Aanhef
De raad van de gemeente Het Hogeland;
gelet op het bepaald in artikel 156 van de Gemeentewet;
gelet op artikel 2.8 en 4.14, lid 5, van de Omgevingswet;
gelet op afdeling 10.1.2 van de Algemene wet bestuursrecht;
overwegende dat, voor zover de gemeenteraad bevoegd is om een omgevingsplan vast te stellen dan wel te wijzigen en bevoegd is voor een locatie een voorbereidingsbesluit te nemen, dit niet in alle gevallen noodzakelijk is en het college van burgemeester en wethouders op diverse onderdelen van het omgevingsplan de bevoegdheid tot het beslissen kan overnemen;
besluit:
Artikel 1. Delegeren bevoegdheden vaststellen omgevingsplan
Het wijzigen van het omgevingsplan te delegeren aan het college van burgemeester en
wethouders voor de volgende gevallen:
1Wijzigingen van technische aard, zoals het corrigeren van verschrijvingen, verkeerde verwijzingen en inventarisatiefoutjes in het omgevingsplan;
2Het toevoegen of wijzigen van algemene bepalingen, begripsbepalingen, meetbepalingen en indieningsvereisten voor zover deze geen wezenlijke wijzigingen voor de fysieke leefomgeving tot gevolg hebben;
3Het stellen van nadere regels over de beoordeling van vergunningaanvragen, de periode waarbinnen een aanvraag kan worden ingediend en de voorschriften en beperkingen die aan een vergunning verbonden zijn.
4Wijzigingen die noodzakelijk zijn vanwege gewijzigde hogere wet- of regelgeving
5Wijzigingen die noodzakelijk zijn vanwege een Projectbesluit, tenzij de gemeente Het Hogeland of haar bestuursorganen hierover een zienswijze hebben ingediend;
6Wijzigingen in de toelichting van het omgevingsplan;
7Het nemen van een voorbereidingsbesluit;
8Verwerken van een omgevingsvergunning nadat deze onherroepelijk in werking is getreden.
9Het verschuiven van de grenzen van het locatiebereik van regels met niet meer dan 10 meter;
10Het vertalen van vastgesteld beleid in het nieuwe Omgevingsplan;
11Het aanpassen van het omgevingsplan voor zover het binnen bestaand vastgesteld beleidskader valt; (initiatief voldoet aan bestaande beleidskaders)
12Het aanwijzen, wijzigen en schrappen van gemeentelijke monumenten en aangewezen karakteristieke panden;
13Het toevoegen van die onderdelen uit de gemeentelijke verordening die beleidsneutraal overgeheveld gaan worden naar het omgevingsplan;
14wijzigingen zoals omschreven in de wijzigingsbevoegdheden van het tijdelijk omgevingsplan (voorheen bestemmingsplan);
15het opnemen van nieuwe ontwikkelingen die onderdeel uitmaken van de categorieën waarvoor geen adviesrecht geldt.
Artikel 2. Voorleggen genomen basluiten
Het college overlegt aan de raad tweemaal per jaar een overzicht van de krachtens delegatie genomen besluiten.
Artikel 3 lnwerkingtreding
Dit besluit treedt in werking op het moment dat de Omgevingswet in werking treedt.