Gemeentelijke regelgeving

Programma kostenverhaal en financiele bijdragen

Gemeente Heeze-Leende · geldt sinds 2 mei 2026

Aanhef

Samenvatting kostenverhaal en financiële bijdragen

bijlage I Begrippen

In deze begrippenlijst staan de op dit Programma van toepassing zijnde artikelen uit de Ow en Ob.

Aanvullende activiteiten waarvoor financiële bijdragen op vrijwillige basis kunnen worden overeengekomen (ook wel verruimde activiteiten)

Onder de Ow is het mogelijk om privaatrechtelijk op vrijwillige basis de financiële bijdragen overeen te komen voor de volgende activiteiten uit art. 8.20 Ob sub b en c:

–de bouw van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, voor:

○ land- of tuinbouw, voor zover de oppervlakte ten minste 100 m2 bedraagt;

○ opwekking of winning, omzetting of transport van energie of van gasvormige, vloeibare of vaste stoffen als energiedrager;

○ infrastructuur, voor zover het gaat om wegen, vaarwegen, spoorwegen of telecommunicatie-infrastructuur;

○ handelsreclame; of

○ recreatie; en

–andere activiteiten, voor zover het gaat om het gebruik van:

○ een of meer bestaande gebouwen, niet zijnde recreatiewoningen, mits de bruto vloeroppervlakte van de nieuw toegelaten functie ten minste 1.500 m2 bedraagt;

○ gronden, mits de grondoppervlakte van het nieuw toegelaten gebruik ten minste 1.000 m2 bedraagt, of

○ een of meer bestaande recreatiewoningen voor permanente bewoning.

Anterieure overeenkomst

Een privaatrechtelijke overeenkomst tussen een gemeente en een initiatiefnemer over de grondexploitatie, gesloten vóór de vaststelling van een planologische maatregel, zoals bedoeld in artikel 13.13 Ow. Deze overeenkomst kan de volgende benaming hebben anterieure exploitatieovereenkomst, samenwerkingsovereenkomst, (koop)realisatieovereenkomst etc. De initiatiefnemer is grondeigenaar of wordt grondeigenaar van het plangebied.

Financiële bijdragen

Artikel 8.21 (categorieën ontwikkelingen waarvoor financiële bijdragen kunnen worden verhaald) Ob

1Als categorieën ontwikkelingen ter verbetering van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving waarvoor, als wordt voldaan aan de criteria van artikel 13.23, eerste lid, onder a en b, van de wet, in een omgevingsplan kan worden bepaald dat een financiële bijdrage wordt verhaald op degene die een activiteit als bedoeld in artikel 13.11 van de wet verricht, worden aangewezen:

a.wijziging van de inrichting van het landelijk gebied ter verbetering van landschappelijke waarden door middel van het treffen van maatregelen in de fysieke leefomgeving, waaronder in ieder geval worden begrepen het verwijderen van vrijkomende agrarische bebouwing en het herstellen of aanvullen van landschappelijke elementen;

b.aanleg of wijziging van gebieden als bedoeld in artikel 2.44 van de wet of gebieden die in het omgevingsplan ter bescherming van de natuur zijn aangewezen en herstel, op basis van een omgevingsvisie of programma, van dier- en plantensoorten die van nature in Nederland in het wild voorkomen door middel van het treffen van maatregelen in de fysieke leefomgeving, waaronder in ieder geval worden begrepen maatregelen in de fysieke leefomgeving:

