Aanhef
De raad van de gemeente Helmond;
Gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 12 juni 2018;
gelet op de bepalingen van de Gemeentewet;
besluit:
1de regeling auditcomité vast te stellen;
2de verordening rekenkamer vast te stellen
3De financiële consequenties van dit besluit meenemen in de 2e berap 2018 en de programmabegroting 2019.
Artikel 1. Rekenkamer
1Er is een gemeentelijke rekenkamer, genaamd rekenkamer Helmond.
2De rekenkamer voert onderzoek uit naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van het gemeentelijk beleid en beheer alsmede de rechtmatigheid van de bestedingen.
Artikel 2. Benoeming leden
1De raad benoemt de leden en plaatsvervangend leden van de rekenkamer.
2De rekenkamer bestaat uit 3 leden.
3De rekenkamer wijst uit zijn midden een plaatsvervangend voorzitter aan bij ontstentenis van de voorzitter diens taken waarneemt.
4De leden van de rekenkamer zijn niet ondergeschikt aan enig gemeentelijk bestuursorgaan.
5Alvorens hun functie uit te oefenen, leggen de leden van de rekenkamer de eed of verklaring en belofte af zoals genoemd in artikel 81g van de Gemeentewet.
6De raad benoemt de leden, inclusief de voorzitter van de rekenkamer, op voordracht van het auditcomité voor een periode van 6 jaar
7Het auditcomité doet de voordracht vergezeld gaan van een verklaring van de kandidaat, bevattende:
–de mededeling dat zij/hij de benoeming zal aanvaarden;
–een overzicht van de openbare betrekkingen die hij/zij bekleedt;
–een verklaring omtrent gedrag.
Artikel 3. Ontslag en non-activiteit
1De raad ontslaat de leden en plaatsvervangende leden of stelt hen op non-actief.
2Het lidmaatschap van een extern lid eindigt:
a.op eigen verzoek;
b.bij de aanvaarding van een functie die onverenigbaar is met het lidmaatschap van de rekenkamer;
c.wanneer het lid bij onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak wegens misdrijf is veroordeeld, dan wel bij zulk een uitspraak een maatregel is opgelegd die vrijheidsbeneming tot gevolg heeft;
d.indien het lid bij onherroepelijk geworden rechtelijke uitspraak onder curatele is gesteld, in staat van faillissement is verklaard, surseance van betaling heeft verkregen of wegens schulden is gegijzeld.
1De leden van de rekenkamer kunnen door de raad worden ontslagen wanneer zij blijvend ongeschikt zijn hun functie te vervullen.
Artikel 4. Vergaderfrequentie en werkwijze
1De rekenkamer vergadert zo dikwijls als de voorzitter of minimaal twee leden van de rekenkamer dit nodig achten.
2Door of namens de voorzitter worden de leden tijdig schriftelijk ter vergadering opgeroepen.
3De oproepingsbrief vermeldt plaats, datum en uur van de vergadering, alsmede een opgave van de te behandelen onderwerpen. Daarbij worden de te behandelen stukken toegezonden.
4De rekenkamer beslist bij meerderheid van stemmen, met inbegrip van de voorzitter die stemrecht heeft.
Artikel 5. Openbaarheid vergaderingen
1De vergaderingen van de rekenkamer zijn in beslotenheid, haar rapporten zijn openbaar.
2De rekenkamer kan openbare, informatieve vergaderingen beleggen.
Artikel 6. Onderwerpselectie en opdrachtverlening onderzoek
1De rekenkamer bepaalt de onderwerpen die zij onderzoekt, formuleert de probleemstelling en stelt de onderzoeksopzet vast.
2De rekenkamer overlegt jaarlijks met het auditcomité over de onderzoeksagenda, waarna de rekenkamer besluit welke onderzoeken worden uitgevoerd.
3De rekenkamer informeert de raad jaarlijks (en bij wijzigingen daarin ook tussentijds) over de onderwerpen die zij wil onderzoeken.
4De raad kan de rekenkamer een gemotiveerd verzoek doen tot het instellen van een onderzoek.
5De rekenkamer bericht de raad binnen een maand in hoeverre aan dat verzoek wordt voldaan.
