Aanhef
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Het Hogeland;
gelet op artikel 125 van de Ambtenarenwet;
gelet op Hoofdstuk 3 CAR-UWO;
gelet op het gestelde in artikel 160 Gemeentewet;
na bereikte overeenstemming in de Commissie voor Georganiseerd Overleg op 25 juni 2019;
besluit vast te stellen de Uitvoeringsregeling Hoofdstuk 3 CAR-UWO
Artikel 1 Begrippen
In deze regeling wordt verstaan onder:
medewerker: de ambtenaar, als bedoeld in artikel 1.1, lid 1, sub a van de CAR-UWO;
college: het college van burgemeester en wethouders.
Artikel 2 Vergoeding lokale crisisorganisatie
Een medewerker die is aangewezen taken te verrichten in het kader van de wet Veiligheidsregio’s ontvangt een vergoeding conform Artikel 3:17 lid 2 van de CAR-UWO.
Artikel 3 Buitendagvenstervergoeding
Conform artikel 10 lid 2 van de Werktijdenregeling geldt specifiek voor de medewerkers die belast zijn met de gladheidsbestrijding dat de gedeclareerde overuren tot een maximum van 80 uur als verlof kan worden toegekend. Voor de overige overuren bestaat de vergoeding uitsluitend uit een bedrag.
Artikel 4 Beloning uitstekend functioneren en/of bijzondere prestaties
Indien een medewerker een uitstekende prestatie heeft geleverd, kan aan hem een gratificatie als bedoeld in artikel 3:20 van de CAR-UWO worden toegekend.
De hoogte van de gratificatie bedraagt maximaal € 1.000,00 netto.
Artikel 5 Inpassing in hogere schaal
1De ambtenaar die door promotie naar een hogere salarisschaal overgaat, heeft vanaf de dag dat de promotie ingaat recht op een hoger salaris.
2Onder hoger salaris wordt verstaan het naast hoger gelegen bedrag in de nieuwe schaal met één periodiek extra (bevorderingsperiodiek).
Artikel 6 Onvoorziene gevallen
In gevallen waarin deze regeling niet of niet in redelijkheid voorziet, kan het college, in overleg met het GO, een bijzondere regeling treffen.
Artikel 7. Inwerkingtreding
De regeling treedt in werking de dag na die van de bekendmaking en werkt terug tot en met 1 juli 2019.
De regeling wordt aangehaald als “Uitvoeringsregeling hoofdstuk 3 CAR-UWO”.