Besluiten:
Artikel 1 Aanwijzing warenmarkten
1Op de volgende dagen, locaties en tijdstippen wordt er wekelijks markt gehouden:
a.Dinsdag te Mierlo-Hout op het Kerkplein, Houtvoort en aan de Hoofdstraat,
tussen 08.30 uur en 12.30 uur;
b.Woensdag te Helmond-centrum op de Markt tussen 08.30 uur en 12.30 uur;
c.Vrijdag te Brouwhuis op het parkeerterrein aan de zuidzijde van winkelcentrum Brouwhorst gelegen op de parkeerplaats Amer/Biesbosch tussen 08.30 uur en 12.30 uur;
d.Vrijdag te Brandevoort onder de markthal aan de Plaetse tussen 14.00 en 18.00 uur;
e.Zaterdag te Helmond-centrum op de Markt, Ameideplein en Noord-Koninginnewal
tussen 08.30 uur en 16.00 uur.
2De omvang van het marktterrein voor de verschillende markten is aangegeven op de bij deze nadere regels behorende kaarten
(bijlage 2 t/m 6).
Artikel 2 Zon- en feestdagen
1Op zon- en feestdagen als bedoeld in de Winkeltijdenwet wordt geen markt gehouden.
2Het college kan in afwijking van het bepaalde in artikel 1 besluiten om een andere marktdag aan
te wijzen voor zover de reguliere marktdag samenvalt met een zon- of feestdag.
3Alvorens te besluiten als bedoeld in het tweede lid vindt afstemming plaats met de Markt- adviescommissie als bedoeld in artikel 26 van deze regeling.
Artikel 3 Bijzondere omstandigheden
1Het college kan op grond van dringende redenen of in het algemeen belang tijdelijk een andere
marktlocatie aanwijzen, een andere marktdag vaststellen, andere begin- en eindtijden vaststellen of de
markt afgelasten.
2Indien en voor de duur dat toepassing wordt gegeven aan het bepaalde in het eerste lid kan het
college hierbij:
a.Van de vastgestelde marktopstelling afwijken;
b.Van de vastgestelde standplaatsindeling afwijken;
c.Het aantal standplaatsen beperken of in hun omvang beperken.
Artikel 4 Branchepatroon
1Bij de toewijzing van vaste plaatsen wordt voor elke markt een maximumstelsel gehanteerd. Hierbij
wordt uitgegaan van de toedeling van strekkende meters en onderverdeling daarvan in absolute
aantallen binnen de hoofd- en subgroepen.
2Uitgegaan wordt van een verdeling over de volgende hoofdgroepen en daarbij behorende subgroepen.
Dit zijn:
a.Food: AGF, vis en overige eetwaren;
b.Non-food: textiel, huishoudtextiel en andere goederen;
c.Bloemen, planten en heesters.
Artikel 5 Dinsdagmorgenmarkt (Mierlo-Hout)
1Het college verstrekt vergunningen tot een maximum van 124 strekkende meters.
2Het aantal vaste standplaatsen op deze markt bedraagt maximaal 12, onderverdeeld naar branchering:
a.Food: in totaal 56 strekkende meters waarvan 24 strekkende meters voor AGF, 8 strekkende meters
voor vis en 24 strekkende meters voor overige eetwaren;
b.Non-food: in totaal 52 strekkende meters waarvan 36 strekkende meters textiel, 12 strekkende
meters huishoudtextiel en 16 strekkende meters voor andere non-food goederen;
c.Bloemen, planten en heesters: 16 strekkende meters.
3Het aantal standwerkerplaatsen bedraagt maximaal 1.
Artikel 6 Woensdagmorgenmarkt (Helmond-centrum)
1Het college verstrekt vergunningen tot een maximum van 216 strekkende meters.
2Het aantal vaste standplaatsen op deze markt bedraagt maximaal 22, onderverdeeld naar branchering:
a.Food: in totaal 148 strekkende meters waarvan 84 strekkende meters voor AGF, 24 strekkende
meters voor vis en 40 strekkende meters voor overige eetwaren;
b.Non-food in totaal 52 strekkende meters waarvan 36 strekkende meters textiel, 12 strekkende
meters huishoudtextiel en 16 strekkende meters voor andere non-food goederen;
c.Bloemen, planten en heesters: 16 strekkende meters.
