Gemeentelijke regelgeving

Beleidsregels toegang autovrije gebied binnenstad gemeente Hengelo 2024

Gemeente Hengelo · geldt sinds 1 juli 2025

Aanhef

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hengelo;

overwegende:

•dat voor de binnenstad van Hengelo verkeersbesluiten zijn genomen in de zin van een voetgangerszone, alsmede een geslotenverklaring en dat gebruik gemaakt gaat worden van een toegangscontrolesysteem met camera’s;

•dat een beperking voor het verkeer ten goede komt aan de leefbaarheid van de binnenstad van Hengelo;

•dat het wel noodzakelijk is nieuwe beleidsregels te formuleren voor het verlenen van ontheffingen, waarmee het berijden van het autovrije gebied in de binnenstad van Hengelo kan worden gereguleerd;

•dat het eerdere verkeersbesluit wat betreft de geslotenverklaring van de binnenstad van Hengelo is komen te vervallen en de huidige beleidsregels voor toegang van het autovrije gebied in de binnenstad daardoor per 1 juli 2025 dienen te worden ingetrokken waarbij de ontheffing op grond van de huidige beleidsregels komen te vervallen;

•dat het voor een goede overgang van de huidige naar de nieuwe beleidsregels toegang autovrije gebied binnenstad Hengelo het gewenst is dat de nieuwe beleidsregels tijdig bekend worden gemaakt en dat de ontheffingen per 1 juli 2025 tijdig daarvoor kan worden aangevraagd en verkregen;

•dat het daarom gewenst is dat een ontheffing voor na 1 juli 2025 al vanaf 1 mei 2025 kan worden aangevraagd en dat daarbij de onderstaande beleidsregels zullen worden toegepast;

gelet op artikel 149 en 150 Wegenverkeerswet 1994, artikel 87 Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) en artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht;

b e s l u i t:

de volgende beleidsregels vast te stellen: “beleidsregels toegang autovrije gebied binnenstad gemeente Hengelo 2024”.

HOOFDSTUK 1 INLEIDENDE BEPALINGEN

Artikel 1.1 Begripsomschrijvingen

In deze beleidsregels wordt verstaan onder:

a.Ambulante handel: de handel die wordt bedreven door een ondernemer die in het bezit is van een standplaatsvergunning ten behoeve van de warenmarkt gelegen in het autovrije gebied;

b.Autovrije gebied: het gebied dat in blauw en rood is aangegeven op de bij deze beleidsregels behorende kaart “Overzichtskaart Toegangsbeleid binnenstad”, waarbinnen door middel van een verkeersbesluit, aangegeven met borden C1 (geslotenverklaring) en G7 (voetgangersgebied/zone) zoals vermeld in bijlage I van het RVV1990, alsmede de camerahandhaving en fysieke afsluitingen het in- en uitrijden van het autovrije gebied met motorvoertuigen, brom- en snorfietsen wordt gereguleerd;

c.Beroepsvervoerder/leverancier: (een exploitant van) een bedrijf dat met behulp van een motorvoertuig zorgt voor de bevoorrading van in het autovrije gebied gevestigde bedrijven;

d.Bewoner: degene die volgens de in de BRP (Basis Registratie Personen) beschikbare persoonsgegevens woonachtig is in het autovrije gebied;

e.Het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hengelo.

f.Laden en lossen: het onmiddellijk, nadat het voertuig dichtbij de bezorg- of ophaalplaats tot stilstand is gebracht, bij voortduring in- en uitladen van goederen van enige omvang of enig gewicht die bezwaarlijk anders dan per motorvoertuig kunnen worden vervoerd, gedurende de tijd die daarvoor nodig is;

g.Voertuig: motorvoertuig als bedoeld in artikel 1 van het RVV 1990 en een snor- of bromfiets als bedoeld in artikel 1.2 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;

h.Ondernemer/instelling: (een exploitant van) een bedrijf dat is gevestigd in het autovrije gebied;

i.Ontheffing: de schriftelijke verklaring dat een verkeersmaatregel (gebod of verbod) (als bedoeld in artikel 87 van het RVV 1990) op basis van aan deze schriftelijke verklaring verbonden voorwaarden niet geldt voor de houder van die schriftelijke verklaring;