1°. ter vermindering van de stikstofdepositie; of

2°. ter bescherming en verbetering van de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen;

c.aanleg van infrastructuur voor verkeers- en openbaar vervoersnet-werken van gemeentelijk of regionaal belang;

d.aanleg van recreatievoorzieningen die behoren tot de gemeentelijke of regionale groenstructuur, waaronder in ieder geval worden begrepen parken en recreatiegebieden;

e.ontwikkelingen gericht op het bereiken van een naar prijsklasse evenwichtige samenstelling van de woningvoorraad in de gemeente of regio door middel van het realiseren van sociale huur- of koopwoningen als bedoeld in artikel 5.161c, eerste lid, onder a en b, van het Besluit kwaliteit leefomgeving buiten het gebied waar de activiteit, bedoeld in artikel 13.11 van de wet, plaatsvindt, voor zover in dat gebied met het oog op die evenwichtige samenstelling onvoldoende sociale huur- of koopwoningen worden gerealiseerd en het op een andere locatie realiseren van die woningen:

1°. in het omgevingsplan is toegelaten of voorgeschreven op grond van regels als bedoeld in artikel 5.161c, eerste lid, onder a of b, van dat besluit of in een programma is opgenomen; en

2°. tot gevolg heeft dat de kosten, bedoeld in artikel 13.11 van de wet, op grond van het eerste lid van dat artikel niet volledig kunnen worden verhaald of dat een tekort op de gemeentelijke exploitatie van de benodigde gronden ontstaat; en

f.stedelijke herstructurering ter verbetering van het woon- en leefklimaat in verouderde wijken of gebieden met leegstandsproblemen door middel van het treffen van maatregelen in de fysieke leefomgeving, waaronder in ieder geval worden begrepen het slopen van woningen en het aanleggen of wijzigen van wegen.

2Onder de aanwijzing valt niet de aanleg van voorzieningen of het treffen van maatregelen in de fysieke leefomgeving waarvoor kosten worden gemaakt die op grond van artikel 13.11, eerste lid, van de wet geheel of gedeeltelijk moeten worden verhaald op degene die de betrokken activiteit verricht.

Intentieovereenkomst

Een privaatrechtelijke overeenkomst tussen een gemeente en een initiatiefnemer over de haalbaarheidsfase. In de overeenkomst staan de afspraken over de verdeling van de werkzaamheden, de planning en de vergoeding voor de inzet van de gemeente tijdens de haalbaarheidsfase. De ontwikkelende partij/initiatiefnemer is grondeigenaar of wordt grondeigenaar van het plangebied.

Initiatiefnemer

Een private partij, bijvoorbeeld een projectontwikkelaar, bouwbedrijf of een particuliere grondeigenaar, die een kostenverhaalsplichtige activiteit wil realiseren, waarvoor een planologische wijziging nodig is.

Kostenverhaalsregels en -voorschriften

Als de gemeente publiekrechtelijk haar kosten verhaalt dan doet zij dit met ‘kostenverhaalsregels’ in het omgevingsplan of de ‘kostenverhaalsvoorschriften’ in een BOPA.

Kostenverhaalsgebied

Het kostenverhaalsgebied wordt zo begrensd dat alle onderdelen van de beoogde ontwikkeling erin vallen. Het gaat zowel om de gronden waar de kostenverhaalsplichtige activiteiten zijn geprojecteerd als om de gronden voor openbare ruimte en andere voorzieningen.

Kostenverhaalsplichtigeactiviteit

Artikel 8.13 Ob

a.de bouw van een of meer gebouwen met een woonfunctie;

b.de bouw van een of meer hoofdgebouwen, anders dan gebouwen met een woonfunctie;

c.de uitbreiding van een gebouw met ten minste 1.000 m2 bruto vloeroppervlakte of met een of meer gebouwen met een woonfunctie;

d.de bouw van een gebouw dat geen hoofdgebouw als bedoeld onder b is, met ten minste 1.000 m2 bruto vloeroppervlakte;

e.de verbouwing van een of meer aaneengesloten gebouwen met andere gebruiksfuncties dan een woonfunctie tot gebouwen met een woonfunctie, mits het ten minste tien gebouwen met een woonfunctie betreft;

f.de verbouwing van een of meer aaneengesloten gebouwen met andere gebruiksfuncties dan een kantoorfunctie, een winkelfunctie of een bijeenkomstfunctie voor het verstrekken van consumpties voor het gebruik ter plaatse tot gebouwen met een of meer van deze gebruiksfuncties, mits de cumulatieve bruto vloeroppervlakte van de nieuwe gebruiksfuncties ten minste 1.500 m2 bedraagt.

