Gemeentelijke regelgeving

Nadere regel Reserves en voorzieningen gesubsidieerde organisaties Hilversum

Gemeente Hilversum · geldt sinds 5 oktober 2024

Tekst

B en W besluit

Burgemeester en wethouders van Hilversum,

Gelet op het voorstel " Nadere regel Reserves en voorzieningen gesubsidieerde organisaties Hilversum" met kenmerk 1567615,

Gelet op:

•Titel 9 van het Burgerlijk Wetboek Boek 2;

•Artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht;

•Artikel 3 van de Algemene Subsidieverordening Hilversum 2021;

Besluiten vast te stellen de volgende nadere regel:

Nadere regel Reserves en voorzieningen gesubsidieerde organisaties Hilversum

Artikel 1. Begripsomschrijvingen

In deze nadere regel wordt verstaan onder:

a.Algemene reserve: deel van het eigen vermogen waaraan geen bepaalde bestemming is gegeven. Het is een vrij besteedbare reserve;

b.ASV: Algemene Subsidieverordening Hilversum 2021;

c.Awb: Algemene wet bestuursrecht;

d.Bestemmingsreserve: deel van het eigen vermogen waaraan een bepaalde bestemming is gegeven. Deze bestemming is in principe aanpasbaar;

e.College: Burgemeester en wethouders van de gemeente Hilversum;

f.Gemeente: de gemeente Hilversum;

g.Reserves: vorm van het eigen vermogen dat ontstaat door exploitatieoverschotten. De reserves kunnen worden ingedeeld in de algemene reserve en bestemmingsreserves;

h.Structurele subsidie: een subsidie die jaarlijks wordt verstrekt voor dezelfde of in hoofdzaak dezelfde voortdurende activiteiten;

i.Subsidie: aanspraak op financiële middelen, door een bestuursorgaan verstrekt met het oog op bepaalde activiteiten van de aanvrager, anders dan als betaling voor aan het bestuursorgaan geleverde goederen of diensten;

j.Voorziening: deel van het vreemd vermogen dat bestemd is voor toekomstige financiële verplichtingen. Deze verplichting is voorzienbaar en onvermijdelijk.

Artikel 2. Reikwijdte

Deze nadere regel is van toepassing op de verstrekking van structurele subsidies door het College.

Artikel 3. Doelstelling

Met deze nadere regel geeft het College richting aan de toegestane omvang van de vermogensontwikkeling van gesubsidieerde organisaties.

Artikel 4. Algemene reserve

1Organisaties die structureel subsidie ontvangen mogen een algemene reserve hebben of vormen.

2De maximale toegestane omvang van de algemene reserve is 15% van de totale jaarlasten van de organisatie.

3Indien de omvang van de algemene reserve meer dan 15% van de totale jaarlasten van de organisatie bedraagt, kan het College besluiten het meerdere in mindering te brengen op het besluit tot subsidieverlening van het volgende jaar, door dat deel van de aanvraag te weigeren. Daarbij gelden de volgende uitgangspunten:

a.Als de gemeente niet de enige subsidieverstrekker is, wordt de omvang van de gedeeltelijke weigering van de subsidie bepaald door het aandeel van de subsidie van de gemeente in relatie tot het totaal aan inkomsten.

b.Bij het besluit tot het gedeeltelijk weigeren van de subsidieaanvraag weegt het te verwachten exploitatieresultaat over het lopende jaar mee in het bepalen van de omvang van de gedeeltelijke weigering.

Artikel 5. Bestemmingsreserve

1Organisaties die structureel subsidie ontvangen mogen bestemmingsreserves hebben of vormen.

2De omvang van een bestemmingsreserve moet in een redelijke verhouding staan tot het specifieke doel waarvoor de reserve is ingesteld.

3Bij het aanvragen van een subsidie dient de organisatie inzicht te geven in het doel van de bestemmingsreserve(s), de gewenste maximale omvang per bestemmingsreserve en het tijdstip waarop besteding van de reserve(s) wordt verwacht.

4Het College kan de omvang van de bestemmingsreserve(s) betrekken bij het besluit tot subsidieverlening. De beoordeling van de omvang en het doel van de bestemmingsreserve(s) wordt betrokken bij de afweging of een organisatie over voldoende middelen beschikt of kan beschikken om zelf in de kosten van de activiteiten te voorzien.

Artikel 6. Voorziening

1Organisaties die structureel subsidie ontvangen mogen voorzieningen hebben of vormen.

2Een voorziening wordt gevormd voor toekomstige financiële verplichtingen.

3Voorzieningen zijn te voorzien, onvermijdelijk en kunnen niet binnen de jaarlijkse exploitatie opgevangen worden.

4Voorzieningen voldoen aan de geldende verslaggevingsregels uit titel 9 Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.

5Voorzieningen die aan de voorwaarden zoals in dit artikel vermeld voldoen, worden buiten beschouwing gelaten bij het beoordelen van de vraag of een organisatie over voldoende middelen beschikt of kan beschikken om zelf in de kosten van de activiteiten te voorzien.

Artikel 7. Specifieke voorwaarden

1Het vormen en voeden van een reserve met gemeentelijke subsidiegelden is uitsluitend toegestaan wanneer er bij de gesubsidieerde organisatie sprake is van een positief jaarresultaat.

2Het positief jaarresultaat als bedoeld in het eerste lid van dit artikel mag niet veroorzaakt zijn door het niet of slechts ten dele uitvoeren van activiteiten waarvoor een subsidie is verstrekt.

3Uit de jaarrekening van de gesubsidieerde organisatie moet blijken welke reserves en voorzieningen er zijn.

4Overschrijding van de bij of krachtens deze nadere regel vastgestelde maximale omvang van reserves kan leiden tot een lagere vaststelling van de verleende subsidie mits dit als voorwaarde is gesteld in de verleningsbeschikking.

Artikel 8. Informatie opvragen

Het College kan aanvullende gegevens opvragen die nodig zijn om de omvang van de reserves, voorzieningen en het te verwachten exploitatieresultaat over het lopende jaar van een gesubsidieerde organisatie te kunnen vaststellen om zich op die manier een juist oordeel te kunnen vormen.

Artikel 9. Hardheidsclausule

Het College kan in bijzondere gevallen van de bepalingen in deze nadere regel afwijken indien strikte toepassing daarvan leidt tot onbillijkheid van overwegende aard.

Artikel 10. Bijzondere gevallen

In gevallen waarin deze nadere regel niet voorziet, beslist het College.

Artikel 11. Inwerktreding

1Deze nadere regel treedt in werking op de dag na publicatie.

2De ‘Beleidsregel reserves en voorzieningen gesubsidieerde instellingen 2011’ en de ‘Nadere regel reserves en voorzieningen gesubsidieerde organisaties gemeente Hilversum 2022’ komen te vervallen na inwerkingtreding van deze nadere regel.

Artikel 12. Citeertitel

De nadere regel wordt aangehaald als: Nadere regel Reserves en voorzieningen gesubsidieerde organisaties Hilversum

Hilversum, 1 oktober 2024

de gemeentesecretaris, de burgemeester,

mr.C.P. Torres Barrera dr. ir. G.M. van den Top

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.