Gemeentelijke regelgeving

Beleidsregels handhaving helingbestrijding

Gemeente Hendrik-Ido-Ambacht · geldt sinds 11 februari 2020

Aanhef

De burgemeester van de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht;

Gelezen het burgemeestersbesluit van 20 januari 2020, nummer 2412264.

Gelet op de artikelen 416, 417, 437 wetboek van Strafrecht, artikel 125 Gemeentewet, artikel 4:81 en 4:84 van de Algemene wet bestuursrecht en de artikelen 2:67 en 2:68 van de Algemene Plaatselijke Verordening Hendrik-Ido-Ambacht

Besluit vast te stellen: de beleidsregels handhaving helingbestrijding.

3. Handhaving

3.1 Inkoopregister

De verplichtingen met betrekking tot het inkoopregister zijn opgenomen in het Wetboek van Strafrecht en het Uitvoeringsbesluit ex artikel 437, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht. De handhaving van deze strafrechtelijke regels behoort tot de bevoegdheid van de politie, BOA's en het Openbaar Ministerie.

3.2 Verkoopregister

De verplichtingen met betrekking tot het verkoopregister en het gedurende een aantal dagen in bewaring houden van goederen zijn opgenomen in de APV. Deze regels kunnen bestuursrechtelijk (bestuursdwang of dwangsom) en strafrechtelijk (via de strafbaarstelling van overtreding van deze APV-regels) worden gehandhaafd. Het hier opgenomen beleid betreft handhaving van de APV-regels en is gebaseerd op artikel 125 Gemeentewet en artikel 4:81 Algemene wet bestuursrecht.

Om invulling te geven aan de bestuursrechtelijke handhaving van de verplichtingen zijn de verschillende mogelijke overtredingen onderstaand schematisch weergegeven en gekoppeld aan handhavend optreden middels een last onder bestuursdwang (sluiting).

4. Toepassen bestuursrecht

4.1 Tweesporenbeleid

Het tweesporenbeleid houdt in dat bij constatering of overtreding er zowel strafrechtelijk als bestuursrechtelijk sancties of maatregelen worden getroffen. Strafrecht is punitief, dat wil zeggen dat er een straf of sanctie volgt bij een overtreding van een wetsartikel. Een bestuursrechtelijke maatregel die de burgemeester treft is meestal een reparatoire maatregel welke als doel heeft de aangetaste openbare orde en veiligheid te herstellen, dan wel te voorkomen dat deze (verder) wordt verstoord. Strafrecht en bestuursrecht kunnen dus samen worden toegepast. Wanneer er sprake is van heling of dat heling aannemelijk is op basis van de constateringen van de toezichthouders, dan kan de burgemeester besluiten dat de openbare orde en veiligheid wordt aangetast en een maatregel treffen. Daarnaast kan een overtreding leiden tot een strafrechtelijke procedure en sanctie.

4.2 Zorgvuldigheid

Voorafgaande aan een besluit van de burgemeester tot het nemen van een eventuele maatregel worden de handelaar en overige belanghebbenden uitgenodigd voor een zienswijzengesprek. De handelaar ontvangt uiterlijk twee weken voor de aanvang van het gesprek een schriftelijke uitnodiging. Na dit gesprek weegt de burgemeester de feiten en omstandigheden af ten opzichte van de genoemde wet- en regelgeving en het bestuurlijke handhavingsarrangement. Het besluit van de burgemeester wordt bekend gemaakt aan de handelaar, de handhavingspartners en eventuele andere belanghebbenden, zoals de pandeigenaar. De handelaar heeft het recht om in bezwaar te gaan tegen het besluit.

4.3 Afwijkingsbevoegdheid

De burgemeester heeft bij zijn besluitvorming over een te treffen maatregel een inherente afwijkingsbevoegdheid. De stappen in het handhavingsarrangement gelden daarbij als uitgangspunt. Als de feiten en omstandigheden hiertoe aanleiding geven dan kan de burgemeester (ook ten nadele van belanghebbende(n)) afwijken van deze uitgangspunten. Zo kan bijvoorbeeld worden besloten om een stap over te slaan en meteen een maatregel treffen en niet eerst te waarschuwen, terwijl dit wel in het arrangement als stap is opgenomen. In aanvulling op het handhavingsarrangement is aangegeven welke feiten en omstandigheden (niet limitatief) aanleiding kunnen zijn om tot verzwaring over te gaan.

5. Handhavingsbeleid

6. Handhavingsmatrix 6.1 Toelichting op de Handhavingsmatrix

Wanneer de politie of buitengewoon opsporingsambtenaar constateert dat de handelaar één of meerdere overtredingen uit het handhavingsarrangement begaat, kan dit leiden tot een sluiting van het pand. Door middel van sluiting wordt getracht de aanzuigende werking van het pand op het inleveren van gestolen goederen te doen stoppen, dan wel in de toekomst te voorkomen. Hiermee wordt de keten van het plegen van een misdrijf, het (door)verkopen van de buitgemaakte goederen en daarmee de 'stimulans' tot het plegen van dergelijke misdrijven doorbroken. De ondernemer krijgt tijdens de sluiting tevens de gelegenheid zich te beraden op zijn bedrijfsvoering en maatregelen te nemen om herhaling te voorkomen. Het verband tussen de naleving van de wet- en regelgeving en het beschermen van de openbare orde komt daarmee in het handhavingsarrangement tot uiting.

Naast overtredingen van de APV is ook een aantal overtredingen van het Wetboek van Strafrecht in het arrangement opgenomen die eenzelfde effect hebben op het faciliteren van dergelijke misdrijven. Deze overtredingen worden hieronder nader toegelicht.

