Gemeentelijke regelgeving

Subsidieregeling Passende Buitenschoolse Opvang Hilversum 2026

Gemeente Hilversum · geldt sinds 5 november 2025

Tekst

B en W besluit

Burgemeester en Wethouders van de Gemeente Hilversum,

Gelet op het voorstel “Vaststellen Subsidieregeling Passende Buitenschoolse Opvang Hilversum 2026”met zaaknummer 1879643,

Overwegende dat:

•Het belangrijk is een bijdrage te leveren aan een inclusieve samenleving;

•Inclusief onderwijs erop gericht is dat jeugdigen – ongeacht hun talenten, belemmeringen, mogelijkheden of sociaaleconomische achtergrond – toegang hebben tot kwalitatief onderwijs in een omgeving waarin diversiteit wordt omarmd;

•Inclusief onderwijs ook gaat over jeugdigen met specifieke ondersteuningsbehoeften;

•De gemeente Hilversum bereid is hierin te investeren voor gelijke kansen, waarbij het doel is om belemmeringen weg te nemen die de toegang tot onderwijs beperken en ervoor te zorgen dat jeugdigen kunnen profiteren van onderwijs dat is afgestemd op hun talenten en ontwikkelingsbehoeften;

•Het belangrijk is dat kinderen met een extra ondersteuningsbehoefte, die niet terecht kunnen op de reguliere buitenschoolse opvang, passende buitenschoolse opvang wordt geboden;

•Het gewenst is budget beschikbaar te stellen om dit te stimuleren.

Gelet op:

•Titel 4.2 en 4.4 van de Algemene wet bestuursrecht;

•Artikel 3, lid 3 van de Algemene Subsidieverordening Hilversum 2021;

•Beleidsregel Subsidieverstrekking Hilversum;

•Nadere regel Reserves en voorzieningen gesubsidieerde organisaties Hilversum;

•Beleidsregel toepassing Wet Bibob 2022, gemeente Hilversum;

•Programma Zorg, thema Verbindende Stad

•HEA 2024-2027: Verder leren!

Besluiten

1De “Subsidieregeling Passende Buitenschoolse Opvang Hilversum 2026” vast te stellen;

2Het subsidieplafond 2026 voor de Subsidieregeling Passende Buitenschoolse Opvang Hilversum 2026 vast te stellen op € 419.114.

3Het subsidiabel uurtarief voor het aanbieden van passende buitenschoolse opvang in 2026 vast te stellen op € 10,59 per uur en separaat aantoonbare vervoerskosten te vergoeden van maximaal € 30,53 per kind per rit;

Subsidieregeling Passende Buitenschoolse Opvang Hilversum 2026

Artikel 1. Begripsomschrijvingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

a) ASV: Algemene Subsidieverordening Hilversum 2021.

b) Awb: Algemene wet bestuursrecht.

c) College: Burgemeester en wethouders van de gemeente Hilversum.

d) BKR: Beroepskracht Kind Ratio. De in de wet kinderopvang vastgestelde verhouding tussen het aantal kinderen op de BSO-groep en de gekwalificeerde beroepskracht.

e) Buitenschoolse opvang (hierna: BSO): Kinderopvang verzorgd door een in het LRK geregistreerde Houder van Kinderopvang voor kinderen in de leeftijd dat ze naar het basisschoolonderwijs kunnen gaan, waarbij opvang wordt geboden voor of na de dagelijkse schooltijd evenals gedurende vrije dagen of middagen en in schoolvakanties.

f) Gemeente: de gemeente Hilversum.

g) Houder: De rechtspersoon aan wie een onderneming als bedoeld in de Handelsregisterwet toebehoort, waarbij onder ‘onderneming’ wordt begrepen een locatie die in het LRK is opgenomen als BSO.

h) Kind: Een kind in de passende BSO heeft de leeftijd van 4 jaar tot het moment dat het kind uitstroomt uit het basisonderwijs.