3Het aantal standwerkerplaatsen bedraagt maximaal 2.
Artikel 7 Vrijdagmorgenmarkt (Brouwhuis)
1Het college verstrekt vergunningen tot een maximum van 92 strekkende meters.
2Het aantal vaste standplaatsen op deze markt bedraagt maximaal 16, onderverdeeld naar branchering:
a.Food: in totaal 52 strekkende meters waarvan 12 strekkende meters voor AGF, 8 strekkende meters
voor vis en 32 strekkende meters voor overige eetwaren;
b.Non-food: in totaal 32 strekkende meters waarvan 24 strekkende meters textiel, 12 strekkende
meters huishoudtextiel en 8 strekkende meters voor andere non-food goederen;
c.Bloemen, planten en heesters: 8 strekkende meters.
3Het aantal standwerkerplaatsen bedraagt maximaal 2.
Artikel 8 Zaterdagmarkt (Helmond-centrum)
1Het college verstrekt vergunningen tot een maximum van 1400 strekkende meters.
2Het aantal vaste standplaatsen op deze markt bedraagt maximaal 175, onderverdeeld naar
branchering:
a.Food: in totaal 612 strekkende meters waarvan 300 strekkende meters voor AGF,
72strekkende meters voor vis en 240 strekkende meters voor overige eetwaren;
b.Non-food: in totaal 716 strekkende meters waarvan 360 strekkende meters textiel,
96strekkende meters huishoudtextiel en 260 strekkende meters voor andere goederen;
c.Bloemen, planten en heesters: 72 strekkende meters.
3Het aantal standwerkerplaatsen bedraagt maximaal 8.
Artikel 9 De marktmeester
1Een ieder die een standplaats op de markt inneemt of wenst in te nemen, is verplicht zich tegenover de
marktmeester te legitimeren door middel van een geldig paspoort, een geldig rijbewijs of een ander
geldig identiteitsbewijs.
2Een identiteitsbewijs als bedoeld in het vorige lid dient op aanvraag van de marktmeester onmiddellijk
te worden getoond.
3De marktmeester kan op het marktterrein alle aanwijzingen geven die verband houden met een ordelijk
en veilig verloop van de markt. De aanwijzingen dienen door diegene waarvoor de aanwijzingen
bestemd zijn onmiddellijk te worden opgevolgd.
Artikel 10 Voorschriften indiening aanvragen
1De aanvraag voor een standplaatsvergunning of de overschrijving van een vaste standplaatsvergunning
geschiedt middels een door het college vastgesteld model dat verkrijgbaar is bij de marktmeester en
gedownload kan worden via www.helmond.nl.
2Het aanvraagformulier dient vergezeld te zijn van:
a.een uittreksel uit het Handelsregister dat niet ouder mag zijn dan 6 maanden;
b.een kopie van een geldig identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 9 eerste lid en;
c.twee identieke en gelijkende recente pasfoto’s;
d.Bij een aanvrage die betrekking heeft op een geprivatiseerde markt dient door de aanvrager meegestuurd te worden hetzij een getekend exemplaar van de beheerovereenkomst tussen hem en de stichting vrijdag weekmarkt Helmond-Brouwhuis (en de stichting vrijdag weekmarkt Helmond-Brandevoort) hetzij een door hem mede ondertekend exemplaar van de overeenkomst van de gezamenlijke standplaatshouder met de gemeente Helmond inzake de geprivatiseerde woensdagmarkt Helmond-Centrum (en de geprivatiseerde vrijdagmarkt -Helmond-Brandevoort).
3Aanvragen die niet voldoen aan de eisen als gesteld in het eerste of tweede lid kunnen met inachtneming van het bepaalde in artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht door of namens het
college buiten behandeling worden gesteld.