6.2 Het verwerven van een goed van een minderjarige

Ook minderjarigen (<18 jaar) maken zich schuldig aan misdrijven waarbij goederen worden buitgemaakt en/of verworven. Om voor de groep barrières op te werken tegen het plegen van High Impact Crimes is het inkopen van goederen die door minderjarigen worden aangeboden wettelijk niet toegestaan en tevens opgenomen in het arrangement. Hiermee wordt de afzetmarkt voor de buitgemaakte goederen verkleint en daarmee wordt succesbeleving met het plegen van misdrijven een halt toe geroepen.

6.3 Niet goed bijhouden opkoopregister (waaronder identificatieplicht)

Een belangrijke voorzorgsmaatregel die een handelaar kan nemen ter voorkoming van handel in gestolen goederen is het op juiste wijze registeren van goederen die de handelaar verkrijgt en verkoopt. Dit begint met de registratie in het inkoopregister bij het verkrijgen van het goed. Door het goed op de juiste wijze te registeren worden de aangeboden goederen en de personen die deze goederen aanbieden, traceerbaar voor de politie. Hiermee draagt de handelaar bij aan het opsporingsonderzoek van de politie, werpt de handelaar een barrière op voor (potentiële) delict plegers en draagt de handelaar daarmee in zijn algemeenheid bij aan de aanpak van High Impact Crimes.

6.4 Heling

De overtredingen van de APV die in de Handhavingsmatrix zijn opgenomen, zijn als zodanig niet als heling aan te merken. Maar ze kunnen wel een aanwijzing zijn dat er sprake is van heling of het faciliteren van het verhandelen van goederen die door een misdrijf zijn verkregen.

Wanneer daadwerkelijk sprake is van heling, of wanneer het aannemelijk is dat de handelaar zich hieraan schuldig maakt, is er sprake van een (vermoedelijk) misdrijf. De ernst hiervan komt in dit Handhavingsarrangement tot uitdrukking door als bestuursrechtelijke sanctie op te nemen dat reeds bij eerste constatering tot sluiting van het pand wordt overgegaan.

6.5 Belangenafweging en verzwarende omstandigheden

De burgemeester weegt in zijn besluitvorming over het treffen van een bestuurlijke maatregel het belang van de ondernemer en overige belanghebbenden af tegen dat van de openbare orde. De openbare orde weegt daarbij zwaar. De openbare orde kan in bepaalde gevallen zijn aangetast zonder dat direct sprake is van een overtreding door de handelaar. Naast de naleving van de geldende wet- en regelgeving kijkt de burgemeester dus ook naar de invloed van de onderneming op haar omgeving. Een handelaar heeft in die zin een zogenaamde ‘risicoaansprakelijkheid’. Bijvoorbeeld wanneer de onderneming als (bekende) afzetmarkt dient voor gestolen goederen. Het soort, de hoeveelheid en/of de locatie van de aangetroffen gestolen goederen, net als de frequentie waarmee dit soort goederen wordt aangetroffen, spelen hierin voor de mate van aantasting van de openbare orde een belangrijke rol.

Daarnaast wordt in de afweging ook meegenomen op welke wijze de inkoper aantoonbaar invulling geeft aan zijn ‘onderzoekplicht’ voorafgaande aan de inkoop van goederen. Oftewel welke voorzorgsmaatregelen neemt een handelaar om te voorkomen dat gestolen goederen worden ingekocht. Van de handelaar mag worden verwacht dat deze de handelsmarkt in de betreffende goederen goed kent.

Van een handelaar mag tevens worden verwacht dat deze zich bewust is van het feit dat de handel in ongeregelde en gebruikte goederen verantwoordelijkheden met zich mee brengt ten aanzien van het voorkomen van handel in gestolen goederen.

6.6 'Recidive' en andere verzwarende factoren

Voor het beantwoorden van de vraag of sprake is van ‘recidive’, worden alle typen overtredingen uit de Handhavingsmatrix meegenomen. Indien een handelaar bijvoorbeeld bij een eerdere controle niet heeft voldaan aan de registratieverplichting en later blijkt van een minderjarige goederen te hebben opgekocht, kan de burgemeester de eerdere constatering bij de toepassing van de handhavingsmatrix meetellen als voorgaande overtreding.

Bij het bepalen van de hoogte van de sanctie kunnen ook andere factoren een rol spelen. Als ‘verzwarend’ gelden onder andere (niet limitatief):

•meerdere, al dan niet gelijktijdige, overtredingen uit de Handhavingsmatrix, ook indien daartegen niet eerder bestuurlijk is opgetreden;

•de constatering van andere strafbare feiten die aan de handelaar of het pand zijn gerelateerd;

•het voorhanden hebben van een goed afkomstig van een misdrijf;

•omvang en eventuele gevolgen van de overtreding;

•aanwijzingen of vermoedens van verwijtbaar gedrag van de handelaar of degenen die voor hem werken.

6.7 Sluiting pand

De eigenaar van het pand zal eerst een voornemen tot sluiting ontvangen van de gemeente. Pas nadat de eigenaar van het pand de gelegenheid heeft gehad om schriftelijk of mondeling te reageren op het voornemen, wordt het definitieve besluit genomen.

Zodra het definitieve besluit is genomen zal de gemeente het pand komen sluiten. Dit kan door middel van het veranderen van de sloten van het pand en het verzegelen van de toegangsdeur. Het doorbreken van het zegel levert een strafbaar feit op de grond van artikel 199 Wetboek van Strafrecht op. Verder dient een pand zichtbaar gesloten te worden, middels een aanplakbiljet of een bord voor het pand.

Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als 'Beleidsregels handhaving helingbestrijding Hendrik Ido Ambacht 2020'.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.