i) Kinderopvang: Het bedrijfsmatig of anders dan om niet verzorgen, opvoeden en bijdragen aan de ontwikkeling van kinderen vanaf het moment dat een kind naar de basisschool gaat tot de eerste dag van de maand waarop het voortgezet onderwijs voor die kinderen begint.

j) Kinderopvangtoeslag: De tegemoetkoming van het Rijk, uitgekeerd via de Belastingdienst aan ouders, bedoeld als bijdrage in de kosten voor een in het LRK geregistreerd kinderdagverblijf.

k) LRK: Landelijk Register Kinderopvang; het register waarin kinderopvangvoorzieningen zijn opgenomen, die voldoen aan de wettelijke eisen.

l) Ouderbijdrage voor de kinderopvang: Financiële vergoeding die ouders moeten betalen voor de deelname van hun kind aan de kinderopvang, afgestemd op het verzamelinkomen van het huishouden.

m) Ouders: De bloed- of aanverwant in opgaande lijn of de pleegouder van een kind op wie de kinderopvang betrekking heeft, met dien verstande dat bij de beoordeling of sprake is van pleegouderschap een vergoeding op grond van de Jeugdwet buiten beschouwing blijft.

n) Passende BSO: Een BSO voorziening voor kinderen die deelnemen aan het gespecialiseerde onderwijs of regulier onderwijs en vanwege een verstandelijke -, zintuiglijke -, lichamelijke - en/ of psychische beperking geen gebruik kunnen maken van een reguliere BSO. Indien de eigen inschatting van de kinderopvangorganisatie is dat voor een kind dat naar regulier onderwijs gaat de aparte BSO-groep de best passende plek is, dan is dit zonder indicatiestelling mogelijk. Wel wordt dit gelimiteerd tot maximaal 10% van de kinderen op een passende BSO-groep. De passende BSO valt evenals de reguliere BSO onder de vereisten van de Wet Kinderopvang.

o) Sociaal Medische Indicatie (SMI) regeling: Gemeenten in de regio gooi en vechtstreek hebben een Sociaal Medische Indicatie regeling. De gemeente financiert dan (deels) de kinderopvang. Er is dan kinderopvang nodig, omdat de ouder(s) en/of het kind een lichamelijk, zintuiglijke, verstandelijke of psychische beperking heeft. Het kan ook zijn dat kinderopvang in het belang van een goede en gezonde ontwikkeling van het kind noodzakelijk is. Er hoeft geen sprake te zijn van een structurele aandoening. Het kan ook gaan om een korte periode bij voorbeeld herstel en/of revalidatie na een operatie of bij Burn-out / overspannenheid bij (een van) de ouders. Een jeugdconsulent of de jeugdarts/jeugdverpleegkundige geven het sociaal-medisch advies af waarna ouder een aanvraag indient.

p) Subsidieplafond: het bedrag dat gedurende een bepaalde periode maximaal beschikbaar is voor de verstrekking van subsidies op grond van deze regeling.

q) Wet Kinderopvang: De wet wil de combinatie arbeid en zorg vergemakkelijken en de kwaliteit van de kinderopvang waarborgen.

Artikel 2. Doel van de subsidieregeling

Het doel van de subsidieregeling is het stimuleren van het aanbod passende BSO aan kinderen met een extra ondersteuningsbehoefte die niet terecht kunnen op de reguliere BSO. Dit draagt bij aan een inclusieve samenleving, zonder te problematiseren.

Artikel 3. Doelgroep

1De subsidie is bedoeld voor de deelname van een kind uit het gespecialiseerd onderwijs, of regulier onderwijs aan een passende BSO-voorziening. Het kind kan vanwege een verstandelijke-, zintuiglijke-, lichamelijke- en / of psychische beperking niet deelnemen aan een reguliere BSO.

