Gemeentelijke regelgeving

Beleidsregel invoering en ontheffingen blauwe zone

Gemeente Heerlen · geldt sinds 6 september 2025

Aanhef

Besluit

1De “Beleidsregel enquêtering en ontheffingen blauwe zones” in te trekken.

2De “Beleidsregel invoering en ontheffingen blauwe zone” vast te stellen met daarin de volgende wijzigingen:

•Art. 2: In de potentiële blauwe-zonegebieden neemt het college een voorwaardelijk positief besluit tot invoering van een blauwe zone. Hierna wordt een enquête gehouden onder de betrokken bewoners. Invoering is het uitgangspunt, tenzij uit de enquête blijkt dat:

○ de respons ten minste 40% bedraagt, en

○ minimaal 60% van de respondenten tegen invoering stemt.

•Art. 3: In de overige gebieden neemt het college een voorwaardelijk besluit tot invoering van een blauwe zone. Hierna wordt een enquête gehouden onder de betrokken bewoners. Het nee-tenzij-principe geldt: invoering vindt alleen plaats indien uit de enquête blijkt dat:

○ de respons ten minste 40% bedraagt, en

○ minimaal 60% van de respondenten voor invoering stemt.

Artikel 1 — Begripsomschrijvingen

a.blauwe zone: een parkeerschijfzone als bedoeld in artikel 25 van het RVV 1990, aangeduid met bord E10 uit bijlage 1 van het RVV 1990

b.parkeerschijf: een vastgesteld model parkeerschijf als bedoeld in de artikelen 1 t/m 5 van het Besluit parkeerschijf

c.parkeren: het gedurende een aaneengesloten periode doen of laten staan van een motorvoertuig, anders dan voor onmiddellijk in-/uitstappen of laden/lossen

d.ontheffing: toestemming van het college om zonder tijdsduurbe-perking in een blauwe zone te parkeren

e.bewonersontheffing: ontheffing zoals bedoeld in artikel 5

f.bedrijfsontheffing: ontheffing zoals bedoeld in artikel 6

g.houder: degene op wiens naam het kenteken geregistreerd is volgens het RDW

h.motorvoertuigen: inclusief brommobielen zoals bedoeld in artikel 1 onder ia van het RVV 1990

i.ontheffinghouder: natuurlijke of rechtspersoon aan wie een ontheffing is verleend

j.RVV 1990: Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990

k.sector: kleinst mogelijke gebied waarbinnen een blauwe zone kan worden ingevoerd

Artikel 2 — Proces voor de invoering van blauwe zones binnen aangewezen potentiële blauwe zonegebieden

1In de gebieden die zijn aangemerkt als ‘potentiële blauwe zone-gebieden’ zoals opgenomen in de ‘Parkeernota Visie- en Ambitie-document’ (Heerlen, 22 maart 2016) én in bijlage 1 behorende bij deze beleidsregels, kan overgegaan worden tot invoering van een blauwe zone overeenkomstig de werkwijze rondom de aanpak van parkeerproblematiek in woonwijken zoals uiteengezet in de ‘Kader-stelling parkeeraanpak’ en de ‘Menukaart Parkeeroplossingen’.

2De invoering van een blauwe zone geschiedt op basis van een voorwaardelijk positief besluit van het college van burgemeester en wethouders. De invoering vindt uitsluitend plaats indien uit de bewonersraadpleging niet blijkt dat een meerderheid zich tegen de invoering verzet.

3De bewonersraadpleging wordt uitgevoerd middels een enquête, waarin inwoners binnen het betreffende gebied de mogelijkheid hebben hun bezwaar tegen invoering van de blauwe zone kenbaar te maken.

4De invoering van de blauwe zone is het uitgangspunt, tenzij uit de enquete blijkt dat:

○ de respons ten minste 40% bedraagt, én

○ minimaal 60% van de respondenten tegen invoering stemt.