Artikel 10a Selectiecommissie
1Voordat het college een besluit neemt op vergunningaanvragen inzake een vaste standplaats vraagt
zij de selectiecommissie om advies.
2De selectiecommissie toetst of de ontvangen aanvragen (sollicitaties) overeenkomen met de gestelde kwaliteitseisen te weten: product, presentatie, promotie en personeel, de vacante branches
met onderverdeling naar hoofd- en subgroepen en de inpasbaarheid.
3De selectiecommissie bestaat uit maximaal 6 leden en is als volgt samengesteld:
a.De teammanager Exploitaties van de dienst Stedelijke Ontwikkeling en Beheer (voorzitter);
b.een marktmeester (secretaris);
c.twee vertegenwoordigers van de Centrale Vereniging Ambulante Handel (lid);
d.een standplaatshouder voorgedragen door de gezamenlijke marktkooplieden van de
betreffende markt van een andere branche dan waar de selectie voor plaats moet vinden (lid) en;
e.de Centrummanager (lid).
4Het college informeert alle vergunninghouders over de uitkomst van de selectieprocedure.
Artikel 11 Standwerkers
1Voor inschrijving in het standwerkersregister als bedoeld in artikel 15, derde lid, van de Marktverordening 2006 komen enkel in aanmerking standwerkers, die voldoen aan het bepaalde in
artikel 7 van de Marktverordening 2006.
2Bij de toewijzing van een standwerkerplaats gelden de navolgende beperkingen:
a.voor de hoofdgroepen en subgroepen, die op de betreffende markt reeds maximaal zijn
vertegenwoordigd wordt slechts eenmaal per maand een standplaats toegewezen;
b.standplaatsen met gebruikte kleding worden niet uitgegeven.
Artikel 12 Toezicht op standwerkers
1Wanneer de marktmeester constateert dat een standwerker niet heeft “gewerkt / gedemonstreerd”
overeenkomstig de werkwijze als geschetst in artikel 1, sub g van de Marktverordening 2006, wordt de
standwerker op de hoogte gesteld van een aantekening in het logboek van de marktmeester. Daarnaast
reikt de marktmeester een schriftelijke waarschuwing uit.
2In de schriftelijke waarschuwing als bedoeld in het eerste lid wordt de betreffende standwerker de
gelegenheid geboden om zijn zienswijze naar voren te brengen en te kennen gegeven dat bij een
volgende constatering van niet “werken / demonstreren” een ontzegging van deelname aan de loting
voor een standwerkerplaats zal worden aangezegd. Een zienswijze kan naar keuze van de standwerker
mondeling of schriftelijk naar voren worden gebracht.
3Voor zover de standwerker onmiddellijk na ontvangst van de schriftelijke waarschuwing zijn zienswijze
mondeling naar voren brengt, wordt daarvan door de marktmeester aantekening gemaakt.
4Een standwerker die zijn zienswijze schriftelijk naar voren brengt, moet dat uiterlijk de dinsdag van de
week volgend op die van de beoordeling doen. Een schriftelijke zienswijze moet worden ingediend bij
het college.
5Wanneer na de eerstvolgende in loting de betrokken standwerker andermaal niet “werkt / demonstreert”
overeenkomstig de voorgeschreven werkwijze, wordt ontzegging van deelname aan de loting voor
standwerkerplaatsen aangezegd voor een nader te bepalen aantal marktdagen. De ontzegging wordt
schriftelijk bevestigd in een beschikking van het college.
Artikel 13 Inrichting van de markt
1Het college bepaalt de opstelling en indeling van de markt.
2Het college is, gehoord de marktadviescommissie, bevoegd tijdelijk wijzigingen in de opstelling of
indeling van de markt aan te brengen voor zover daar toe dringende gronden aanwezig zijn.
3Wijziging van de opstelling en indeling van de markt wordt tijdig schriftelijk aan de vaste
standplaatshouders ter kennis gebracht.
Artikel 14 Afmetingen van een standplaats
1Een standplaats heeft een lengte van 4 meter of een veelvoud daarvan met een maximum van 12
meter. De diepte van een standplaats is maximaal 3, 4 of 5 meter.
