direct of indirect aan de subsidieontvanger of aan derden zijn verbonden, wordt of worden geacht te behoren tot het vermogen van de subsidieaanvrager en wordt of worden bij de subsidieberekening betrokken overeenkomstig het bepaalde in Deelregeling 6.
Artikel 48 Hardheidsclausule
Het college kan deze subsidieregeling in individuele gevallen buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover de toepassing van de bepalingen uit deze subsidieregeling voor de subsidieaanvrager of subsidieontvanger gevolgen zou hebben die onevenredig zijn in verhouding tot de met de betrokken bepalingen te dienen doel.
Artikel 49 Citeertitel
Deze subsidieregeling wordt aangehaald als ‘Subsidieregeling samenleving gemeente Korendijk 2017.’
Artikel 50 Inwerkingtreding
1Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2017 onder gelijktijdige intrekking van de Beleidsregels behorend bij de Algemene Subsidieverordening gemeente Korendijk (2013).
2Op aanvragen om subsidie waarop is beschikt voor deze datum zijn de bepalingen van de Algemene Subsidieverordening gemeente Korendijk 2012 en de Beleidsregels behorend bij de Algemene Subsidieverordening gemeente Korendijk (2013) van toepassing.
3Op aanvragen om subsidie voor het subsidiejaar 2017 die zijn ingediend voor 1 januari 2017, maar waarop nog niet is beslist, beslist het college met toepassing van de Algemene subsidieverordening gemeente Korendijk 2017, respectievelijk met toepassing van de Subsidieregeling samenleving gemeente Korendijk 2017.