6Indien de rekenkamer niet aan het verzoek van de raad kan of wil voldoen, zal zij daarvoor goede gronden aanvoeren.
Artikel 7. Uitvoering onderzoek
1De rekenkamer is belast met en verantwoordelijk voor de uitvoering, begeleiding en sturing van het onderzoek volgens de door haar vastgestelde onderzoeksopzet.
2De rekenkamer beoordeelt of het wenselijk is de raad tussentijds te informeren.
3De rekenkamer is bevoegd bij alle leden van het gemeentebestuur en bij alle ambtenaren de mondelinge en schriftelijke inlichtingen in te winnen die zij nodig acht voor de uitvoering van de onderzoeken.
4De leden van het gemeentebestuur en de ambtenaren van de gemeente zijn verplicht de gevraagde inlichtingen binnen de door de rekenkamer gestelde termijn te verstrekken.
5De rekenkamer vergadert zoveel als zij nodig acht, ter bespreking van procedurele en inhoudelijke aspecten van het onderzoek.
6Voor de uitvoering van het onderzoek kan de rekenkamer, met inachtneming van het beschikbare budget, externe personen of bureaus inschakelen.
7De rekenkamer stelt de betrokkenen in de gelegenheid om binnen een door haar te stellen termijn, die tenminste twee weken bedraagt, hun zienswijze op het conceptonderzoeksrapport aan de rekenkamer kenbaar te maken. Betrokkenen zijn degenen wier taakuitvoering (mede) voorwerp van onderzoek is of is geweest. De rekenkamer bepaalt verder wie verder als betrokkenen worden aangemerkt.
8Na vaststelling door de rekenkamer worden het onderzoeksrapport en de nota met conclusies en aanbevelingen en de zienswijze van betrokkenen op het rapport zo spoedig mogelijk, onder toezending van een afschrift aan het college en betrokkenen, aan de raad aangeboden.
Artikel 8. Ambtelijk secretaris
1De raadsgriffier wijst na overleg met de rekenkamer een ambtenaar aan die optreedt als secretaris van de rekenkamer.
2De secretaris staat de rekenkamer bij de uitvoering van haar taken terzijde.
3De secretaris is voor zijn functioneren uitsluitend verantwoording schuldig aan de rekenkamer.
Artikel 9. Vergoeding externe leden van de rekenkamer
1De leden ontvangen een vaste maandelijkse vergoeding voor hun werkzaamheden voor de rekenkamer. De voorzitter ontvangt een bedrag van € 300,- per maand en € 200,- per maand voor de overige leden van de rekenkamer. Deze bedragen zijn bruto en inclusief reis-,verblijf en overige kosten. De bedragen worden jaarlijks geïndexeerd met het in de begroting opgenomen percentage voor loonstijging.
2De vergoeding, genoemd in het eerste lid, komt ten laste van het budget van de rekenkamer.
Artikel 10. Budget
1De rekenkamer is bevoegd binnen een aan haar bij de begroting beschikbaar gesteld budget uitgaven te doen ten behoeve van de uitvoering van haar taken.
2Ten laste van het in het voorgaande lid bedoelde budget worden de kosten gebracht van:
a.de vergoedingen aan de leden van de rekenkamer;
b.de ambtelijk secretaris;
c.kosten van externe deskundigen voor in te stellen onderzoeken;
d.eventuele overige uitgaven die de rekenkamer nodig acht voor de uitoefening van haar taak.
3De rekenkamer is voor de besteding van het budget uitsluitend verantwoording verschuldigd aan de raad.
4De voorzitter kan jaarlijks voor 1 juni een voorstel aan de raad doen om de nodige middelen ter beschikking te stellen voor een goede uitoefening van de taken van de rekenkamer
Artikel 11. Inwerkingtreding
Deze verordening treedt in werking op 9 oktober 2018.
Met ingang van de datum van inwerkingtreding is de Verordening op de Rekeningcommissie 2004, zoals gewijzigd vastgesteld door de gemeenteraad op 6 oktober 2016, ingetrokken.
Artikel 12. Citeertitel
Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening gemeentelijke rekenkamer 2018".