hoofdstuk
Dorps bouwen, welstand en erfgoed
Hoe zie je of je in een dorp bent of in een stad? Stel, je wordt ergens gedropt, in een buitenwijk van Almere of in Groot Loo in Hilvarenbeek, zie je dan verschil? En zie je verschil tussen Goirle en Hilvarenbeek, tussen Diessen en Esbeek? De kans is groot dat je het ziet, maar het niet kunt benoemen. Wat is er zo eigen aan het bouwen in een dorp, aan het bouwen in een Brabants dorp, aan het bouwen in een Kempisch dorp?
Die eigenheid, de identiteit van de gemeente, kan liggen in straatverloop, in materialen, in dakvormen en in nog heel veel andere dingen, maar ligt zeker in de aanwezigheid van kenmerkende oude gebouwen of nederzettingen, ons gebouwde erfgoed.
Veel inwoners van de gemeente Hilvarenbeek hebben het idee dat het eigene van de gemeente aan het verdwijnen is, en vinden dat jammer. Met het manifest “Dorps Bouwen” heeft de Werkgroep Dorpsbehoud uiting gegeven aan die bezorgdheid en een aanzet gegeven voor een dorpsbrede discussie over identiteit, dorpse waarden, erfgoed en welstand. Deze Nota Ruimtelijke Kwaliteit is de weerslag van deze discussie.
Hilvarenbeek is een gemeente om trots op te zijn. De gemeente is rijk aan historisch erfgoed. De sfeervolle historische linten die de verschillende dorpskernen met elkaar verbinden, de Vrijthof, de molen, verschillende karakteristieke kerken, de landgoederen de Utrecht, Gorp en Roovert, huis Groenendaal, etc.
De identiteit van een gemeente wordt voor een belangrijk deel bepaald door de kwaliteit van de gebouwde omgeving. Deze is gegroeid door de eeuwen heen, aan ons “geschonken” door onze ouders om door te geven aan onze kinderen.
Het bewaren van deze kwaliteit is natuurlijk in de eerste plaats een taak en verantwoordelijkheid van de inwoners van Hilvarenbeek zelf. Maar ook de gemeente heeft hierin een stimulerende en waar nodig regulerende rol.
De gemeente Hilvarenbeek heeft een welstandscommissie die elke 2 weken plannen beoordeelt, en een monumentencommissie die adviseert over plannen t.a.v. gemeentelijke en rijksmonumenten. De toetsingscriteria en het beoordelingsniveau die door de welstandscommissie worden gehanteerd, staan beschreven in de Welstandsnota zoals die vanaf 2004 wordt gebruikt.
De monumentencommissie was de laatste jaren minder actief, maar adviseerde wel indien nodig. Voor het beoordelen van wijzigingen op, aan of bij monumenten werd in de meeste gevallen ook de rijksdienst (RCE) of het monumentenhuis om advies gevraagd.