5Het enquêtegebied wordt gedefinieerd als logisch aaneengesloten compartimenten of sectoren binnen het aangewezen potentieel blauwe zonegebied

6Bewoners binnen het betrokken gebied krijgen eens per drie jaar de mogelijkheid zich via een enquête uit te spreken over de even-tuele invoering van een blauwe zone

Artikel 3 — Proces voor de invoering van blauwe zones binnen overige gebieden

1In gebieden die niet zijn aangemerkt als potentieel blauwe zonegebied, wordt via een enquête onderzocht of voldoende draagvlak bestaat

2Invoering vindt alleen plaats indien:

○ de respons ten minste 40% bedraagt, én

○ minimaal 60% van de respondenten vóór invoering stemt.

3Het enquêtegebied bestaat uit logisch aaneengesloten sectoren

4Elke drie jaar kunnen belanghebbenden zich via enquête uitspre-ken over invoering

Artikel 4 — Parkeertijden blauwe zone

De tijdstippen waarop parkeren met een parkeerschijf of de onthef-fing-plicht van toepassing is, worden bepaald in overleg met de belanghebbenden (bewoners en ondernemers).

Artikel 5 — Regels aanvragen bewonersontheffing

1Een bewoner die woonachtig is in een blauwe zonegebied dat is ingevoerd op basis van het proces zoals vermeld in artikel 2 en/of 3, komt in aanmerking voor een bewonersontheffing

2Een bewonersontheffing moet worden aangevraagd op een daarvoor vastgesteld aanvraagformulier

3De toetsing van de aanvraag vindt plaats aan de hand van:

○ aanvraagformulier

○ Basisregistratie Personen (BRP)

○ kentekengegevens van het RDW

4Bij een lease-/bedrijfsauto moet bij het aanvraagformulier een contract / bedrijfsverklaring worden gevoegd waaruit blijkt dat de aanvrager de contracthouder / berijder is van het opgegeven auto-kenteken

Artikel 6 — Regels aanvragen bedrijfsontheffing

1Een bedrijf of instelling dat gevestigd is op een adres binnen een blauwe zonegebied dat is ingevoerd op basis van het proces zoals vermeld in artikel 2 en/of 3, komt in aanmerking voor een bedrijfs-ontheffing

2Een bedrijfsontheffing moet worden aangevraagd op een vastge-steld aanvraagformulier

3Toetsing vindt plaats op basis van het formulier, RDW-kentekens en KvK-inschrijving

4Bij lease-/bedrijfsauto: contract of verklaring waaruit blijkt dat aanvrager berijder is

Indien een werknemer een privévoertuig gebruikt: bedrijfsverkla-ring vereist

Artikel 7 — Geldigheid ontheffingen blauwe zone

1Bewonersontheffing: geldig voor blauwe zone binnen de sector waar de bewoner woont en waarvoor de ontheffing is verleend

2Bedrijfsontheffing: geldig voor blauwe zone binnen de sector waar het bedrijf of instelling gevestigd is en waarvoor de ontheffing is verleend

Artikel 8 — Aantal te verlenen ontheffingen

1Per woonadres: onbeperkt aantal bewonersontheffingen

2Per bedrijf of instelling: maximaal 15 bedrijfsontheffingen

Artikel 9 — Nadere regels ontheffingen

1De ontheffing wordt verleend op een kenteken

2De ontheffing bevat maximaal één kenteken

3Bij wijziging van voertuig: houder is zelf verantwoordelijk voor het laten wijzigen van het kenteken

Artikel 10 — Geldigheid en parkeerduur ontheffingen

1Ontheffingen worden verleend voor onbepaalde tijd

2Intrekking is mogelijk bij gewijzigde omstandigheden (verhuizing, verkoop voertuig, overlijden, misbruik)

3Parkeren met ontheffing is toegestaan tijdens vastgestelde parkeertijden, zonder tijdslimiet

Artikel 11 — Hardheidsclausule

Het college is bevoegd, in gevallen waarin toepassing van dit besluit naar zijn oordeel tot een bijzondere hardheid leidt, af te wijken van het bepaalde in deze beleidsregels. Verzoeken hiervoor dienen schriftelijk en gemotiveerd te worden ingediend

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.