Plankosten kleine bouwactiviteiten

Artikel 13.5. Or (prijspeil 1 januari 2025)

In afwijking van de artikelen 13.2 Or tot en met 13.4 Or bedraagt het bedrag aan plankosten dat ten hoogste kan worden verhaald, met uitzondering van de plankosten van de producten en activiteiten genoemd in de onderdelen 2.6a tot en met 2.6d van bijlage XXXIV Or en 2.6a tot en met 2.6c van bijlage XXXIVa Or:

a.€ 7.718,– bij het bouwen van kassen met een bruto-vloeroppervlakte van niet meer dan 3.000 m2;

b.€ 10.252,– bij:

1°. het bouwen van een gebouw met één woonfunctie en nevengebruiksfuncties daarvan als bedoeld in bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving;

2°. het bouwen van een hoofdgebouw voor agrarische of bedrijfsdoeleinden zonder bijeenkomstfunctie, kantoorfunctie of winkelfunctie als bedoeld in bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving, met een bruto-vloeroppervlakte van niet meer dan 1.500 m2, of een bedrijfswoning op hetzelfde perceel waarop zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegestaan;

3°. een uitbreiding met niet meer dan 2.000 m2 bruto-vloeroppervlakte van een gebouw met een industriefunctie als bedoeld in bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving, of een uitbreiding met niet meer dan een bedrijfswoning op hetzelfde perceel waarop zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegestaan;

4°. een uitbreiding van een ander gebouw dan bedoeld onder 1° tot en met 3° met niet meer dan 2.000 m2 bruto-vloeroppervlakte of met niet meer dan een gebouw met één woonfunctie en nevengebruiksfuncties daarvan als bedoeld in bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving;

5°. kassen met een bruto-vloeroppervlakte van ten minste 3.000 m2 en niet meer dan 10.000 m2; of

6°. een verbouwing als bedoeld in artikel 8.13, onder e of f, van het Omgevingsbesluit;

c.€ 12.196,– bij het bouwen van kassen met een bruto-vloeroppervlakte van ten minste 10.000 m2 en niet meer dan 30.000 m2.

2Bij het bedrag, bedoeld in het eerste lid, worden opgeteld de kosten van de producten en activiteiten:

a.voor kostenverhaalsgebieden waarvoor geen tijdvak als bedoeld in artikel 13.15, eerste lid, van de wet is vastgesteld: in bijlage XXXIVa, tabel 1, onder 2.6a tot en met 2.6c; en

b.voor kostenverhaalsgebieden waarvoor wel een tijdvak als bedoeld in artikel 13.15, eerste lid, van de wet is vastgesteld: in bijlage XXXIV, tabel 1, onder 2.6a tot en met 2.6d.

3Op de berekening van de kosten voor producten en activiteiten, bedoeld in het tweede lid, is artikel 13.2 is van overeenkomstige toepassing.

PTP-criteria

De criteria genoemd in artikel 13.11 lid 1 Ow.

Profijt

De nieuwe ontwikkeling moet nut ondervinden van de te treffen werken, werkzaamheden en maatregelen.

Toerekenbaarheid

Er moet een causaal verband zijn tussen de activiteit en de investering.

Proportionaliteit

Indien meerdere gebieden profijt hebben van werken, werkzaamheden en maatregelen, moeten deze naar evenredigheid worden verdeeld.