2Het bepaalde in het eerste lid geldt niet voor standplaatshouders die op grond van de Marktverordening 1995 vergunning hebben voor een langere kraamlengte en wel tot het tijdstip het
tenietgaan van deze vergunning uit welke hoofde dan ook.
3De vaste overkapping van de marktkraam, dan wel de klep van het eigen materiaal mag niet uitsteken voorbij de maximaal toegestane diepte van de standplaats.
4Gebruik van kraamverbreders of kraamverhogers is uitsluitend toegestaan
a.binnen de vergunde kraamdiepte;
b.volgens een bij de vergunde diepte passend model met een door het college te bepalen maximum
lengte.
5Een standwerkerplaats heeft een lengte van maximaal 3 meter en een diepte van maximaal 2 meter.
6Het is verboden buiten de toebedeelde ruimte voor de standplaats losse voorwerpen op het marktterrein
te plaatsen of aan een oversteek van de kraam te bevestigen.
Artikel 15 Plaatsen kramen
1Voor het plaatsen van kramen op een markt door een kramenverhuurbedrijf of een natuurlijke persoon is een vergunning van het college nodig.
2Het college kan bij vergunningverlening als bedoeld in het eerste lid eisen stellen:
a.met betrekking tot kwaliteit van de te verhuren marktkramen en overig materieel;
b.aan het tijdstip van plaatsing en verwijdering van de marktkramen en het overig materieel.
3Het college kan de vergunninghouder opdragen fysieke verkeersmaatregelen uit te voeren die verband
houden met de betreffende markt.
Artikel 16 Gebruik kramen
1Het is verboden gebruik te maken van andere kramen dan die door de vergunninghouder als bedoeld in artikel 15 eerste lid beschikbaar zijn gesteld.
2Van de verplichting vermeld in het eerste lid zijn uitgezonderd:
a.de vergunninghouders die met een verkoopwagen standplaats innemen;
b.standwerkers;
c.marktkooplieden die van het college ontheffing hebben gekregen van het verbod neergelegd in het eerste lid mogen eigen materieel gebruiken;
d.voordat het college een besluit neemt op een ontheffingsaanvraag, zoals gesteld in onder c, vraagt zij de selctiecommissie om advies;
e.op het eigen materiaal is artikel 15, tweede lid van overeenkomstige toepassing.
3Het eigen materiaal zoals bedoeld in het tweede lid onder c moet tevens aan de volgende criteria voldoen:
a.eigen materiaal moet (technisch) inpasbaar zijn in de betreffende markt. Dit houdt in dat:
I. er geen visuele belemmeringen mogen bestaan voor naastgelegen kramen;
II. er geen belemmeringen m.b.t. de werkzaamheden van de kramenexploitant mogen ontstaan;
III. geen grotere of kleinere ruimte mag worden ingenomen dan waarvoor vergunning is verstrekt voordat is/wordt overgegaan op het gebruik van eigen materiaal;
IV. kosten die gemaakt moeten worden voor het plaatsen zijn voor rekening van de gebruiker (bijv. aanpassing elektriciteitsvoorziening).
b.de hoogte van de voorste begrenzing (bij huurkramen de voorlat) dient tenminste twee meter te zijn;
c.als punt 1. niet kan worden gerealiseerd, kan geen aanspraak worden gemaakt op de tot dan toe met huurmateriaal ingenomen plaats;
d.gebruik maken van eigen materiaal op de plaats waar men staat met huurmateriaal, kan alleen als daarvoor geen andere huurkramen moeten worden afgebroken of verplaatst.
Artikel 17 Gebruik eigen verkoopwagen
1Een vergunninghouder met eigen verkoopwagen dient zorg te dragen voor gebruik van een deugdelijke (eigen) verkoopwagen. Een verkoopwagen behoeft - alvorens tot plaatsing mag worden overgegaan - de goedkeuring van het college.
2Een verkoopwagen dient volledig - inclusief eventuele uitsteeksels - te passen binnen de vaste standplaats en een minimale doorloophoogte te hebben van 2,00 meter.