2Kinderen kunnen op de passende BSO terecht als zij een toelaatbaarheidsverklaring hebben voor het gespecialiseerd onderwijs, een indicatie is niet nodig. Indien de inschatting van de kinderopvangorganisatie is dat voor een kind dat naar regulier onderwijs gaat de aparte BSO-groep de best passende plek is, dan is dit zonder indicatiestelling mogelijk. Wel wordt dit gelimiteerd, tot maximaal 10% van de kinderen op een passende BSO-groep én is de kinderopvangorganisatie verplicht om de reden waarom hiervoor is gekozen te rapporteren.

3De passende BSO is bedoeld voor kinderen woonachtig in de regio Gooi en Vechtstreek bestaande uit de volgende 7 gemeenten: Blaricum, Eemnes, Gooise Meren, Hilversum, Huizen, Laren en Wijdemeren.

Artikel 4. Eisen aan de aanvrager

1Subsidie op grond van deze regeling wordt uitsluitend verstrekt aan passende BSO-voorzieningen die zijn opgenomen in het Landelijk Register Kinderopvang als BSO in Hilversum.

2De houder is verantwoordelijk voor vervoer van school naar de passende BSO gedurende schoolweken indien er geen sprake is van leerlingenvervoer. Een ouder/verzorger is verantwoordelijk voor vervoer van de passende BSO naar huis. Tevens is een ouder/verzorger verantwoordelijk voor vervoer van huis naar de passende BSO (en vice versa) gedurende vakantieweken en vrije schooldagen.

3Aanvullend ten opzichte van de reguliere taken van de kinderopvang en de gestelde eisen voor het aanbieden van BSO, stelt de houder voldoende capaciteit beschikbaar om kinderen met een ondersteuningsvraag binnen de BSO de ondersteuning te bieden die zij nodig hebben.

4De eerste vaste medewerker op de passende groep voldoet aan de vereisten van de Wet kinderopvang. De tweede vaste medewerker voldoet aan de vereisten van de Wet kinderopvang of heeft een opleiding van minimaal MBO 3 Jeugdzorg, WMD, GGZ, GHZ, VVT of een vergelijkbare richting. Ten minste 1 pedagogisch medewerker per groep is HBO geschoold.

5De houder dient, om de subsidie te kunnen ontvangen, de volgende informatie vast te leggen in een digitaal en/of fysiek dossier en toegankelijk te maken voor controle door de gemeente Hilversum:

a) Indien een kind op het regulier onderwijs zit, de reden waarom een kind niet naar de reguliere BSO kan;

b) De naam van de school van het kind. Is deze school gevestigd nabij de passende BSO? ja/nee, aantal kilometer;

c) De gemeente in de regio Gooi en Vechtstreek waarin het kind woonachtig is;

d) De startdatum van de deelname aan de passende BSO;

e) Het aantal uren afname van een kind per maand én het totaal aantal uren afname van een kind gedurende het kalenderjaar waarop de subsidie van toepassing is;

f) Indien van toepassing de wijziging of einddatum van de deelname aan de passende BSO.

Artikel 5. Hoogte van de subsidie

1U ontvangt een subsidie op basis van het door u ingeschatte totaal aantal geboden uren passende buitenschoolse opvang in een kalenderjaar. U kunt het subsidiebedrag bepalen door het totaal aantal ingeschatte uren passende buitenschoolse opvang in een kalenderjaar te vermenigvuldigen met de gemeentelijk vastgestelde bijdrage per uur per kind (in 2026 = € 10,59).

2In Hilversum ondersteunt de gemeente maximaal 3 groepen van maximaal 11 kindplaatsen.

3De gemeente subsidieert maximaal 5 dagen per week openstelling van de aanbieder van 4,5 uur per dagdeel in schoolweken én maximaal 5 dagen van 10,5 uur gedurende vakantieweken. We gaan hierbij uit van 12 vakantieweken én 40 schoolweken in een kalenderjaar.