Sociale huurwoningen

Woningen met een maandhuur tot maximaal de liberalisatiegrens, bedoeld in artikel 13, eerste lid, onder a, van de Wet op de huurtoeslag en verhuurd door een toegelaten instelling (Besluit Toegelaten Instellingen Volkshuisvesting en Woningwet).

bijlage II Kostensoorten bij kostenverhaal

A. Kostensoorten bij kostenverhaal met of zonder tijdvak

A1: De kosten van het vaststellen van een omgevingsplan of een projectbesluit of het verlenen van een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, inclusief het daarvoor benodigde onderzoek

A2: De waarde van de gronden die worden gebruikt voor de uitvoering van de onder A8 en A9 bedoelde werken, werkzaamheden en maatregelen, inclusief de waarde van de te slopen opstallen, geraamd overeenkomstig artikel 8.17, eerste lid Ob

A3: De kosten van het vrijmaken van de gronden, bedoeld onder A2, van persoonlijke rechten en lasten, eigendom en bezit en beperkte rechten of zakelijke lasten

A4: Het tijdelijk beheer van de door of vanwege de gemeente, de provincie of de Staat verworven percelen, verminderd met de uit het tijdelijk beheer te verwachten opbrengsten

A5: De kosten van het slopen, verwijderen en verplaatsen van opstallen, obstakels, funderingen, kabels en leidingen op de gronden, bedoeld onder A2

A6: De kosten van bodemsanering, het dempen van oppervlaktewateren en het verrichten van grondwerken op de gronden, bedoeld onder A2

A7: De kosten van de noodzakelijke compensatie van in het kostenverhaalsgebied verloren gegane natuurwaarden, groenvoorzieningen en watervoorzieningen

A8: De kosten van de aanleg of wijziging van:

•wegen, gebouwde en ongebouwde openbare parkeergelegenheden, pleinen, voet- en rijwielpaden, gebouwde openbare fietsenstallingen, faciliteiten voor ondergrondse afvalinzameling, waterpartijen, watergangen, voorzieningen voor de waterhuishouding, bruggen, tunnels, duikers, kades, steigers, en andere rechtstreeks met de aanleg daarvan verband houdende werken en bouwwerken;

•infrastructuur voor openbaar-vervoervoorzieningen met bijbehorende werken en bouwwerken;

•groenvoorzieningen, natuurvoorzieningen en openbare niet-commerciële sportvoorzieningen;

•openbare verlichting en brandkranen met aansluitingen;

•straatmeubilair, speeltoestellen, sierende elementen, kunstobjecten en afrasteringen in de openbare ruimte;

•distributienetwerken voor elektriciteit, warmte, gas en water, inclusief bijbehorende werken en bouwwerken; en 7°. riolering, inclusief bijbehorende werken en bouwwerken

A9: De kosten van werken, werkzaamheden en maatregelen die noodzakelijk zijn voor het bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit

A10: De kosten van voorbereiding en toezicht op de uitvoering van de onder A3, A5, A6, A8 en A9 bedoelde werken, werkzaamheden en maatregelen, inclusief het daarvoor benodigde onderzoek

A11: Nadeelcompensatie aan derden als bedoeld in hoofdstuk 15 van de Ow

A12: Niet-terugvorderbare BTW, niet-gecompenseerde compensabele BTW of andere niet-terugvorderbare belastingen, over de kostenelementen, genoemd onder A1 en A3 tot en met A10

A13: De rente van geïnvesteerde kapitalen en overige lasten, verminderd met renteopbrengsten

A14: De kosten van andere door of in opdracht van het bestuursorgaan te verrichten werkzaamheden, voor zover die werkzaamheden rechtstreeks verband houden met de in deze bijlage bedoelde werken, werkzaamheden en maatregelen

B. Kostensoorten bij kostenverhaal met tijdvak; in aanvulling op tabel A

B1: De waarde van de gronden waar de bouwactiviteiten, bedoeld in artikel 13.11, eerste lid, van de Ow, zullen worden verricht, inclusief de waarde van de daar aanwezige, te slopen opstallen, geraamd overeenkomstig artikel 8.17, eerste lid Ob