3De voorkant van een verkoopwagen - inclusief eventuele toonbank of andere uitsteeksels - dient op één lijn te staan met de voorste staanders van de kramenrij.
4Een aanvraag om met een verkoopwagen standplaats in te nemen wordt alleen in behandeling genomen indien deze volledig en correct is ingediend, inclusief een (bouw) tekening met precieze
afmetingen, zoals lengte, diepte, hoogte en doorloophoogte in ingeklapte en uitgeklapte toestand, gegevens over maximaal stroomverbruik, bouwjaar en datum waarop de verkoopwagen in gebruik genomen is.
Artikel 18 (vervallen)
Artikel 19 Aan- en afvoer
1Het is vergunninghouders verboden om op het marktterrein goederen of waren aan te voeren
voordat de marktkramen zijn geplaatst. De aanvoer moet zijn beëindigd bij de aanvang van de
markt behoudens bijzondere omstandigheden, zulks ter beoordeling van de marktmeester.
2Het is vergunninghouders verboden om hun motorvoertuigen en aanhangwagens, toegelaten
verkoopwagens uitgezonderd, op het marktterrein te parkeren tijdens de uren dat de markt gehouden
wordt.
3Vergunninghouders voor een dagplaats dragen er zorg voor dat zij bij aanvang van de markt de hun
toegewezen plaats hebben ingenomen en dat nadien geen laad- of loswerkzaamheden meer
plaatsvinden.
4Vergunninghouders zijn verplicht om na einde van de markttijd het marktterrein binnen anderhalf
uur te ontruimen, zulks met in achtneming van het bepaalde in artikel 24.
5Het is vergunninghouders verboden om voor het einde van de markt goederen of waren af te voeren, behoudens met toestemming van de marktmeester.
6In afwijking van het bepaalde in het vijfde lid mogen standwerkers 15 minuten voor einde van de
markttijd het marktterrein oprijden om waren af te voeren, voor zover de marktmeester hieromtrent in
kennis is gesteld.
Artikel 20 Elektriciteit
1Elektriciteit mag uitsluitend betrokken worden van degene die voor het leveren daarvan door het
college is aangewezen.
2Aansluiting op de in het eerste lid genoemde elektriciteitsvoorziening is alleen toegestaan met
toestemming van het college.
3De vergunninghouder die elektriciteit wenst te betrekken dient vooraf een schriftelijke aanvraag in
te dienen bij de marktmeester.
Artikel 21 Verwarmings-, bak- en kooktoestellen
1Het is vergunninghouders verboden om op het marktterrein verwarmings- bak- en kooktoestellen te
gebruiken.
2Het college kan van het in het eerste lid gestelde verbod ontheffing verlenen onder door hen te
stellen voorwaarden.
Artikel 22 Eetwaren
1Vergunninghouders die toestemming hebben om op hun standplaats eet- en drinkwaren voor directe
consumptie te bereiden, dienen aan de voorzijde van hun standplaats afvalkorven of afvalbakken te
plaatsen en geplaatst te houden gedurende de markttijden.
2Afvalkorven en afvalbakken dienen te worden geplaatst binnen de ruimte aangeduid in de standplaatsvergunning.
3De afvalkorven of afvalbakken dienen voldoende volume te hebben, zulks ter beoordeling van de
marktmeester.
4Wanneer een afvalkorf of afvalbak vol is, is de vergunninghouder verplicht deze onmiddellijk te legen ter
voorkoming van verontreiniging van het marktterrein.
Artikel 23 Verkoop aan standplaatshouders
1Het is een ieder verboden op het marktterrein tijdens de duur van de markt met goederen of waren ter
verkoop rond te lopen of te rijden.
2Het college kan van het verbod als bedoeld in het eerste lid ontheffing verlenen in verband met de
verkoop van alcoholvrije dranken en geringe eet- en drinkwaren ten behoeve van de
standplaatshouders.
Artikel 24 Afval
1De vergunninghouder is verplicht er zorg voor te dragen dat zijn standplaats er steeds goed en verzorgd
uit ziet, zulks ter beoordeling van de marktmeester.
