Aanhef
Op 17 juni 2024 heeft de Raad van de gemeente Heeze-Leende het beleidsplan schuldhulpverlening 2024/2027 vastgesteld.
Middels dit beleidsplan legt de gemeente legt vast hoe we schuldenproblematiek voorkomen en we inwoners ondersteunen bij het oplossen van bestaande schulden. We hebben de visie dat we inzetten op preventie van schulden en dat onze inwoners met schulden een passend hulpaanbod op maat krijgen, waarbij onze inwoners zoveel mogelijk zelf de regie houden. Het doel is financiële rust en een schuldenvrije toekomst, waarin onze inwoners zelf in staat zijn hun financiën te regelen.
3. Visie en uitgangspunten
3.2 Uitgangspunten
3.3.1 Preventie en nazorg
De gemeente zet in op preventie, met als doel dat een problematische schuldensituatie wordt voorkomen. Schulden leiden immers tot persoonlijke problemen en tot maatschappelijke kosten. Schuldenpreventie kan worden onderscheiden in drie vormen, namelijk:
•Het voorkomen dat inwoners schulden krijgen en ervoor zorgen dat schulden zo klein mogelijk zijn. Dit doen we op de volgende manieren:
o De gemeente zorgt ervoor dat we aandacht hebben voor het gebruik van lokale en landelijke voorzieningen en regelingen, om onbenut inkomen te minimaliseren. Dit geldt ook voor onze maatschappelijke en vrijwillige partners. Daarnaast maken we het mogelijk dat inwoners zelf inzicht krijgen in de mogelijkheden.
o De gemeente zorgt er voor dat het voor de inwoner makkelijk is om een stap naar hulpverlening te zetten. Hierbij zal het hulpaanbod aanwezig zijn op relevante plaatsen. En nemen we deel aan de Nederlandse Schuldhulproute, waardoor inwoners via deze weg worden doorgeleid naar lokale ondersteuning.
o Ook wordt het taboe op schuldenproblematiek aangepakt, zodat bijvoorbeeld schaamte een hulpvraag niet blokkeert waardoor inwoners eerder geholpen kunnen worden. En gelijktijdig er voldoende kennis bij onze inwoners is, zodat ze weten waar ze hulp kunnen krijgen.
o De gemeente zorgt ervoor dat er mogelijkheden zijn voor inwoners om hun financiële zelfredzaamheid te versterken.
o De gemeente zorgt er vanuit de vroegsignalering voor dat signalen zo vroeg mogelijk worden opgevangen, er tijdig op een passende manier in gesprek gegaan wordt met onze inwoners en er actief een passend hulpaanbod wordt gedaan.
•Preventie door extra aandacht voor specifieke risicogroepen
Uit landelijk onderzoek blijkt dat huishoudens uit bepaalde groepen vaker tot de minima- en schuldenpopulatie behoren dan andere huishoudens. Om het risico op leven in armoede of met problematische schulden te verminderen is het van belang deze groepen extra in de gaten te houden. Dit doen we onder andere door extra aandacht te geven op het gebied van preventie en nazorg, maar indien nodig ook te prioriteren zodat we sneller kunnen ondersteunen. Het gaat dan onder andere om:
o Werkenden met een laag of onzeker inkomen
Deze groep heeft vaak onvoldoende reserves om onverwachte kosten op te vangen.
o Statushouders
Deze groep heeft vaak onvoldoende basiskennis van de Nederlandse taal en het financiële systeem. Maar ook onverwerkte trauma´s of het ontbreken van een sociaal netwerk.
o Laaggeletterden en lage digitale vaardigheden
Er bestaat vaak een relatie tussen taal- en digitale vaardigheden, maar dit is niet altijd het geval. Vanwege gebrekkige taalvaardigheden en verdigitalisering is het moeilijk om grip te houden op financiën. Ook hulp is hierdoor vaak niet makkelijk bereikbaar.
o (Ex-)ondernemers
Een grote groep ondernemers hebben een inkomen op of rond het bestaansminimum, dit inkomen is (vaak) ook variabel waardoor het moeilijk te stabiliseren is en soms zijn er onvoldoende financiële vaardigheden bij de ondernemer, die vooral een specialist is op het eigen vakgebied.
o Jongeren en jongvolwassenen
Jongeren zijn zich vaak niet bewust hoe gemakkelijk schulden kunnen ontstaan en die vervolgens snel kunnen escaleren. Maar ook moeten jongeren als ze achttien worden ineens diverse dingen zelf organiseren.
o Gezinnen met kinderen
Kinderen uit arme gezinnen komen al vroeg op achterstand en hebben een verhoogde kans dat ze hun school niet afmaken. Armoede gaat vaker over van generatie op generatie en ouders hebben een belangrijke rol om kinderen ook financieel zelfredzaam te maken.