j.Ontheffingshouder: degene aan wie door het college ontheffing is verleend; parkeergelegenheid op eigen terrein: een parkeerplaats op eigen terrein of in een eigen garage, waarover de aanvrager kan beschikken (op grond van eigendom, erfpacht, huur, ingebruikgeving, enzovoort) en waarvoor per parkeerplaats één ontheffing wordt verstrekt;

k.Parkeren: het laten stilstaan van een voertuig anders dan gedurende de tijd die nodig is voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- en of uitstappen van passagiers of voor het onmiddellijk laden of lossen van goederen;

l.Venstertijd: een vastgestelde tijdsperiode van maandag tot en met zondag tussen 7:00 uur en 12:00 uur waarin het berijden van het autovrije gebied met een voertuig t.b.v. laden en lossen is toegestaan;

m.Versproducten: consumptiegoederen die binnen 1 week geconsumeerd moeten worden en waarbij aannemelijk is dat deze redelijkerwijs alleen kunnen worden afgeleverd als het betreffende voertuig in de directe omgeving van de bestemming wordt gebracht. Voorbeelden: groente, fruit, bloemen, brood, gekoelde en bevroren producten.

Artikel 1.2 Soorten ontheffingen

De door het college verleende ontheffingen betreffen:

1Permanente ontheffing zonder tijdsduurbeperking:

een ontheffing die voor de periode van een jaar wordt verleend om door het autovrije gebied te rijden met een voertuig buiten de venstertijd.

2Permanente ontheffing met tijdsduurbeperking:

een ontheffing als bedoeld in lid 1, met dien verstande dat deze alleen geldig is tijdens een bepaalde tijdsperiode buiten de venstertijd.

3Incidentele ontheffing:

een ontheffing voor de duur van 1 dag tot maximaal 4 dagen wordt verleend om door het autovrije gebied te rijden met een voertuig buiten de venstertijd of voor de duur van meer dan 4 dagen tot maximaal 30 dagen.

Artikel 1.3 Voorschriften en beperkingen

1Het college kan voorschriften en beperkingen verbinden aan een ontheffing, ter bescherming van de belangen in verband waarmee de ontheffing is vereist.

2Degene aan wie ontheffing is verleend, is verplicht de daaraan verbonden voorschriften en beperkingen in acht te nemen.

3Aan de ontheffing worden, naast specifiek per doelgroep te stellen voorschriften, de volgende (algemene) voorschriften en beperkingen worden verbonden:

a.voetgangers en overige verkeersdeelnemers mogen niet zodanig worden gehinderd dat zij in gevaar worden gebracht;

b.er mag slechts stapvoets worden gereden.

c.te allen tijde wordt de kortste route naar de bestemming en terug genomen. Hierbij wordt rekening gehouden met de verkeersregels. De ontheffing mag niet worden gebruikt om het autovrije gebied te gebruiken als kortste route.

HOOFDSTUK 2 HET AANVRAGEN, VERLENEN EN INTREKKEN VAN ONTHEFFINGEN

Artikel 2.1 Toewijzing van een ontheffing

Het college maakt gebruik van zijn bevoegdheid om ontheffing te verlenen zoals bedoeld in artikel 87 Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, conform het in deze beleidsregels bepaalde.

Artikel 2.2 De ontheffingsaanvraag

1Een aanvraag voor een ontheffing voor het berijden van het autovrije gebied van Hengelo met een voertuig buiten de venstertijd wordt digitaal ingediend bij het college. Indien hier hulp bij gewenst is kan dit door een afspraak te maken op het stadhuis.

2Een aanvraag bevat altijd een naar waarheid ingevuld aanvraagformulier.

3Een aanvraag door een natuurlijk persoon bevat altijd een identificatie van de aanvrager door middel van een kopie van een geldig legitimatiebewijs of het inloggen via DigiD.

4Een aanvraag door een rechtspersoon bevat altijd een identificatie van de aanvrager door inschrijvingsbewijs van de Kamer van Koophandel of een goedgekeurde accountantsverklaring of het inloggen via eHerkenning.