B2: De kosten om de gronden, bedoeld onder B1, vrij te maken van persoonlijke rechten en lasten, eigendom, bezit en beperkte rechten of zakelijke lasten

B3: De kosten van het slopen, verwijderen en verplaatsen van opstallen, obstakels, funderingen, kabels en leidingen op de gronden, bedoeld onder B1

B4: De kosten van bodemsaneringswerkzaamheden, het dempen van oppervlaktewateren en het verrichten van grondwerken op de gronden, bedoeld onder B1

bijlage III Specificatie investerings- en ontwikkelopgave

categorie

gerealiseerd

hard

zacht

ambitie

infrastructuur

€ 5.201.821

€ 24.791.803

€ 11.464.000

€ 1.500.000

groen

€ -

€ 250.000

€ -

€ -

recreatie

€ -

€ 230.000

€ -

€ -

herstructurering

€ -

€ -

€ -

€ 2.735.000

totaal

€ 5.201.821

€ 25.271.803

€ 11.464.000

€ 4.235.000

categorie

aantal woningen

m² niet-commercieel

m² commercieel

wonen

sociale huur

166

betaalbare koop

244

midden huur

40

dure huur en koop

147

niet-wonen

maatschappelijk commercieel

568

maatschappelijk niet-commercieel

4.949

bedrijventerrein

47.500

totaal

596

4.949

48.068

bijlage IV Stappen voor bepalen financiële bijdragen

Stap 1 investeringsopgave

Om de gevolgen van de nieuwbouwplannen op te vangen, het leefklimaat op niveau te houden en daarnaast te anticiperen op de klimaatveranderingen, investeert gemeente Heeze-Leende in de verbetering van de fysieke leefomgeving door:

–landschappelijke verbetering;

–de aanleg en bescherming van natuur;

–de aanleg van infrastructuur voor verkeers- en openbare vervoersnetwerken van gemeentelijk of regionaal belang;

–de aanleg van recreatievoorzieningen die behoren tot de gemeentelijke of regionale groenstructuur;

–ontwikkelingen gericht op het bereiken van een evenwichtige samenstelling van de woningvoorraad en stedelijke herstructurering.

Omdat de concreetheid van de (beoogde) investeringen zoals opgenomen in bijlage III verschilt, zijn deze opgedeeld in drie groepen, namelijk:

groep

Omschrijving

% meegenomen in investeringsopgave

1hard

Investeringen die zijn gerealiseerd in afgelopen vijf jaar (de periode 2019 tot en met 2023), of er is een bestuurlijk besluit genomen over de uitvoering en het investeringsbedrag is bekend.

100%

2zacht

Er is een bestuurlijke uitspraak dat de investering wenselijk is, waarbij het bedrag en/of de financiële dekking nog niet zeker is.

75%

3ambitie

Er is een sterke bestuurlijke ambitie, waarbij het bedrag en/of de financiële dekking nog niet zeker is.

50%

De afgelopen vier jaar investeerde en de komende tien jaar investeert gemeente Heeze-Leende naar verwachting € 46,1 miljoen in voorzieningen die de leefbaarheid ten goede komen; dit is de netto-investering.

Door rekening te houden met de correctie in verband met de concreetheid wordt in dit Programma € 41,2 miljoen opgenomen. Dit bedrag is als volgt opgebouwd:

1Hard 100% x [€ 5,2 miljoen (gerealiseerd) + € 25,3 miljoen (nog te realiseren)] = € 30,5 miljoen

2Zacht 75% x € 11,5 miljoen = € 8,6 miljoen

3Ambitie 50% x € 4,2 miljoen = € 2,1 miljoen

De investeringen kwamen / komen voort uit onder andere het raadsprogramma, de programmabegroting en de omgevingsvisie.