4Daarnaast kunt u subsidie aanvragen voor vervoerskosten, u maakt hier alleen aanspraak op wanneer een school van een kind zich niet op een nabije locatie van uw aparte BSO bevindt, er geen sprake is van leerlingenvervoer en u aantoonbaar meer kosten heeft dan een reguliere buitenschoolse opvang. U dient bij de subsidieaanvraag een begroting van een inschatting van de vervoerskosten in én rapporteert naderhand bij de vaststelling van de subsidie de daadwerkelijke kosten waarna een verrekening plaatsvindt. U ontvangt daarbij nooit meer budget dan vooraf aangevraagd. Wanneer aantoonbaar kosten worden gemaakt voor vervoer is de gemeentelijke bijdrage gemaximaliseerd op € 30,53 per kind per rit, dit is in lijn met de vervoersvergoeding binnen de jeugdwet (productcode 42A06).

5Een ouder/verzorger zorgt voor vervoer van de passende BSO naar huis in schoolweken én voor vervoer van huis naar de passende BSO gedurende vakantieweken, de gemeenten vergoeden eventuele vervoerskosten niet.

6Ouders met recht op kinderopvangtoeslag betalen het maximum uurtarief voor kinderopvangtoeslag. Ouders die niet in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag kunnen mogelijk gebruik maken van de bij de gemeente bestaande SMI-regeling.

Artikel 6. Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen

1Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen betreffen het bieden van een passende BSO-voorziening voor kinderen die deelnemen aan het gespecialiseerde onderwijs of regulier onderwijs en vanwege een verstandelijke -, zintuiglijke -, lichamelijke - en/ of psychische beperking geen gebruik kunnen maken van een reguliere BSO.

2De houder realiseert een kleinere groep van maximaal 11 kinderen en hanteert voor deze passende BSO-groep, als afwijking op het BKR, een ratio van 1 pedagogisch medewerker op maximaal 5,5 kinderen.

Artikel 7. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen

1Kosten die voor subsidie in aanmerking komen:

a.Het totaal aantal geboden uren passende buitenschoolse opvang in een kalenderjaar.

b.Voor vervoerskosten; u maakt hier alleen aanspraak op wanneer een school van een kind zich niet op een nabije locatie van uw aparte BSO bevindt, er geen sprake is van leerlingenvervoer en u aantoonbaar meer kosten heeft dan een reguliere buitenschoolse opvang.

c.Wanneer aantoonbaar kosten worden gemaakt voor vervoer is de gemeentelijke bijdrage gemaximaliseerd op € 30,53 per kind per rit, dit is in lijn met de vervoersvergoeding binnen de jeugdwet (productcode 42A06).

Artikel 8. Aanvraag- en beslistermijn

1Een aanvraag dient door het College te zijn ontvangen uiterlijk 8 weken voor aanvang van de activiteiten;

2Aanvragen kunnen worden ingediend wanneer het ‘Overzicht subsidieplafonds Hilversum' voor het betreffende jaar is gepubliceerd;

3Het College beslist binnen 8 weken na ontvangst van de volledige aanvraag;

4Het College kan de in het derde lid genoemde termijn voor ten hoogste 13 weken verdagen.

Artikel 9. Eisen aan de subsidieaanvraag

1Een aanvraag wordt schriftelijk ingediend bij het College met gebruikmaking van het daarvoor bestemde registratieformulier op hilversum.nl/subsidies;

2Bij de aanvraag overlegt de aanvrager de volgende gegevens:

a.Activiteitenplan: plan waarin in ieder geval beschreven is op welke wijze voldaan wordt aan de eisen uit deze subsidieregeling. U omschrijft bondig hoe u vormgeeft aan de uitvoering van de passende BSO op de beoogde locatie. U geeft aan hoe u de passende BSO vormgeeft in aanvulling op de wettelijke eisen kinderopvang. Wellicht heeft u passende BSO afspraken met een aantal scholen waarvan het de kinderen opvangt, de zogenaamde “gekoppelde scholen”, vermeld deze samenwerking dan ook. Deze subsidie kan uitsluitend worden aangevraagd voor een periode van 1 kalenderjaar.

b.Begroting: U levert een opgave met een reële inschatting van het aantal deelnemende kinderen en uren opvang in het jaar waarop de aanvraag betrekking heeft aan.