5Een aanvraag voor een ontheffing wordt getoetst aan de vastgestelde beleidsregels en eventueel behorende besluiten en voorschriften.

6De ontheffing wordt altijd verleend op basis van het kenteken van het voertuig.

Artikel 2.3 Vrijstelling

1Artikel 91 van het RVV bepaalt dat voor hulpdiensten zoals Brandweer, Ambulance en Politie geldt dat bestuurders van een voorrangsvoertuig mogen afwijken van de voorschriften van dit besluit voor zover de uitoefening van hun taak dit vereist. In dit kader zijn deze voertuigen vrijgesteld van de bepalingen van het RVV 1990.

2Tevens wordt ontheffing verleend aan:

a.Waardetransporten op grond van de Regeling vrijstelling geld- en waardetransporten;

b.Bedrijven die beschikken over een landelijke ontheffing/vrijstelling van het RVV, voor zover het hen daarmee is toegestaan te rijden in het autovrije gebied.

Artikel 2.4 Beslistermijnen

1Het college beslist binnen een redelijke termijn, maar uiterlijk binnen acht weken na ontvangst op de aanvraag.

2Het college kan deze beslissing voor ten hoogste vier weken verdagen. Voor afloop van de onder lid 1 genoemde termijn wordt aanvrager hiervan op de hoogte gesteld.

Artikel 2.5 Voorwaarden voor ontheffingsverlening

1Een ontheffing wordt uitsluitend verleend indien alle voor de aanvraag van desbetreffende ontheffing benodigde gegevens c.q. bescheiden zijn overgelegd en door aanvrager wordt voldaan aan alle in deze beleidsregels beschreven omstandigheden om voor een ontheffing in aanmerking te komen.

2De aanvraag wordt pas in behandeling genomen nadat ook de aan de ontheffing verbonden legeskosten zijn voldaan.

3Redenen van een efficiënte bedrijfsvoering en/of het verkorten van routes van en naar plaatsen van tewerkstelling worden in ieder geval niet als noodzakelijk gezien en vormen geen grond voor het verlenen van ontheffing, tenzij in de beleidsregels anders is bepaald.

Artikel 2.6 Weigeringsgronden

Het college kan de ontheffing weigeren indien een ontheffing van de aanvrager in de twee jaren voorafgaand aan de beslissing op de aanvraag wegens het handelen in strijd met de ontheffingsvoorschriften en –beperkingen is ingetrokken.

Artikel 2.7 Intrekking van de ontheffing

De ontheffing wordt ingetrokken en gedeactiveerd:

1voor zover niet aan de ontheffing verbonden voorwaarden of beperkingen wordt voldaan;

2voor zover op grond van een verandering van de omstandigheden of inzichten, opgetreden na het verlenen van de ontheffing, moet worden aangenomen dat intrekking wordt gevorderd door het belang of de belangen ter bescherming waarvan de ontheffing is vereist en verleend;

3op verzoek van de aanvrager;

4voor zover ter verkrijging daarvan onjuiste of onvolledige gegevens zijn ingediend;

5voor zover sprake is van misbruik van de ontheffing;

6in beginsel bij verhuizing van een in het autovrije gebied woonachtige of gevestigde ontheffingshouder. Het college stelt dienaangaande als voorschrift dat de ontheffingshouder terstond melding doet bij de gemeente van verhuizing waarna, indien van toepassing, de ontheffing wordt gedeactiveerd;

7na het overlijden van de ontheffingshouder.

Artikel 2.8 Gebruik van de ontheffing

De houder van een ontheffing die niet beschikt over een eigen parkeergelegenheid, kan met een voertuig het autovrije gebied in- en uitrijden, uitsluitend ten behoeve van laden en lossen en het leveren van diensten.

HOOFDSTUK 3 AANVRAGEN VAN PERMANENTE ONTHEFFINGEN

Artikel 3.1 Permanente ontheffing voor bewoners met eigen parkeergelegenheid

1Aan een bewoner, die aantoonbaar beschikt over eigen parkeergelegenheid, kan een permanente ontheffing zonder tijdsduurbeperking buiten venstertijd voor het berijden van het autovrije gebied worden verleend.