Deze risicogroepen zijn niet limitatief bedoeld en ook inwoners die niet binnen deze risicogroepen vallen kunnen te maken krijgen met schulden. We weten namelijk dat ook ‘life-events’ zoals echtscheiding, baanverlies, ziekte en overlijden van de partner kunnen leiden tot (een verhoogd risico op) schulden. Dit kan ook gedurende de looptijd van dit plan wijzigingen.
•Nazorg
Nazorg is een essentieel onderdeel van de schuldhulpverlening met als doel om de inwoner te ondersteunen bij de start van een schuldenvrij leven, zelfredzaamheid waar mogelijk te bevorderen én terugval waar mogelijk te voorkomen. Nazorg is maatwerk. Zo kan er gebruik gemaakt worden van de inzet van hulpverlening, maar soms is een duidelijke nieuwe ingang al voldoende. In ieder geval maakt nazorg ook gebruik van alle onderdelen van preventie.
3.3.2 Integrale aanpak
Armoede en schulden zijn niet alleen een financieel probleem. Armoede en schulden kunnen een persoon, maar ook de betrokken kinderen, beperken in het welbevinden, zowel in lichamelijk als geestelijk opzicht. Dit kan leiden tot sociale uitsluiting, eenzaamheid, stress, gezondheidsproblemen en huiselijk geweld, wat weer kan leiden tot meer financiële problemen. Om deze vicieuze cirkel te doorbreken kiest de gemeente voor een integrale aanpak van armoede en schulden, waarmee wordt bedoeld dat er uitgebreid aandacht wordt besteed aan oorzaken van het ontstaan van de schulden en problemen op andere leefgebieden als dat nodig is. Maar ook er voor te zorgen dat er niet stress ontstaat door bijvoorbeeld onnodig (veel) gegevens aan te leveren.
3.3.3 Iedere inwoner heeft recht op passende ondersteuning
Elke hulpvraag is uniek. Daarom is het belangrijk dat we een ruim pakket aan middelen hebben die we kunnen inzetten. Dit biedt ons de mogelijkheid om maatwerk te leveren. We helpen een inwoner door middel van informatie en advies gesprekken. We ondersteunen inwoners bij het stabiliseren van de schuldensituatie en het herpakken van de regie. Hierbij maken we onder andere gebruik van onze budgetcoaches en budgetbeheerders. En in een uitzonderlijke situatie maken wij gebruik van een maatwerkbudget, zodat we een beperkt budget kunnen aanwenden om de opstart van schuldhulpverlening te laten slagen als er geen andere mogelijkheden zijn. De schuldhulpverleners kijken samen met de inwoner naar de mogelijkheden om tot een schuldregeling te komen en maken hierbij wanneer mogelijk gebruik van een saneringskrediet.
3.3.4 Samen verantwoordelijk
Het verminderen van de schuldenproblematiek kan de gemeente niet alleen. Dat vraagt van alle betrokken partijen dat zij hun verantwoordelijkheid nemen. Dit betekent onder andere:
•Dat de gemeente de regie heeft over het proces van schuldhulpverlening en duidelijkheid schept over de rol van alle partijen in de keten. Waarbij het uitgangspunt is dat een inwoner zoveel mogelijk zelf regie houdt over de eigen situatie.
•Dat de maatschappelijke partners alert zijn op signalen van (dreigende) financiële problemen en ze onze inwoners adequaat doorverwijzen.
•Dat de vrijwilligersorganisatie tijdig worden ingeschakeld voor laagdrempelige ondersteuning. Maar dat deze organisaties ook tijdig professionele hulpverlening inschakelen, als dat nodig is.
•Dat de bewindvoerders tijdige afstemming met de gemeente zoeken.
•Dat de schuldeisers een sociaal incassobeleid hanteren.
•En ten slotte dat de inwoners met schulden zichzelf inzetten om tijdig hulp te zoeken en gemaakte afspraken naleven.
3.3.5 Meer gebruik van management informatie en data
De gemeente verzamelt veel data. Deze data kan indien dit geïnterpreteerd wordt leiden tot informatie wat uiteindelijk kan helpen om te sturen, voorspellen en besluiten. Zodat de gemeente inzicht krijgt in de resultaten van haar inzet en beleid op het gebied van schuldhulpverlening. Dit draagt bij aan een betere dienstverlening aan onze inwoners.