Daarnaast geeft u inzicht in uw uurtarief en eventueel de hoogte van de extra ouderbijdrage t.o.v. het kinderopvangtoeslagtarief die u mogelijk aan ouders vraagt.

c.Indien van toepassing: U bent verantwoordelijk voor vervoer van school naar de passende BSO gedurende schoolweken. U kunt een subsidie aanvragen voor een vervoersvergoeding van kinderen van school naar uw passende BSO, u maakt hier alleen aanspraak op wanneer een school van een kind zich niet op een nabije locatie van uw aparte BSO bevindt en u aantoonbaar meer kosten heeft. U levert een reële inschatting van de kosten die in aanmerking komen voor vervoersvergoeding in het jaar waarop de aanvraag betrekking heeft aan.

3Het College is bevoegd ook andere dan, of slechts enkele van, de in dit artikel genoemde gegevens te verlangen, indien die voor het nemen van een beslissing op de aanvraag noodzakelijk respectievelijk voldoende zijn;

4Indien de aanvraag niet volledig is, wordt de aanvrager in de gelegenheid gesteld de aanvraag aan te vullen. De dag waarop de aanvraag is aangevuld en volledig is, geldt als de datum van ontvangst van de aanvraag.

Artikel 10. Beoordeling

1Het beoordelen van aanvragen vindt plaats op volgorde van ontvangst van de volledige aanvragen.

2De aanvraag wordt beoordeeld op de volgende punten:

a.Of de aanvraag tijdig en compleet is;

b.Of de aanvraag voldoet aan de eisen en voorwaarden uit deze regeling;

c.De mate waarin de activiteiten bijdragen aan de beleidsdoelstellingen zoals omschreven in artikel 2

3Wanneer uit de beoordeling blijkt dat de aanvraag niet in aanmerking komt voor subsidie, wordt de aanvraag afgewezen;

4Wanneer uit de beoordeling blijkt dat de aanvraag in aanmerking komt voor subsidie, blijven onverminderd de weigeringsgronden uit de Awb en de ASV van toepassing.

Artikel 11. Weigeringsgronden

1Onverminderd het bepaalde in artikel 8 van de ASV wordt de subsidie in ieder geval geweigerd indien:

a.De activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd in strijd zijn met het gemeentelijk beleid;

b.Niet voldaan is aan de eisen en beoordelingscriteria genoemd in deze regeling;

c.Eénzelfde subsidieaanvraag bij meerdere gemeentelijke subsidieregelingen/beleidsvelden is ingediend, en toekenning erin zou resulteren dat de gemeente Hilversum meer subsidie zou verlenen dan passend en noodzakelijk is;

d.Een vergunning niet is verleend voor een activiteit waarvoor subsidie wordt aangevraagd;

e.De verstrekte gegevens onjuist zijn.

Artikel 12. Subsidieplafond en wijze van verdeling

1Deze regeling kent een subsidieplafond. Voor 2026 wordt het subsidieplafond vastgesteld op € 419.114,-. Het plafond wordt ook opgenomen in het ‘Overzicht subsidieplafonds Hilversum’. Dit overzicht wordt gepubliceerd in het gemeenteblad en op de gemeentelijke website (https://hilversum.nl/subsidie/overzicht-subsidieplafonds-hilversum);

2Het behandelen van aanvragen vindt plaats via een eerst-komst-eerst-maalt-systeem. Dit betekent dat aanvragen worden behandeld op volgorde van ontvangst van de volledige aanvragen, totdat het subsidieplafond bereikt is. Vanaf dat moment worden de aanvragen afgewezen.