2Voor de aanvraag van een ontheffing moet de aanvrager de volgende gegevens en bescheiden digitaal overleggen:

a.een bewijs van eigendomsrecht, huurovereenkomst, gebruiksrecht of beschikbaarstelling van het aantal eigen parkeergelegenheden waarvoor ontheffing wordt aangevraagd;

3Het maximale aantal te verlenen ontheffingen per aanvrager is gelijk aan het aantal aantoonbaar beschikbare parkeergelegenheden waarover de aanvrager beschikt. Per parkeerplaats/ontheffing 3 kentekens, te wijzigen via webpagina.

4De ontheffing wordt op naam, adres en kenteken gesteld.

Artikel 3.2 Permanente ontheffing voor (exploitanten van) ondernemingen/instellingen met eigen parkeergelegenheid

1Aan een (exploitant) van een onderneming/instelling, die aantoonbaar beschikt over eigen parkeergelegenheid, kan een permanente ontheffing buiten venstertijd zonder tijdsduurbeperking voor het berijden van het autovrije gebied worden verleend.

2Voor de aanvraag van een ontheffing moet de aanvrager de volgende gegevens en bescheiden digitaal overleggen:

b.een bewijs van eigendomsrecht, huurovereenkomst, gebruiksrecht of beschikbaarstelling van het aantal eigen parkeergelegenheden waarvoor ontheffing wordt aangevraagd;

3Het maximale aantal te verlenen ontheffingen per aanvrager is gelijk aan het aantal aantoonbaar beschikbare parkeergelegenheden waarover de aanvrager beschikt. Per parkeerplaats/ontheffing 3 kentekens, te wijzigen via webpagina.

4De ontheffing wordt op naam, adres en kenteken gesteld.

Artikel 3.3 Permanente ontheffing met tijdsduurbeperking voor bewoners zonder eigen parkeergelegenheid

1Aan een bewoner van het autovrije gebied, die niet beschikt over een eigen parkeergelegenheid, kan buiten venstertijd een permanente ontheffing met tijdsduurbeperking voor het berijden van het autovrije gebied worden verleend.

2Voor de aanvraag van deze ontheffing moet de aanvrager de volgende gegevens en bescheiden digitaal overleggen:

a.een kopie van het kentekenbewijs, en bij een leaseauto tevens een kopie van het leasecontract van het desbetreffende voertuig waaruit blijkt dat het eigendom is.

3Er geldt een maximum van 2 ontheffingen per adres.

4De ontheffing:

a.is dagelijks geldig tussen 17.00 uur en 7.00 uur;

b.de ontheffing wordt op naam, adres en kenteken gesteld.

5Deze ontheffing wordt automatisch verlengd zolang de ontheffingshouder in het autovrije gebied gevestigd is.

Artikel 3.4 Permanente ontheffing met tijdsduurbeperking voor (exploitanten van) ondernemingen/instellingen zonder eigen parkeergelegenheid

1Aan een (exploitant van) een onderneming/instelling met een adres in het autovrije gebied, die niet beschikt over een eigen parkeergelegenheid kan buiten venstertijd, een permanente ontheffing met tijdsduurbeperking voor het berijden van het autovrije gebied worden verleend.

2Er geldt een maximum van 2 ontheffingen per adres. Per ontheffing kunnen 3 kentekens geregistreerd worden. Deze kentekens zijn te wijzigen via de webpagina.

3De ontheffing:

a.is dagelijks geldig tussen 17.00 en 7.00 uur;

b.de ontheffing wordt op naam, adres en kenteken gesteld.

4Deze ontheffing wordt automatisch verlengd zolang ontheffingshouder in het autovrije gebied gevestigd is. Steekproefsgewijs vindt controle plaats op deze vestigingsvoorwaarde, waarvoor bij ontheffingshouder gevraagd wordt bewijsstukken aan te leveren waaruit het vestigingsadres blijkt.

Artikel 3.5 Permanente ontheffing met tijdsduurbeperking ten behoeve van taxi´s

Aan een ondernemer van een taxi kan voor het berijden van het autovrije gebied met een motorvoertuig buiten de venstertijd ontheffing worden verleend.