2De vergunninghouder is verplicht zijn standplaats en de onmiddellijke omgeving daarvan na afloop van
de markt schoon op te leveren.
3De vergunninghouder is verplicht de door hem meegebrachte emballage en andere afvalstoffen en de
tijdens de marktdag ontstane afvalstoffen bij beëindiging van de markt mee te nemen of af te voeren.
4Het college kan ten aanzien van de verkoop van vis en visproducten nadere regels stellen. In die
nadere regels kunnen de betreffende standplaatshouders verplicht worden bepaalde voorzieningen te
treffen.
Artikel 25 Milieu
Vergunninghouders dienen de standaardvoorschriften na te leven die zijn opgenomen op de Lijst van
hinder-, milieu- en veiligheidsvoorschriften voor de ambulante handel. Deze lijst is als bijlage 1 gevoegd bij deze regeling.
Artikel 26 Marktadviescommissie
1Er is een commissie van advies, die het college adviseert inzake marktaangelegenheden.
2De samenstelling en werkwijze van de commissie zijn geregeld in de Verordening marktadviescommissie 2006.
Artikel 27 Inwerkingtreding
Deze regeling treedt in werking de dag na bekendmaking.
Artikel 28 Overgangsbepalingen
1Vergunningen en ontheffingen verleend krachtens de Verordening warenmarkten Helmond 2006, blijven
gedurende de looptijd waarvoor zij zijn verstrekt onverminderd van kracht.
2Aanvragen om vergunningen en ontheffingen die zijn ingediend voor de inwerkingtreding van deze regeling, worden afgehandeld op basis van de Verordening warenmarkten Helmond 2006.
3Op een aanhangig bezwaar- of beroepschrift, betreffende een vergunning of ontheffing welke is
verleend op basis van de Verordening warenmarkten Helmond 2006, dat is ingekomen binnen de
voordien geldende termijn, wordt beslist met toepassing van de hiervoor genoemde verordening.
Bijlage
Bijlage 1 - kaart zaterdagmarkt Helmond centrum
Bijlage 2 - kaart markt Mielo-Hout
Bijlage 3 - kaart woensdagmarkt Helmond centrum
Bijlage 4 - kaart markt Brouwhuis
Bijlage 5 - kaart biologische markt Brandevoort
Bezwaar en verzoek om voorlopige voorziening
Bent u het niet eens met ons uitvoeringsbesluit als bedoeld in artikel 1 van deze regeling ? Dan kunt u hiertegen een bezwaarschrift indienen. Uw bezwaarschrift stuurt u aan het college van burgemeester en wethouders van Helmond, postbus 950, 5700 AZ Helmond. U kunt uw bezwaarschrift ook digitaal indienen via www.helmond.nl/bezwaar. Zorgt u er voor dat u het bezwaarschrift indient binnen zes weken na de dag van verzending van dit besluit. Daarmee voorkomt u dat wij uw bezwaarschrift niet meer kunnen behandelen.
Een bezwaarschrift moet ondertekend zijn en bevat verder: uw naam en adres, de datum waarop het bezwaarschrift is geschreven, een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht en de gronden (argumenten) van het bezwaar. Wilt u verhinderen dat het besluit op korte termijn wordt uitgevoerd? Dien dan ook een verzoek om een voorlopige voorziening in bij de voorzieningenrechter. Een verzoek daartoe richt u aan: De Voorzieningenrechter, sector bestuursrecht, postbus 90.125, 5200 MA ’s-Hertogenbosch. U kunt uw verzoekschrift ook digitaal indienen via http://loket.rechtspraak.nl/bestuursrecht. Daarvoor moet u wel beschikken over een elektronische handtekening (DigiD).
Heeft u vragen over het indienen van een (digitaal) bezwaarschrift of een voorlopige voorziening ? Kijk dan op de site van de gemeente Helmond, www.helmond.nl/bezwaar. Of vraag de brochure aan bij de Stadswinkel (telefoonnummer 14 0492).