3Onder artikel 4:28 van de Awb bestaat de mogelijkheid dat het subsidieplafond wordt verlaagd. Een verlaging kan gevolgen hebben voor reeds verleende subsidies.

Artikel 13. Verplichtingen

1Onverminderd het bepaalde in artikel 10 en artikel 12 van de ASV kan het College in de verleningsbeschikking aanvullende subsidieverplichtingen opleggen.

Artikel 14. Verantwoording en vaststelling

1De subsidieontvanger dient uiterlijk 13 weken nadat de gesubsidieerde activiteiten zijn uitgevoerd een aanvraag tot vaststelling in;

2De aanvraag tot vaststelling wordt schriftelijk ingediend bij het College met gebruikmaking van het daarvoor bestemde aanvraagformulier op hilversum.nl/subsidies.

3Bij de aanvraag tot vaststelling overlegt de aanvrager de volgende gegevens:

a.De inhoudelijke verantwoording dient te laten zien hoe uitvoering is gegeven aan de passende BSO.

b.Financiële jaarverantwoording, waarin minimaal is opgenomen het aantal deelnemende kinderen per maand inclusief het totaal contractueel afgenomen uren in een jaar waarop de totale subsidie wordt berekend. Een uitsplitsing naar kinderen in de diverse gemeenten in de regio Gooi en Vechtstreek (Blaricum, Eemnes, Gooise Meren, Hilversum, Huizen, Laren en Wijdemeren) is noodzakelijk, zodat de gemeente Hilversum een verrekening met de andere regiogemeenten kan doen.

c.Inzicht in uw uurtarief en eventueel de hoogte van de extra ouderbijdrage t.o.v. het kinderopvangtoeslagtarief die u mogelijk aan ouders heeft gevraagd.

d.Indien van toepassing: financiële jaarverantwoording van de gemaakte vervoerskosten, het aantal kinderen dat hiervan gebruik heeft gemaakt, en hoeveel ritten elk kind heeft gemaakt.

e.Goedkeurende accountantsverklaring van de jaarrekening van de houder bij een subsidie boven de €50.000,-.

4Het College kan bepalen dat ook andere, of minder dan, de in dit artikel bedoelde gegevens en bescheiden die voor de vaststelling van belang zijn, worden overlegd.

5Indien de aanvraag tot vaststelling niet volledig is, wordt de aanvrager in de gelegenheid gesteld de aanvraag aan te vullen. De dag waarop de aanvraag is aangevuld en volledig is, geldt als de datum van ontvangst van de aanvraag.

6Het College beslist binnen 13 weken na ontvangst van de volledige aanvraag tot vaststelling.

Artikel 15. Hardheidsclausule

1Het College kan in bijzondere gevallen van de bepalingen in deze regeling afwijken indien strikte toepassing daarvan leidt tot onbillijkheid van overwegende aard.

Artikel 16. Bijzondere gevallen

1In gevallen waarin deze regeling niet voorziet, beslist het College.

Artikel 17. Inwerkingtreding

1Deze regeling treedt in werking op de dag na bekendmaking;

2De regeling is voor het eerst van toepassing op subsidies voor activiteiten die in het jaar 2026 worden uitgevoerd. Op de subsidiëring van voordien uit te voeren activiteiten is de ‘Subsidieregeling Passende Buitenschoolse Opvang 2025’ van toepassing.

3De regeling kent een looptijd van het moment van inwerktreding tot en met 31-12-2026. Na deze datum vervalt zij van rechtswege.

Artikel 18. Citeertitel

1De regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Passende Buitenschoolse Opvang Hilversum 2026

Hilversum, 14 oktober 2025

de gemeentesecretaris, de burgemeester,

mr.C.P. Torres Barrera dr. ir. G.M. van den Top

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.