1De ontheffing geldt voor de ondernemer van een taxi, voor zover deze taxi’s als zodanig herkenbaar zijn en klanten vervoeren met herkomst of bestemming in het autovrije gebied.

2Per ontheffing kunnen maximaal 10 kentekens geregistreerd worden.

3Een ontheffing wordt verleend indien:

a.de taxivervoerder als zodanig geregistreerd staat bij de Kamer van Koophandel, en

b.het kenteken van het voertuig waarvoor de ontheffing wordt aangevraagd bij de RDW geregistreerd staat als taxi.

4De ontheffing is niet geldig van donderdag tot en met zondag tussen 22.00 en 07.00 uur.

5Het college kan aan een taxiondernemer nadere voorschriften en beperkingen stellen.

Artikel 3.6 Permanente ontheffing met tijdsduurbeperking ten behoeve van de aanvoer van versproducten

1Aan een beroepsvervoerder/leverancier van versproducten kan een permanente ontheffing al dan niet met tijdsduurbeperking voor het berijden van het autovrije gebied met een motorvoertuig worden verleend.

2Voor een leverancier van versproducten gelden de volgende voorwaarden:

a) De aanvrager moet aantonen dat de bevoorradingsactiviteit noodzakelijkerwijs niet anders dan buiten de venstertijd kan worden verricht.

b) De producten kunnen redelijkerwijs alleen afgeleverd worden als het betreffende voertuig in de directe omgeving van de bestemming wordt gebracht.

3Per ontheffing kunnen maximaal 10 kentekens geregistreerd worden. Deze kentekens zijn te wijzigen via de webpagina.

4De ontheffing wordt op naam, adres en kenteken van de desbetreffende vervoerder/leverancier gesteld.

5Het college kan aan een vervoerder/leverancier nadere voorschriften stellen.

Artikel 3.7 Permanente ontheffing met tijdsduurbeperking ten behoeve van de ambulante handel

1Aan een ondernemer in de ambulante handel kan een ontheffing al dan niet met een tijdsduurbeperking voor het berijden van het autovrije gebied met een motorvoertuig buiten de venstertijd worden verleend.

2De ontheffing geldt voor ondernemers in de ambulante handel die beschikken over een standplaatsvergunning en is van toepassing op motorvoertuigen die zij redelijkerwijs nodig hebben voor de aan- en afvoer van hun waren.

3Er geldt een maximum van 1 ontheffingen per ondernemer. Op deze ontheffing kunnen 3 kentekens geregistreerd worden. Deze kentekens zijn te wijzigen via de webpagina.

4De toegangsverlening bij de fysieke afsluitingen wordt verleend door openstelling van de daartoe aanwezige fysieke afsluitingen door de marktmeester of medewerkers van de gemeente op reguliere marktdagen in het autovrije gebied van 05.00 tot 12.00 uur en van 17.00 tot 19.00 uur.

5De ontheffing houdt in beginsel niet in de toestemming voor het aanwezig hebben van motorvoertuigen gedurende de markt op de Markt; motorvoertuigen dienen van 05.00 tot 12.00 uur in én uit te rijden en van 17.00 tot 19.00 uur in én uit te rijden.

6Het college kan aan een ondernemer in de ambulante handel nadere voorschriften stellen.

Artikel 3.8 Permanente ontheffing met tijdsduurbeperking voor post, Express leveringen en pakketdiensten

1In aanmerking voor deze ontheffing komen ondernemingen voor post-, Express- en pakketdiensten.

2Per ontheffing kunnen maximaal 10 kentekens geregistreerd worden. Deze kentekens zijn te wijzigen via de webpagina.

3Voor de aanvraag van deze ontheffing moet de aanvrager de volgende gegevens en bescheiden digitaal overleggen:

a.bewijs dat er dienstverlening plaatsvindt conform lid 1 van dit artikel;

4De ontheffing:

a.wordt verleend voor alle toe- en uitgangen;

b.is dagelijks geldig tussen 17.00 uur en 20.00 uur.