De investeringsbedragen zijn gebaseerd op de gerealiseerde kosten of een actuele kostenraming. De ramingen variëren van globale ramingen tot werkelijke kosten als het werk aanbesteed en uitgevoerd is. De raming bevat de eventuele verwervingskosten, sloopkosten, aanlegkosten, plankosten en VTU (voorbereiding, toezicht en uitvoeringskosten). De investeringsbedragen betreffen netto bedragen. Dit betekent dat subsidies en bijdragen van derden in mindering op het bruto investeringsbedrag zijn gebracht. De grote(re) investeringen lichten we hierna toe. Daarnaast geeft bijlage III de totale investeringsopgave weer.

Stap 2 Bepalen vastgoedwaarde ontwikkelopgave en procentuele verdeling

De functies in het nieuw gebied verdeelt gemeente Heeze-Leende in twee categorieën, wonen en niet-wonen. Om de investeringsopgave te verdelen over deze functies wordt de vastgoedwaarde van de ontwikkelopgave verdeeld over deze twee hoofdcategorieën. De categorie wonen is daarbij nog onderverdeeld in vier subcategorieën. Hierdoor kan per categorie het percentage van de totale vastgoedwaarde worden berekend.

wonen

ontwikkelopgave in woningen

vastgoedwaarde per woning

=

vastgoedwaarde

% ontwikkelopgave

sociale huur

166

*

€ 270.000

=

€ 44.712.000

16%

betaalbare koop

244

*

€ 405.000

=

€ 98.820.000

35%

midden huur

40

*

€ 405.000

=

€ 16.005.600

6%

dure huur en koop

147

*

€ 600.000

=

€ 88.128.000

31%

subtotaal wonen

596

€ 247.665.600

88%

niet-wonen

in m²

per m²

overige functies

53.017

*

€ 657

=

€ 34.822.934

12%

totaal vastgoedwaarde ontwikkelopgave

€ 282.488.534

100%

Stap 3 Toerekenen investeringsopgave aan bestaand en nieuw gebied

De investeringsopgave komt grotendeels voor rekening van het bestaand gebied en voor een kleiner deel draagt het nieuw gebied bij. De toerekening is bepaald op basis van de vastgoedwaarde van het onroerend goed in Heeze-Leende. Dit geeft als resultaat dat het bestaand gebied 93% en het nieuw gebied 7% krijgt toegerekend van het totaal aan investeringsopgave.

vastgoedwaarde

percentage investeringsopgave

*

toerekening netto investeringsopgave

=

investeringsopgave

Vastgoedwaarde ontwikkelopgave

€ 282.488.534

7%

*

€ 41.189.124

=

€ 2.926.514

nieuw gebied

WOZ-waarde bestaand gebied

€ 3.693.387.000

93%

*

=

€ 38.262.610

bestaand gebied

€ 3.975.875.534

100%

€ 41.189.124

Stap 4 Bepalen bijdragen per (sub)categorie

Op basis van de procentuele aandeel in de vastgoedwaarde volgens stap 2 kan de investering die is toegerekend aan het nieuwe gebied (stap 3) verdeel worden. Door per categorie het bedrag te delen door het programma wordt de bijdrage per subcategorie verkregen.

categorie

aandeel investeringsopgave nieuw gebied

*

% ontwikkelopgave

=

investering per (sub)categorie

/

aantal (woningen / m2 uitgeefbaar / bvo)

=

bijdragen (afgerond)