Artikel 3.9 Permanente ontheffing voor beheer/onderhoud openbare ruimte en zorgverleners

1Een permanente ontheffing voor het berijden van het autovrije gebied met een voertuig buiten de venstertijd ten behoeve van het uitvoeren van werkzaamheden, wordt verleend als:

a.er sprake is van de uitoefening van een gemeentelijke taak of van een aan een gemeentelijk orgaan opgedragen publiekrechtelijke taak, het openbaar belang dienende, zoals toezichthouden en handhaven of beheer en onderhoud van de openbare ruimte;

b.er sprake is van een calamiteit of storing die acuut opgelost moet worden;

c.er sprake is van werkzaamheden inzake de aanleg, instandhouding of opruiming van kabels en leidingen.

2Een permanente ontheffing voor het berijden van het autovrije gebied met een voertuig buiten de venstertijd wordt verleend aan huisartsen, verloskundigen en zorgverleners waarbij sprake is van een spoedeisend karakter van de hulpverlening.

3Per ontheffing kunnen maximaal 10 kentekens geregistreerd worden. Deze kentekens zijn te wijzigen via webpagina.

4De ontheffing wordt op naam, adres en kenteken van de onderneming/instelling gesteld.

HOOFDSTUK 4 AANVRAGEN VAN INCIDENTELE ONTHEFFINGEN

Artikel 4.1 Incidentele ontheffing tot en met 4 dagen

1In aanmerking voor deze ontheffing komen: alle partijen die maximaal 4 aaneengesloten kalenderdagen uur het autovrije gebied met een voertuig willen betreden om hier te laden- en/of lossen.

2De ontheffing:

a.wordt verleend voor alle toe- en uitgangen;

b.is geldig gedurende elk moment van de dag;

c.wordt verleend voor een periode van maximaal 4 kalenderdagen.

3Voor de aanvraag van een ontheffing is geen nadere onderbouwing noodzakelijk.

Artikel 4.2 Incidentele ontheffing langer dan vier dagen

1In aanmerking voor deze ontheffing komen: alle partijen die langer dan 4 aaneengesloten kalenderdagen het autovrije gebied met een voertuig willen betreden om hier te laden- en/of lossen.

2De ontheffing:

a.wordt verleend voor alle toe- en uitgangen;

b.is geldig gedurende elk moment van de dag;

c.wordt verleend voor een periode van maximaal 2 maanden.

3Voor de aanvraag van een ontheffing is een onderbouwing noodzakelijk.

a.Aanvragen die aan de voorwaarden in artikel 2.5 voldoen, worden goedgekeurd;

b.Overige onderbouwingen bevatten minimaal:

i.de noodzaak voor toegang met een voertuig buiten de venstertijd;

ii.een uitleg van het gewenste gebruik van de ontheffing. Welke locaties wordt in- en uitgereden, op welke momenten, hoe wordt om gegaan met al dan niet parkeren;

iii.alle maatregelen die aanvrager heeft genomen om de overlast voor voetgangers te beperken;

iv.het incidentele karakter van de werkzaamheden waarvoor deze ontheffing wordt aangevraagd.

4De in de onderbouwing voorgestelde uitleg genoemd onder ii van het vorige lid wordt als voorwaarde voor gebruik van de ontheffing opgenomen.

5College kan bij ontheffingsverlening nadere voorwaarden opleggen om de overlast voor voetgangers in te perken.

HOOFDSTUK 5 SLOTBEPALINGEN

Artikel 5.1 Leges

De regels betreffende de leges zijn vastgelegd in de Legesverordening.

Artikel 5.2 Citeertitel

Deze beleidsregels worden aangehaald als “Beleidsregels toegang autovrije gebied binnenstad Hengelo 2024”.

Artikel 5.3 Inwerkingtreding

Deze beleidsregels treden in werking per 1 juli 2025 .

Artikel 5.4 Intrekking

De beleidsregels “Beleidsregels autovrije gebied binnenstad Hengelo 2009” worden ingetrokken per 1 juli 2025. De krachtens deze beleidsregels verleende ontheffingen komen daarmee ook te vervallen per 1 juli 2025.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.