wonen

sociale huur

€ 2.926.514

*

16%

=

463.206

/

166

=

€ 2.800

per woning

betaalbare koop

*

35%

=

1.023.752

/

244

=

€ 4.200

per woning

midden huur

*

6%

=

165.814

/

40

=

€ 4.200

per woning

dure huur en koop

*

31%

=

912.985

/

147

=

€ 6.225

per woning

niet-wonen

*

12%

=

360.757

/

53.017

=

€ 6,80

per m² uitgeefbaar / bvo

totaal

100%

2.926.514

bijlage V Voorbeelden financiel bijdragen verbetering fysieke leefomgeving

voorbeeld 1

programma wonen

tarief per woning

financiële bijdragen

20

sociale huur

€ 2.800

€ 56.000

5

betaalbare koop / midden huur

€ 4.200

€ 21.000

5

dure huur en koop

€ 6.225

€ 31.125

programma niet-wonen

tarief m2 bvo

financiële bijdragen

250

m2 bvo horeca

€ 6,80

€ 1.700

2.000

m2 bvo detailhandel

€ 6,80

€ 13.600

totaal financiële bijdragen

€ 123.425

voorbeeld 2

programma wonen

tarief per woning

financiële bijdragen

10

sociale huur

€ 2.800

€ 28.000

2

betaalbare koop / midden huur

€ 4.200

€ 8.400

2

dure huur en koop

€ 6.225

€ 12.450

programma niet-wonen

tarief m2 bvo

financiële bijdragen

250

m2 bvo horeca

€ 6,80

€ 1.700

2.000

m2 bvo detailhandel

€ 6,80

€ 13.600

-1.500

m2 bvo sloop bedrijfshal

€ 6,80

-€10.200

totaal financiële bijdragen

€ 53.950

bijlage VI Voorbeeldberekeningen bijdrage vereveningsfonds sociale huur- en betaalbare koopwoningen

programma

woningbouwprogramma

sociale huur

sociale koop

totale afdracht aan

initiatief

woonbeleid

verschil

aantal

bijdrage

aantal

bijdrage

vereveningsfonds

sociale huur (EGW + MGW)

0%

0,30

30%

-0,30

-30%

-

€ -

-

€ -

betaalbare koop / midden huur (EGW + MGW)

0%

0,36

36%

-0,36

-36%

-

€ -

-

€ -

dure koop en huur - MGW < 95 m² GBO

-

€ -

-

€ -

dure koop en huur - 2/1 kap en MGW > 95 m² GBO

100%

0,30

34%

0,70

66%

-

€ -

-

€ -

dure koop en huur - vrijstaand

1

0,3

€ 45.900

0,4

€ 46.800

totaal

1

100%

1,0

100%

0,0

0%

0,3

€ 45.900

0,4

€ 46.800

€ 92.700

programma

woningbouwprogramma

sociale huur

sociale koop

totale afdracht aan

initiatief

woonbeleid

verschil

aantal

bijdrage

aantal

bijdrage

vereveningsfonds

sociale huur (EGW + MGW)

0%

1,20

30%

-1,20

-30%

-

€ -

-

€ -

betaalbare koop / midden huur (EGW + MGW)

2

50%

1,44

36%

0,56

14%

0,56

€ 12.880

-

€ -

dure koop en huur - MGW < 95 m² GBO

-

€ -

-

€ -

dure koop en huur - 2/1 kap en MGW > 95 m² GBO

2

50%

1,36

34%

0,64

16%

0,64

€ 48.000

-

€ -

dure koop en huur - vrijstaand

-

€ -

-

€ -

totaal

4

100%

4,0

100%

-

0%

1,2

€ 60.880

-

€ -

€ 60.880

programma

woningbouwprogramma

sociale huur

sociale koop

totale afdracht aan

initiatief

woonbeleid

verschil

aantal

bijdrage

aantal

bijdrage

vereveningsfonds

sociale huur (EGW + MGW)

0%

2,40

30%

-2,40

-30%

-

€ -

-

€ -

betaalbare koop / midden huur (EGW + MGW)

0%

2,88

36%

-2,88

-36%

-

€ -

-

€ -

dure koop en huur - MGW < 95 m² GBO

5

-

€ -

2,28

€ 43.320

dure koop en huur - 2/1 kap en MGW > 95 m² GBO

2

100%

2,72

34%

5,28

66%

1,40

€ 105.000

0,60

€ 31.200

dure koop en huur - vrijstaand

1

1,00

€ 153.000

-

€ -

totaal

8

100%

8,0

100%

-

0%

2,4

€ 258.000

2,9

€ 74.520

€ 332.520

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.